Lezersrecensie
Een vol boek
Het verhaal beslaat een week en speelt zich af in Cornwall in 1947.
In de proloog wordt al verteld dat het Pendizack Manor Hotel zojuist verwoest is door een reusachtig stuk klif. Dominee Samuel Bott heeft de taak om een begrafenispreek te schrijven voor de slachtoffers die zich onder het klif bevinden en daar niet kunnen worden weggehaald. Hij denkt terug aan wat hij van de overlevenden heeft gehoord op de avond dat zij onderdak zochten in zijn huis.
Vervolgens beschrijft Margaret Kennedy de dagen voorafgaand aan de ramp: zaterdag tm vrijdag.
Op zaterdag arriveren de gasten en leren we een sterk uiteenlopende gezelschap kennen.
We lezen niet alleen over de gasten met hun vele zwakheden, maar ook over de bijzondere familie Siddal, de eigenaars van het hotel. En dan is er nog het personeel en de manier waarop zij in t leven staan en met elkaar en de gasten omgaan.
Kortom, er doen zich allerlei bijzondere en grappige situaties voor.
Ondertussen worden de scheuren in de klif breder, zonder dat het bonte gezelschap vakantiegangers het doorheeft. Ieder leeft in zijn eigen wereld en kijkt gekleurd naar anderen.
Alleen de gelukkigen die weg waren voor een picknick bij maanlicht hebben het overleefd.
Maar wie ligt begraven onder het puin en wie niet?
Samenvattend is Picknick bij maanlicht een plezierige roman met een aantal boodschappen.
Op bepaalde punten moedigt Kennedy de lezer aan om na te denken over hoe sterke punten soms zwakke punten kunnen worden als ze tot het uiterste worden nagestreefd.
Met veel humor worden de hotelgasten neergezet, er zijn allerlei botsingen in sociale klasse en levenshouding die deze omgeving oproept.
De kracht van deze roman ligt in de vlotte dialogen en de onderliggende relaties.
Tevens bemerk je ook sociale kritiek en commentaar op de klassenmaatschappij in Groot Brittannië.
De natuurramp wordt in t begin van t boek al aangekondigd en dat het alle levens zal veranderen is de tragische conclusie.
Ik geef geen vijf sterren, omdat ik het steeds schakelen naar een andere persoon, (en dan steeds bedenken wie dat ook weer was) moeizaam vond