Advertentie

Hebban vandaag

Interview /

Interview Jesse Kellerman

Als zoon van het beroemde schrijversechtpaar Jonathan en Faye Kellerman is het schrijven Jesse Kellerman (1978) met de paplepel ingegoten. Aanvankelijk legde hij zich toe op het schrijven van toneelstukken. Hij won diverse prijzen, waaronder de Princess Grace Award (2003) voor meest veelbelovende jonge toneelschrijver. Maar ook zijn thrillers Verstoken en Verblind werden door de critici in Amerika laaiend enthousiast ontvangen. In Nederland verscheen onlangs zijn derde misdaadroman Moordkunst dat zich voor een groot deel in het artistieke milieu van de kunstgaleries afspeelt.



Shoppen in Amsterdam
Jesse Kellerman, klein, donker haar, een speelse glimlach op de lippen, verheugt zich op zijn bezoek aan Amsterdam waar hij al meerdere malen geweest is. Zijn vrouw is “shoppen”. Maar daar maakt hij zich geen zorgen over. “Zij is gelukkig niet erg kooplustig van aard. Gelukkig maar, want Amsterdam is in dat opzicht een gevaarlijke stad. Mijn ouders waren eens samen met vrienden in Amsterdam aan het winkelen. Mijn moeder en haar vriendin zijn van een generatie dat ze alles mooi vinden en alles willen hebben. Toen ze in een luxe modewinkel een jurkje wilden afrekenen dat niet aan de collectie mocht ontbreken, merkte de vriendin dat haar creditcard was gestolen. Geschrokken liep ze naar buiten om het haar man te vertellen. Maar die haalde opgelucht adem en zei: “Godzijdank. Ik weet zeker dat de dief minder geld uitgeeft met je creditcard dan jij gedaan zou hebben.” Jesse moet zelf hard lachen om het verhaal. “Joodse humor, he?. Er is zoveel ellende in de wereld dat je er zonder humor niet komt. Daarom verwerk ik ook altijd zoveel humor in mijn misdaadromans. In een wereld zonder humor ga ik dood.”

Humor
Humor, het is een onderwerp waar we tijdens het gesprek meerdere malen op terug zullen komen. Het soort humor van joodse series al Seinfeld, Will and Grace en The Nanny is helemaal aan Jesse besteed. Het artistieke milieu, de kunstkringen, de schilders, de kunsthandelaren en de kunstminnaars en kopers, worden in zijn nieuwe boek Moordkunst dan ook stevig op de hak genomen. Joodse humor is volgens Jesse een manier van overleven, de ellende te neutraliseren, het ondraaglijke draaglijk te maken. Joodse mensen weten het beter dan anderen: je hebt de keuze tussen lachen of jezelf door het hoofd schieten. Meer opties zijn er niet.

Jeugd
Jesse werd grootgebracht in de joodse traditie: een warm gezinsleven, religieus, aandacht voor elkaar. Zelf ervaart hij het als een doodnormale, heel gelukkige jeugd. “Ik groeide op in een rustige wijk in Los Angeles. Heel beschermd allemaal. Toen ik klein was, was mijn vader kinderpsycholoog en mijn moeder, die afgestudeerd was als tandarts, was huisvrouw. Allemaal heel keurig. Mijn vader ging ’s ochtends vroeg de deur uit naar zijn werk en mijn moeder zorgde voor mijn zusters en mij. Ik kan me niet herinneren dat ze me ooit gestimuleerd hebben om te gaan schrijven. Zoals alle ouders, wilden ze alleen maar dat ik gelukkig zou worden. Toen ik heel jong was verzon ik verhalen waarmee ik naar mijn vader ging met het verzoek ze voor me op te schrijven. Niet veel later begon ik met schrijven, ver voordat mijn ouders publiceerden. Achteraf bleek dat mijn vader Jonathan ook al lang bezig was met schrijven, maar dat hij geen uitgever kon vinden. Ik had daar alleen geen notie van. Het bleek toevallig zo te zijn dat wij als familie graag verhalen vertelden. Vertellen was een passie voor ons. Een dwangmatig iets bijna. Maar ik ben niet gaan schrijven omdat mijn ouders het deden. Zij gingen gewoon naar hun studeerkamer om te schrijven, zoals andere ouders naar hun werk gaan. Dat lijkt vreemd, maar voor mij als kind was het heel normaal, en daarom ook geen stimulans om zelf te gaan doen. Tijdens het eten spraken we over alles en nog wat. Ze waren erg geïnteresseerd in wat mijn zusjes en ik die dag hadden gedaan, maar mijn ouders hadden het nooit over de boeken waar ze mee bezig waren. Hun grootste invloed op mij betreft eigenlijk de menselijke normen en waarden, de moraliteit, de religie, want mijn ouders zijn joods en dat is voor hen meer dan geloof. Het is een manier van leven. Gedisciplineerd, met mededogen voor andere mensen en hulpvaardigheid daar waar het kan.”

Niet in pyama
“Wat schrijven betreft hebben ze me geleerd dat het een baan is als elke andere. Niet gaan zitten wachten op inspiratie, maar grondig researchen en vervolgens gedurende een vaste tijd achter de pc zitten om je verhaal vorm te geven. Als je ergens voor gaat, moet je je gedragen als een professional. Mijn ouders hebben een enorm strenge werkethiek. Elke dag schrijven. Eerst naar de badkamer, dan aankleden, eten en schrijven. Niet in pyjama, want zo ga je niet naar je werk. Verder ’s avonds niet, in ieder geval niet te veel, drinken, want dan kan je de volgende morgen niet werken. Dus als je het hebt over invloed op mijn schrijven, dan heb je het over de benadering van het vak. Heel erg georganiseerd. Artistiek gezien hebben ze me nooit in een bepaalde richting gestuurd. Het enige is dat ik aan hen heb gezien dat je met schrijven je brood kunt verdienen en dat was goed om te weten. Dat geeft je als beginnend schrijver wel een bepaalde vorm van zekerheid.” Op dat moment komt iemand van het hotel met een ernstig gezicht een bos ogenschijnlijk verse bloemen weghalen om ze te vervangen voor een andere verse bos. Een handeling die maakt dat Jesse niet meer bijkomt van het lachen. “In jullie land hebben ze natuurlijk zoveel bloemen, dat ze om het kwartier het hele land van nieuwe bloemen moeten voorzien. Anders moeten ze natuurlijk weggegooid worden.

Emigranten
In Moordkunst beschrijft Jesse de geschiedenis van de familie Muller die naar Amerika is geëmigreerd en die zich daar heeft opgewerkt. Het is geen verkapte geschiedenis van de familie Kellerman. “In Amerika hebben we twee soorten joodse emigranten. Je hebt de Poolse en Russische joden die na WOI naar Amerika zijn gekomen en daar hoort mijn familie bij. Zij hebben gewone beroepen gekregen, zijn nooit rijk geworden. Mijn overgrootvader was een kleermaker en mijn opa zat in het leger en heeft zich daar door cursussen opgewerkt tot ingenieur. Mijn vader was een dokter en ik ben een schrijver. Dus, geen biljonairs in de familie. Da’s heel jammer, met name voor mij (haha). Een andere groep joodse emigranten is pas later naar Amerika gekomen. Dat zijn de Duitse joden die extreem welgesteld zijn geworden. De projectontwikkelaren, die na WO II kwamen, over wie ik in Moordkunst schrijf. Maar die hebben dus niets te maken met mijn familiegeschiedenis.”

American Dream
Ik heb voor een deel geprobeerd de geschiedenis van Amerika te schrijven, want in Amerika leeft nog steeds de droom dat je hier met niets kunt komen en dat je je kunt opwerken tot miljonair. En dat is natuurlijk ook waar. De Amerikaanse cultuur staat dat toe. Denk maar aan Arnold Schwarzenegger. Wie had ooit kunnen denken dat een arme bodybuilder zich kon opwerken tot Hollywood-acteur en later tot gouverneur van Californie. Als je maar, net als hij, beschikt over een enorme dosis ambitie. Natuurlijk is dat niet voor iedereen toereikend, maar het idee dat het mogelijk is, is zo intrigerend. Veel mensen proberen het, geloven erin. In Hollywood is iedereen die in de bediening werkt dan ook een acteur of artiest. Elk bikinimeisje dat op rollerskates langskomt is een actrice, haha. Dat gegeven heb ik in mijn boek willen verwerken. Ik heb alleen de kunstwereld uitgezocht om mijn verhaal aan op te hangen. Het gaat erom dat in artiestenkringen, in de kunstwereld alles draait om het beeld dat je schept, het imago, ook al heeft dat niets met de werkelijkheid te maken.”

Toneelstukken
Na zijn middelbare school ging Jesse naar de universiteit waar hij toneelstukken schreef. “Een heel ander medium dan het boek. Maar je moet, zowel voor toneelstukken als voor boeken drama creëren. En dat betekent “verlangen” creëren. Je karakters moeten iets heel graag willen: een vrouw, een schilderij, vrede, het maakt niet uit. Ze moeten een doel hebben dat ze nastreven. Ze moeten zich afvragen: hoe kan ik dat wat ik wil ook daadwerkelijk krijgen? Alleen heb je in een toneelstuk meer beperkingen, omdat je alles binnen een bepaalde tijdspanne moet laten afspelen. Je moet een verhaal vertellen dat binnen twee uur verteld kan worden. Er zijn uitzonderingen, maar het betekent dat je daardoor minder verhaal nodig hebt dan voor een boek. Als schrijver moet je je dus meer focussen. Tsjechov kon een heel toneelstuk schrijven rond drie zusters die zich afvroegen of ze al dan niet naar Moskou zouden gaan. Je kunt geen boek schrijven rond die ene vraagstelling. Maar om te zien is het mooi. In een boek moet je constant de motor opnieuw starten. Dat ik ben begonnen met toneelstukken en niet met boeken is omdat een toneelstuk voor het grootste deel bestaat uit dialogen en ik al op vroege leeftijd ijzersterk was in het schrijven van dialogen. Voor het schrijven van boeken komen er meer technieken kijken en op die technieken moet ik nog steeds hard studeren. Maar dialogen schrijf ik moeiteloos omdat ik in mijn hoofd steeds karakters hoor praten. Ik hoef het alleen maar op te schrijven. Overigens is dat de reden dat ik in mijn boeken ook veel dialogen gebruik.”

1 miljoen voor stukje touw
In Moordkunst komt niemand uit de kunstwereld er bepaald goed vanaf. Jesse moet er hard om lachen. “Ik heb geruime tijd rondgewandeld in kunstkringen en ook al mag je nooit generaliseren, maar het is wel een wereld die mensen met een groot ego stimuleert dat ego uit te dragen. Met name het verkopen van moderne Kunst draait voor een groot deel om de persoonlijkheid van de verkoper of galeriehouder (haha). Hij maakt dat anderen geloven dat datgene wat hij verkoopt uniek of speciaal is. Kijk als je heel eerlijk bent is moderne Kunst voor een groot deel heel dubieus van kwaliteit. Maar de verkoper vertelt zijn volgelingen dat ze er niet bijhoren als ze het niet in huis hebben. En de meeste mensen volgen nu eenmaal liever iemand die zichzelf tot autoriteit heeft benoemd, dan dat ze zelf een leidende rol nemen. Kunsthandelaren die mensen overhalen om 1 miljoen dollar te betalen voor een stukje touw, en dat is gebeurd, moeten wel heel veel overredingskracht hebben. Het is een waanzinnige wereld. Maar goed, er lopen ook aardige mensen rond in die wereld. Daarnaast moet ook gezegd worden dat er veel mensen in de kunstwereld rondlopen met een uiterst dubieus en zelfs heftig crimineel verleden. Moordenaars, verkrachters, oplichters. Op de een of andere manier is dat geen probleem. De buitenwereld heeft artiesten een vrijbrief gegeven om zich anders te gedragen dan de normale mens. Hoe buitensporiger het gedrag, hoe groter de artiest. We willen als het ware dat de artiest zich schunnig of gewelddadig gedraagt. We moedigen het aan. Phil Spector die met een pistool in het plafond van een restaurant schiet, Woody Allen die zich aan zij geadopteerde dochter vergrijpt. Hoe rijker of machtiger een artiest is, hoe minder mensen hen tot de orde roepen. Ik ben geen psycholoog, maar het is een studie waard.”

Jonge man –oudere vrouw
In Moordkunst wordt een relatie beschreven tussen een jongere man en een oudere vrouw en in een vorig boek, Sunstroke, is er sprake van een relatie tussen een oudere man en de jongere secretaresse Gloria Mendez. “Hahaha, ook in mijn nieuwe boek waar ik nu aan bezig ben is er sprake van een relatie tussen een jonge man en een oudere vrouw. Ik heb er eigenlijk nooit zo op gelet, ik weet echt niet waarom ik dat doe. Ik bedoel, mijn vrouw is ongeveer van dezelfde leeftijd als ik. Ik heb ook nooit een relatie gehad met een vrouw die aanzienlijk in leeftijd verschilde. Ik weet het niet. Misschien heeft het te maken met een vraag waar ik erg op toegespitst ben. Ik vraag me altijd af hoe de informatie van de ene generatie op de andere overgedragen wordt. En met name in het boek waarin ik nu bezig ben gaat het om een oudere vrouw die verhalen vertelt aan haar jongere vriend. Maar nogmaals, het is een goede vraag voor mijn psychiater. Ik zal het eens met hem bespreken haha. Schrijven leert je dingen over jezelf, dat is wel duidelijk.”

Structuur van film-noir
Het begin van Moordkunst roept sterk herinneringen op aan de boeken van Raymond Chandler. Het is de Film noir-sfeer ten voeten uit, mede door het gebruik van de ik-vorm waarin de hoofdpersoon de dingen beschrijft. Maar ook door de humor, de zelfkritiek, het arrogante macho-achtige. Later verdwijnt de sfeer om plaats te maken voor een boeiende beschrijving van een familie en hun geschiedenis. Jesse Kellerman beaamt het. “Dat klopt. Het eerste deel van mijn boek is gemoduleerd aan de hand van de traditionele, klassieke detective. Ook qua structuur en qua karakters, de held, de femme fatale, de dreiging van geweld. En langzaam verandert het karakter van het verhaal. Dan wordt het een familiegeschiedenis die meer dan 150 jaar beslaat. Het is een afwisseling tussen het heden, beschreven in de ik-vorm en de beschrijvingen van het verleden in de 3e persoon, de stem van de geschiedenis. Ik houd van klassiek verhaalvormen. Overigens spelen veel van die verhalen zich af in Los Angeles: de boeken van Raymond Chandler, Dashiell Hammett, maar ook de boeken van mijn vader natuurlijk. L.A. is de stad en eigenlijk het land van de illusies. Het is synoniem aan de filmindustrie. Hoe presenteer ik mezelf aan de wereld, daar draait het om en omdat die presentatie nogal eens vloekt met de werkelijkheid, liggen drama en chaos voor het oprapen. Het is oppervlakkigheid, illusie en enorme teleurstelling hand in hand. Misdaad ligt altijd op de loer.”

Donker en licht
Nog éénmaal over de rol die humor speelt in de boeken van Jesse. “Het is hel geestig, haha, ik schrijf donkere boeken over ernstige onderwerpen, maar voor mij zijn het komedies. Mijn toneelstukken waren ook allemaal komedies, met een donker gevoel van humor. Een professor zei me eens dat komedie in wezen tragedie is maar dan met 100 kilometer per uur. Die opmerking heeft mijn manier van schrijven enorm beïnvloed. De scheidslijn tussen humor en tragedie is zo flinterdun. Eén van mijn meest favoriete filmscènes komt uit Pulp Fiction waarin John Travolta per ongeluk het hoofd van de passagier op de achterbank van de auto aan flarden schiet. Dat komt op de kijkers over als zijnde een hilarische scène. Maar als je het vanuit een ander perspectief bekijkt, is het een afschuwelijke scène. Naar dat soort ridicule scènes ben ik altijd op zoek. Naar de scheidslijn tussen donker en licht. Daar ligt de kracht van mijn verhalen.”



Over de auteur

Kees de Bree

86 volgers
13 boeken
0 favorieten
Auteur


Reacties op: Interview Jesse Kellerman

 

Gerelateerd

Over

Jesse Kellerman

Jesse Kellerman

Jesse Kellerman (Los Angeles, 1978) is een Amerikaanse auteur en toneelschrijver. Hij is de zoon van het befaamde schrijversechtpaar Faye en Jonathan Kellerman en studeerde psychologie ...