Advertentie

Hebban vandaag

Interview /

Interview Aifric Campbell

De Ierse schrijfster Aifric Campbell heeft een veelbewogen leven achter de rug. Ze werkte in Zweden als au pair, studeerde linguïstiek en doceerde semantiek aan de Universiteit van Göteborg. Daarna werkte Campbell dertien jaar in Londen als investeringsbankier, schoolde zich vervolgens om tot psychotherapeut en volgde een schrijfcursus aan de Universiteit van East Anglia. De logica van het moorden is haar eerste boek en tevens haar eerste bestseller.
Aifric Campbell heeft zich ontpopt als een groei-diamant met een gouden toekomst voor de boeg.




Niets dan lof
Zelden heeft een boek een warmer onthaal in de pers gekregen als De logica van het moorden. Recensenten over de hele wereld waren laaiend enthousiast. "De beste roman die ik in tijden heb gelezen," jubelde Bas Heijne in NRC Handelsblad, om eraan toe te voegen “In zinnen die ergens tussen Nabokov en DeLillo in zitten (…) zet ze een intens psychodrama neer, vol scherpe observaties en verrassende beelden. Hier is een schrijfster die durft, zowel in haar thema’s als in haar stijl."
Dat Aifric Campbell in haar debuutroman niet alleen een prachtig verhaal vertelt, maar ook de uiterste aandacht aan haar taalgebruik heeft besteed, blijkt meteen aan het begin van het gesprek waarin we het hebben over audio-recorders.
Aifric Campbell blijkt thuis een kleine recorder te hebben waarop ze verhaaltjes inspreekt voor haar jongste zoon, zodat hij ze kan afspelen als zij niet thuis is. Maar ik heb mijn recorder ook gebruikt om de ruwe versie van mijn boek op in te lezen. Voor mijzelf is het belangrijk dat ik op die manier goed de betekenis en klankkleur van woorden kan horen en ik het ritme van het verhaal goed kan analyseren en de spanningsboog goed in de gaten kan houden. Maar ik vind het moeilijk omdat ik een hekel heb aan mijn eigen stem.
Overigens ten onrechte want Aifric heeft een warme stem. Ze spreekt hogeschool Engels en articuleert zorgvuldig. Het is een lust voor het oor. Zo moet Engels gesproken worden.
Aifric draagt haar beroep, docente semantiek en linguïstiek, duidelijk mee in haar dagelijks leven en in haar nieuwe beroep misdaadauteur.
“Ik vind dat de manier waarop een verhaal voorgelezen wordt, veel over het verhaal zeggen. Het gesproken woord en het geschreven woord komen heel erg met elkaar overeen. Er zijn uitzonderingen, maar over het algemeen kunnen auteurs hun boeken prachtig voorlezen.”

Koffers met boeken
Dat zij van hard werken en veel lezen houdt is volgens Aifric Campbell geheel te wijten aan haar afkomst. “Ik ben geboren in Dublin, maar mijn ouders kwamen van het platteland. Mijn vader was boswachter en werkte heel hard en mijn moeder was huisvrouw en zorgde voor haar drie kinderen. Zij was dol op lezen. Het hele huis stond vol boeken. Ik heb later pas beseft hoe belangrijk dat voor me is geweest voor mijn latere beroepskeuzes. Ik had een oom die priester was, een missionaris, die in tweedehands winkeltjes voor 5 pond koffers met boeken kocht. Dat waren een soort verrassingsdozen, omdat je nooit wist wat erin zat. Er zaten bijvoorbeeld insectenboeken in, boeken over ruimtevaart en over drugs. Ik was een dolle liefhebber van die boeken, die meestal in de boekhandel niet meer verkrijgbaar waren. En mijn vader had een encyclopedie van ik weet niet hoeveel delen die elke dag geraadpleegd werd en die voor ons een onuitputtelijke bron van kennis was. Als ik er nu aan terugdenk stonden boeken gedurende mijn hele jeugd centraal. Bovendien gingen we elke zaterdagochtend naar de bibliotheek. We waren altijd bezig met verhalen, verhalen en nog eens verhalen. Het is typisch Iers. Mensen vertellen elkaar veel verhalen en zelfs de beruchte Ierse moppen zijn altijd gebaseerd op verhalen.”

Engelsen - Ieren
“In kleine gemeenschappen, zoals de Ierse gemeenschap waar ik vandaan kom, spreken mensen veel met elkaar. Vraag maar aan Dennis Lehane. Dat is ook het grote verschil tussen Engeland en Ierland. Ieren praten gemakkelijk met vreemden en mensen uit andere landen. In tegenstelling tot Engelsen die een stuk gereserveerder zijn. Ieren praten graag, hebben een verhalentraditie. Het zijn net Amsterdammers. Ik was vanmorgen tien minuten de stad in en ik heb drie gesprekken gehad met mensen die ik totaal niet kende. Over voetbal, Real Madrid, over sterke koffie, over kleding en gisteren in de taxi had ik met de chauffeur een lang gesprek over een van mijn grootste passies, films. We hadden het over de beste gangsterfilms aller tijden met Al Pacino, Robert de Niro etc. Goodfelllas is mijn favoriet. New York heeft ook die openheid. Hoe meer immigratie je hebt, hoe meer culturen, hoe meer contact er is tussen de mensen die er voor openstaan.”

Westerns
“Ja, ik ben een grote fan van gangsterfilms, maar ik kijk tegenwoordig sowieso veel naar de televisie en naar films. Toen ik jong was was ik gek op westerns. Elke zaterdagavond keek ik naar westerns, met name Clint Eastwood. Prachtig, de grote morele boodschap die de films uitdroegen. De goede cowboy tegen de slechterik die de gemeenschap bedreigde. Als je kind bent geeft het een heel veilig gevoel als het goede altijd overwint. Het schiep een duidelijk wereldbeeld voor me. Helden kwamen in moeilijke situaties terecht, maar ze maakten de juiste keuzes. En dat dilemma ben ik me altijd bewust als ikzelf schrijf. Mensen hebben altijd de keuze om een bepaalde kant op te gaan. Dat kan de goede kant zijn of de slechte.
In de Magnificent Seven moeten de mannen bewijzen hoe heldhaftig ze zijn, laten zien dat ze goede keuzes maken en dan pas kunnen ze rustig de zonsondergang tegemoet rijden. Het zijn natuurlijk formulefilms met de structuur van sprookjes en mythen. Er is een held, die moet een aantal moeilijkheden oplossen en aan het einde wint hij. Voor kinderen en pubers heel geruststellend. Clint Eastwood was een meester in dat soort films, ook in zijn Dirty Harry-films. Het kwaad werd bestraft.”

Gran Torino
“Maar het zijn wel de films van vroeger waar ik over praat. Er is veel gebeurd sindsdien. Interessant in dat opzicht is de film Gran Torino geregisseerd door Clint Eastwood terwijl hij ook de hoofdrol speelt. Daarin is Clint een Korea-veteraan van Poolse afkomst, die net zijn vrouw heeft verloren en een slechte band heeft met zijn kinderen. Hij woont in een buurt die vroeger rustig was, maar nu niet meer. Hij heeft veel last van de Aziatische Hmong-immigranten om hem heen. Hij ziet zijn buren als de lastige mensen, die hij vroeger tijdens de oorlog in Korea om het leven heeft gebracht. Clint is een norse, verbitterde man, maar toch krijgt hij een band met de zoon van de buren, die zijn mooie oude Amerikaanse auto, de "Gran Torino" wilde stelen om lid te kunnen worden van een bende. Clint probeert om de jongen te leren hoe hij een echte man moet worden.
Het interessante van die film is dat hij de moderne problemen weerspiegelt. In Clint’s rustige buurt komen buitenlandse mensen wonen en hij moet proberen om met hen en hun andere gebruiken te leren leven.
Clint heeft in zijn films een ontwikkeling doorgemaakt die ook kenmerkend is voor onze maatschappij en voor alle literatuur waarin die maatschappij beschreven wordt. Verder zijn de verhalen, of het nu om een western gaat, een politieroman of een gewone roman veel meer gebaseerd op de ontwikkeling van de personages. Meer maatschappelijke betrokkenheid en aandacht voor de mensen dus. Realistischer dus. Het moet wel gezegd worden dat dit soort verhalen realistischer zijn, maar minder geruststellend voor jongeren. Ik hield als kind van de zekerheid en het happy end in films.”

Misdaadboeken zijn literatuur
“Niet alleen de maatschappijkritiek in misdaadverhalen, maar ook andere elementen maken dat misdaadverhalen vaak beter zijn dan de huidige literaire romans. Kijk maar eens naar de dialogen. Die zijn over het algemeen een stuk beter en realistischer dan in de literaire boeken. In misdaadverhalen verdwijnt ook steeds meer het clichématige verschil tussen goed en kwaad. Alle mensen hebben goede en slechte eigenschappen. Het hangt voor een groot deel van de keuzes af die je in het leven maakt, welke eigenschappen versterkt worden.
Mijn boek is dan ook geen standaard misdaadroman. het is tevens een boek waarin morele waarden aan de orde komen. Als schrijver is het een krachtig wapen dat je hebt om de zekerheden van de lezer te ondermijnen. Je kunt het goede veranderen in het slechte, de hemel in de hel. Wat dat betreft is er geen onderscheid tussen een misdaadboek of een literaire roman. In De logica van het moorden schrijf ik over een onopgeloste moord, zonder dat het echt in alle opzichten een thriller is. Maar ik heb het etiket en het boek is spannend en in de boekwinkel herkent men mij alleen als ik in de sector misdaadromans lig. Maar het is meer een moreel verhaal.“

Wetenschapper vermoord door schandknapen
De logica van moorden is gebaseerd op een waargebeurde onopgeloste moord op de Amerikaanse linguïst Richard Montague, die in 1971 dood in zijn huis in Californie werd aangetroffen. Omdat hij een voorkeur had voor ruige zwarte jongens uit achterbuurten, werd aangenomen dat Monatague het slachtoffer was geworden van zijn onvoorzichtige omgang met schandknapen. In haar boek is de op Montague gebaseerde personage Robert Hamilton echter slechts een figuur op de achtergrond, ook al heeft Campbell een overvloed aan feiten uit zijn leven in haar boek opgenomen. Hoofdpersoon is namelijk psychoanalyticus Jay Hamilton (de broer van Robert) die een bloeiende praktijk in West-Londen heeft. Hij is een gevierd schrijver van romans die hij onder pseudoniem publiceert. Het materiaal voor zijn boeken ontleent hij aan de casussen van zijn cliënten. In het belang van zijn boeken manipuleert hij hen dusdanig ernstig dat hij het middelpunt wordt van een nationaal schandaal. Als Jay naar zijn broer Robert in Californie gaat, treft hij zijn broer dood aan. Vermoedelijk vermoord door schandknapen.
Aifric Campbell heeft voor de research van haar boek gedurende twee korte periodes in Californie gewoond. “Mijn boek speelt zich voor een deel af in Californie. Het is als outsider moeilijk om authenticiteit te realiseren als je een land en mensen beschrijft die je verder alleen uit boeken kent. Nu heb ik wel honderden Amerikaanse boeken gelezen, maar dan nog. Ik wilde dat het boek natuurgetrouw de Californische sfeer zou uitstralen van de jaren vijftig en zestig.
“Ik heb hard werkende Amerikaanse mensen willen beschrijven. Mensen van wie je weet waarmee ze de kost verdienen, wat hun interesses zijn, hoe ze proberen te overleven. Ik heb een hekel aan boeken waarin mensen elkaar op party’s ontmoeten, de dag erna in een restaurant en ’s avonds weer aan een cocktail nippen. Zo zit het leven niet in elkaar. Ik wil de momenten kunnen vangen waarin mensen moeten kiezen hoe ze hun dag zullen indelen. Ik wil de beslissingen vastleggen zodat de lezer kan zien waar ze de fout ingaan.
De moord staat niet centraal in dit boek, maar de waarheid. Hoe is de moord gebeurd? En wat waren de achtergronden. Kijk, Richard Montague was een briljant wiskundige en linquist. Hij was welvarend, deed onderzoek voor de Amerikaanse air force. Hij werd overal uitgenodigd Maar toch leidde hij een dubbelleven omdat zijn seksuele voorkeur uitging naar zwarte jongens uit de armste buurten.”

Los Angeles
“Ik ben toen naar Los Angeles op werkbezoek gegaan. Ik kwam al snel tot de ontdekking dat ik eigenlijk een biografie over de man moest schrijven om hem goed uit de verf te laten komen. Het gekke is dat ik toen het verhaal van zijn broer Jay al volledig in mijn hoofd had en zelfs het einde van het boek al wist. Dat is de reden dat Montague, in de gedaante van Richard, uiteindelijk een figuur op de achtergrond is geworden. Het boek is bedoeld als een verhaal over rivaliteit. En over een man die dacht dat zijn moeder nooit van hem gehouden had, waardoor zijn leven een bepaalde loop had genomen. Wat mij interesseerde hoe was het kleine jongetje de man geworden die hij later was. En welke goede en slechte keuzes had hij gemaakt tijdens zijn leven.”

Cold cases
Het vreemde is dat hoewel de politie vrijwel zeker wist dat het schandknapen waren die Montague hadden vermoord, ze de misdaad nooit hebben kunnen oplossen. Daarom ben ik naar de politie, afdeling moordzaken, in Los Angeles gegaan om te kijken hoe moordonderzoeken te werk gaan en te zien of ik uit de archieven nog iets over Montague kon vinden. Daar bleek al snel voor wat voor onbegonnen werk de politie daar staat. Ze blijken er dossiers van 8.000 onopgeloste moorden te hebben. Door stom toeval waren ze bezig een oude zaak te heropenen. Ik heb een tijdje met een rechercheur meegelopen en veel geleerd. Er zitten ook een aantal elementen van in mijn boek. De zaak die zij onder handen namen was een jaar of 5 oud en was al vreselijk moeilijk. Laat staan een moord van bijna 40 jaar geleden zoals die op Montague. De prioriteit van de LAPD ligt bij actuele zaken. Hoe sneller ze erbij zijn, hoe groter de kans dat ze een moord oplossen. Bovendien is de druk van buitenaf bij een actuele zaak groter. Familieleden zitten er meer achteraan dan in een moordzaak van lang geleden. Verder zijn getuigenissen over gebeurtenissen van lang geleden niet meer accuraat en zijn er veel mensen die enigerlei informatie zouden kunnen geven verhuisd of overleden. Ook de politierapporten uit het verleden zijn ongelofelijk onnauwkeurig, onvolledig of verdwenen. En dan de verhoren van destijds. Er werden bij getuigen woorden, beweringen en conclusies in de mond gelegd die bij nadere bestudering geen enkel hout sneden. Ook ondervragingen waren soms hopeloos onvolledig. Dat alles maakt een cold case-onderzoek tot een uiterst moeilijke zaak. Als de familie van een slachtoffer geen druk uitoefent, gebeurt er niets. Dan houdt men zich alleen bezig met actuele zaken. Om het nog ingewikkelder te maken worden de belangrijkste politiefunctionarissen gekozen. Zij werken in een politiek mijnenveld. Zij willen zoveel mogelijk zaken tot een oplossing brengen en dat zijn niet de cold cases. Om aan dat dilemma een einde te maken hebben ze in LA sinds 2002 of 2003 een vast cold case-team in het leven geroepen. Maar dat zijn maar zes man, voor meer dan 8.000 onopgeloste zaken. Maar ook van hen worden resultaten geeist die de kosten van hun werk rechtvaardigen.”

Kogels om oren
“Ik houd van die stad. Het is echt, het zit vol verhalen, het leeft, het bruist. Gevaarlijk ook. Iedereen heeft er ambities en wil iets van het leven maken. Er zijn daar 1001 nationaliteiten. En toen ik daar met mijn cold case verhaal bezig was, gaf de stad me inspiratie. Een onopgeloste moord is een verhaal dat niet af is. En je moet accepteren dat het ook nooit af zal zijn. Ik ben overigens wel onder de indruk geraakt van het werk van de politiemensen in LA. De Spaanse rechercheur met wie ik meeliep, werkte bij de narcotica-afdeling in de achterbuurten waarbij hij constant geconfronteerd werd met het geweld van rivaliserende gangs. Heel gevaarlijk werk. In niets te vergelijken met wat er in de politieseries op de tv te zien is. Als je ziet onder welke enorme druk die mensen moeten werken, dan houd je dat niet voor mogelijk. Je trekt altijd aan het kortste eind. Ik voelde me heel erg ongemakkelijk. Ik vond het zo'n slap excuus om te zeggen: ik schrijf verhalen en ik wil graag zien hoe jullie moorden oplossen. Ik liep met een opschrijfboekje en die agenten met grote geweren omdat de situatie in sommige buurten gewoon levensbedreigend is.
De eerste keer dat mijn man en ik in LA kwamen, hebben we in East LA gelogeerd, zo’n beetje de ergste kant van de stad. Op een dag werden we omsingeld door een straatbende. Gelukkig heeft een passerende politieauto ons ontzet. Ze vroegen of we helemaal gek waren geworden om daar te zijn als Europeanen. ”Ga weg hier,” riepen ze.
“Maakt niet uit waar naartoe, maar blijf niet hier.” Wat later zijn we naar een YMCA verhuisd, een jeugdhotel in een fatsoenlijke buurt. En toen we het hotel verlieten vlogen de kogels om onze oren. Een jongen schoot vanuit het hotel op zijn vriendin die naast ons op straat liep. Hij had kennelijk ruzie gehad en omdat vrijwel iedereen in Amerika zich kan beroepen op het recht op een wapen, maakte hij daar dankbaar gebruik van. Dat neemt niet weg dat LA een mooie stad is.”

Voetbal en wandelen op het kerkhof
Aifric Campbell heeft een druk leven. Ze geeft les, schrijft, is moeder. Maar desondanks is er ook nog tijd voor hobby’s. “Ik ben een grote sportfan. Ik ben dol op voetbal. Mijn favoriete club is Chelsea en het nationale team van Ierland natuurlijk. Het is toch heerlijk om al die getrainde lijven aan het werk te zien. Ik ben ook dol op wandelen op het platteland, samen met de honden. Verder houd ik van hardlopen. En omdat mijn nieuwste boek zich deels afspeelt tijdens de oorlog, in 1942, wandel ik veel over kerkhoven. Echt waar. (hahaha). Voor mijn research kruip ik tussen de grafstenen door. Volgens mij denkt de lokale bevolking dat ik gek ben. Schrijven is zo’n zittend beroep dat het prettig is om er af en toe op uit te gaan om te wandelen, te rennen of te kruipen. Overigens vind ik het heerlijk om alleen te zijn achter mijn computer. Ik vind dat niet vervelend zoals zoveel andere auteurs. Het is heerlijk omin de fantasiewereld van je boek te leven. Het heeft ook te maken met de behoefte om alles onder controle te hebben. Als je schrijft heb je dat wat je wilt vertellen onder controle. Op het moment dat het boek gedrukt is, behoort het anderen toe. En ook al zijn de kritieken op De logica van het moorden enorm lovend, toch houd ik het meest van de periode ervoor, de periode dat mijn fantasiewereld nog van mezelf is.”









Over de auteur

Kees de Bree

86 volgers
13 boeken
0 favorieten
Auteur


Reacties op: Interview Aifric Campbell

 

Gerelateerd

Over

Aifric Campbell

Aifric Campbell

Aifric Campbell werd geboren in Ierland. Ze werkte in Zweden als au pair, studeerde linguïstiek en doceerde semantiek aan de universiteit van Göteborg. Daarna werkte ze dertien jaar in Londe...