Advertentie

Hebban vandaag

Interview /

Man Booker Prize-winnaar Marlon James schreef over de gevolgen van grote gebeurtenissen bij kleine mensen

door Luc Wierts 4 reacties
Gisteravond nam Marlon James de Man Booker Prize 2015 in ontvangst voor zijn roman 'Een beknopte geschiedenis van zeven moorden'. Hebban interviewde de kersverse prijswinnaar rondom de verschijning van zijn boek in Nederland. 'Jamaica is niet alleen "music, culture and peace". Jamaica is ook geweld, moorden, bendeoorlogen en politiek tribalisme'.

Jamaica. Dan denk je aan reggae, zon en strand? Een aanslag op de beroemdste reggaezanger ter wereld op 3 december 1976 in Kingston shockte Jamaica en de rest van de wereld.

De Jamaicaanse schrijver Marlon James zag er inspiratie in voor zijn derde roman, al was het aanvankelijk helemaal niet zijn bedoeling om over Bob Marley te schrijven. Een beknopte geschiedenis van zeven moorden is het imposante resultaat en is ook al verkocht aan tv-studio HBO. “Een roman over de gevolgen van grote gebeurtenissen bij kleine mensen”, noemt James het zelf.

De moordaanslag op Bob Marley en zijn gevolg enkele dagen voordat hij het vredesconcert Smile Jamaica zou geven, is het centrale moment van waaruit deze roman begint. Wat bracht je ertoe om hier een boek over te schrijven?

"Het begon voor mij helemaal niet met Bob Marley. Ik schreef een verhaal over een huurmoordenaar die een Jamaicaan moet vermoorden. Dat stuk, over John-John K staat nu in de Engelse versie op bladzijde 458 in het boek. Daarnaast had ik verschillende korte verhalen waarin ik steeds vast liep, totdat iemand mij erop attendeerde dat ze allemaal iets gemeen hadden, namelijk Bob Marley. En hoewel ik eigenlijk van plan was mijn kortste roman te schrijven, is het uiteindelijk mijn dikste boek geworden. Maar dat komt omdat alle personages ineens weer op andere plekken opdoken; rondom drugs, de Koude Oorlog, de CIA, zaken die gingen over Cuba en kapitalisme versus communisme. Wat er allemaal gebeurde in Jamaica in de jaren zeventig hing samen met de VS die wilden voorkomen dat de Cariben in het communistische kamp zouden belanden."

Wordt het verhaal ook ineens veel groter als je besluit dat het zich gaat afspelen rondom die moordpoging op Bob Marley?

"Ja, want op dat moment was Bob Marley al een icoon. Maar ik wilde helemaal geen boek over hem maken. Er is al een dozijn boeken over hem verschenen. Ik heb hem ook nooit ontmoet. De meeste mensen in Jamaica hebben hem nooit ontmoet. Hij was iemand die we meemaakten in de verhalen, of op de radio. Maar ik schrijf ook niet direct over hem. Barry Diflorio, de CIA-man, ontmoet hem nooit. Nina Burgess die hem probeert te stalken, zegt dat ze hem heeft ontmoet en seks met hem heeft gehad, maar het is niet zeker of dat waar is. Ik ben er meer in geïnteresseerd hoe grote gebeurtenissen zoals deze effect hebben op de kleine mensen."

Het boek is geen whodunnit geworden?

"Nee, ik ben helemaal niet geïnteresseerd in het oplossen van die aanslag. Ik wil het liever hebben over hoe mensen moeten leven met de daden die ze plegen. Ik denk dat ik alle mogelijke theorieën over de daders wel noem. Marley had op dat moment zoveel vijanden in Jamaica dat als de één het niet had gedaan, er wel anderen waren geweest."

Je beschrijft hem consequent in het boek als De Zanger. Hij was al dat idool en symbool voor vrede. Toch zijn er in jouw boek heel wat mensen die hem niet mogen?

"Ja, misschien dat de rest van de wereld Bob Marley altijd liefhad. Op Jamaica was dat zeker niet het geval. Heel wat mensen, onder wie mijn vader, hadden een hekel aan hem."

Waarom?

"In het geval van mijn ouders. Allebei waren politiemensen. Mijn vader werd later een advocaat. Voor hem was Bob Marley een ongeschoolde, die slecht sprak. Hij was geen Martin Luther King, maar gewoon een zanger. En die zou dan de stem van vrede moeten zijn… Daarnaast was hij een rastafari - James wijst op zijn dreads - en die werden als het laagste van het laagste gezien op Jamaica. Ze werden in elkaar geslagen of zonder enige reden opgepakt. Een beetje zoals enkele jaren terug homo’s nog behandeld werden. En tenslotte was er natuurlijk gewoon jaloezie."

Was men zich op Jamaica bewust dat dat beeld heel anders was dan in de rest van de wereld?

"Ik denk het wel. Misschien was dat ook juist een van de redenen dat ze een hekel aan hem hadden. Omdat hij verder overal zo geliefd was. Hij was de eerste superster uit de Derde Wereld en dat maakte hem ook gevaarlijk. Hij gaf zo veel mensen kracht. Een beetje zoals een 10-jarig zwart jochie nu tegen de Amerikaanse president aankijkt. Die ziet ineens wat mogelijk is."

Dat heeft ook best lang geduurd.

"Ja, maar de opkomst van Bob Marley ging heel snel. Maar hij was echt een internationale superster. Op een bepaald moment was hij nauwelijks nog op Jamaica."

Ik denk dat voor velen Jamaica staat voor zon, muziek en peace. Dat beeld sla jij vakkundig aan gruzelementen.

"Jamaica is ook ‘music, culture and peace’. Maar Jamaica is ook geweld, moorden, bendeoorlogen en politiek tribalisme. Het ligt veel ingewikkelder. Geen enkel land kun je in één omschrijving vangen. En het geweld zat vooral in Kingston en dan nog met name West-Kingston."

Wat kreeg jij daar zelf van mee in de jaren zeventig?

"Ik was toen zes jaar en wat ik me ervan herinner is vooral hoe mijn ouders erop reageerden. Op zo’n leeftijd is je vader de stoerste man van de wereld en weet je moeder alles. Maar ik zag aan hen en de manier waarop ze praatten dat ze echt bang waren. Waarschijnlijk omdat Bob Marley als onaantastbaar werd gezien. Hij kon zo een shoot-out inlopen en iedereen hield op met schieten. Dat mensen hem probeerden te vermoorden, was zoiets als een aanslag op Moeder Theresa. Het was ook een heel turbulent jaar. Eerder was al de ambassadeur van Peru vermoord in Kingston. Ik denk dat veel Jamaicanen vreesden dat als zelfs Bob Marley een doelwit was, iedereen kon worden vermoord."

Die gewelddadige kant van Jamaica. Hoe heb je daar je research voor gedaan? Dat haal je niet uit de geschiedenisboeken.

"Ik sprak veel mensen die het hebben meegemaakt en heb research gedaan in de nieuwsarchieven. Hoewel ik niet ben opgegroeid in de getto’s van West-Kingston, ken ik mensen die daar vandaan kwamen. In de getto’s waren ze gewend aan dat geweld. Ze wisten dat als het donker werd, je op de grond moest zitten, om niet geraakt te kunnen worden door rondvliegende kogels. Vooral van die zaken die zij heel normaal vinden, raak je geschokt. Ik beschrijf hoe één bendelid, Demus, door de politie wordt opgepakt op verdenking van verkrachting en dat alle mannen in de line-up liggend op straat neukbewegingen moeten nabootsen. Iemand heeft me verteld dat hem dat is overkomen. De gekste dingen in het boek zijn echt gebeurd."

De getto-bazen en bendeleden die je beschrijft zijn behoorlijk gek. Zijn zij op echte mensen gebaseerd?

"Sommigen denken dat de hoofdpersonen een op een op de grote getto-bazen lijken. Zo zou Josey Wales een beschrijving zijn van Jim Brown. Dat denken ze omdat beiden dezelfde carrière hebben gehad, van deputy naar baas. Maar hoewel Josey een psychopaat is die twee zwangere vrouwen vermoordt, is hij ook zeer welbespraakt en totaal niet homofoob. Dat zijn zeker geen eigenschappen van Jim Brown. Ik wilde hier geen non-fictie over schrijven, want achter de precieze waarheid over deze aanslag zullen we toch nooit komen."


Je personages moeten wel geloofwaardig zijn.

"Absoluut, dat geldt zelfs voor de geest van een dode die ik opvoer. Ze moeten tegenstrijdigheden bevatten en hebben moeilijke karakters. Net zoals in het echte leven. Sommige van die gettobazen waren misschien een gevaar voor de samenleving. In hun eigen omgeving werden ze vaak als helden gezien."

Op de cover van het boek staan termen als Tarantino-remake. Maar in tegenstelling tot de films van Tarantino maak jij van jouw bad guys geen helden.  

"Nee, Josey Wales is zeker geen held. Ik vind ook dat je intrigerende personages kan creëren zonder ze een held te maken. Sommige mensen hebben nou eenmaal geen goede kant. Ik geef les in creatief schrijven en daarin zeg ik ook, als een personage ontwikkeling moet hebben, kan dat ook van slecht naar nog slechter gaan. Dat maakt ze juist waarachtiger."

Kostte het je veel moeite om de juiste toon van al die verknipte types te vinden?

"Om het begrijpelijk te houden, kon ik de Jamaicaanse dialecten maar deels gebruiken. Heel veel personages spreken een andere taal. Josey denkt bijvoorbeeld dat hij netjes Engels spreekt, maar dat doet hij zeker niet. Het is ook een terugkerend thema in mijn boek. Mensen die anderen erop aanspreken dat ze de taal slecht gebruiken. ‘You chat bad’, zeggen ze op Jamaica. Geen enkel persoon heeft dezelfde stem in mijn boek, ook de CIA-agent en de journalist van Rolling Stone klinken anders. Dat vond ik belangrijk, omdat het hele boek vanuit al die verschillende personages in de eerste persoon is geschreven."

Hoe heb je dat aangepakt. Had je stapeltjes fragmenten van alle personages of een groot bord?

"Ik heb echt een raster gemaakt zoals screenwriters doen. Zodat ik op elk moment van de dag precies van ieder personage wist wat die aan het doen was. Bijvoorbeeld, het is zes uur ’s ochtends. Nina staat voor het huis van De Zanger, Josey ligt nog in bed. Anders was ik bang dat ik iemand zou vergeten. Maar het was ook een houvast."

Het klinkt meer als het oplossen van een wiskundige som dan lekker gaan zitten en schrijven maar.

"Sommige schrijvers werken misschien zo. Dat ze gaan zitten en de inspiratie laten komen. Ik plot mijn verhalen altijd heel goed en werk gestructureerd."

Wist je dan elke dag aan welk deel je ging werken?

"Ja meestal wel. Wat ik me voornam om te beschrijven, kon echter heel anders worden. Ik lette erop dat ik die vrijheid hield. Ik had mezelf de regel gegeven dat aan het eind van de dag in ieder geval één ding moest zijn gebeurd dat me had verrast."   

En lukte dat?

"Ja, bijna altijd."

Je boekrechten zijn verkocht voor een tv-serie, begreep ik?

"Ja, aan HBO. Ik werk nu zelf aan het script. Het ziet er goed uit, al moet je bij tv altijd even afwachten of het echt gemaakt gaat worden."   

 

Man Booker Prize 2015

Een beknopte geschiedenis van zeven moorden werd unaniem verkozen tot winnaar door de jury van Man Booker Prize. Het 680 pagina's tellende boek werd door juryvoorzitter Michael Wood ondermeer geprezen door de "vele stemmen" - meer dan 75 personages maken hun opwachting in het boek.  

Wood: 'Een van de genoegens van het lezen ervan is dat je bij elke nieuwe bladzijde niet weet met welke verteller je te maken hebt.' 

Het is de tweede keer dat de Man Booker Prize ook inzendingen uit andere landen dan de (Brits) Gemenebest accepteerde. Marlon James, die momenteel Minneapolis in de VS woont, kan na zijn overwinning een flinke verhoging van het aantal verkochte boeken verwachten. Sinds Een beknopte geschiedenis van zeven moorden werd genoemd als een van de kanshebbers voor de Booker Prize verdrievoudigde de verkoop in Engeland tot meer dan 1000 exemplaren per week, aldus Nielsen Book Research. (Bron: bbc.com)


Update 14/10/2015. Dit interview werd eerder gepubliceerd op 29 juni 2015. 

 



Over de auteur

Luc Wierts

94 volgers
70 boeken
2 favoriet
Hebban Recensent


Reacties op: Man Booker Prize-winnaar Marlon James schreef over de gevolgen van grote gebeurtenissen bij kleine mensen

 

Gerelateerd

Over

Marlon James

Marlon James

Marlon James (1970, Kingston) is schrijver en docent Engels & Creative Writing. Een beknopte geschiedenis van zeven moorden is zijn derde roman. Hij debuteerde in 2005 met John Crow’s Devil ...