Lezersrecensie
Een Vlaams leven
In zijn novelle "Dieperik" schetst Leo Pleysier jeugd en leven op het Vlaamse platteland. Het boekomslag vermeld overigens dat dit 111 pagina's beslaande werkje een roman betreft.
De strenge afstandelijke vader, de zorgzame vredelievende moeder en de inwonende flamboyante "nonkel Wies" zijn de hoofdpersonen in het jonge leven van het jongetje dat in de tuin achtjes fietst rond de bank waarop zijn moeder prinsessenbonen bleest. Het is vooral zijn oom Wies, waaraan de jongen zich optrekt. Het is dan ook deze oom, die hem op een zeker moment het leven redt. Als oom Wies echter het huis verlaat na een ruzie met de vader, verliest hij hem uit het oog, totdat hij hem pas weer ontmoet op diens gouden bruiloft. Hier blijkt dat de voor de jongen zo belangrijke gebeurtenis zich door oom Wies niet eens meer duidelijk herinnerd wordt.
Het tussenliggende leven van de jongen wordt door Pleysier in een zeven pagina's lange opsomming weergegeven. Een bonte verzameling gebeurtenissen van alledaags tot ingrijpend wordt in willekeurige volgorde als een litanie opgedreund. En wel vaker in deze novelle verliest de schrijver zich in lijstjes en opsommingen. Zo is er ook een deel waarin elke zin begint met vader zegt, Jezus zegt, Lambik zegt, etc. Origineel, maar door mij als onprettig ervaren.
Dieperik heb ik gelezen als een aangenaam intermezzo met enkele mooie Vlaamse woorden en net iets te veel Franse taal erin.