inge drewes Auteur

Blogpost: inge drewes

Eddy

24-12-2018 door inge drewes 2 reacties
b5897cca157a4bb7325bb7cb336b42e8.jpg






































Het is uit met mijn (real life) leesclub. Uit en over. Ik baal er wel van, want het was zo’n leuke leesclub, maar nu ging het niet langer.Waarom ging het fout? Dat kwam door Eddy. Eddy was de inleider/voorzitter van de leesclub. Een jonge leraar Nederlands, die het leuk vond om zijn liefde voor literatuur met ons leesclubleden te delen. Elke leesclubbijeenkomst werd dankzij Eddy een feestje. We kregen een week van te voren zijn voorbereiding, met pittige vragen, interviews met de schrijver, soms filmpjes erbij en aankondigingen voor toneelstukken of discussieavonden. Tijdens de leesclubbijeenkomsten wist Eddy ons vervolgens tot diepgaande discussies te brengen in het bespreken van het boek. Eddy was top, vonden we allemaal. Maar jammer genoeg kreeg Eddy een nieuwe baan elders in het land, waardoor hij niet langer de leesclub kon leiden. Toen hij weg was bleek pas echt hoe belangrijk een goede voorzitter/inleider bij een leesclub is: we hebben in het post-Eddy-tijdperk in drie verschillende mensen gehad, die geen van allen erin slaagden de discussie goed te leiden, tot conclusies te komen en iedereen aan het woord te laten. Het enthousiasme brokkelde daardoor snel af, onderlinge ergernissen staken ineens de kop op (‘komt zij weer met haar Nederlandse literatuur/betweterigheid/gezeur’), mensen kwamen niet meer opdagen, en uiteindelijk hebben we dus besloten dat deze leesclub niet meer werkte. Welke boeken lazen we in het Eddy-tijdperk? We hadden afgesproken dat we per jaar 10 bijeenkomsten zouden hebben, met 10 boeken dus. Hiervan moesten er twee ‘klassiekers’ zijn en drie van Nederlandse schrijvers. Leesclubleden konden aan het begin van het leesjaar suggesties aandragen, maar Eddy bepaalde de uiteindelijke lijst. Dit leidde in het laatste Eddy-jaar tot de volgende boeken: 
1. Ayn Rand – De eeuwige bron (oorspronkelijke titel: The fountainhead) . Een klassieker dus, uit 1943. Een wereldwijd succes, dit boek, over de architect Howard Roark, die zonder enig compromis te sluiten en na veel tegenstand tot een succesrijke carrière en liefdesleven komt. Het is vooral een ideeënroman, waarin Ayn Rand haar ‘filosofie’ over haar filosofie van het ‘objectivisme’ kwijt kon. Een filosofie die uitgaat van de mens als een heroïsch wezen, met zijn eigen geluk als het hoogste ethische doel, met productieve prestatie als zijn nobelste activiteit en de rede als zijn enige absolute eigenschap. Een filosofie ook die het collectivisme (lees: het socialisme) als een groot kwaad afwijst, en het volledige liberalisme omarmt. Ik vond het een merkwaardig boek. Slecht geschreven, met bordkartonnen karakters en bordkartonnen gebeurtenissen. Maar als leesclubboek was het een succes: we raakten niet uitgepraat over wat we er nu van vonden.
2. Amoz Oz – Judas. Een prachtige roman uit 2016 van de Israëlische schrijver. De jonge Sjmoeël Asj loopt vast in zijn leven en verzorgt vervolgens een oude man in Jeruzalem. Het boek beschrijft alle gesprekken die Simoeël voert met de man, over Israël, religie, oorlog , zionisme en verraad. Ondertussen voelt hij zich ook aangetrokken door de schoondochter die in het huis van de oude man verblijft. Heel mooi geschreven, met prachtige beschrijvingen van de kamers in het huis, de gesprekken die gevoerd worden, en de onderlinge verhoudingen tussen de oude man, Simoeël en de schoondochter. Ook dit boek bleek een voltreffer voor een leesclubbespreking.
3. David Lagercrantz – De val van Turing. Ook uit 2016. Een boek over het leven, en vooral de dood, van Alan Turing, een wiskundige, grondlegger van de moderne informatica, die in de Tweede Wereldoorlog de Duitse enigmacodes wist te ontcijferen. In de jaren vijftig werd hij in diskrediet gebracht, en pleegde uiteindelijk zelfmoord. We vonden dit boek niet al te goed geschreven, het blijft een beetje een soort filmscript, en ondanks de tragische gebeurtenissen en de tragische levensloop van Turing bleek dit boek weinig ‘leesclubproof’.
4. Arnon Grünberg – Moedervlekken. Eén van de Nederlandse romans die we wilden lezen. Van te voren waren er voorstanders van Grünberg en tegenstanders, het is een schrijver waar je óf van houdt óf een hekel aan hebt. Maar dit boek, over de psychiater Otto Kadoke, die noodgedwongen de zorg voor zijn moeder/vader moet organiseren, haalde de tegenstanders van Grünberg wel over de streep. We vonden het unaniem een geestig boek, met veel mooie thema’s en veel liefdevoller dan we van Grünberg gewend waren.
5. Margriet de Moor – Van vogels en mensen. Nog een Nederlands boek, en ook hier waren er vooraf voor- en tegenstanders. Maar anders dan bij Grünberg bleven bij dit boek de stemmen staken. Het verhaal, een soort familieroman waarin de levens van een twaalftal mensen met elkaar verstrengeld raken, met als aanleiding een afgedwongen moordbekentenis, kon lang niet iedereen in de leesclubs bekoren. Teveel verwikkelingen, teveel gevoelens, of zoals iemand zei: ’Wat een zweefboek’.
6. Joseph Roth – De Radetzkymars. De tweede klassieker van dit leesjaar, een roman van de Oostenrijkse schrijver Joseph Roth uit 1932. Het boek vertelt de geschiedenis van de ondergang van de wereld van voor de Eerste Wereldoorlog. via de opkomst en neergang van drie generaties van het geslacht Von Trotta. Een prachtige roman, terecht een klassieker, vonden wij: heel mooi geschreven, met levensechte personages en gebeurtenissen. Een aanrader voor elke leesclub, al moet je wel rekening houden met de omvang van het boek.
7. Helen McDonald - De H is van havik. Een boek uit 2015. Helen McDonald schreef dit boek na het plotselinge overlijden van haar vader, Terence H. White, schrijver van onder meer boeken over koning Arthur en havikier (havikentemmer). Om de rouw te overwinnen probeert de schrijfster zelf ook haviken te temmen, en zo nader tot haar vader (en zijn overlijden) te komen. Dit levert een fascinerend boek op, waarin haar verdriet navoelbaar is en waarin je ook enthousiast gemaakt wordt voor de roofvogelwereld. Niet iedereen in de leesclub was blij met dit boek: juist degenen die zelf met rouw te maken hadden vonden het weinig troostrijk. Rouw is blijkbaar iets heel persoonlijks, maar ik vind dat Helen McDonald in elk geval haar eigen rouw heel overtuigend weet te brengen in dit boek.
8. Anton Valens – Het boek Ont. Het derde Nederlandstalige boek dat we lazen. Een heel grappig boek, over Isebrand Schut, een Groninger die een zelfhulpgroep genaamd Man & Post opricht, waarin alle leden hun leven weer op de rails proberen te krijgen. De formule van Man & Post was eenvoudig: ‘verzamel mensen  die moeite hebben met het openen van hun post en laat ze elkaar daar op tweewekelijkse bijeenkomsten bij ondersteunen’. Later sluit ook een organisatieadviseur, Meckering, zich aan bij Man & Post. Hij komt met het idee een boek over het voorvoegsel ‘ont’ te schrijven, en weet daarmee Isebrand echt wakker te schudden. Er gebeurt van alles in dit boek, veel rare dingen en ontwikkelingen. Dat maakt het op zich al boeiend, maar vooral het taalgebruik en de stijl geven dit boek sjeu. Je wordt er echt vrolijk van en het geeft je zin om weer van alles te ondernemen. In de leesclubbespreking bleek dit boek zich vooral te lenen voor allerlei citaten: iedereen had wel een paar passages die heel grappig waren en/of erg mooi geschreven waren.
9. Maria Duenas – Het geluk van een wijngaard. Een traditionele roman over Mauro Larrea die eind 19e eeuw met gokken een huis met wijngaard in Andalusië wint. Het boek vertelt over het avontuurlijk leven van deze man, die in Mexico woont, in Cuba, in West-Indië en in Spanje, en uiteindelijk beseft dat het in het leven om meer gaat dan rijkdom en status. Goed geschreven, en prettig om te lezen, maar veel indruk heeft dit boek niet op mij gemaakt. Daarvoor is het te weinig verrassend en te verhalend. In de leesclub werd het welwillend besproken, als een boek dat ‘lekker doorleest’, maar we waren er wel snel over uitgepraat.
10. John Williams – Augustus. Na ‘Stoner’, dat we al eerder met de leesclub lazen, wilden we nog wel een boek van John Williams lezen. Augustus dus. Een boek over de Romeinse keizer en stichter van het Romeinse rijk. Een heel afwisselend, rijk boek, met gefingeerde brieven, dagboekaantekeningen, memoires en reisverslagen, waardoor een mooi beeld ontstaat van het leven van keizer Augustus en andere historische figuren. Mooi van dit boek is dat door de compositie van dit boek de historische figuren uit een ver verleden je heel nabij komen te staan: hun twijfels, angsten en ambities zijn van alle tijden. Als leesclubboek was het zeker geschikt, door de vele verhalen en ontwikkelingen te bespreken werd ons totaalbeeld van de wereld die John Williams wil laten herleven verbreed.

Reacties op: Eddy