Advertentie

Hebban vandaag

Dossier /

De opkomst van Eriksons Malazijnse keizerrijk

door Martijn Lindeboom 6 reacties
Canadees Steven Erikson schreef begin jaren negentig zijn eerste fantasyroman. Een episch verhaal over krijgers, tovenaars, draken en oude volkeren, tegen de achtergrond van een originele, diepgravende wereld en gelardeerd met verraad, heldenmoed, veel bloedige gevechten en langlopende intriges. Na drie keer herschrijven begon het grote zoeken naar een uitgever.

Erikson woonde inmiddels in Groot-Brittannië, toen in 1999 Gardens of the Moon verscheen bij de imprint Bantam van de Britse uitgeverij Transworld. Het boek verscheen ook in Amerika, bij TOR, en al snel werd er tussen uitgevers geknokt over wie de vervolgen uit zou mogen geven. Kijk, zo wil je het hebben als schrijver! Transworld wist Erikson te behouden door hem een 'book deal' van bijna zeven ton Engelse Ponden (meer dan één miljoen dollar) te bieden. In ruil daarvoor heeft hij een tiendelige serie geschreven: in het Engels The Malazan Book of the Fallen en in het Nederlands Het spel der goden.  

Steven Erikson - geen Tolkienkloon  

Steven Erikson is een harde werker. Niet alleen heeft hij zijn tiendelige epos inmiddels al weer verder uitgebouwd met prequels en losse verhalen, hij doet dat ook nog eens in hoog tempo, met meestal een boek per jaar. Als je naar veel van zijn collega’s kijkt dan is dat, zeker gezien de dikte van zijn boeken – gemiddeld meer dan duizend pagina’s –, een opmerkelijke prestatie. Daarbij komt dat zijn wereld en verhalen anders zijn. Geen Tolkienkloon, geen makkelijk proza, geen simpele verhaaltjes. Zijn achtergrond verklaart dat wel een beetje. Hij is van opleiding archeoloog en antropoloog en dat merk je aan de diepgaande historische achtergronden van de vele volkeren. Daarnaast heeft hij de befaamde Iowa Writers Workshop afgerond, die vele grote schrijvers afgeleverd heeft, waaronder zestien winnaars van de Pulitzer Prize.

Zijn wereld is gebaseerd op een gigantische achtergrond, die letterlijk vanuit de prehistorie doorgaat tot het ‘heden’. En de prehistorie is niet voorbij, vele volkeren en figuren uit het begin van de wereld spelen nog steeds een (bloedige) rol.

Ontstaan in rollenspel

Voor de boekenserie tot stand kwam, speelde Erikson een rollenspel in deze wereld, samen met zijn vriend Ian Esslemont. Die laatste heeft inmiddels ook meerdere romans in deze wereld gepubliceerd. Pas toen een filmproject in deze wereld faalde, kwam het idee om er een boekenserie van te maken. Gelukkig maar, want de visie van Erikson en Esslemont is nauwelijks naar het grote doek te vertalen, zo wijds is de scope. Dat is meteen ook het nadeel van Het spel der goden. Af en toe duizelt het de lezer van de tientallen en soms honderden figuren, culturen en wezens. Maar als je bereid bent je daar in te verdiepen, dan heb je een epos te pakken dat goed in elkaar zit en wonderen van schrijfkunst en fantasie tentoonspreidt.    

Fanatieke neanderthalers

Chronologisch beginnen de verhalen in de prehistorie en zelfs daarvoor. De K’Chain Che’Malle, een technologisch geavanceerd reptielvolk, waren de eerste heersers van de jonge wereld, maar werden door een burgeroorlog en een invasie van de Tiste-volken vernietigd. Daarna kregen de Jaghut (ijsmagiërs met slagtanden) en de Imass (een soort fanatieke neanderthalers) het met elkaar aan de stok, wat er toe leidde dat de Imass zichzelf onsterfelijk maakten (maar niet immuun voor verval) om een eeuwige oorlog tegen hun vijand te kunnen voeren. Pas veel later maken mensen, Jhag, Toblakai en Barghast hun opwachting. Ten tijde van de Malazijnse verhalen spelen echter alle tijden, culturen en figuren een rol. Dat maakt deze wereld ook zo interessant. De vierde dimensie is in beweging: alle tijden spelen een rol en zelfs de prehistorie heeft invloed op de huidige gebeurtenissen.

De wereldbouw is indrukwekkend. Niet alleen worden er allerlei volkeren opgevoerd, ook de lange en goed ontwikkelde historie wordt verder uitgewerkt en doorgevoerd.  


Whiskeyjack

Maar wie leven dan in deze wereld? Ten tijde van de boeken is het oorlog, dus er komen veel soldaten in voor. Whiskeyjack, een sergeant van een bruggenbranderseenheid is één van de belangrijkste (en je krijgt al snel de indruk dat hij in het verleden nog een stuk belangrijker was). Hij is een enigmatische aanvoerder, die erg aanspreekt, maar die weinig loslaat over zijn achtergrond. Quick Ben, een machtige magiër met een duister verleden, is een tweede. Hij heeft een paar sleutelscènes in de boeken en zorgt voor veel sensatie. Hij lijkt de enige die de magie van deze wereld in zijn volle potentieel kan gebruiken.

Naast deze machtige, maar nog steeds grotendeels menselijke personages, komen er zogenaamde ‘Ascendants’ voor: mensen of wezens die ‘opgestegen’ zijn naar een hoger bestaansniveau, maar die nog steeds een rol spelen in de fysieke wereld. Anomander Rake is daar een mooi voorbeeld van: een Tiste Andii met gitzwarte huid, wit haar en het vermogen om in een draak te veranderen. Hij is honderdduizenden jaren oud en gaat gebukt onder diepe trauma’s. Zijn zwaard Dragnipur bevat zijn eigen magische wereld en in de loop van de boeken laat Rake meerdere andere hoofdpersonen via de scherpe kant van dit wapen daarmee kennismaken.

Dit zijn slechts drie van de letterlijk honderden figuren die de aandacht opeisen. Interessante personages, die allemaal een impact op de wereld hebben. Wel moet gezegd worden dat Erikson er voor gekozen heeft om veel onuitgesproken te laten. Personages worden voornamelijk aan de hand van hun acties uitgewerkt. Veel van hun innerlijk en gevoelens blijft verborgen.  

De warrens: magiewerelden en -bronnen

Het magiesysteem van Erikson en Esslemont is erg origineel. Naast de ‘werkelijke’ wereld, bestaan er zogenaamde ‘warrens’, waar magische macht uit te halen is (vuur, heling, duisternis, opgedeeld in voorouderlijke (‘elder’) en menselijke magie). Wat bijzonder is, is dat de warrens naast magische bronnen ook werelden blijken te zijn. In de warren van schaduw, lucht, water, duisternis en nog vele meer is te reizen, zijn nieuwe werelden en zelfs culturen te ontdekken. En dat gebeurt dan ook. Van doorgangen, tot strafkampen zoals in Dragnipur, tot complete beschavingen aan toe.

Waar Erikson wel eens de plank misslaat is de afronding. Hij bouwt een geweldig verhaal, een superwereld, maar de verschillende boeken eindigen soms iets te makkelijk. De verwachte, zorgvuldig opgebouwde conclusie valt wel eens tegen. Niet omdat het niet klopt, maar omdat het te gemakkelijk of te snel gaat. Daar komt hij dan in het volgende deel wel weer op terug en nogmaals: het klopt zeker. Maar toch...

Aan de andere kant: de schrijver heeft altijd gelijk. Het is zijn wereld. En zo is het gegaan.  

Oorlog is hard

De Malazijnse wereld is een harde, realistisch beschreven fantasywereld, die speelt met de oude conventies. Dat was een nieuwe trend toen de serie begon en die we inmiddels kennen als het subgenre Grimdark, al vallen Eriksons boeken ook midden in de epische fantasy. Grimdarkverhalen hebben gemeen dat conflicten in de wereld op compromisloze wijze in beeld worden gebracht. Oorlog is hard. Beide zijden gaan te ver. Oorlogsmisdaden zijn aan de orde van de dag, zelfs gepleegd door die personages van wie je bent gaan houden. Grimdark is wars van zwart en wit, van duister en licht, van goed en kwaad. Elke kant van het conflict heeft beide: redenen om te handelen zoals ze doen, maar ook daden die zelfs daarmee niet goed te praten zijn. Helden zijn geen helden, maar mensen van vlees en bloed. Soms heldhaftig, soms laf, soms handelend in opdracht, soms uit de bocht vliegend op basis van hun eigen persoonlijkheid of passie.  


De Malazijnse werkelijkhei
d

Erikson en Esslemont hebben een fascinerende wereld gecreëerd, waar je flink je best voor moet doen om hem volledig te doorgronden (en soms om hem te blijven volgen). De diepe achtergrond, die tot diep in de prehistorie reikt, zorgt voor een gevoel van authenticiteit. De realistisch beschreven veldslagen en gevechten maken het een hard verhaal, maar er is ook ruimte voor karakterontwikkeling, al wordt dat vooral extern, in de vorm van handeling, vorm gegeven. Al met al is de Malazijnse werkelijkheid er één die het waard is om te bezoeken en om in te blijven rondhangen.

Helaas is deze klassieke en toch nog steeds voortgroeiende serie maar beperkt vertaald. De eerste twee delen zijn door Meulenhoff uitgebracht (als Het Malazijnse rijk en De poorten van het dodenhuis), waarna de serie werd stopgezet. Luitingh probeerde het nog eens met de eerste vier delen (De tuinen van de maan, Het rijk van de zeven steden, In de ban van de woestijn en Het huis der ketenen), maar ook die serie werd stopgezet. Dat terwijl epische fantasy en grimdark het, getuige het succes van George R.R. Martin, uitstekend kunnen doen, alhoewel ook het oeuvre van Lord Grimdark zelf, Joe Abercrombie, ook niet volledig is vertaald.

 



Over de auteur

Martijn Lindeboom

406 volgers
631 boeken
21 favoriet
Hebban Crew


Reacties op: De opkomst van Eriksons Malazijnse keizerrijk

 

Gerelateerd

Over

Steven Erikson

Steven Erikson

Steven Erikson (Toronto, 7 oktober 1959) is een pseudoniem van de Canadese archeoloog, antropoloog en schrijver Steve Rune Lundin. Hij is het meest bekend voor zijn voltooide fantasyserie Spel der God...