Advertentie

Hebban vandaag

Interview /

Interview Pieter Aspe

“Ik wilde een typisch Brugse naam, maar tegelijk ook een die niet al te veel voorkomt. Dat is commissaris Van In geworden. Achteraf gezien misschien niet de handigste keuze. Dat wist ik toen gewoon nog niet.”

Een beetje verontschuldigend legt Pieter Aspe uit hoe aan de naam van zijn hoofdpersoon is gekomen. De succesvolle Vlaamse auteur lacht een beetje verlegen. “Het is niet handig als je aan het schrijven bent. Het boek van Van In. Dat klinkt niet. Maar die kennis had ik niet toen ik begon, he.”

Met een weids gebaar laat hij zijn appartement aan de Belgische kust zien. Uitzicht op een prachtige jachthaven. “Kijk de boten links van de pier zijn van mij en rechts van mijn buurman”, grapt hij. “Ik heb er nog geen roeibootje liggen”, vertelt hij later. Maar het appartement mag er zijn. “Er zijn mensen die hebben hun leven lang gespaard en kopen dan een appartementje aan de kust. Voor de schone zeelucht. Dat is een paradijs voor een roker. Elke keer die schone lucht”, gaat hij verder terwijl hij opnieuw een Barclay aansteekt. De wijk waarin hij met zijn vrouw woont, is dan ook vergrijsd, heeft hij ontdekt. “Wij zijn de jongste hier. En ik ben toch al weer 52 jaar hoor.”

Zijn vrouw zit met twee vriendinnen rond de salontafel aan de champagne. De jachthaven ligt half verscholen achter de druilerige regen die de hele dag al gestaag is gevallen. Pieter Aspe rukt zich los van zijn vrije zaterdagmiddag. Lange grijze haren omlijsten zijn gezicht, vriendelijke ogen kijken over de eettafel heen, terwijl hij met zachte stem zijn verhaal vertelt.
Dat verhaal begint in 1995. De conciërge van de Heilige Bloedkapel in Brugge – ‘ze bewaren daar een relikwie van het bloed van Christus’ – wordt veertig jaar en ziet de lege jaren tot zijn pensionering voor zich. “Nog 25 jaar te gaan. Ik was het een beetje beu. Ik kende geen vak. Ik had geen opleiding. Ik zit daar maar. Ik dacht toen: als ik nu eens een boek schrijf dat wordt gepubliceerd. Dan kan ik op mijn 65ste zeggen dat ik toch iets heb gepresteerd. Het ging mij niet om het verkopen van boeken, maar enkel om het publiceren,” kijkt Aspe terug.
Met dat eerste boek – Het vierkant van de wraak – maakte Pieter Aspe een enorme indruk. Hij werd van onbekend conciërge opeens gevierd auteur. “Achteraf zeggen mensen: dat overkomt een uitgever maar eens in de tien jaar. Dat een nieuwe auteur zo aanslaat. Waarom het zo aan is geslagen? Dat vraagt de uitgever zich ook wel eens af. Misschien komt het omdat ik ben begonnen op het moment dat Jef Geeraerts er mee stopte. Hij was de enige misdaadschrijver van belang in België. Hij liet een soort leemte achter.”

Aspe keek niet meer om. Na het eerste succes wilde uitgever Manteau dolgraag een tweede boek uitgeven. “Na het derde boek begon het op een serie te lijken”, lacht Aspe nu hij zeventien titels over Van In op zijn naam heeft staan. Dat het een serie zou worden stond al snel vast. “Ik ben een beetje lui. Het is gemakkelijker om met hetzelfde decor en dezelfde mensen door te gaan. Dan hoef je ook niet zoveel uit te leggen.”
Het schrijven gaat Aspe makkelijk af. Hij levert nu steevast twee boeken per jaar af. “Ik heb een keer geprobeerd een boek in drie maanden af te krijgen, maar dat is net iets te krap. Vier maanden per boek is een mooie tijd. Ik heb ook twee kinderboeken geschreven. Ik kwam een keer op een receptie van de uitgever iemand van het kinderboekenfonds tegen. Die vroeg of ik eens iets wilde doen. Ik schreef toen een Van-Inboek per jaar dus ik had wel tijd over. Maar toen ik dat had gedaan zei de uitgever: zou je dan niet beter twee Van-Inboeken kunnen doen? Dat doe ik sedert dat jaar.”

Tijdens de eerste boeken over zijn commissaris kostte het nadenken over het plot de meeste tijd. Dat gaat nu veel gemakkelijker. Hij start met een misdaad, een verdachte omstandigheid of een voorval op straat. Dan gebeuren er zaken die het voor de politie moeilijk maken om de waarheid te achterhalen. “De spanning in een verhaal bestaat uit het creëren van problemen en de oplossing bedenken. Dat kost wel enige moeite. Het is niet altijd even makkelijk om zo’n verhaal te schrijven.”
Met een paar vuistregels achter de hand, komt Aspe er telkens weer goed uit. De belangrijkste? Niet te veel informatie in een boek – ‘Het moet geen toeristische gids van Brugge worden’ – en niet te veel uitleggen. “Iedereen weet wel wat de CIA is. Daar moet je geen twintig bladzijden aan besteden. Even snel in een tussenzinnetje melden is voldoende. Als ik zoiets in een boek lees, dan leg ik het weg. Dat interesseert me niet. Ik hoop dat mijn boeken de lezers niet vervelen.”
Een nieuwe impuls om met de serie door te gaan, heeft de televisie gegeven. Een eerste serie rond Van In heeft Aspe nog meer in de vaart der volkeren omhoog gestuwd. “Het is in de oplage niet te zien dat de serie op televisie is verschenen. Het heeft de verkoop van oude titels wel een beetje aangesterkt. Mensen willen de hele serie verzamelen als ze een later boek hebben gekocht.” In het najaar komt de tweede serie op de buis. Ook in Nederland.

Het schrijven van een langlopende serie vraagt om een speciale stijl, weet Aspe. “Niet shockeren maar amuseren. Een beetje humor, een beetje seks, maar geen details van martelingen of sperma tot aan het plafond. Dat vinden mensen leuk om in een boek te lezen, de tweede keer ook nog maar de derde keer denken ze: dat heb ik al gehad. Het moet een breed publiek aanspreken.”

Pieter Aspe vindt zichzelf een echte ‘broodschrijver’. Van hem geen hoogdravende verhalen over de betekenis van zijn boeken of de elegantie van de taal. “Het zou bijzonder stom zijn om nu op te houden met Van In. Ik heb nog zo veel ideeën voor hem. Ik zei altijd dat ik er twintig zou schrijven. Maar dat was meer om van al die vragen af te zijn. Dat is nu achterhaald. Hoeveel het er zullen worden? Dat weet ik niet. Dertig? Veertig? Als het op is merk ik het wel. Ik schrijf gewoon voor mijn brood. Van mij geen pretenties.”



Over de auteur

Gijs Korevaar

1 volger
0 boeken
0 favorieten
Specialist


Reacties op: Interview Pieter Aspe

 

Over

Pieter Aspe

Pieter Aspe

Pieter Aspe (1953), pseudoniem van Pierre Aspeslag, was tijdens de woelige jare...