Erik Le Romancier Auteur

Blogpost: Erik Le Romancier

Een geketende meid...

Asverze schoot wakker. Het duurde even voor ze besefte dat ze niet aan de rand van het Mistwoud stond, maar in haar eigen bed lag. Haar ademhaling ging als een gek tekeer en ze baadde in het zweet, maar ze was gewoon veilig thuis. Het was niets meer geweest dan een nachtmerrie, een bedrieglijk echte boze droom. Toen merkte ze dat ze niet alleen was in haar slaapkamer. Haar moeder stond aan het voeteneind van het bed met een blik die het midden hield tussen zelfvoldaan en zijig op haar neer te kijken. Asverze vermoedde dat zij de aanwezigheid was die ze in haar droom had gevoeld. Ze zag ook de waarschijnlijke verklaring voor de nevelaanval waarover ze had gedroomd. Haar moeder had namelijk de dekens van haar bed getrokken en het slaapkamerraam wagenwijd open gezet, waardoor de kille, klamme ochtendmist naar binnenkwam.
'Opstaan, kuikentje, er is werk aan de winkel! Vanochtend gaan we brood bakken, de was doen en het ontbijt klaarmaken,' zei haar moeder met een stem die hees klonk van hemelse verrukking bij de gedachte aan al die heerlijke huishoudelijke taken. Zelf keek Asverze er iets anders tegenaan.
'Ik brand van verlangen,' antwoordde ze zuinigjes terwijl ze de slaap uit haar ogen wreef. Weer een dag vol afstompende, geestdodende slavenarbeid. Wat enorm opwindend vooruitzicht. Het liefst zou ze urenlang erop uit trekken om ongestoord te kunnen genieten van de snel naderende herfst, maar dat zou er niet snel meer van komen. Misschien wel nooit meer, als ze eenmaal met die grijnzende idioot van een Lazar was getrouwd. Al had een huwelijk met rijke man één groot voordeel: ze zou nooit meer zelf het huishouden hoeven doen, dat werd voor haar gedaan door de bedienden. Al wist ze bij nader inzien niet of ze nou heel blij moest zijn met zo'n schuw-sluwe Sorbeata die op de achtergrond als een eeuwige schaduw door het huis sloop en alles hoorde en zag. Wellicht zou Lazar het haar toestaan Sorbeata te ontslaan? Of die vreselijke Lybh! Een felle, plotselinge pijn in haar been onderbrak ruw haar gedachten. Haar moeder stond vol overgave te trekken aan de ketting waarmee ze lag vastgebonden aan haar bed.
'Mama, laat dat! Ik ben verdorie geen hond!' sprak ze verontwaardigd.
'Zo praat je niet tegen je moeder!'
Ysala ging voor straf nog eens flink los met de ketting. Asverze voelde hoe het ruwe materiaal de huid boven haar enkel ophaalde.
'Nee, zo ga je niet om met je dochter! Mama, ik ben een mens, geen hond. Houd op.'
Ysala was even totaal verbluft. Toen liet ze de ketting los, liep de kamer uit en kwam wat later weer terug met een lampetkan, doeken en werkkleding. Daarna bevrijdde ze Asverze.
'Fris je op, kleed je aan en kom naar beneden, dan gaan we aan de slag.' PZe liep de kamer uit maar draaide zich in de deuropening nog even om.
'Oh ja, voor ik het vergeet: vanmiddag ga je op audiëntie bij de opperpriester. Opperpriester Ydo is na de hoofdman de meest aanzienlijke man van Maanwelle, dus je begrijpt hoe belangrijk het is dat je een verpletterende indruk maakt.'
'Ik zal een spetterende scheet laten als ik me voorstel,' gromde Asverze venijnig. Ysala klakte geïrriteerd met haar tong.
'Ik bedoel natuurlijk een verpletterend positieve indruk. Ik weet dat het moeilijk voor je is met jouw opstandige, ongezeglijke karakter, maar probeer het vooral toch maar.'
Asverze rolde met haar ogen.
'Waarom zou ik?'
'Omdat ik dat zeg, daarom. Je weet het: een gedweeë dochter, is een goede dochter.'
'Ja, ja, ja, en een stille meid, is op haar toekomst voorbereid.'
Het cynisme ontging haar moeder volledig.
'Inderdaad,' stemde Ysala in met een gezicht dat glom van genoegen. 'Ik ben zo blij dat er toch nog iets van mijn opvoeding is blijven hangen. Dat geeft mijn moederhart hoop. Maar nu opschieten, Asverze. We hebben nog heel veel te doen.'

Reacties op: Een geketende meid...

Gesponsorde boeken