Advertentie

Hebban vandaag

Review /

LEWA: Lindy las Boud van Eva Rovers

door Lindy de Jong 11 reacties
April is al jaren de themamaand ‘Lees eens wat anders’! De redactie van Hebban daagde je wederom uit om buiten je comfort zone te stappen. Natuurlijk geeft de Hebban Crew het goede voorbeeld: dit is Lindy's ervaring met een biografie. Zij las 'Boud' van Eva Rovers, over schrijver en tv-persoonlijkheid Boudewijn Büch. Was het een succesvolle kennismaking met een nieuw favoriet genre?

Lindy leest Boud

Non-fictie is een breed begrip en er staat meer dan voldoende van in mijn boekenkast, zowel gelezen als ongelezen… Die laatste soort, de ongelezen boeken, zijn vooral te typeren als biografieën. Die vind ik namelijk best intimiderend. Vaak zijn het van die dikke exemplaren, en hoewel ik daar wat fictie betreft helemaal niet vies van ben, is de drempel om aan zo’n biografie te beginnen vaak te hoog voor mij. Ik vraag me toch altijd af of ik wel 500 pagina’s geboeid kan blijven door het waargebeurde leven van één persoon… Ik zal het deze maand merken, want ik ga me wagen aan de biografie van een man die me altijd heeft gefascineerd: Boud van Eva Rovers. Het is een titel die al langer dan twee jaar op mijn Wil-ik-lezen-plank staat en bijna net zo lang in mijn kast. Met de prachtige recensie van Willem van Hartskamp als duwtje in de rug dompel ik me in april onder in het leven en de fantasie van Boudewijn Büch!  

De ervaring

In 2010 reageerde Eva Rovers op een advertentie waarin werd gevraagd om een biograaf die een evenwichtig portret zou kunnen optekenen van de in 2002 overleden schrijver en televisiebekendheid Boudewijn Büch (1948). Zij kreeg de opdracht én toegang tot zijn persoonlijke archief (met daarin o.a. 67 dagboeken, ruim 2000 ontvangen brieven, 1500 foto’s, duizenden knipsels en honderden uren audio- en videomateriaal), dat ondergebracht was bij het Letterkundig Museum en eigenlijk tot 2030 gesloten zou blijven. Deze nalatenschap bleek onontbeerlijk voor een boek dat, in tegenstelling tot eerdere biografieën over Büch, ook een kijkje in het innerlijk van de auteur zou moeten geven.  

Want natuurlijk, Boudewijn Büch werd na zijn dood bestempeld als charlatan en leugenaar, toen de verhalen over een dood zoontje (De kleine blonde dood), over zijn geaardheid als homoseksueel en zelfs pedofiel, over zijn jeugd in een inrichting en over zijn familie ontkracht werden. Maar Rovers plakt Büch in haar boek geen psychologisch etiket op: ze laat zien hoe hij van jongs af aan speelde met feit en fictie, hoe hij van zichzelf zowel in zijn boeken als in het echte leven een literair personage maakte met als resultaat een ‘nauwelijks te ontwarren verknoping van autobiografie en fictie’: autobiografictie.  

Uit Boud komt een beeld naar voren van een jongetje dat al op jonge leeftijd weet dat hij net zo beroemd en gewaardeerd wil worden als zijn grote voorbeeld Goethe en al vlot zijn imago als eenzaam en getergd maar niet altijd enthousiast besproken dichter begint op te bouwen. Rovers laat dat beeld langzaam evalueren, naar de enthousiaste maar tegelijkertijd zeer eenzame BN’er die hij uiteindelijk zou worden.  

‘Respons, bevestigd worden, veel horen hoe goed ik ben – ik geef het toe – dat heb ik nodig.’  

Het resultaat is een biografie die een compleet, driedimensionaal portret schetst van de schrijver en tv-persoonlijkheid. En wat goed dat dit boek er is: want Boudewijn Büch blijkt zo veel meer dan een ‘fantast’, zoals hij na zijn vroege dood bekend werd. Zijn nieuwsgierigheid naar de wereld, zijn vermogen om duizenden pagina’s te verslinden en weetjes in korte tijd op te slaan, zijn kunst om verhalen te kunnen vertellen maakten hem veel meer dan dat. Rovers schetst een persoonlijkheid die veel verschillende kanten kende, die bevestiging, aandacht en roem nodig had, maar tegelijkertijd iedereen op afstand hield en daarmee zijn eenzaamheid vergrootte. Het zorgt ervoor dat de lezer sympathie opvat voor Büch, hem zijn nukken en rariteiten en soms regelrechte leugens vergeeft, net zoals zijn goede vrienden dat jarenlang gedaan moeten hebben. Van zijn jeugd tot aan zijn dood verweefde Büch zijn literaire gevoelsleven met zijn feitelijke leven: waar zijn verzonnen leven eindigde en echte leven begon was ook voor Büch zelf uiteindelijk niet meer te zien.  

Als boekliefhebber kun je die sympathie sowieso wel opbrengen voor deze verzamelaar. Büch was vanaf zijn jonge jaren verslaafd aan het kopen van boeken. Letterlijk verslaafd: die verzameldrang leverde hem in ’78 zelfs een faillissement op. Veel zou hij daarvan niet leren, al kon hij het geld een aantal jaar later makkelijker uitgeven. Begin jaren negentig was een aankoop van een echt verzamelobject van zo’n 10.000 gulden geen uitzondering. Büchs bibliotheek zou uiteindelijk zo’n honderdduizend boeken tellen, waarvan circa tienduizend antiquarische reisboeken. Wie een beeld wil krijgen van zijn verzameling wordt sterk aangeraden om deze video te bekijken.  

De speurtochten van Büch door (antiquarische) boekhandels, niet alleen in Leiden en Amsterdam, maar ook tijdens zijn reizen (waartoe het bezoeken van lokale boekwinkels tot een must en hoogtepunt behoorde) weet Rovers heerlijk te beschrijven, met dank aan de vele boekhandelaren die hun ervaringen met Büch als klant en vriend met haar deelden. Ook Büchs aandacht en liefde voor ‘bibliofiel’ uitgeven in kleine oplages en dure uitvoeringen spreekt tot de verbeelding.  

Daarentegen waren Büchs eigen boeken erg toegankelijk voor een groot publiek, wat overeenkomt met de rol die hij ook op tv aannam: die van enthousiast promotor van het boek en lezen in het algemeen. Rovers zorgt met Boud voor eenzelfde effect en drang: je zult achteraf alles van Boudewijn Büch willen (her)lezen, meteen een bezoek aan de boekhandel willen brengen of willen struinen over een boekenmarkt.      

Conclusie  

Chapeau voor Rovers, die vijf jaar lang in het leven van 'Boud' dook, naast het archiefwerk 170 mensen interviewde voor dit boek en een prachtig genuanceerd beeld geeft van Büch. De noten (zeer de moeite waard om daarvoor tijdens het lezen heen en weer te bladeren), geraadpleegde archieven, geïnterviewde personen, literatuur- en bronnenoverzicht en register tellen tezamen al een kleine honderd pagina’s. Het boek is daarnaast ook nog eens prachtig uitgegeven, hardcover met stofomslag en leeslint, uiteraard in de blauwe kleur die zo geliefd was bij Boudewijn, en vele foto’s.  

Van het kiezen voor deze biografie voor mijn Lees eens wat anders-maand heb ik absoluut geen spijt. Eva Rovers heeft bewezen dat een biografie geen gortdroge brok informatie hoeft te zijn, maar schreef een zeer toegankelijk boek dat doet hunkeren naar meer. Haar biografie over kunstverzamelaar Helene Kröller-Müller staat inmiddels op mijn Wil-ik-lezen-plankje en dit subgenre van de non-fictie zal waarschijnlijk steeds vaker zijn weg naar mijn boekenkast weten te vinden.

Lees hier alle artikelen in de rubriek 'Lees eens wat anders in april'



Over de auteur

Lindy de Jong

657 volgers
311 boeken
6 favoriet
Hebban Crew


Reacties op: LEWA: Lindy las Boud van Eva Rovers

 

Gerelateerd

Over

Eva Rovers

Eva Rovers

Eva Rovers (1978) schreef eerder de veelgeprezen biografie van kunstverzamelaar Helene Kröller-Müller, De eeuwigheid verzameld. Hiervoor ontving zij onder meer de Erik Hazelhoff Roelfzema Bi...