Advertentie

Hebban vandaag

Interview /

Swainston: 'Romans moeten beoordeeld worden op hun eigen merites'

In januari verscheen bij uitgeverij Quasis het boekje Het Rad van Fortuin van de Britse scrhijfster Steph Swainston. Het is haar eerste publicatie in het Nederlands. Hebban besteede al eerder aandacht aan het verschijnen van dit werk. Helaas zijn haar vier tot dusver gepubliceerde romans, die allen in de zelfde wereld gesitueerd zijn als Het Rad van Fortuin (nog) niet vertaald. Wij vonden het tijd worden om eens nader kennis te maken met deze debutant in het Nederlandstalige genrewereldje.

Nederlands debuut

Het Rad van Fortuin is het eerste verhaal van je dat in het Nederlands is vertaald. Hoe is het verhaal bij Quasis terecht gekomen?

'Ik ben door de geweldige Jasper Polane gevraagd een verhaal voor de Splinters-serie te leveren.'

De Nederlandse versie van Het Rad van Fortuin is een uitgebreidere versie van een kort verhaal dat in 2013 verscheen. Het is me niet gelukt om een Engelse uitgave van dit verhaal deze versie van het verhaal te vinden. Hebben we een primeur?

'Jullie hebben de primeur.'

Zijn er plannen om het verhaal in het Engels uit te geven?

'Op de lange termijn zal ik het uitbreiden naar een volledige roman. Ik heb al momenten van Jants gewelddadige verleden laten zien, in het bijzonder in The Year of Our War (red. eerste deel in de Castle trilogie). Ik heb het volledige verhaal al veel langer willen vertellen en de dag dat het zover is komt dichterbij. Misschien nadat mijn huidige roman afgerond is.'

Hoewel er in het verhaal aanwijzingen zitten dat de wereld waarin Het Rad van Fortuin gesitueerd is, veel complexer is, beperkt het verhaal zich voornamelijk tot een vroeg industrieel milieu. Het bevat uitbuiting van arbeiders, een gebrek aan milieunormen en een hele reeks aan maatschappelijke problemen. Waarom koos je voor zo’n grimmige achtergrond voor je verhaal?

'Het woord "grimmig" wordt te veel gebruikt. Het verhaal is een afspiegeling van mijn eigen realiteit en achtergrond. Ik kom uit Bradford in Noord-Engeland. Het was een boomtown tijdens de industriële revolutie in de jaren 1890 maar is nu erg vervallen. Ik groeide op in de schaduw van enorme, verlaten fabrieken, waar mijn voorouders vaak onder afschuwelijke omstandigheden werkten. Op enig moment was de levensverwachting gedaald naar 12, mensen verhuisden naar een stad waar armoede en ziekte ze snel van het leven zou beroven. De troosteloosheid van het industriële Hacilith is grotendeels gebaseerd op de omstandigheden in Bradford. Om een voorbeeld te geven, de Galt Gieterij blaast in het verhaal roet uit de schoorsteen dat op de omliggende huizen terecht komt. Lister’s Mill in Bradford deed dat regelmatig, zelfs tot in de jaren ’50 en ’60, waar mijn vader getuige van was. Ze lieten een sirene afgaan voordat de ventilatoren opstartten, gevolgd door een dikke wolk van grit, roet en de meest verschrikkelijke chemicaliën vergelijkbaar met een pyroclastische stroom. Het interesseerde de managers niets dat het op de omliggende huizen van de arbeiders terecht kwam. Mijn vader beschreef hoe hij de muur van de fabriek vast moest houden om de weg van school naar huis te vinden omdat de smog zo dicht was dat je geen hand voor ogen zag. Jant daarentegen, leeft in Hacilith in 1818, waar de industriële revolutie aangedreven wordt door waterkracht. Arbeiders zwoegen hele dagen in fabrieken met machines aangedreven door grote waterraderen die worden voortbewogen door het water van de rivier de Moren. Hacilith is echter ook het centrum van de ijzerindustrie van Fourlands, zodat zelfs zonder stoommachines, er meer dan genoeg smog veroorzakende schoorstenen overblijven. Hacilith is de hoofdstad van Morenzie, een land bewoond door mensen. Het heeft een Noord-Europees klimaat en de natuurlijke hulpbronnen zijn wat beperkt in vergelijking met Awia (red. naburig land in de Castlewereld). Hacilith, dat gelegen is in het estuarium van de Moren, werd dus een handelsstad vergelijkbaar met Amsterdam. De stad werd welvarend en de bevolking groeide totdat het in de dertiende eeuw een stad was geworden die veel groter was dan de andere nederzettingen in Morenzia. Vervolgens, in de periode van de zeventiende tot en met de negentiende eeuw, streken vluchtelingen uit Awia neer in het oude deel van de stad, en in dit ‘klein Awia’, werd voor het eerst zijde geproduceerd in Hacilith.

Mijn vader beschreef hoe hij de muur van de fabriek vast moest houden om de weg van school naar huis te vinden omdat de smog zo dicht was dat je geen hand voor ogen zag.

Het handelen van de onsterfelijken heeft ook invloed gehad op de ontwikkeling van de stad zoals Jant die kent. Nadat Frost zich bij het Kasteel aansloot en de onsterfelijke architect werd, heeft zij in de periode 1740 – 1750 het enorme Awndyn-Moren kanaal, dat het land doorkruist en de grenzen bepaalt, gegraven. Schepen hoefde niet langer om kaap Brattice te varen. Hun vracht arriveerde in de stad en voedde verdere groei. Frost bouwde een enorme serie bassins en kades in de wijk Galt, waar Jant woont.                

De fraaie zeventiende-eeuwse herenhuizen en pakhuizen aan de Oostkade waren te klein en vielen in ongebruik of werden omgebouwd tot fabrieken waar wapens, harnassen en andere militaire goederen werden geproduceerd voor de oorlog tegen de insecten. De bevolking van Hacilith verwelkomde het kanaal als een extra verdedigingslinie tegen de insecten. Het vertrouwen bij de gouverneurs van de stad groeide. Ze gaven niet langer geld uit aan de verdedigingswerken van de stad, maar besteedden het aan luxe goederen en het ontwikkelen van de rijke, centraal gelegen wijk Fiennafor, waar hun paleizen staan.                

Daarnaast bleven ze fabrieken aan de Oostkade bouwen, waar de Moren de waterraderen kon aandrijven en de hoogovens van koelwater kon voorzien. Alle textielproductie, wol, katoen en Awiaanse zijde, werd opgeschaald en naar de fabrieken van Galt verplaatst. Een van de fabrieken produceert kruisbogen. Het is de plaats waar de Boogschuttersbende is gevestigd. Celraampje, de bendeleider, werkt er en de meeste leden zijn jongens uit de fabriek. Ze zijn zeer goed bewapend met kruisbogen!                

In 1818 zijn de welvarende handelaren allemaal vertrokken uit de stad, weg van de smog en het roet, naar Fiennafor of Morenbron. Morenbron is een kuuroord ten oosten van het stadscentrum, dat honderd jaar eerder door de uitdijende voorsteden aan Hacilith vastgroeide waardoor de stad zijn naam veranderde in Hacilith en Moren, ook wel Hacilith Moren. In de volksmond bleef de stad Hacilith heten.                

Galt is een deel van de stad bij de dokwerken, het is een netwerk van bakstenen terrassen, gebouwd om de arbeiders van de fabrieken en gieterijen te huisvesten. Het is zeer arm. Nadat Jant gevlucht was uit de bergen verbleef hij een jaar op de straten van Galt, voordat Dotterel hem redde. Nu woont hij op Sintelstraat 7 in de apotheek.'

Het resulteert in de uitgekauwde en trage proza die zo kenmerkend is voor de gemiddelde fantasyroman.

Eerste persoon

Het verhaal is geschreven in de eerste persoon. Is dat een persoonlijke voorkeur of dwong het verhaal dit perspectief af?

'Het is een voorkeur die voortvloeit uit de manier waarop ik schrijf. Ik schrijf om volledig op te gaan in wereld. Het is makkelijker om dat te bereiken als je de wereld ziet door de ogen van je karakters.                

Ik heb Het Kasteel in verschillende vormen geschreven, bijna vanaf het moment dat ik pen kon vasthouden. Ik visualiseer de karakters en hun omgeving al zo lang dat ik ze praktisch kan zien en horen alsof ik een film bekijk. Ik kan schrijven vanuit het perspectief van al mijn karakters, de laatste keer dat ik telde waren dat er 106. Ik blijf altijd zitten met veel overtollig materiaal. In een periode van enkele jaren, voordat mijn werk uitgegeven werd, experimenteerde ik met het schrijven van Het Kasteel in de derde persoon. Het heeft voordelen. Op die manier kun je verschillende groepen karakters volgen in verschillende delen van het land en makkelijker schakelen tussen meerdere locaties. Aan de andere kant maakt het me zelfbewuster als verhalenverteller, als een schrijver die een roman schrijft. Het maakt schrijven tot een bewuste handeling en maakt het te makkelijk om je te veel zorgen te maken over wie je publiek is en of ze je wel zullen begrijpen. Het resulteert in de uitgekauwde en trage proza die zo kenmerkend is voor de gemiddelde fantasyroman. Ik wil dat mijn lezers meegezogen worden met de karakters, niet dat ze van een afstandje het verhaal volgen.'

Het verhaal is gesitueerd in de wereld van je romans. Kun ons vertellen waar dit verhaal in de serie past?

'Zeker. Dit is het verhaal van Jant voordat hij zich bij Het Kasteel aansloot en Komeet, de boodschapper, werd. Het vertelt over de laatste dagen die hij in Hacilith doorbrengt, waar hij zes jaar heeft gewoond. Bendeoorlogen en zijn eigen ambitie vernietigen de Rad bende waar hij deel van uitmaakt en dwingen hem om de stad te ontvluchten met zijn vriendin Serin. De scènes zijn vervlochten met de flashback naar Hacilith in The Year of Our War. Het is eigenlijk een soort prequel.'

Had de vertaler veel vragen voor je?

'Mijn vertaler was Eisso Post. Hij heeft me geen vragen gesteld. Hij is een uitstekend vertaler en ik vertrouw er op dat hij goed werk heeft afgeleverd.'

Er is een periode in je leven geweest dat je je volledig aan het schrijven wijdde en vervolgens besloot om een baan als scheikunde lerares te aanvaarden. Waarom dat besluit?

'Het was een heel moeilijke periode voor me. Een aantal problemen op het vlak van gezondheid, financieren en persoonlijke zaken groeide me boven het hoofd en mijn uitgevers toonden zich weinig begripvol. Het leek een uitweg uit een vervelende situatie. Het koste me jaren en een verhuizing naar een andere stad om er bovenop te komen en me weer volledig aan het schrijven te wijden. Ik heb nu mijn zinnen gezet op het voltooien van de Kasteel-serie zoals ik dat gepland had.'

Ik houd niet van de obsessie binnen fantasy en sciencefiction om schrijvers in netjes omlijnde subgenres te plaatsen. De meesten zijn bedacht als marketingtool.

Genre

Voel je je onderdeel van een bepaald genre?

'Nee. Ik beschouw het als Het Kasteel. Het is allesomvattend in mijn leven en dus probeer ik het niet te beperken. Ik houd niet van de obsessie binnen fantasy en sciencefiction om schrijvers in netjes omlijnde subgenres te plaatsen. De meesten zijn bedacht als marketingtool. Het New Weird-etiket is in feite bedacht door China Miéville en M. John Harrison als middel om fans erover in gesprek te krijgen.             

Deze obsessie met genres leidt vaak tot een zoektocht naar inspiratiebronnen in een veel te nauw referentiekader. Weird-romans verschenen pas nadat ik het volledige manuscript voor The Year of Our War aanbood bij uitgevers maar toch heb ik blijkbaar kans gezien ze te imiteren. Ik was al sinds mijn tienerjaren geen veellezer van fantasy. Je kunt C.S. Lewis of Delany misschien in mijn werk vinden maar het valt niemand op dat de invloed van Dumas, Dickens of William Burroughs veel groter is. Mijn werk is al zo lang deel van mijn leven dat het invloeden van alles in mijn leven in zich heeft. Het gaat veel verder dan alleen lezen. Ik doe geen pogingen om het in een voorgevormd genre te laten passen. Subgenres zijn ook om een andere reden schadelijk voor een schrijver; ze geven de lezers een sjabloon waartegen het werk beoordeeld zal worden. Ook werken die niets van doen hebben met het sjabloon. Romans moeten beoordeeld, en genoten, worden op hun eigen merites. Misschien zijn er schrijvers die bewust, commercieel, schrijven binnen een genre, maar zoals Quentin Crips zei; “Mode is wat je aanneemt als je niet weet wat je bent”. Ik heb een heel helder idee van wat ik ben en wat Het Kasteel is, en dat past niet binnen een momenteel populair genre.'

Romans moeten beoordeeld, en genoten, worden op hun eigen merites.

Denk je dat de grenzen tussen genres in de toekomst nog verder zullen vervagen?

'Ja, maar dat zal niet vanuit de grote uitgevers komen. Innovatie ligt in de handen van de kleine uitgeverijen. Grote uitgevers moeten een hoge en voorspelbare winst genereren en dus spelen ze op safe. In hun ogen is dat grotendeels het zichtbare deel van de fans, de bezoekers van conventies en de bloggers. Of ze kopen boeken aan die aansluiten bij films, of volledige commerciële tie-ins zijn, waarbij de herkenbaarheid van het merk gegarandeerd is. Kleine uitgevers zijn vaker bereid een gokje te wagen en hoeven de hoge kosten van een opgeblazen organisatie niet te dragen. Gelukkig is een aantal kleine uitgevers behendig, snel en inventief. Het internet voorziet ze van publiciteit en maakt distributie mogelijk met een bereik dat gelijk is aan de grote uitgevers. Dus hulde aan vernieuwers als Jasper en Quasis, Salt, PS Publishing, Newcon Press, Snow, Unsung Stories.'

Een laatste vraag. Het gerucht gaat dat je aan het werk bent aan een vijfde roman. Is er al iets dat je over dat project kan zeggen?

'Het boek heet Fair Rebel en is al te bestellen op Amazon. Het staat gepland voor november maar het manuscript is al opgeleverd. Daaropvolgend ben ik halverwege het volgende Kasteel-boek. Dat is nummer zes. Het is een direct vervolg op Fair Rebel, maar plaats een ander karakter op de voorgrond. Het heeft de werktitel The Savent and the Snake. Daarna heb ik een andere serie in de planning en de Het Rad van Fortuin-uitbreiding waar ik het eerder over had. Ik kan maar beter aan het werk gaan!'

 



Over de auteur

Rob Weber

33 volgers
226 boeken
0 favorieten
Hebban Recensent


Reacties op: Swainston: 'Romans moeten beoordeeld worden op hun eigen merites'

 

Gerelateerd

Over