Advertentie

Hebban vandaag

Dossier /

Hebban Leesdossier: De aanslag (1982)

door Frank Hockx 3 reacties
In deze rubriek duikt Hebbans Leesclubassistent Frank Hockx in de wereld van het Lezen voor de Lijst en helpt scholieren op weg bij hun boekenkeuze. In dit dossier uitgebreid aandacht voor de ‘De aanslag’ van Harry Mulisch, mét lees verder-tips en verdiepende vragen.

Het verhaal

Het is een koude avond in januari 1945, midden in de Hongerwinter, in Haarlem. De 12-jarige Anton Steenwijk speelt met zijn ouders en oudere broer Peter een spelletje mens-erger-je-niet als er zes schoten klinken. Voor het huis van de buren ligt een dode man op de grond: de NSB-er en hoofdinspecteur van politie Fake Ploeg. Tot hun verbijstering zien de leden van de familie Steenwijk dat hun buren het lijk van Ploeg bij hen voor de deur leggen. Peter stormt naar buiten, niet veel later staan de Duitsers voor de deur.  

Na de bevrijding hoort Anton, die is ondergebracht bij zijn oom en tante in Amsterdam, dat zijn ouders die avond, met andere gijzelaars, zijn gedood bij wijze van represaille. Ook Peter is omgekomen.  

In zijn latere leven zal Anton nog diverse keren met de gebeurtenissen van die avond geconfronteerd worden. Door toevallige ontmoetingen met betrokkenen in de jaren 1952, 1956, 1966 en 1981, jaren waarin de wereld opnieuw in de ban is van (dreigende) oorlog, komt hij steeds wat meer te weten over wat zich precies heeft afgespeeld.

YouTube

Vlogboek van Jörgen Apperloo over onder andere De aanslag.

Meer over het boek  

Toeval en samenhang

Op het moment dat de schoten klinken, heeft Anton net de dobbelsteen in zijn hand voor zijn beurt bij mens-erger-je-niet. Later in het boek duikt een dobbelsteen nog enkele keren op. Een dobbelsteen is een symbool van het toeval: of je hoge ogen gooit is iets waar je geen invloed op hebt, het lot is je gunstig gezind of niet. Het drama dat de Steenwijks overkomt is een bizarre speling van het (nood)lot. Uiteindelijk blijken allerlei factoren een rol te hebben gespeeld, iets waar Anton door toevallige ontmoetingen achter komt.  

Hoewel toeval dus een grote rol speelt, heeft Mulisch in zijn boek wel heel veel samenhang aangebracht, overeenkomstig zijn opvatting van het schrijverschap. Al in Voer voor psychologen uit 1961 schreef hij: 'Het oeuvre van een schrijver is, of behoort te zijn, een totaliteit, één groot organisme, waarin elk onderdeel met alle andere verbonden is door ontelbare draden, zenuwen, spieren, strengen en kanalen...'  

‘Alles raakt alles in de wereld’, lezen we aan het begin van de derde episode in De aanslag. Waar wat betreft de gebeurtenissen het toeval regeert, maakt Mulisch via een groot aantal motieven en symbolen zijn boek tot een, uiteraard bewust, hecht geconstrueerd bouwwerk. Wie hier meer over wil weten kan onder andere terecht bij de analyse uit het Lexicon van Literaire Werken en op Hebban bij de blogpost van Nico van der Sijde. En voor de echte literaire puzzelaars: bij het online tijdschrift Neerlandistiek vind je een bijdrage van Marc van Biezen rond het motief ‘As’, de verbindingen tussen de letters A en S (de initialen van de hoofdpersoon) en tussen Anton en allerlei elementen die beginnen met een S.  

De oer-aanslag

Bij een ‘oeuvrebouwer’ als Mulisch komt een roman niet uit de lucht vallen. In 1996 werd onder de titel De oer-aanslag een eerste opzet van de roman gepubliceerd (in een zogenoemde facsimile-uitgave van Mulisch’ handschrift). Meer hierover lees je in een artikel uit Literatuur van August Hans den Boef.  

En in 2015, vijf jaar na het overlijden van Mulisch, verscheen onder de titel De ontdekking van Moskou een uitgave waaruit bleek dat dit onvoltooide boek veel heeft opgeleverd voor werk dat Mulisch wel publiceerde, waaronder De aanslag.  

Film en toneel

De roman van Mulisch werd in 1986 verfilmd door regisseur Fons Rademakers. Een film die bekroond werd met de Oscar voor de beste buitenlandse film. In 2011 regisseerde Ursul de Geer een toneelbewerking van de roman. In 2020 is het toneelstuk opnieuw te zien in de theaters, ter gelegenheid van 75 jaar bevrijding én de tiende sterfdag van Mulisch.

YouTube

Voorbereiding van de nieuwe toneelbewerking, in het huis van Mulisch.

Over de auteur

‘Ik bén de Tweede Wereldoorlog’, luidt een bekende uitspraak van de in Haarlem geboren Harry Mulisch (1927-2010). Zijn vader was in 1892 geboren in het toenmalige Oostenrijk-Hongarije, zijn joodse moeder in 1908 in Antwerpen. Als gevolg van de Eerste Wereldoorlog kwamen beiden in Nederland terecht. Het huwelijk eindigde in 1936 in een echtscheiding.  

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werkte Mulisch’ vader voor het bankiershuis Lippmann-Rosenthal & Co, waarbij Nederlandse joden hun kostbaarheden moesten inleveren. Hij kon toen zijn ex-vrouw en zoon beschermen tegen deportatie, maar werd zelf na de oorlog enkele jaren geïnterneerd. Dat vragen rond schuld en verantwoording in relatie tot de oorlog in het literaire werk van Mulisch een belangrijke rol spelen is dus niet zo vreemd.  

Met Reve, Hermans, Haasse en Wolkers hoort Mulisch tot de grote namen van de naoorlogse Nederlandse literatuur. Zijn debuut in boekvorm was in 1952 de novelle Tussen hamer en aambeeld, zijn eerste publiekssucces Het stenen bruidsbed (1959). Toen in 2001 zijn laatste roman (Siegfried) verscheen, had hij talloze literaire prijzen en onderscheidingen verzameld en bestsellers geschreven. En evenals bij Reve, Hermans en Wolkers was zijn persoon door de jaren heen, bij alle bewondering, ook aan kritiek onderhevig geweest. Zijn overlijden op 30 oktober 2010 maakte veel los en de herdenking voorafgaand aan zijn begrafenis werd rechtstreeks op televisie uitgezonden.  

Een uitgebreid dossier in woord en beeld over Mulisch en zijn relatie met Haarlem en Heemstede vind je op het weblog Librariana.

YouTube

Booktube over De aanslag (circa 8 minuten) van Floris van der Pol (De idioot bespreekt literatuur).

Het boek en jij

  1. In hoeverre lijkt Anton op zijn vader denk je?   
  2. Waarom mislukt het huwelijk van Anton en Saskia?   
  3. Centraal staat in De aanslag uiteraard de vraag: wie is waaraan schuldig? Anton krijgt verschillende visies te horen. Hoe kijk jij aan tegen de opvattingen van de diverse personages?   
  4. Het motto is een citaat uit een brief uit het jaar 92 die de uitbarsting van de Vesuvius beschrijft. Welke verbanden zie je met de roman?   
  5. Hoe denk je over de stelling in de bespreking in het Lexicon van Literaire Werken dat Anton in zijn onderbewuste als een tweede Oedipus op zoek is naar nieuwe ouders (en die vindt in Truus Coster en Cor Takes)?   
  6. Dat Anton na de oorlog de zoon van de vermoorde NSB-er, de verzetsstrijder en zijn vroegere buurmeisje ontmoet zou je als wat al te toevallig kunnen beschouwen in een roman. In hoeverre vind je het een bezwaar in De aanslag?   
  7. In 2015 publiceerde Milan Hulsing een ‘graphic novel’ van De aanslag. Daarin verving hij de alwetende verteller uit de roman door een personaal perspectief: je maakt alles mee vanuit het perspectief van Anton. Wat zou een dergelijke ingreep voor (jouw waardering van) de roman betekenen?   
  8. Bij het verschijnen van De aanslag schreef recensent Hans Werkman in het Nederlands Dagblad (27 november 1982) een zeer uitgebreide bespreking die hij afsloot met de uitspraak dat hij er zeker van was dat het boek over vijftig jaar nog steeds gelezen zou worden. We zijn inmiddels een eind op weg. Wat zou jij aan leerlingen die over tien jaar jouw leeftijd hebben, willen vertellen over het belang van deze roman?  

 

Opdrachten bij De aanslag op Lezen voor de Lijst.

Achtergronden

  1. De aanslag die Mulisch beschrijft in het boek is geïnspireerd door een aanslag die werkelijk plaatsvond. In 1994 verscheen een boek dat nieuw licht wierp op wat er toen gebeurde. Naar aanleiding daarvan verscheen een artikel in Trouw.

    Wat er precies toen is gebeurd, heeft ook later nog tot discussie geleid, zie onder andere het artikel ‘De liquidatie van Fake Krist op 25 oktober 1944’ op de website Dodenakkers en de reactie onder dat artikel die verwijst naar de publicatie De vermeende aanwezigheid van Truus Oversteegen en Hannie Schaft bij de liquidatie van Fake Krist - Haarlem, Westergracht, 25 oktober 1944.  

  2. Ter nagedachtenis aan de slachtoffers van de Duitse represailles na de liquidatie van Krist werd in Haarlem in 1949 het monument ‘Treurende vrouw’ onthuld, gemaakt door Oswald Wenckebach. Meer over het monument op de website van het Nationaal Comité 4 en 5 mei.  

  3. De begrafenis die Anton bijwoont in de vierde episode is die van H.M. van Randwijk, wiens schuilnaam in het verzet Sjoerd van Vliet was. De dichtregels van deze verzetsman, journalist en schrijver die Antons schoonvader citeert (‘Een volk dat voor tyrannen zwicht…’), staan op het Van Randwijk-monument in Amsterdam, maar ook op een monument aan de kade van de Merwede in Gorinchem, de geboortestad van Van Randwijk.  

  4. Veel lezers geven op Hebban hun mening over De aanslag.

Verder lezen

Goed en fout in oorlogstijd

De oorlog duurt een leven lang

Mulisch en de oorlog

Meer Mulisch

Bekijk hier alle Hebban Leesdossiers van Frank Hockx.



Over de auteur

Frank Hockx

115 volgers
29 boeken
3 favoriet


Reacties op: Hebban Leesdossier: De aanslag (1982)

 

Gerelateerd

Over

Harry Mulisch

Harry Mulisch

Harry Mulisch wordt samen met W.F. Hermans en Gerard Reve beschouwd als de Grote Drie van de naoorlogse Nederlandse literatuur. Hij schreef in 1946 zijn eerste verhaal, De Kamer. Een jaar later werd h...