Advertentie

Hebban vandaag

Interview /

Derwent Christmas: 'Een leraar vol woede, verdriet en schuldgevoel, dat kan natuurlijk nooit goed aflopen.'

Aaron verliest in korte tijd zowel zijn vrouw als zijn dochter. Zijn echtgenote lijkt zelfmoord te hebben gepleegd, maar Aaron weet wel beter. Op de dag van haar begrafenis rijdt hij niet achter de lijkenwagen aan in de begrafenisstoet naar het uitvaartcentrum, maar neemt hij bij de eerste de beste gelegenheid de afslag. Over de Afsluitdijk raast hij vanuit Friesland naar Noord-Holland om een in stilte beraamd plan ten uitvoer te brengen.

De stilte voor Julia is een verhaal over een geplaagde leraar die niets meer te verliezen heeft en uit is op wraak. Het is de nieuwste thriller van Derwent Christmas. Een interview.


De stilte voor Julia is, net als je vorige boeken, een spannende roman. Waarom heb je voor dit genre gekozen?

Zonder al te zweverig te klinken: het genre kiest mij uit. Het schrijven begint vaak met een onderwerp of een thema. Dit keer leek het me interessant om over mindfulness te schrijven. Twee jaar geleden had ik sterk het gevoel dat het combineren van werk, gezin en schrijven niet goed meer lukte en alleen al door die gedachte ervoer ik veel stress. Hoofdpijntjes, last van de nek, spanning in de schouders, een hartslag die op hol geslagen lijkt waren het gevolg. Een collega die vlak voor de zomer op school terugkeerde na een burn-out vertelde over een cursus mindfullnes en de rust die daardoor in zijn leven was gekomen. Zijn verhaal prikkelde me: een burn-out was een spookbeeld voor me en ik wilde koste wat kost voorkomen dat ik op een dag zou breken. Een vader met drie jonge kinderen kan het zich helemaal niet permitteren om te knakken. Dat zou namelijk een zware druk leggen op mijn partner. Ik heb toen een zelfhulpboek gekocht en het in de vakantie aan de rand van het zwembad gelezen. Toen ik een paar maanden later nadacht over een verhaal rond dat onderwerp, kwam het verhaal als vanzelf en net als bij de vorige keren bleek het een spannend plot te hebben. Zodra dat voor mij duidelijk is doe ik er overigens wel alles aan om het verhaal een stuwende kracht te geven. De lezer moet vanaf het eerste moment de drang hebben om door te lezen. Misschien heeft het ook te maken met mijn voorkeur voor boeken die een dwingend karakter hebben. De verhalen van Tim Krabbe, bijvoorbeeld, vind ik superieur.    

Deze nieuwe roman speelt in een arena die je goed kent en het beroep van je hoofdpersonage is je ook niet vreemd. Vanwaar de keuze voor juist die omgeving?

Een collega docent gaf na het lezen van mijn eerste twee boeken aan dat hij vond dat ik over mensen schreef die ver bij mij vandaan staan: een directeur van een reclamebureau en een illusionist. ‘Waarschijnlijk heeft dat met jouw gesloten karakter te maken,’ concludeerde hij. Toen hij dat zei, besloot ik op hetzelfde moment dat ik over een leraar ging schrijven. Ik was benieuwd hoe het me af zou gaan te verhalen over iemand die ikzelf zou kunnen zijn. En ergens denk ik dat die opmerking met ook raakte, misschien wel een beetje pijn deed. Alsof hij daarmee probeerde te zeggen dat ik er niet in geslaagd was me in de hoofdpersonen te verplaatsen. Daarnaast is een schoolgebouw  een ruimte waarin veel mensen samenkomen, mensen die min of meer veroordeeld zijn tot elkaar en die elkaar nodig hebben om succesvol te zijn. Een leraar die zijn klassen niet onder controle heeft zal nooit voldoening uit zijn werk halen en een leerling die van docenten niets wil aannemen, zal niet snel een hoogvlieger worden, uitzonderingen daargelaten. Die afhankelijkheid vind ik interessant. Om die collega te pesten heb ik de hoofdpersoon zijn achternaam gegeven: Nijdam. Overigens heb ik meerdere namen van collega’s in het boek verwerkt, maar dan in een verbasterde vorm.  

Had je hoofdpersonage een vrouw kunnen zijn?

In eerste instantie stond ik open voor die mogelijkheid. Want naast mindfullnes en onderwijs is ook rouwverwerking na het overlijden van een kind een thema in de roman. Vanuit een vrouw beschreven is dat proces wellicht interessanter, omdat een kind letterlijk onderdeel is geweest van de moeder. Zij verliest meer dan de man. Maar nadat ik met een psychiater sprak over rouwverwerking kwam ik toch echt tot de slotsom dat mijn hoofdpersoon een man moest zijn. Bij vrouwen slaat het verdriet eerder naar binnen. Mannen reageren meer uit woede, uit frustratie en schuldgevoel op de dood van een naaste. Zij krijgen dadendrang. En die emoties had ik nodig voor mijn hoofdpersoon. Een leraar vol woede, verdriet en schuldgevoel, dat kan natuurlijk nooit goed aflopen.  

Wat was de aanleiding voor deze roman? Hoe kwam je op het idee?

Toen zes jaar geleden mijn eerste dochter werd geboren, voelde ik me anders vanaf het moment dat zij ter wereld kwam. Toen de eerste roes van de geboorte enigszins verdween, besefte ik pas waaruit die verandering bestond: dat kleine propje dat slapend in mijn armen lag als ik haar de fles gaf completeerde mijn leven, maar het maakte me ook beangstigend kwetsbaar. Ik denk dat met die bewustwording de basis van mijn roman is gelegd.  

Je vertelde zo-even dat je met een psychiater hebt gesproken over rouwverwerking en dat je een boek hebt gelezen over mindfullnes. Kan veel kennis van een onderwerp het schrijven ook in de weg staan?

Een aantal jaren geleden hoorde ik Arthur Japin tijdens een lezing zeggen dat de schrijver zich niet teveel in zijn onderwerp moet inlezen omdat kennis een verdelgingsmiddel voor fantasie en inlevingvermogen kan zijn. Dat waren niet letterlijk zijn woorden, maar wel de strekking van wat hij zei. Bij deze roman heb ik ervaren wat hij met zijn woorden bedoelde. Ik had veel aantekeningen gemaakt tijdens het gesprek met de psychiater en tijdens het schrijven gebruikte ik de krabbels om voeding te geven aan de tekst. Dat is niet goed. Wat je dan produceert is kennis over het onderwerp. Pas toen mijn redacteur me erop wees dat de stukken waarin feiten worden gegeven erg saai en vertragend waren, begreep ik Japin echt: kennis moet voeding zijn voor de verbeelding, niet voor de tekst. En voor verbeelding heb je soms een aan woord al genoeg.     

In deze roman lijkt de psychologische spanning even belangrijk als de spanning van het plot. Is dat opzet? En als dat zo is: hoe bewaak je tijdens het schrijven de ontwikkelingen zo, dat die twee zaken in de juiste verhouding tot elkaar blijven staan?

Het plot ontstaat in mijn verhalen vaak vanuit een noodlottige beslissing van de hoofdpersoon en vanuit de botsing tussen hem en een tegenstander. Daardoor komt er in het hoofd van mijn sleutelfiguur een denkproces op gang die verklarend is voor hetgeen hem overkomt. Ik probeer vaak de fatale beslissing te verklaren vanuit het karakter van de hoofdpersoon. Daardoor wordt het verhaal interessanter, zeker wanneer het verklaren niet expliciet gebeurt, maar tussen de regels door te lezen is.        

Kun je iets vertellen over hoe het schrijfproces bij jou werkt?

Er is altijd eerst de ingeving, een flard van een idee. Twee tranen, mijn debuut, kwam tot stand toen een vriendin van mij vertelde over een ontmoeting met haar ex. Ze beweerde dat de jongen volkomen veranderd is na de relatiebreuk. ‘Alles wat hij stom vond, vindt hij nu ineens leuk. Hij is helemaal zichzelf niet meer.’ Ik reageerde toen door te zeggen ‘Misschien was hij zichzelf niet toen hij bij jou was.’ Daarna dacht ik na over de vraag in hoeverre je iemand echt leert kennen en in hoeverre een mens zichzelf kent. Uit die gedachte ontstond een roman. De stilte voor Julia ontstond op eenzelfde manier, nadat bij ons in de wijk een kindje overleed en mijn vriendin beweerde dat zij het verlies van ons kind niet zou overleven. Ik kon me wel invoelen daarin, maar ik begon me ook af te vragen welke emoties in mij zouden opwellen. Als ik eenmaal in een verhaal zit, gaan alle zintuigen open en probeer ik bij alles wat ik overdag meemaak in te schatten of ik er iets mee kan in mijn verhaal. ’s Avonds werk ik mijn gedachten uit en na verloop van een aantal weken ontvouwt het verhaal zich als vanzelf. Daarna is het een kwestie van zitvlees kweken: veel achter de computer zitten en typen.  

Je hebt een full-time baan, je bent ook buiten het werk actief en je hebt een groot gezin. Hoe vind je tijd om te schrijven? Hoe zou je leven er uit zien als je niet zou schrijven?

Als je tijd wilt vinden is die altijd ergens. Vaak schrijf ik na acht uur ’s avonds, als de kinderen slapen en dan werk ik door tot tien uur. In de opstartfase van een roman zoek ik wat meer tijd. Bij dit boek heb ik een aantal weekenden achtereen op vrijdagavond op de bank geslapen en ben ik om vijf uur in de ochtend wakker geworden om vervolgens tot negen uur te schrijven. Die vier uren waren slopend, maar ook erg productief. Het verhaal heeft daardoor een kickstart gekregen. Als leraar heb je veel vakantiedagen en op die dagen is er ook altijd wel ruimte te vinden. Het zou geweldig zijn wanneer ik in de nabije toekomst een dag in de week zou kunnen schrijven. Dat zou de combinatie werk-gezin-schrijven een heel stuk eenvoudiger maken.    

Zijn er auteurs die je bewondert om hun stijl, hun plotopbouw of om andere aspecten?

Mijn grote voorbeeld is Tim Krabbé. Hij maakt verhalen die bol staan van de spanning, maar waarin ook altijd de psychologische ontwikkelingen van de hoofdpersonen een rol spelen. Verder is hij stilistisch erg goed, vind ik. Onlangs las ik De waarheid over de zaak Harry Quebert van Joël Dicker. Tijdens het lezen werd ik een beetje jaloers op de prestatie van Dicker; het verhaal is nieuwsgierig makend vanaf de eerste letter, de stijl is heel toegankelijk en toch niet te eenvoudig, het plot is verrassend en de ontknoping is de moeite van het lezen waard. Diezelfde jaloezie heb ik overigens ook gevoeld toen ik de boeken Aanwezig en De geverfde vogel van Kosinski las. Tijdens de maanden waarin ik zelf aan een roman werk, lees ik overigens nauwelijks boeken. Ik wil niet teveel beïnvloed worden door een dwingende schrijfstijl of ingenieuze plotwendingen van een collega auteur. Dan moet de focus volledig om mijn eigen werk liggen.



Over de auteur

Hebban Crew

1349 volgers
50 boeken
0 favorieten


Reacties op: Derwent Christmas: 'Een leraar vol woede, verdriet en schuldgevoel, dat kan natuurlijk nooit goed aflopen.'

 

Gerelateerd

Over

Derwent Christmas

Derwent Christmas

Derwent Christmas (1972) is een Groninger uit Stadskanaal, zoon van een Engelse vader. Zijn naam is geen pseudoniem. In het dagelijks leven is hij leraar Nederlands aan het Bornegocollege in Heer...