Advertentie

Hebban vandaag

Interview /

Interview Elsebeth Egholm

De zeemeermin in Kopenhagen, die zittend op een rotsblok dromerig uitkijkt over de haven van de Deense hoofdstad als het symbool van vrouwelijke schoonheid en opoffering in naam van de liefde, zou gemodelleerd kunnen zijn naar de beeltenis van Elsebeth Egholm. Ze is het toppunt van vrouwelijkheid. Lange blonde haren, een fijn gesneden gezicht, helderblauwe ogen, parelwitte tanden en een innemende glimlach. Een vrouw die het wachten waard is. Een keuze is er overigens niet, want haar lunch loopt danig uit.

Elsebeth Egholm is in Nederland ten onrechte onbekend. In Denemarken zijn inmiddels een aantal romans van haar hand verschenen en sinds enkele jaren ook maatschappelijk bevlogen thrillers met journaliste Dicte Svendsen in de hoofdrol. In ons land is pas verschenen haar vierde thriller Naaste familie.

Behoefte aan publiek
Een introductie is geen overbodige luxe. Elsebeth werd geboren in 1960. Na haar middelbare school studeerde ze vier jaar piano aan het conservatorium, maar de muziek bleek geen levensvervulling. Ze verwisselde The Royal Academy of Music voor de Danish School of Journalism en wist dat ze thuis was gekomen. “Ik heb altijd al willen schrijven. Maar niet alleen voor mezelf. Ik heb nooit de behoefte gehad om zelf mijn enige lezeres te zijn. Ik heb altijd een breed publiek willen bereiken. Door toeval rolde ik in de journalistiek. Ik heb voor een aantal grote Deense kranten en damesbladen geschreven. Alweer door toeval werd ik in staat gesteld om boeken te gaan schrijven. In 1999 kwam mijn eerste boek op de markt, dat meer romantisch van aard was dan dat het spannend was. Maar ik had de smaak te pakken en voordat ik het wist had ik drie boeken geschreven.”

Vrouwen inspireren
Van damesbladen naar misdaadverhalen is een hele stap. “Ja, dat klopt. Maar, ik heb altijd van de crime factor gehouden. Ik zat alleen zo dik in de hoek van de journalistiek, dat ik er lange tijd nooit over nagedacht heb om zelf crime te gaan schrijven. Het is een ideaal genre. Je kunt er alle kanten mee op. Je hebt zoveel subgenres waar je uit kunt kiezen: sf-crime, romantische, literaire, medische, psychologische crime. Noem maar op. Ik heb zelf altijd veel misdaadverhalen gelezen. Veel thrillers van Scandinavische thrillerauteurs zoals die van Liza Marklund en Anna Jansson. Op de een of andere manier schrijven ze datgene wat je als vrouw zelf ook voelt. Je kunt je dus beter identificeren. Als je dus zou vragen door wie ik geïnspireerd ben, dan is het antwoord: door vrouwen en een leven lang lezen. Maar ik ben niet uit mezelf aan romans begonnen. Op een bepaald moment kreeg ik plotseling een brief van een uitgever die mij vroeg een boek te schrijven. Dat was een hele eer en tevens een grote kans. Het vleide mijn ego bijzonder kan ik je zeggen.”

Vrouwenclub
Hoewel Elsebeth zich al vanaf haar jeugd interesseerde voor het spannende boek, was daar in haar eerste romans weinig van te merken. “Mijn eerste drie boeken waren niet 100% crime. Mijn eerste boek, The free women´s club, ging over vier vriendinnen. Het was een portret van de jaren tachtig. Een leuke en wilde tijd om te beschrijven. Het waren mijn eigen jaren als jonge vrouw die ik erin kwijt kon. Het boek ging over een clubje jonge vrouwen. Vriendinnen voor het leven. Ze beloofden elkaar eeuwige vriendschap, maar ze groeiden uit elkaar en een van hen pleegde zelfs zelfmoord. De anderen bleven achter met schuldgevoelens. In mijn volgende boeken Scirocco (2000) en Opium (2001) heb ik de wat donkerder kanten van het familieleven en van het huwelijk beschreven. Maar als je echte misdaadverhalen wil schrijven, moeten er meerdere elementen in zitten dan louter vrouwenemoties. Het probleem is een beetje dat een thriller niet echt mogelijk is zonder moord. Het zou wel kunnen, als je bijvoorbeeld iemand laat stalken en je weet een heel beklemmende sfeer op te roepen. Dan is er sprake van een misdaad zonder dat er meteen doden vallen, maar het is moeilijk. “There has to be a body” Pas in Hidden Errors (2002) heb ik tegelijk met de introductie van mijn hoofdpersoon Dicte, ook het misdaadelement stevig in de plots van mijn boeken verweven.
Nu is het niet meer weg te denken.”

Vrouwen schrijven anders
Elsebeth Egholm heeft in haar boeken een lange weg afgelegd van verhalen waar de nadruk lag op romantiek en vriendschap naar de wereld van de harde criminaliteit. Toch beseft ze dat ze als vrouw altijd op een andere manier zal schrijven dan vele van haar mannelijke collega’s. “Vrouwen schrijven anders dan mannen. Ja, dat proberen we niet opzettelijk te doen, maar het is wel zo. Iedere schrijver duikt in zijn eigen gevoelsleven om karakters uit te diepen of gebeurtenissen te beschrijven. En ja, dan beschrijf je gebeurtenissen die dicht bij datgene zit wat je kent. Schrijven is natuurlijk fantasie maar toch ook een weerslag van kleine gebeurtenissen die je van nabij kent. Bij vrouwen zie je dat familieleven van de hoofdpersonen en de plot met elkaar verweven zijn. Bij mannen staat het plot op zich. Die integreren weinig familie. Bovendien is het is natuurlijk zo dat vrouwen een veel grotere emotionele bagage met zich mee dragen dan mannen. Er is een heel natuurlijke manier waarop vrouwen hun emoties verwerken. Emoties bepalen hun hele wezen. In mijn boeken volg je de karakters in hun dagelijks leven. En daar hoort alles bij: vreugde, droefenis, honger, dorst, liefde en jaloezie. En ook al heb ik zelf geen kinderen, het schrijven over kinderen opvoeden hoort ook in dat rijtje thuis. Er zijn weinig mannelijke schrijvers die de behoefte voelen om die problematiek met hun lezers te delen. Ik heb veel voor vrouwenbladen geschreven dus ligt het schrijven over dingen die vrouwen bezig houden dichterbij dan voor mannen.”

Actualiteit
In haar boek Naaste familie krijgt hoofdpersoon Dicte een tape toegestuurd waarop te zien is hoe een in het donker gekleed personage een man onthooft. Uiteraard denkt de politie meteen aan een terroristische daad. “Ik kreeg het idee voor mijn boek toen ik in mijn huis op het eiland Gozo naar de televisie zat te kijken en er een nieuwsuitzending was waarin de onthoofding van westerse gijzelaars in Irak aan de orde werd gesteld. Er werden toen ook mensonterende beelden uitgezonden. Als voormalig journaliste vroeg ik me af wat ik gedaan zou hebben als ik als Deense journaliste een dergelijke tape in handen gekregen zou hebben? Zou ik ermee naar de politie zijn gegaan? Zou ik er een stuk over hebben geschreven in de krant of zou ik het aan een televisiestation hebben gegeven. Ik had het antwoord niet een twee drie voor mezelf vastgesteld. Diezelfde twijfel heb ik doorgegeven aan mijn hoofdpersoon Dicte. Het is alleen de twijfel die Dicte en ik gemeen hebben, want ik schreef korte verhalen voor damesbladen. Het zou niet op mijn vakgebied hebben gelegen. Maar Dicte is journaliste en zij moet haar journalistieke afwegingen maken.”

Maatschappijkritiek
In Naaste familie worden, naast de angst voor terrorisme, een aantal maatschappelijke problemen aangesneden een falend zorgstelsel, ouderdomsproblematiek, onveiligheid en pedofilie. Het centrale thema is echter de actuele integratieproblematiek. “Ja, ik schrijf in de Scandinavische traditie en die is niet vrijblijvend. Ik schrijf over maatschappelijke problemen. Ik laat zien waar de schoen wringt. Ik probeer onderwerpen aan te snijden waar de lezers over na kunnen denken. Oplossingen heb ik niet. Ik schrijf net zoals in de periode dat ik journalist was. Ik maak foto’s, kleine miniatuurtjes, van wat er op een bepaald moment leeft. Ik snijd ook meerdere problemen aan, zoals een krant dat doet. Ik ben geen analyticus, geen politicus, geen kruisvaarder of actievoerder, ik ben een journalist die een boek schrijft en dingen aanstipt. Wat zijn de conflicten? Natuurlijk is integratie een van de topics van dit moment. Dat staat bovenaan op de agenda in Denemarken. Met name die Mohammed cartoons en de reacties erop uit de Arabische wereld hebben heel wat stof doen opwaaien. Ik was halverwege mijn boek toen dat speelde. Ik probeer niet te onderwijzen. Ik probeer gewoon een goed verhaal te schrijven. De integratieproblematiek kent zo enorm veel nuances, dat ik mijn eigen mening daar niet echt aan toe wil voegen. Het is maar te hopen dat het ooit allemaal goed komt, maar voorlopig ziet het er niet naar uit. In mijn volgende boek stel ik de handel in organen centraal. Een jonge vrouw wordt dood aangetroffen. Er is op haar door een professional een keizersnede uitgevoerd, maar de baby is verdwenen. Ook hier volg ik de actualiteit. Het is een tweede natuur geworden, een erfenis uit mijn journalistentijd.”

Religie
Elsebeth Egholm neemt in Naaste familie stelling tegen diverse religies. Volgens haar personages leiden alle religies tot oorlogen en onderdrukking van de mens. Hier lijkt een persoonlijke mening uitgedragen te worden. “Dicte heeft een verleden met een Jehova getuige. Ze haat religie. Maar het is duidelijk dat dat gezien haar verleden nogal dubbel is. Ikzelf ben gefascineerd door religie. Ik heb in Malta gewoond en dat is erg katholiek. Wat je ook gelooft of niet, je komt er daar niet omheen. De hocus pocus, het spektakel, het is fascinerend. Het frustrerende is dat er vanuit de religie zoveel geboden en verboden zijn die mensen ongelukkig maken. Ze schrijven voor dat je geen voorbehoedsmiddelen mag gebruiken, dat je geen abortus mag laten plegen, dat je niet mag scheiden en wat al niet meer. Dan heb ik het over het katholicisme. Het is dus niet uitsluitend het geloof van moslims waar ik mijn twijfels over heb. Ik ben dolblij dat ik zelf buiten dat alles sta. Dat ik met mijn leven kan doen wat ik zelf wil. Ik kan dingen doen die andere vrouwen in mijn omgeving niet kunnen doen en daar ben ik blij om. Religie onderdrukt de eigen vrije wil en in veel gevallen ook de vrijheid van meningsuiting. Ik heb een hekel aan elke vorm van onderdrukking. Ik heb er ook een grote hekel aan als religie de gangbare wetten en regels van de democratie aantast.
Als religie het allerbelangrijkste wordt in het leven van de mens, dan wordt het moeilijk op de wereld. Dat maakt het voor moslims bijvoorbeeld moeilijk om te trouwen. Zij moeten met een meisje uit hun eigen land trouwen, een moslimmeisje. De ouders dringen daar op aan. Dan heb je het over jonge mannen die in een westers land wonen waar ze geheel andere dingen zien en meemaken. Is het een wonder dat ze geestelijk verscheurd raken en gekke dingen gaan doen?”

Optimisme
Elsebeth Egholm ontmoette in 1992 haar latere man, de twintig jaar oudere Engelse schrijver Philip Nicholson, die onder zijn pseudoniem A.J.Quinell wereldberoemde thrillers schreef met voormalig legionair John Creasy in de hoofdrol. Een rusteloze en bereisde man die lange tijd in Azië en Arabië woonde. Hij was Elsebeth´s steun en toeverlaat die haar schrijverscarrière enorm stimuleerde. "In 2005 overleed mijn man Philip. Om een dergelijk verlies te beschrijven verval je automatisch in clichés. De wereld stond stil. Ik heb veel steun gehad van goede vrienden, maar de behoefte om in die tijd te schrijven was nihil. Het moment dat ik schrijven kon gebruiken om mijn verdriet tijdelijk te verdringen kwam pas later. In het begin kreeg ik geen letter op papier. Ik mis mijn man ook als klankbord, als criticus met opbouwende kritiek. Of ik inhoudelijk anders ben gaan schrijven kan ik waarschijnlijk later pas beoordelen. Ik denk dat ik in plaats van pessimistisch juist optimistisch ben gaan schrijven. Als compensatie voor mijn eigen verdriet, heb ik een aantal van mijn hoofdpersonen het allerbeste gegund. Tel daarbij mijn romantische geaardheid op en je snapt dat ook onmogelijke liefde mogelijk wordt.”

Romantiek
Hoewel Elsebeth Egholm vindt dat ze heeft geprobeerd een flinke dosis optimisme in haar boeken te verwerken is het opvallend dat in Naaste familie geen van de personages echt gelukkig is. “Voor geluk moet je vechten. Het komt je niet aanwaaien. Dat beschrijf ik in mijn boeken. Rose, de dochter van hoofdpersoon Dicte, onderhoudt een moeizame relatie met de Pakistaanse Aziz. Ze hebben het moeilijk, mede door hun omgeving en door de vooroordelen. Maar ze houden van elkaar en gaan ervoor. Ook Aziz zelf heeft zich ontwikkeld door te knokken voor zijn toekomst. Hij was van oorsprong een joch uit de achterbuurten, maar hij is nu politieman geworden. Ik geloof in geluk. In mijn boek bestaat de kracht van liefde. Het is waarschijnlijk naïef, maar ik hoop dat de liefde in de werkelijkheid ook in staat is om alles te overwinnen. Ik hoop het van harte. Ik draag in ieder geval mijn steentje bij aan die hoop, door ervoor te zorgen dat in mijn boeken, mijn fictie, de liefde alles kan overwinnen. Ik ben erg romantisch van aard. Daarom.creëer ik graag mijn eigen sprookjes. Liefde maakt dat mensen grote problemen aankunnen. Mensen zijn sociale wezens. Mensen hebben vriendschap, liefde en geluk nodig om zich te ontplooien. Uit liefde put je krachten die groter zijn dan jezelf. Zonder liefde is het leven een stuk moeilijker.”

Afwisseling
Werken doet Elsebeth overal waar ze neerstrijkt. Het is een tweede natuur geworden. “Ik ben erg gedisciplineerd. Ik begin ’s ochtends om negen uur, dan werk ik door tot de lunch. Dan ga ik wandelen met de hond. Toen ik getrouwd was woonde ik met mijn man afwisselend zes maanden op het Maltezer eiland Gozo en zes maanden vlakbij Arhus. Ik houd van rust, maar ook van de grote stad en van reizen. Je kunt overal rust uit putten. En werkdiscipline kan je overal handhaven. Daarom houd ik ook in mijn eentje de afwisseling Gozo- Arhus in ere. Het is de afwisseling die het leven de moeite waard maakt.”



Over de auteur

Kees de Bree

99 volgers
13 boeken
0 favorieten
Auteur


Reacties op: Interview Elsebeth Egholm

 

Gerelateerd

Over

Elsebeth Egholm

Elsebeth Egholm

Voordat de Deense schrijfster Elsebeth Egholm (1960) haar studie journ...