Blogpost: Istvan Kops

Interview R.J. Ellory

Geen idee of hier recentelijk een interview met R.J. Ellory is geplaatst, maar je kunt nooit te weinig van die man hebben. Onderstaand interview heb ik in maart van dit jaar afgenomen.

zondag 1 maart 2015

Interview: RJ Ellory

Elke derde zondag van de maand organiseert de Literaire Thrillersalon, een initiatief van Carla en Annet de Jong, een evenement in het proeflokaal van Brouwerij De Prael in Amsterdam waarbij thrillerschrijvers in de spotlights worden geplaatst. Bij de meest recente uitvoering waren niemand minder dan Peter James en RJ Ellory uitgenodigd die in Nederland beiden bij uitgeverij De Fontein worden uitgegeven. Toen ik de kans kreeg om RJ Ellory voor dit crimeblog te interviewen hoefde ik niet lang na te denken. Ik was van tevoren erg benieuwd hoe mijn gesprek zou verlopen, maar aangezien RJ Ellory een creatieve duizendpoot blijkt te zijn, die zich niet alleen bezighoudt met het schrijven van boeken, maar ook in een band optreedt, de Whiskey Poets, en screenplays schrijft, vloog het uur dat ik toebedeeld had gekregen voorbij.

Als ik opmerk hoe productief hij is met twaalf romans in even zoveel jaren en hem vraag hoe hij dit met zijn drukke agenda voor elkaar krijgt, haalt hij zijn schouders op. Het is maar een roman per jaar, zegt hij. Elke dag die ik thuis ben, besteed ik aan schrijven en ik doe dat zeer consciëntieus. Ik spreek af en toe wel eens schrijvers die het schrijven als een last ervaren, als een zware taak waar ze zich voor gesteld zien, het kost meer energie dan dat het hen oplevert en ik denk, waarom schrijven jullie eigenlijk? Misschien zouden ze boer moeten worden of een ander vak kiezen. Zelf beleef ik heel veel plezier aan het schrijfproces en de research die ik voor mijn verhalen moet doen. Ik hou van het gevoel om me helemaal in mijn eigen verhaal te kunnen verliezen en ik ben nooit langer dan tien weken bezig aan een eerste versie van een manuscript. Daarna neem ik de tijd om alles nog eens goed door te nemen. Ik doe dit echter pas helemaal aan het einde. Tijdens het schrijven zelf lees ik nooit terug wat ik tot dan toe heb opgeschreven. Wat dat betreft ben ik een organische schrijver.

Dat gevoel van een last herken ik wel. Ik heb zelf ook wel eens iets op papier proberen te zetten, maar de discipline die erbij komt kijken en het doorzettingsvermogen om elke dag weer een aantal woorden op papier te zetten, blijkt toch een hele opgave.
Ik weet niet meer precies wie het heeft gezegd, maar er is een uitspraak van een schrijver die zo ongeveer als volgt luidt: De meeste auteurs houden niet van schrijven, maar van het gevoel dat ze iets hebben geschreven. Wanneer de taak er op zit is alles prima, maar van het eigenlijke schrijfproces genieten ze maar weinig. Wat dat betreft ben ik heel anders. Ik hou van het schrijfproces. Wanneer ik klaar ben met een boek denk ik er niet meer verder aan. Ik begin meteen met een volgend.

U herkent zich dus niet in de uitdrukking dat schrijven voor tien procent neerkomt of inspiratie en negentig procent transpiratie?
Het is en blijft natuurlijk werk, schrijven vereist zelfdiscipline, je moet het echt als werk benaderen, je moet in de ochtend de wekker zetten en - ook al heb je er even geen zin in - gaan schrijven. Anders komt het nooit af. De dagen dat ik echter geen zin heb, komen maar zelden voor. Ik ben een harde werker, altijd al geweest. Ik zal altijd blijven schrijven omdat dat iets is dat in mij zit. Ik haal er plezier en enthousiasme uit, maar het is ook iets wat ik gewoon moet doen.

Zijn er dan nooit afleidingen van het werk? U doet zoveel verschillende dingen, u toert heel wat rond, bezoekt evenementen als de Literaire Thrillersalon en u maakt ook nog muziek.
Het schrijfproces, zoals je misschien zelf ook zult hebben ervaren, is iets heel individueels. Je bent helemaal op jezelf aangewezen en als je er dan klaar mee bent heb je de kans om er met andere mensen over te praten, om mensen te ontmoeten die je boeken lezen, mensen die heel enthousiast zijn of juist kritiek hebben, mensen die vragen voor je hebben. Het is de manier om een interactie aan te gaan met je lezers. Het is veel moeilijker om een boek te schrijven of boeken te blijven schrijven als je nooit in contact met je lezers bent. Het is dus belangrijk om dit soort evenementen bij te wonen en meer in zijn algemeenheid rond te reizen en je lezers op te zoeken.

Het is dus belangrijk om af en toe eens niet met schrijven bezig te zijn, je hoofd leeg te maken en af en toe eens iets heel anders te doen?
Absoluut. Ik publiceer slechts een roman per jaar, maar ik schreef er tot voor kort misschien wel twee of drie. Zoals gezegd hou ik heel erg van het schrijfproces, van het afronden van een boek en dan enkele maanden wat anders te doen te hebben. Die ruimte heb ik voor mezelf ingebouwd. Deze tijd gebruik ik om zo'n beetje rond te reizen, om research te doen, om alvast over een volgende roman na te denken en dan is het volgende jaar alweer aangebroken. Tegenwoordig schrijf ik geen twee tot drie romans per jaar meer. Het is nogal zonde van de energie als ze toch niet worden uitgegeven.

Wat gebeurt er dan met al die niet uitgegeven romans? Liggen die te wachten tot het juiste moment zich aandient om ze alsnog uit te brengen?
Nee, dat niet, ik heb zoveel ideeën en ik heb zo veel om over te schrijven, maar tegelijkertijd ben ik ook zeer selectief in wat ik aan mijn editor geef. Op het moment dat The Saints of New York (Nederlandse titel: De Helden van New York) uitkwam, gaf ik mijn editor drie boeken om uit te kiezen en ik zei tegen hem: Kies jij maar waarvan je vindt dat deze het beste binnen het uitgeefschema past. De ander twee boeken zijn tot op vandaag nooit gepubliceerd en er is een goede kans dat dit ook nooit zal gebeuren. Het is niet zo dat de uitgever de andere boeken niet goed genoeg vond, maar deze pasten op dat moment niet in de strategie van de uitgever en de agenda.

Het is dus mogelijk dat er een boek uitkomt die u jaren eerder heeft geschreven?
Oh, dat is zeker mogelijk. Sowieso heb ik meestal minimaal een jaar voorsprong bij het schrijven van mijn boeken.
En heeft u in de tussentijd dan nooit de neiging om toch nog eens naar het werk te kijken dat u reeds heeft ingeleverd om te kijken of het toch nog aanpassing behoeft?
Nee, als ik iets heb ingeleverd dan ben ik er echt klaar mee. Als het mogelijk is om een beter boek te schrijven dan probeer ik dat met een volgend boek. Dat doe ik liever dan telkens weer teksten herschrijven.

U bent naast romanschrijver ook een songwriter voor een band, genaamd The Whiskey Poets. Heeft u een voorkeur voor een van beiden of zijn ze complementair aan elkaar?
Dat laatste is zeker het geval, maar het zijn wel twee wezenlijk verschillende dingen. Je kunt een lied in de ochtend schrijven, in de middag het lied repeteren met de band en 's avonds zou je dan al op kunnen treden. Het is een heel kort proces. Met een boek daarentegen ben je tien tot twaalf weken bezig en daarna duurt het zeker nog een jaar voordat mensen mijn boek lezen. De lijnen bij het maken van muziek zijn wat dat betreft dus veel korter. Verder lijkt het schrijven van songteksten wel min of meer op het schrijven van een verhaal. De songteksten die ik creëer hebben een begin, een middenstuk en een eind. Het is echter wel een hele andere manier om mezelf te uiten. Verder fotografeer ik, schilder ik, schrijf ik non-fictie. Ik ben eigenlijk altijd wel met iets creatiefs bezig, dat ligt gewoon in mijn natuur. En dan zijn er nog zoveel dingen die ik zou willen doen. Films maken en acteren bijvoorbeeld. Mijn uitgangspunt daarbij is dat wat ik ook doe ik er vol voor ga en dat wanneer ik er klaar mee ben dat ik dan weer vol voor iets anders ga. Het is voor mij belangrijk dat ik mezelf constant uitdaag en dat ik telkens mezelf opnieuw aan het ontdekken en uitvinden ben.

U heeft eerder eens gezegd dat u bij de start van een nieuwe roman vaak niet meer dan een basisidee heeft waar het over zal gaan en dat u zelf nooit precies van tevoren weet waar het verhaal heen zal gaan. Heeft u nooit tijdens het schrijven van een roman het idee: Dit gaat niet werken, maar misschien kan ik delen van de tekst gebruiken voor een nieuw lied voor de band? Of staan die twee processen volledig los van elkaar?
Nee, die staan echt volledig los van elkaar. Als ik besluit een boek te schrijven dan ga ik dat ook echt doen en zorg ik ervoor dat ik het voltooi. Het is maar twee keer voorgekomen dat ik tijdens het schrijven dacht: Dit gaat nergens heen en ik stop ermee; het was een goede oefening en ervaring, maar daar blijft het bij. Dit komt echter maar zelden voor. Ik heb dertig romans geschreven en er slechts twee niet voltooid. De Grieken hadden verschillende muzen voor verschillende kunsten en expressievormen. Datgene dat mij er toe aanzet muziek te schrijven is een heel ander gevoel en het heeft een heel eigen dynamiek. Dus nee, het schrijven van songteksten en romans staan volledig los van elkaar. Je zou kunnen zeggen dat het schrijven van een song zoiets is als het schrijven van een hoofdstuk en dat het schrijven van een compleet album iets is als het schrijven van een boek. Verder is het maken van een album een project waar je gezamenlijk aan werkt. Ieder van ons - de drummer, de bassist, de achtergrondzangeressen, etcetera - heeft een eigen visie. Het schrijven van een boek daarentegen is een proces waar je helemaal alleen door heen moet.

Wie schrijft de songteksten voor de Whiskey Poets? Doet u dat alleen of gebeurt dat gezamenlijk?
Nee, de band is van mij en ik ben de enige die alle songteksten schrijf. Als ik klaar ben met mijn songs leg ik ze aan een vriend voor die ook in de band speelt. Hij kijkt de songteksten na en suggereert daar waar nodig aanpassingen. Hij was vroeger de gitarist in Electric Light Orchestra en hij is naast mijzelf de enige constante in de band. Alle andere personen in de band worden ingehuurd en voeren uit wat wij hebben bedacht. Als we klaar zijn met het componeren van de songs gaan we naar de studio en produceren we een album. Dat doen we trouwens helemaal zelf. We hebben geen aparte producer.

Het valt me altijd weer op hoezeer u in contact staat met uw lezers. Op allerlei verschillende social media bent u in discussie met uw lezers of beantwoordt u allerlei vragen. Krijgt u daar extra energie van of is het echt iets waarvoor u tijd moet vrij maken?
Ik vind dat het van goede manieren getuigt als je het gesprek aangaat met mensen die geld aan je boeken hebben uitgegeven, geld waarvoor ze hebben gewerkt en die genoeg interesse in je tonen om contact met je op te nemen.

Maar volgens gaat het ook wel wat verder dan dat. U lijkt het oprecht leuk te vinden en het niet alleen als een verplichting naar uw lezers toe te beschouwen.
Het is zeker iets wat ik erg fijn vind om te doen. Ik voel dat ik het verplicht ben aan mijn lezers om hun vragen te beantwoorden, maar tegelijkertijd is het ook iets waar ik zelf plezier uit haal. Het is ook iets dat ik zeker altijd zal blijven doen. Vooral mijn Franse lezers willen daar nog wel eens verbaasd over zijn aangezien veel auteurs daar toch iets meer afstand bewaren. Ik heb zelf ooit eens een brief aan John Le Carre geschreven en het maakte een diepe indruk op mij toen hij de tijd en de moeite nam om mij een brief terug te schrijven. Ik was echt opgetogen dat deze man die zo bekend was en zo'n drukke agenda had de tijd had genomen mij persoonlijk een brief te schrijven en dat ook nog eens handgeschreven. Ik vond het een mooi gebaar en ik dacht dat het ook voor andere mensen veel zou kunnen betekenen. Soms voelt het alsof ik een vriendschap opbouw met mijn lezers door met ze te communiceren. Door gebruik te maken van de social media, kun je constant een interactie met je lezers aangaan. Sommige mensen die ik hier bij dit evenement heb gesproken kende ik al via Facebook. Ze wisten van dit evenement af en nu heb ik ze ook werkelijk kunnen ontmoeten. Zoiets vind ik mooi. Ik besef dat ik zeer geprivilegieerd ben en ik neem mijn succes als schrijver nooit als iets vanzelfsprekends aan. Het is echt een voorrecht om te kunnen doen wat ik het liefste doe en daar ook nog eens mijn brood mee te kunnen verdienen en het zijn mijn lezers die dit mogelijk maken.

Het moet iets fascinerends zijn om iemand met een van uw boeken te zien in bijvoorbeeld een trein of wandelend over straat en die daar dan helemaal in verdiept zijn en er van genieten. Dat moet toch als een enorme beloning aanvoelen voor alle tijd die u in dat boek heeft gestoken.
Een vriend van me die ook romans schrijft las ooit eens een krantenartikel waarin een psychoanalist beweerde dat mensen die creatief met iets bezig zijn en die hun creatie uiteindelijk aan een publiek voor willen leggen, gedreven worden door vijftig procent ego en vijftig procent onzekerheid. Ze hebben voldoende ego om te denken dat datgene wat zij creëren, gewaardeerd zou moeten worden en dat mensen daarvan zouden moeten genieten, maar ze vrezen tegelijkertijd dat mensen het maar niks zullen vinden en dat mensen het zullen afwijzen. Mijn editor is ook de editor van iemand die wereldwijd een van de best verkopende auteurs is. Hij verkoopt zeker honderd keer zoveel boeken als ik en na zo'n vijftien boeken heeft hij nog steeds zijn momenten van onzekerheid en neemt hij desnoods midden in de nacht contact op met mijn editor om te vragen wat hij er van vindt. Dat is toch bijna niet voor te stellen. Het is de vrees dat de magie voorbij zal gaan, de vrees dat op een dag de pen zal stokken, de vrees dat op een dag niemand meer geïnteresseerd is in je boeken of dat mensen je doorzien, je voor een charlatan houden en erachter komen dat je eigenlijk helemaal niet zo'n goede schrijver bent. Artiesten en creatieve mensen zijn eigenlijk een vreemde slag mensen. Ze willen graag in het middelpunt van de belangstelling staan en dat hun kunst wordt gewaardeerd, maar tegelijkertijd zijn ze bang om die aandacht weer te verliezen. Stel je de volgende situatie voor. Een doodnormale jongeman die het niet altijd even gemakkelijk heeft gehad in het leven schrijft een aantal songs, de songs zijn heel persoonlijk van aard, maar zijn wel zodanig dat veel mensen zich erin kunnen herkennen, ze slaan aan en opeens is hij een bekendheid. Dat soort dingen kunnen als een drug werken.

Eigenlijk is bekendheid dus zoiets als in een droom leven, waaruit je elk moment kunt ontwaken.
Precies. Om de analogie van zojuist verder door te trekken, de reden waarom de jongeman zo succesvol was met zijn muziek was omdat hij authentiek overkwam, omdat hij oprecht geïnteresseerd was in het leven en alle moeilijkheden en obstakels die hij op zijn levenspad tegenkwam, iets waaraan mensen kunnen relateren. Als hij echter eenmaal beroemd is en bakken met geld heeft uit te geven, raakt hij echter los van de realiteit en is hij zijn voedingsbodem kwijt. Hij schrijft op een andere manier en is bezorgd dat zijn publiek zijn nieuwe materiaal niet zal weten te waarderen. Eigenlijk is hij geïnteresseerder in de vraag wat mensen van hem zullen vinden dan dat hij bezig is met datgene wat hem oorspronkelijk inspireerde en als gevolg daarvan verliest hij juist het contact met zijn publiek.

Voelt u zelf af en toe ook die onzekerheid?
Het is iets dat op de achtergrond zeker altijd aanwezig is, maar ik ben er niet constant mee bezig. Het is natuurlijk mogelijk dat er een moment zal aanbreken dat ik niet langer een contract bij een uitgever krijg. Net als in Europa en in Amerika gaat het niet zo florissant met de boekenindustrie. Steeds minder mensen lezen of kopen een boek.

Dat is inderdaad iets dat u regelmatig aan de orde brengt. Mensen lijken minder te lezen en veel boekhandels hebben het zwaar in deze tijd. Wat denkt u dat de oorzaken daarvan zijn?
Mensen wijten het vaak aan de digitalisering van de samenleving, maar daar heeft het volgens mij niets mee te maken. Het maakt niet uit in welk format je een boek uitbrengt. Iemand die voorheen geen boeken las, zal dat niet door een wijziging van het format opeens wel gaan doen. Omgekeerd geldt dat net zo goed. Iemand die altijd al boeken heeft gelezen zal door het wijzigen van het format niet opeens niet meer gaan lezen. Als mensen echt geïnteresseerd zijn in lezen dan doen ze dat sowieso wel. Een e-book of een papieren boek maakt dan echt niet zoveel uit. Waar ik mij zorgen over maak is de taalbeheersing van jonge mensen die net van school komen. Die verschilt zo ontzettend wanneer je die vergelijkt met de situatie van bijvoorbeeld tien, twintig of dertig jaar geleden. Ze denken niet echt meer in taal, ze zijn er niet vertrouwd mee, ze zijn minder geletterd dan vroeger en het wordt voorlopig alleen maar erger.

Toch was het vroeger ook niet ideaal. Ik heb zelf in de jaren tachtig van de vorige eeuw op school gezeten en moest toen allerlei boekenlijsten afwerken. Juist daardoor ben ik lezen heel lang als een verplichting blijven beschouwen en heb ik vanaf het einde van mijn schooltijd tot zeker aan mijn dertigste nauwelijks een boek gelezen.
Toch ben ik optimistisch gestemd. Ik kwam een statistiek tegen waaruit bleek dat het aantal downloads in Engeland met dertig procent was afgenomen en dat de verkoop van muziekcassettes en langspeelplaten met vierhonderd procent was toegenomen. Ik geloof dat in de maatschappij bepaalde dingen in cycli verlopen. De liefde en waardering voor boeken zal op een gegeven moment ook weer terugkomen. Mensen zullen op een punt aanbelanden waarin ze het belangrijk gaan vinden dat ze weer iets hebben om vast te kunnen houden, dat ze iets tastbaars hebben. Ik heb zelf niks tegen e-books, mijn vrouw leest ze, maar het zijn geen dingen die je aan iemand cadeau kan doen, je kunt niet zeggen nadat je klaar bent met een boek: hee, moet je dit toch eens lezen! Je kunt geen e-books doneren aan een ziekenhuis of aan een boekwinkel, je kunt ze niet signeren. Je kunt ze zelfs niet eens gemakkelijk meenemen op vakantie aangezien je dan altijd op je laptop of tablet moet blijven letten. Een boek kun je nog wel eens ergens achterlaten, zonder dat je bang hoeft te zijn dat die meteen wordt meegenomen.

U maakt zich dus zorgen, maar tegelijkertijd bent u dus toch ook wel optimistisch over de toekomst.
Ik denk dat het nog wel even zwaar weer zal blijven voor het boekenvak. Er zijn veel goede schrijvers die geen nieuwe contracten bij uitgevers krijgen en die hun boeken niet gepubliceerd krijgen. Er stroomt dus momenteel veel water onder de brug weg. Gelukkig verkeer ik zelf in een goede situatie en ben ik in staat om veel van mijn plannen te verwezenlijken. Ik ben onder meer bezig met een graphic novel en een screenplay.

Is het schrijven van screenplays iets dat u altijd al heeft willen doen?
Nee, dat is iets dat eigenlijk pas recent is opgekomen. Ik ben gevraagd om een screenplay te schrijven voor A Quiet Believe in Angels (Nederlandse titel: Een Stil Geloof in Engelen) door een Franse regisseur. Ik vond het een ongelooflijk moeilijke opgave. Honderd pagina's aan screenplay levert je zo al anderhalf uur aan film op. Tegelijkertijd vond ik het ook ongelooflijk leuk om te doen.

Waarin zitten eigenlijk de uitdagingen in het schrijven van een screenplay als je het vergelijkt met het schrijven van een roman?
Heel simpel. De boeken die ik schrijf zijn heel erg georiënteerd op de karakters van mijn personages en ze hebben vaak allerlei psychologische lagen. Het gaat er heel erg om hoe mijn personages denken en hoe ze zich voelen. In film gaat het er juist om wat de personages zeggen en doen.

Moet ik bij een screenplay dan denken aan meer dialoog en feitelijke handelingen?
Zeker. Een screenplay wordt voortgedreven door dialoog. Je kunt niet zien wat mensen denken, dus je moet ze hun gedachten uit laten spreken. Het is vergeleken met het schrijven een roman echt een andere uitdaging en je hebt er een ander talent voor nodig.

U heeft recentelijk een foto van een ijsberg op Facebook gepost om het verschil in films en boeken duidelijk te maken. Een boek graaft veel dieper. Er is zoveel meer dan het oog op het eerste gezicht kan zien.
Dat klopt, maar desalniettemin worden er natuurlijk fantastische films gemaakt. Zowel gebaseerd op originele screenplays als gebaseerd op boeken, die daarna zijn omgezet in screenplays. De ijsberg analogie slaat met name op de tweede categorie films. Er zijn maar weinig mensen die zullen zeggen dat ze de film beter dan het boek vonden.

Er is dus een groot verschil tussen orginele screenplays en screenplays die bewerkingen van boeken zijn?
Absoluut. Gemiddeld genomen verlies je bij een bewerking ongeveer zestig procent van het boek. Als je een origineel screenplay schrijft, verlies je helemaal niets. Het probleem bij een bewerking is dat je een boek ook te strak kunt volgen en dat levert ook niet altijd een goede film op. Wat voor een boek werkt, werkt niet altijd voor een film. In Engeland hebben we een mooie uitdrukking bij het maken van theater, maar die ik hier graag aan zou halen. De schrijver schrijft een bepaald stuk, de regisseur regisseert een ander stuk, de acteurs acteren weer een ander stuk, en iedereen in het publiek ziet nog weer een ander stuk. Ieders perceptie van het stuk is anders. Als iemand een boek naar film vertaalt bij het schrijven van een screenplay dan zal hij altijd datgene eruit halen wat volgens hem het belangrijkste is uit het boek.

U had het erover dat u een screenplay voor A Quiet Belief in Angels hebt gemaakt. Wat waren uw eigen ervaringen?
Het is werkelijk vreselijk moeilijk. Het is zo moeilijk omdat je zoveel overboord moet gooien. Er zijn een aantal centrale thema's die ik op moest geven omdat daar gewoon niet voldoende ruimte voor was. Een mooi voorbeeld hiervan is de bewerking van een boek van John Irving, Widow for a Year (Nederlandse titel: Weduwe voor een Jaar). Het is een zeer dik boek en er is voor gekozen om alleen het middelste derde deel te verfilmen. Die film werd The Door in the Floor met Kim Basinger en Jeff Bridges. Een hele goede film trouwens. De regisseur en degene die het screenplay schreef hadden echter met elkaar afgesproken dat alleen het middelste derde deel zou worden verfilmd omdat ze meteen al zagen dat het onmogelijk was om het boek in zijn geheel te verfilmen. Soms heb je een boek als The Godfather of The Lord of the Rings waar ze een trilogie van maken, maar het komt maar zelden voor dat een regisseur of een producent daar zoveel tijd en geld in wil steken. Het komt voor, maar het zijn uitzonderingen. Er zijn echter zat televisie formats, die weliswaar niet op boeken zijn gebaseerd, maar waarin de tijd wordt genomen voor een goed verhaal. Denk bijvoorbeeld aan Boardwalk Empire of aan The Wire.

Over trilogieën gesproken, er zijn zat criticasters die vinden dat sommige boeken veel te veel worden uitgemolken. Neem nou The Hobbit, een boek van amper meer dan tweehonderd pagina's waar drie films van drie uur van worden gemaakt.
Het is Peter Jackson's interpretatie van zijn boek, het is zijn vertaling van het boek naar film, hij had een visie en heeft die op zijn eigen manier uitgevoerd. Ik vind het moeilijk om kritiek op iemand te hebben die een boek naar een film bewerkt, want ik weet hoe moeilijk zoiets is. Goed, ik heb weliswaar mijn eigen boek bewerkt en dat is misschien anders omdat je niet met objectieve ogen naar je eigen werk kunt kijken, maar het blijft een helse opgave. Voor wat betreft The Lord of the Rings is er niemand sinds Ralph Bakshi aan het einde van de jaren zeventig met zijn animatiefilm die een poging heeft gedaan om dit verhaal van Tolkien te verfilmen. Ik had het verhaal als tiener al diverse keren gelezen, maar toen ik samen met mijn vrouw en mijn zoon de drie films van Peter Jackson zag, was ik meteen gefascineerd en had ik tijdens het kijken van de film geen enkele keer aan het boek gedacht. Het was een magische ervaring voor me en ik deed niet eens een poging om de films met de boeken te vergelijken. De films zijn een ervaring op zich en ik waardeerde en genoot van de films vanwege hun eigen kwaliteit. Hetzelfde gold voor The Hobbit. Ook tijdens het kijken van die drie films vergat ik de boeken en vergat ik voor even Tolkien zelf, waarbij ik wil opmerken dat ik een grote loyaliteit en genegenheid voor Tolkien voel aangezien hij uit mijn stad komt.

Soms dacht ik wel eens bij het bekijken van de drie Hobbit films: Gebeurde dit allemaal eigenlijk wel in het boek? Maar dan dacht ik vervolgens: ach, wat maakt het ook uit! Ik laat alles gewoon over me heen komen.
Precies zoals ik er zelf in zit. Film en boek zijn sowieso heel verschillende media. Een boek met een film vergelijken is zoiets als een foto album met een opera vergelijken. Ze dienen een verschillend doel, ze zijn voor een ander publiek en ze worden op een compleet andere manier in elkaar gezet. Bij een filmproductie zijn honderden mensen betrokken. Bij het schrijven van een roman is - tot het naar de uitgever gaat - alleen de schrijver betrokken. Een filmproductie heeft screenplay writers, script consultants, technical directors, production directors, the main director, de acteurs, etcetera, etcetera. Ik begrijp best dat er mensen zijn die gefrustreerd zijn als de verfilming van een favoriet boek niet zo uitpakt als waarop ze hadden gehoopt. Ik denk alleen dat je een film daarmee tekort doet. Je moet een film op zichzelf beoordelen en het los zien te koppelen van het boek.

Toch ben ik zelf ook wel eens bang dat een film niet aan mijn verwachtingen kan en zal voldoen.
Het blijft iets heel persoonlijks. Er zullen altijd mensen zijn die het boek hebben gelezen en die de film geweldig vinden en mensen die de film daarentegen vreselijk vinden. De Romeinen zeiden het al: Over smaak valt niet te twisten. Mensen hebben hun eigen voorkeuren en ze hoeven het niet met elkaar eens te zijn. Dat is ook de reden waarom sommige auteurs het in sommige landen heel goed doen en in andere landen juist niet. Peter James en ik hadden het er onlangs nog over. Hij heeft een heel groot publiek in Duitsland, terwijl ik daar nauwelijks wordt verkocht. Ik heb daarentegen een veel groter publiek in Frankrijk.

Wat betekent het eigenlijk voor een schrijver om in zoveel vreemde talen te worden vertaald?
Dat voelt uiteraard als een groot voorrecht. Tegelijkertijd prijs ik mezelf gelukkig dat ik in het Engels schrijf en dat mijn eerste taal is. Er zijn zoveel goede boeken van zoveel goede Europese schrijvers die niet in het Engels worden vertaald. Het aantal Engelse schrijvers die in een andere taal worden vertaald overstijgt vele malen het aantal schrijvers die in het Engels worden vertaald.

Ja, ook in Nederland zien we een groot deel van de vertaalde literatuur uit het Engels komen, maar er zijn zoveel andere landen die interessante schrijvers voortbrengen.
Zeker, neem nou die hele Scandinavische thriller hype. Opeens had je overal Scandinavische schrijvers in de schappen. En af en toe zie je schrijvers uit andere landen die het ook erg goed doen, zoals Fred Vargas.
Prachtige schrijfster trouwens.
En zeer slim en charmant. Verder zijn er een aantal Italiaanse schrijvers die het momenteel goed doen en ook in het Engels worden vertaald en dan zijn er nog een aantal interessante Zuidamerikaanse en Spaanse schrijvers. Het is mooi dat boeken A Love in the Time of Cholera en The Shadow of the Wind zijn vertaald, maar het gebeurt helaas nog altijd te weinig. We moeten mensen eerder en op jongere leeftijd met de magie van lezen in aanraking brengen. De magie van literatuur. Het lezen van boeken heeft een direct verband met iemands geletterdheid, iemands geletterdheid is direct verbonden met iemands vermogen en gemak om te communiceren, ons vermogen tot communiceren is verbonden met ons begrip van de wereld om ons heen en raakt direct aan iemands zelfvertrouwen. Iemands zelfvertrouwen is een van de belangrijkste factoren die het succes en het geluk in je leven bepalen. De correlatie tussen analfabetisme en misdaad is al eeuwenlang bekend. Als je mensen opleidt, je ze aan het lezen krijgt, dan kweek je meer begrip voor de wereld om je heen. Mensen zijn in staat om politieke manifesten te lezen, waardoor ze beter begrijpen waar politieke partijen voor staan. Mensen zullen beter in staat zijn zich een opinie te vormen. Twain zei ooit eens: vraag iemand hoeveel boeken hij in het afgelopen jaar heeft gelezen, als hij antwoordt er geen gelezen te hebben reken er dan niet op dat hij ooit met een opinie zal komen. Of iets in die trant.

Als iedereen meer zou gaan lezen dan hebben we binnen een, twee of drie generaties een heel andere wereld. Hopelijk een betere.
Zeker. Ik ben net als jij in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw opgegroeid en ik las alles wat los en vast zat. We hadden in die tijd thuis nog geen computers, internet, smartphones en andere gadgets om onze aandacht af te leiden. We hadden slechts drie televisiekanalen in Engeland en die stopten om elf uur 's avonds met uitzenden. Nu is er 24/7 televisie en wordt er constant amusement aangeboden. We leven tegenwoordig in een ander soort samenleving en dat soort vooruitgang valt niet te stoppen, maar je kunt mensen wel vanaf jonge leeftijd met lezen en literatuur in aanraking laten komen. Enige tijd geleden had een krant in Londen een survey gehouden waaruit bleek dat vijfenzestig procent van de geënquêteerden zich niet voldoende zeker achtte over hun leescapaciteiten om een verhaal aan hun kinderen voor te lezen voor het slapen gaan. Dat klinkt niet best.
Dat is vreselijk.
Volgens mij was het Hans Christian Andersen die ooit eens het volgende zei: Als je een slim kind wil, lees hem of haar sprookjes voor, als je nog slimmere kinderen wil dan lees je hem of haar nog meer sprookjes voor. Oefen kinderen in voorstellingsvermogen. Mijn vrouw die overigens een eindeloze bron van geduld is, heeft alle Harry Potter boeken samen met onze zoon doorgelezen. Zij las dan een zin en liet hem de volgende zin voorlezen en zo wakkerde ze in hem een passie voor lezen aan. Tegenwoordig leest hij Shakespeare en Chaucer.

Dan hebben jullie het als ouders niet verkeerd gedaan.
Geweldig toch? Hij schrijft tegenwoordig zelf ook. En hij schrijft echt erg goed. Daarnaast heeft hij allerlei duidelijke en uitgesproken standpunten over politiek, sociologie en hij weet zich overal een mening over te vormen. Dat is heel wat voor een jongen van achttien jaar oud.

Aha, dat was mijn volgende vraag. Dat klinkt allemaal nogal exceptioneel voor een tiener.
Hij is een zeer intelligente jongen en ik ben mijn vrouw daar erg dankbaar voor. Door haar geduld en haar toewijding heeft onze zoon de magie van literatuur ontdekt. Verder hebben we hem altijd zijn eigen aandeel in de huishoudelijke taken gegeven. Eens per week geef ik hem zakgeld, dat hij naar gelieve kan uitgeven. Als hij echter boeken wil hebben dan valt dat buiten zijn zakgeld. Hij kan zoveel boeken hebben als hij maar wil. Ik kan me het kerstfeest herinneren toen hij veertien jaar oud was. Ik vroeg hem welke boeken hij wilde en hij antwoordde Seamus Heany's bewerking van Beowulf en de autobiografie van Slash (de gitarist van Guns & Roses). Ik weet nog dat ik dacht: okay, dat zijn wel heel verschillende boeken. Ik heb ze echter allebei voor hem gekocht en hij heeft van beide boeken genoten.

Dat klinkt inderdaad niet alsof zijn interesses beperkt zijn.
Nee, niet bepaald. Zoals gezegd leest hij tegenwoordig ook Shakespeare, maar hij leest net zo goed stripboeken en graphic novels. Verder kijkt hij gewoon naar televisie en speelt computergames, maar niet zo heel veel.

Peter James en u lijken het goed met elkaar te kunnen vinden. Zijn jullie vrienden in het dagelijks leven?
Het is niet zo dat we elkaar op sociaal vlak regelmatig zien, maar we reizen regelmatig samen voor ons vak als we in Frankrijk of Amerika zijn. We komen regelmatig op dezelfde evenementen en op dezelfde feestjes in Londen. We hebben het altijd erg goed met elkaar kunnen vinden. Hij is een goede schrijver en een ongelooflijk aardige man.

Jullie hebben dezelfde Nederlandse uitgever, maar worden jullie ook in andere landen door dezelfde uitgever uitgegeven?
Nee, ik geloof dat Nederland wat dat betreft de uitzondering is. Dit is ook de eerste keer dat we iets gezamenlijks in Nederland doen. Het evenement van vandaag staat eigenlijk voornamelijk in het teken van de publicatie van Peter James' Doodsklok. Men vroeg mij echter om ook te komen en natuurlijk wilde ik dat.
Heeft u al zijn boeken gelezen?
Nee, maar wel een paar en daar heb ik zeer van genoten. Ik lees echter niet veel in het thrillergenre.
Naar welke genres gaat uw voorkeur zelf uit?
Ik lees eigenlijk van alles, maar zoals gezegd eigenlijk niet zo veel thrillers. Auteurs uit het thrillergenre die ik weet te waarderen zijn Michael Connelly en George Pelecanos. Ik heb een paar boeken van Peter James gelezen en ik lees John Le Carre, al kun je zeggen dat die niet zozeer specifiek in het thrillergenre valt. Frederick Forsyth, ook zo'n schrijver die ik graag lees. Daarbuiten lees ik graag Amerikaanse klassiekers als John Steinbeck, Ernest Hemingway en Maya Angelou. Een andere schrijfster die ik hogelijk waardeer is Annie Proulx. En dan is er ook nog Cormac McCarthy. Eigenlijk lees ik vooral graag schrijvers die mij het gevoel geven dat ik zelf een slechte schrijver ben.

Hmmm, okay, zo'n opmerking is eigenlijk bijna een perfect einde voor een interview.
Lacht

Zijn er nog recente projecten waar u mee bezig bent en waar we binnenkort naar uit kunnen kijken?
Ik heb net een boek voltooid dat Mockingbird heet dat in mei in Engeland zal uitkomen. Een verhaal over twee countryzangers dat zich deels in de jaren veertig en deels in de jaren zeventig van de vorige eeuw afspeelt in een klein stadje in Texas. In Nederland komt er einde maart een boek uit dat een vertaling zal zijn van A Carnival of Shadows. Ik sta op het punt om bij mijn uitgever een contract voor twee nieuwe boeken te sluiten en ik ga binnenkort beginnen aan wat vermoedelijk een trilogie gaat worden en dat The Kings of America zal gaan heten. Het verhaal gaat over twee families uit Ierland en Italië die in de jaren dertig van de vorige eeuw in Hollywood terechtkomen en over de georganiseerde misdaad in Hollywood. Verder hebben we met de band (The Whiskey Poets) net onze eerste album voltooid. We hebben een tour gepland in Engeland en we hopen ook ooit eens in Frankrijk en Nederland te kunnen spelen. Daarnaast ben ik serieus aan het bekijken of ik binnenkort aan een screenplay ga beginnen en ik wil binnenkort een fotoboek publiceren. Er zijn zoveel dingen die ik wil doen, maar het is een kwestie van prioriteren.

Een bomvolle agenda.
Mijn eerste aandacht zal hoe dan ook altijd bij het schrijven van romans liggen. Alles wat erbij komt is supplementair en doe ik alleen wanneer de tijd het toelaat.

TOT SLOT Ik wil bij deze graag de Nederlandse uitgever van R.J. Ellory bedanken voor de mogelijkheid om RJ Ellory voor www.dethriller.nl te mogen interviewen. Op Hebban Crimezone is overigens een interview te lezen met Peter James, waarnaar ik graag doorverwijs. http://www.hebban.nl/crimezone/artikelen/peter-james-ik-had-nooit-verwacht Na het interview was J.R. Ellory zo aardig om me een week later een cd van de Whiskey Poets toe te sturen. Daarvoor mijn grote dank.

Reacties op: Interview R.J. Ellory