Advertentie

Hebban vandaag

Column /

Jet (her)leest klassiekers: Publieke werken

door Jet Steinz 5 reacties
Altijd wanneer ik Amsterdam Centraal uit loop of langs de toeristen over de Prins Hendrikkade fiets, zie ik ze: de twee huisjes in de blonde gevel van het neoclassicistische Victoria Hotel, op de hoek van het Damrak en de Prins Hendrikkade in Amsterdam. De huisjes zijn schattig en klein, het Victoria, hoog en statig, doemt achter ze op. Als twee kindjes die zich in de schoot van hun moeder verbergen.

Publieke werken van Thomas Rosenboom

Ik moet eerlijk zeggen dat ik pas echt op ze begon te letten nadat ik het boek Publieke werken (1999) van Thomas Rosenboom had gelezen. Daarvoor vielen ze me nauwelijks op, omdat ze volledig lijken op te gaan in hun omgeving (raar eigenlijk, want welke luxe-hotelgevel wordt nou ontsierd door twee zeventiende-eeuwse grachtenpandjes?), maar door Rosenbooms roman fiets ik altijd een stukje langzamer als ik de huisjes passeer. En zie ik ze bovendien niet meer als kindjes en hun moeder, maar eerder als twee dwergen en een reus, David en Goliath.

Publieke werken vertelt het verhaal van de negentiende-eeuwer Walter Vedder, die woont op nummer 46 van wat oorspronkelijk de Texelschekaai heette, maar inmiddels door het Amsterdamse gemeentebestuur van een andere naam is voorzien: de Prins Hendrikkade. ‘Vedder Violen’ staat op zijn voorruit, want die bouwt hij; maar daarnaast bekritiseert hij in ingezonden brieven ook de grootschalige bouwprojecten van de stad, zoals de oprukkende luxe-hotels. Een van die hotels, ontworpen door de architect Henkenhaf, zal verrijzen op de plek waar hij woont, recht tegenover het in aanbouw zijnde Centraal Station. Maar daarvoor moeten de bewoners eerst uitgekocht worden. Vedder krijgt een bod van 20 000 gulden; een hoog bedrag, maar hij meent dat hij in een onaanraakbare handelspositie zit en vraagt 50 000 — ze kunnen niet om hem heen. Denkt hij.

De tweede verhaallijn in het boek is die van Vedders neef, de Hoogeveense apotheker Christof Anijs. Anijs bekommert zich om het lot van de ‘Veldelingen’, een grote groep turfstekers die in ellendige omstandigheden op het veen leven. Wanneer een van hen Anijs vraagt een viool te verkopen, komt Anijs weer in contact met Vedder; en wanneer Vedder hem vertelt dat het niet lang zal duren voordat hij 50 000 gulden rijker is, ontstaat er een plan: Vedder zal zijn geld beleggen in een filantropisch project, namelijk de overtocht van de veenbewoners naar Amerika, waar zij als 'vrije mensen in een vrij land' zijn investering terugverdienen.

De Veldelingen worden gouden bergen beloofd, Vedder regelt zijn zaken bij de notaris, de overtocht wordt geregeld. Maar terwijl Vedder halsstarrig blijft vasthouden aan zijn vraagprijs van 50 000 gulden voor zijn huis (en voor dat van zijn buurman op nummer 47, die hij ook vertegenwoordigt) worden de eerste huizen al gesloopt en neemt de bouw van het Victoria Hotel een aanvang. Ze zullen komen, ze zullen me betalen, houdt Vedder zichzelf voor, zelfs wanneer het hotel al bijna af is. En hoewel de afloop al bekend is — de huisjes staan er immers nog gewoon — blijft het verhaal spannend tot op de laatste bladzijde.

Publieke werken is nu verfilmd, met Gijs Scholten van Aschat en Jacob Derwig in de hoofdrol. De film voegt wel degelijk iets toe: de simulaties van Amsterdam aan het eind van de negentiende eeuw zijn prachtig, en het beeld van een stoomtrein die het oude station van Hoogeveen is indrukwekkend. Maar het boek blijft beter — met name door Vedders waanzin en wanhoop die Rosenboom zo mooi beschrijft: de hallucinerende, koortsachtige passages waarin Vedder zijn zoon Theo mee naar het Concertgebouw sleurt, lopend, orerend, of waarin hij op het dak van zijn huisje staat en het hotel aanschouwt en, eindelijk, zijn nederlaag inziet.

Giveaway

We maken een aantal lezers blij met een exemplaar van Publieke werken ! Doe mee met deze actie!



Over de auteur

Jet Steinz

621 volgers
295 boeken
3 favoriet
Auteur


Reacties op: Jet (her)leest klassiekers: Publieke werken

 

Gerelateerd