Lezersrecensie
Hille Jansen-509 over Kluis 21
Kluis 21 begint met een rapport van een patiënte uit het Söderziekenhuis, Stockholm. Het gaat over een een bewusteloze vrouw, van onbekende identiteit, die binnengebracht is, die blootgesteld lijkt te zijn aan meervoudig uitwendig geweld (zweepslagen?). Vervolgens ga je elf jaar in de tijd terug. Zeker in het begin is niet echt duidelijk wat het verband is tussen het één en het ander. Ook niet als Ewert Grens zijn intrede doet. Hij heeft de reputatie van een uitstekend politieman te zijn. Maar iemand met een moeilijk karakter. En er zijn maar een paar collegas aan wie hij géén hekel heeft: Bengt Nordwall en Sven Sundkvist.
Eigenlijk gaat Kluis 21 over kennis en verborgen levens. Stel dat je op een gegeven moment méér te weten komt over iemand, die je waardeert, en als blijkt dat die, als politieman, zich bezighield met zware criminele activiteiten? Wat doe je als je vindt dat de samenleving te laks is voor zware criminelen? Het recht in eigen hand nemen? Wat doe je met kennis? Wat doet kennis met jouw? Je begint dingen te weten, iets wordt helder. Wat doe je? Of doe je niets? Waar liggen je normen en waarden? Hoe vast liggen deze, bij jou én gewetenloze schurken?
Het boek heeft zoveel lagen: vrouwenhandel, integriteit bij de politie, prostitutie. Alles klopt: opbouw, verhaallijn, plot, taal, beschrijvingen. Realistisch. Schokkend. Schitterend. Grandioos. Filosofie verpakt als superspannende thriller. Prachtig geschreven én vertaald.
Lezen dus.