Advertentie

Fact/Fictie check. Morgenster: een ode aan de liefde

op 15 april 2019 door

In Morgenster laat Dirk Van Boxem de belle époque herleven. We hebben het dan over het begin van de 20e eeuw. De welvaart neemt toe en kunst en wetenschap ontwikkelen zich sterk. Men is optimistischer, de wereld verandert onder meer met de komst van de elektriciteit. De art-nouveau is een kunstrichting die dan opkomt. Een kunstvorm waar de zwierige lijnen zo’n exponent van zijn.  Morgenster verbindt feit en fictie.  Maar het is ook een boek waarin de liefde centraal staat: de liefde voor het huis, voor elkaar, voor de vrijheid, voor idealen. Tijd voor een fact-en fictiechecker dus. Dirk wilde graag meewerken aan een interview voor Hebban.

0c39144e094b7f0bfd8b02f2f2a5abc0.jpgOver de auteur: Dirk Van Boxem (1966) was en is IT-manager, consultant, programmadirecteur, change manager en coach. Hij publiceerde verhalen in De Brakke Hond, en gedichten in Het Gezeefde Gedicht. Op Bijgekleurd houdt hij een blog bij. Morgenster is zijn debuutroman.

Inhoud (tekst op de achterflap van de roman): Antwerpen, Zurenborg, 1904. Anna overhaalt haar Duitse minnaar Heinz om een huis te bouwen in de Cogels-Osylei. Architect Jos Bascourt krijgt de opdracht. De twee mannen werken samen aan het art-nouveauhuis, dat al snel de naam Morgenster krijgt. Tussen de zwierige krullen en ornamenten die stilaan vorm krijgen, meanderen ook de levens van de drie: Jos, die steeds meer voor Anna begint te voelen, Heinz, die blijft pendelen tussen Antwerpen en zijn thuisstad Hamburg, en Anna, die als vrouw haar weg zoekt in een wereld die nog steeds wordt gedomineerd door mannen.

Tegen de achtergrond van de belle époque, de brede kamer van de wereld zoals wij die kennen, vertelt Dirk Van Boxem in Morgenster een verhaal van persoonlijke emancipatie en maatschappelijke ontvoogding, en van de eeuwige strijd om de liefde.

In Morgenster laat Dirk Van Boxem de belle époque herleven. We hebben het dan over het begin van de 20e eeuw. De welvaart neemt toe en kunst en wetenschap ontwikkelen zich sterk. Men is optimistischer, de wereld verandert onder meer met de komst van de elektriciteit. De art-nouveau is een kunstrichting die dan opkomt. Een kunstvorm waar de zwierige lijnen zo’n exponent van zijn. Morgenster verbindt feit en fictie. Maar het is ook een boek waarin de liefde centraal staat: de liefde voor het huis, voor elkaar, voor de vrijheid, voor idealen. Tijd voor een fact-en fictiechecker dus. Dirk wilde graag meewerken aan een interview voor Hebban.

79cbb39442dc90221b8c067eb8233318.jpg (Foto: Cogels-Osylei)

Vraag. Je hebt in Leuven geschiedenis gestudeerd. Waarin ben je afgestudeerd? Had de belle époque toen al je aandacht?

Ik studeerde af in cultuurgeschiedenis van de Nieuwste Tijd (waarin de belle époque valt), maar ik leerde die tijd en de art nouveau pas echt goed kennen toen mijn toenmalige vriendin haar eindwerk kunstgeschiedenis maakte over de Brusselse architect Paul Saintenoy en het Old England warenhuis in Brussel. Een prachtig art-nouveaugebouw waar nu het Muziekinstrumentenmuseum in huist. Een bezoekje meer dan waard. We hebben toen samen de architectuurtijdschriften uit die tijd uitgeplozen.

Vraag. Je bent in de IT werkzaam maar schrijft ook gedichten en verhalen. Ik zie op je website Bijgekleurd dat de inspiratie komt uit de natuur, de muziek, uit alles eigenlijk. Heb je een concrete aanleiding nodig om wat te schrijven?

Ja, al is dat meestal een observatie van mensen en hun gedrag. Ik heb lang in IT-afdelingen en IT-bedrijven gewerkt, zonder een echte technicus te zijn. Wanneer je samen iets maakt, en IT is altijd groepswerk, dan zijn daar in de eerste plaats mensen aan het werk. Wil je dat goed doen, dan moeten mensen goed samenwerken. Dat is niet altijd zo voor de hand liggend.

Nu ben ik vooral actief als veranderingsmanager en coach, en kijk nog steeds naar hoe mensen doen wat ze doen, wat ze daarbij voelen, wat hun drijfveren zijn. Dat fascineert me mateloos. Wanneer ik vanuit die observaties literatuur wil maken, dan voeg ik er graag een concreet detail aan toe, een tastbaar spoor dat je leidt naar de  complexiteit van wat er gebeurt. Dat detail kan inderdaad overal vandaan komen, maar uiteindelijk gaat het voor mij steeds over mensen.

(Foto links: het huis zoals dat nu te zien is in Antwerpen. Foto rechts: originele tekening van Bascourt. )

883aada6a2fea5e7938b853646c5ce45.jpg e97c9fdc71e8966073cd1a89d2ef4c44.jpg

Vraag. Morgenster is genoemd naar de woning in Antwerpen waar je veertien jaar gewoond hebt. Ook weer zo’n concrete inspiratiebron lijkt me. Wat heeft je er toe doen besluiten om de woning zo centraal te stellen in je boek? Jos Bascourt zegt aan het begin van je roman: "Taal dient in de eerste plaats om betekenis te geven, en dat is wat ik wil voor mijn huizen." Heb je door jouw taal, jouw boek, Morgenster willen laten herleven? Hoe was het om er te wonen en wat sprak je zo aan in dat huis?

Morgenster is natuurlijk een bijzonder huis, en dat specifieke karakter speel ik ten volle uit. Ik ken het natuurlijk door en door, omdat ik erin gewoond heb. Het is echt een huis dat helemaal ‘klopt’, en door het toeval van de geschiedenis gespaard is gebleven van goedbedoelde maar vaak vernietigende renovaties. We hebben het ooit gekocht omdat we er hals over kop verliefd werden, en we hebben het ons nooit beklaagd. Nu ik er niet meer woon, besef ik des te beter wat een voorrecht het is om je te kunnen omringen met tijdloze schoonheid.

Het boek gaat niet alleen over het huis, maar ook over het project om een huis vorm te geven, en wat dat doet met al wie ermee te maken heeft. Dat is zeer herkenbaar, want de plek waar je woont is een heel belangrijk deel van ieders leven. Elke woning wordt door mensen gemaakt. En in elke woning zitten verlangens, dromen, teleurstellingen van mensen. Daarmee heb ik twee niveaus in het verhaal die zich als het ware vanzelf aandienen: het project en het huis zelf.

Vraag. Fact-checker. Je schrijft in je roman dat het huis op Anna moest lijken: “Jij bent dat huis, Anna. Je ogen. Je lichaam. Je ziel.” Aan de binnenzijde van de omslag staat een originele tekening van Bascourt van het huis. Onmiskenbaar kun je daarin het gezicht van een vrouw zien. Heeft Bascourt dat met die intentie ook zo ontworpen? Of is het ontsproten aan jouw verbeelding?

Het is een huis van en voor liefde, dat voel je aan alle details. Of Bascourt het huis effectief gemodelleerd heeft naar een vrouw zullen we allicht nooit weten, maar het antropomorfe karakter van de gevel is onmiskenbaar. En te mooi om te laten liggen.

Vraag. Kun je iets vertellen over de totstandkoming van je boek? In je nawoord bedank je ook je kritische eerste lezers? Wat heb je van hen geleerd?

Een roman schrijven is een hele onderneming, en je doet het in je eentje. Ik heb vroeger nog pogingen gedaan om een roman te schrijven, maar dat liep altijd vast. Vooral op mijn eigen twijfels, want hoe weet je nu of wat je aan het doen bent goed is? Je zit er veel te dicht op om daar zelf een realistisch oordeel over te vellen.

Toen het plan om deze roman te schrijven serieus vorm begon te krijgen, heb ik me eerst en vooral aangemeld bij de Antwerpse SchrijversAcademie. In zo’n schrijfopleiding leer je – tegen alle verwachtingen in - niet schrijven, maar wel lezen als een schrijver. En je treft er een groep medestudenten met dezelfde ambities en twijfels als jij.

Zonder ego kan je niet schrijven; de idee dat je wat te vertellen hebt, en wel op een manier dat je tijd en aandacht van andere mensen mag opeisen, is op zich best pretentieus. Tegelijkertijd zit dat ego je als schrijver ook in de weg: je moet je nederig opstellen, luisteren naar feedback, net omdat het zo moeilijk is om de kwaliteit van je eigen werk in te schatten. En al helemaal als debutant, nog zonder contract, zonder externe omkadering. Medestudenten en docenten, en een paar andere eerste lezers maken dan echt een verschil. Zij hebben vele versies gelezen en gefileerd. Zonder hun aanmoediging en kritieken was het boek er nooit geweest.

(Foto: Fact-check van de auteur; klopt alles wat ik geschreven heb?)

0e480d58aa1ae1cfc4f87ffa6230f63f.jpg

Vraag. Fact-checker. Morgenster is een roman, dus fictie. Maar ook feiten spelen een rol. Het ligt aan de Cogels-Osylei in Antwerpen, dateert uit 1904 en is ontworpen in de art-nouveaustijl door architect Jos Bascourt. Hij ontwierp  het huis voor Mevr. Taggenbrock (je noemt haar Taggenbroeck in je boek) uit de Lange Leemstraat 100, bij wie Anna, het hoofdpersonage uit je boek gouvernante was en courtisane voor de man van Mevr. Taggenbroeck. Architect en opdrachtgeefster komen allebei in de roman voor. Heb je alleen hun namen gebruikt of ook iets van hun biografie?

Het huis is echt, je kan er voorbij wandelen (maar bel liever niet aan), zoals vele toeristen al jaren doen. Maar de personages zijn fictief. Dat was het lastigst voor de architect, want daarover kan je een en ander opzoeken. Veel van zijn ontwerpen zijn ook vandaag nog erg zichtbaar in het Antwerpse straatbeeld. Maar ik heb er bewust voor gekozen hem een fictief karakter, uiterlijk en biografie te geven. Het is een roman, geen wetenschappelijk werk.

En dat ik de naam van mevr Taggenbroeck in het boek heb gesmokkeld, is eigenlijk een grapje voor de heel aandachtige lezer (en googlegebruiker). Er zitten zo trouwens nog wel een paar grapjes in het boek.

Vraag. Fact-checker. In je roman stel je dat het huis voor één persoon ontworpen is. Dat was onder meer te zien aan het feit dat er geen verdieping voor het personeel was. Klopt dat ook met de feiten?

Het is inderdaad één van de weinige huizen in de Cogels-Osylei zonder apart bediendenverblijf. Dat wil daarom niet per se zeggen dat het voor één persoon werd gebouwd, maar de waarschijnlijkheid is wel groot.

Vraag. Je laat Jos Bascourt zeggen dat de art-nouveau een stijl is waarin het mag kronkelen en spetteren, waar het leve doorheen stroomt, zoals het sap van de planten de bloemen doet bloeien. De typografie van de cover en de delen van het boek verwijzen naar die stijl? Als ik het boek lees, merk ik dat er steeds onverwachte plotwendingen zijn, zowel in het leven van Anna, Heinz haar minnaar, die ook een gezin in Hamburg heeft, maar ook van de andere figuren. Het zijn voor mij die zwierende lijnen die uiteindelijk samen één verhaal creëren, compleet met de wisselende emoties. Ik vond dat eigenlijk wel de essentie van de art-nouveau weergeven. Heb je ook in de art-nouveaustijl willen schrijven? Hoe heb je dat aangepakt, tenminste als dat zo is?

In mijn wereldbeeld houdt alles verband met alles. Van tegenstellingen als die tussen lichaam en geest, het persoonlijke en het gemeenschappelijke, natuur en cultuur, houd ik absoluut niet. Zo is het ook met de tegenstelling tussen vorm en inhoud. Als lezer vind ik het mooi als die samenvallen, wanneer vorm ook inhoud wordt, een betekenislaag op zich mag zijn. Als schrijver heb ik dat ook proberen te doen.

De definitieve vorm heeft de roman pas heel laat in het schrijfproces gekregen. Heel artisanaal, met behulp van schaar en lijm. Ik vertrok van een onleesbare chronologische tussenversie, en heb dan elke paragraaf zijn definitieve plek in het verhaal gegeven. Een klus van drie intense dagen, waarin alles samen kwam. Het is eigenlijk werken als een componist: toon, ritme, spanningsopbouw. Art-nouveau en de hele tijdsgeest zijn daarin nadrukkelijk aanwezig.

(Foto: interieur van Morgenster)

36005b8ce8432f9bba3afd3c2e4aecc7.jpg

Vraag. Ik vind dat je heel knap ook andere feiten, gebeurtenissen, historische elementen in het verhaal hebt verweven. Een nieuwe tijd waar welvaart opdoemt, leidt tot arbeidsonrust in de stad Antwerpen bijvoorbeeld (hoewel dat volgens mij niet in 1904 was), het verschil in architectuur (Bascourt die zo op zoek is naar een nieuwe vorm van expressie en de art-nouveau omarmt), de opkomst van de techniek (elektriciteit), de veranderende positie van de vrouw en het toenemend zelfbewustzijn  en de zelfstandigheid van de vrouw, de nieuwe inrichting van het leven waarin de Kerk en de Staat een andere rol krijgen, aandacht voor de spanning tussen ondernemers en arbeiders, arm en rijk, het op de loer liggen van het anarchisme, aandacht voor de nieuwe kunst, het tijdschrift Ontwaking, het Belgische merk Minerva. Hoe heb je je voorbereid op deze roman, welke keuzes heb je gemaakt?

De periode rond 1900 is één van de meest innovatieve uit de westerse geschiedenis, veel innovatiever dan de huidige periode. Onze maatschappij, en dus ook onze manier van leven, dateert uit die tijd. Zo’n grote veranderingen brengen grote onzekerheid met zich mee, en een weifelend zoeken naar antwoorden op nieuwe vragen. Vrouwenemancipatie is één van die kwesties, de ideale inrichting van de nieuwe maatschappij een andere, net als hoe de nieuwe rijkdom zou moeten verdeeld worden over de bevolking.

Van die vragen was ik me, met mijn opleiding als historicus, goed bewust. Om dat dan vorm te geven met betekenisvolle details is niet zo moeilijk. Het internet is een goeie basis, al komt de belangrijkste informatie wel uit een aantal boeken. Het ging me ook niet om volledigheid, of een detaillistische historische accuraatheid. En verder heb ik vertrouwen in wat al dan niet toevallig mijn pad kruist. De Minerva bijvoorbeeld staat in het Brusselse automuseum, dat ik bezocht om heel andere redenen. … 

Vraag. Je speelt in je boek met de tijdvolgorde. Dat zorgt ervoor dat gevoelens, gebeurtenissen, emoties duidelijker worden. De plotwendingen zorgen ervoor dat je gretig door blijft lezen. Kun je iets vertellen over je stijl van schrijven?

Ik wou voor mijn debuut een klassieke literaire roman schrijven. Eén waarin de puzzelstukken kloppen, waarin iets gebeurt, waarin de personages zich ontwikkelen en de stijl je dwingt om verder te lezen. Dat was de opdracht die ik mezelf had gegeven. Het verhaal is de drijvende kracht van het boek, zonder dat het daarom een plotgedreven boek moest zijn. De indeling in drie delen, drie verschillende momenten in de ontstaansgeschiedenis van het huis, liet me dan toe de focus te laten verschuiven.

De taal is sensitief, omdat ik dat zelf ben. Stijl is voor mij verder vooral een kwestie van toonvastheid en ritme. En heel veel slijpen en polijsten. Elke zin is belangrijk, elke zin moet goed zijn. Ik heb het hele boek ook luidop aan mezelf voorgelezen, om te voelen of het klopte.

Vraag. Grote thema’s zijn voor mij het hebben van een droom (ieder personage heeft dat wel), het zoeken naar vrijheid, onafhankelijkheid, de vooruitgang. Eigenlijk de maatschappelijke emancipatie tegenover de individuele emancipatie. Maar het gaat zeker over de liefde. Wat heb je met het boek willen zeggen?

Morgenster is een schatkist. Als lezer kan je er zelf uithalen wat je wil. Ik merk ook aan de lezersreacties dat het boek werkt als een spiegel: lezers herkennen situaties, gevoelens, overwegingen die ze ook zelf hebben. Maar je hebt gelijk. Het leven gaat over de liefde, daarnaast verbleekt alles een beetje. Dat is ook in het boek zo.

8ad156b74df03f58fa3d0acd379904cc.jpg (De trap in Morgenster)

Vraag. In je roman speelt de trap van het huis Morgenster een rol. Wat is het doel ervan?

Dat is een persoonlijke obsessie. Als kind speelde ik vaak op de trap thuis, ik vond het zalig om er niet te zijn en tegelijkertijd toch wel. De trap is het verbindende element in een huis, en in het geval van het huis Morgenster is de trap het eerste wat je ziet wanneer je binnenkomt. Die trap is zo’n uitnodigende belofte naar wat er nog allemaal in het huis aan moois te vinden is, eens je voorbij de schitterende hal bent.

Vraag. Wat kunnen we van auteur Dirk Van Boxem in de nabije toekomst verwachten en waar kunnen lezers je ontmoeten?

Ik blijf met enige onregelmaat stukjes plaatsen op mijn blog, bijgekleurd. En daarnaast staan de eerste fragmenten van de tweede roman inmiddels op papier. Ik heb nog geen idee waar het naartoe gaat maar het boek speelt min of meer vandaag. Ik verwacht dat het iets wilder en chaotischer zal zijn dan Morgenster.

Ondertussen ben ik vooral online te ontmoeten voor wie dat wil en ga ik graag in op uitnodigingen om met lezers in interactie te gaan. Verenigingen allerhande en boekhandels mogen zich altijd melden. Graag zelfs.

84f34ca255775bf6a508507ad39fe4e7.jpg

Volg Dirk Van Boxem via deze link.

Vragen: Jan Stoel
Foto's: ter beschikking gesteld door Dirk Van Boxem
Portretfoto in de banner: Koen Broos
Banner: Anne Oerlemans



Reacties op: Fact/Fictie check. Morgenster: een ode aan de liefde

Meer informatie

Gerelateerd