Advertentie

Hebban vandaag

Dossier /

Pseudoniem of pseudoniet?

door Lindy de Jong 2 reacties
Eens in de zoveel tijd laait de discussie over gelijkheid tussen de seksen in de literatuur weer op. Hoe serieus worden vrouwelijke auteurs genomen, hoe dragen uitgevers en recensenten bij aan de discussie en in hoeverre speelt het gebruik van pseudoniemen een rol in de genderproblematiek in boekenland?

Mannelijke dominantie

In Groot-Brittannië bereikte de discussie over de rol van met name vrouwelijke auteurs afgelopen maand een hoogtepunt toen een uitgeverij verontrustende cijfers bekendmaakte. De onafhankelijke Ierse uitgeverij Tramp Press vraagt schrijvers bij het aanleveren van hun manuscript altijd een lijstje bij te voegen van auteurs die hen beïnvloedden bij het schrijven van hun manuscript. Mede-oprichter Sarah Davis-Goff wierp een kritische blik op de laatste honderd inzendingen en zag dat slechts 33 van de 148 genoemde namen van vrouwelijke auteurs waren. De inzenders van de manuscripten bestonden uit 40% vrouwen en 60% mannen. “Het is niet kwaad bedoeld, maar onbedoeld seksisme is nog steeds seksisme,” zegt Davis-Goff in The Guardian.

Het is een nieuw bijdrage in de discussie die afgelopen mei door romanschrijfster Nicola Griffith opnieuw oplaaide. Zij analyseerde de winnaars van zes grote literaire prijzen in de afgelopen vijftien jaar (Pulitzer, Man Booker, National Book Award, National Book Critics’ Circle Award, Hugo en Newbery Medal), en ontdekte dat mannen de prijzen domineerden. Niet alleen waren de meeste winnaars mannelijk, ook de winnende boeken bevatten veelal een mannelijke hoofdpersoon. Het roept wederom de vraag op of vrouwelijke auteurs inderdaad minder gewaardeerd en serieus genomen worden in het literaire veld dan mannen.

 

Vrouwenjaar

Vida, een Amerikaanse organisatie die opkomt voor vrouwen in de literatuur en voor gendergelijkheid, publiceert ieder jaar een rapport waaruit duidelijk wordt dat mannelijke auteurs én reviewers nog altijd in de meerderheid zijn op de boekenpagina’s in de media. In juni stelde auteur Kamila Shamsie dan ook een ‘Year of Publishing Women’ in 2018 voor. Een aantal (kleine) uitgeverijen heeft al toegezegd om enkel vrouwelijke auteurs te publiceren of steun betuigd. Tegelijkertijd verkondigen zij wel dat discriminatie niet met discriminatie beantwoord zou moeten worden.

Dat uitgevers een grote rol spelen in de instandhouding van deze situatie, in ieder geval overzees, maakt het voorbeeld van Catherine Nichols duidelijk. Zij bewijst dat een mannelijk pseudoniem de kans vele malen groter maakt opgemerkt te worden in de slush pile van manuscripten.

Nichols stuurde haar manuscript naar vijftig literair agenten en werd keer op keer teleurgesteld. Van slechts twee agenten ontving ze een antwoord. Totdat ze haar brieven met een mannelijke naam ondertekende. Na figuurlijk van sekse te zijn veranderd, ontving de auteur wél vele reacties. Ze besefte al gauw dat het manuscript niet het probleem was: het was haar identiteit. Uiteindelijk ontving ze zeventien aanvragen voor haar manuscript, waarmee haar mannelijke pseudoniem ‘George’ het acht en een half keer beter deed dan zijzelf. Een derde van de agenten wilden zijn manuscript zien, tegenover 1 op 25 voor Catherine. Eén en dezelfde agent schreef zelfs aan afwijzing naar Catherine, terwijl hij George om een manuscript vroeg.

In Engeland lijkt het kiezen van een mannelijk pseudoniem vaak zelfs de beste manier om de aandacht van uitgevers te trekken, leert ook het verleden. Zo gebruikte J.K. Rowling haar initialen in plaats van haar voornaam Joanne toen zij Harry Potter naar uitgevers stuurde, en koos ze het mannelijke pseudoniem Robert Galbraith voor het uitbrengen van haar eerste thriller.

In een artikel in de Wall Street Journal gaf uitgever Anne Sowards van Penguin in 2012 bovendien al toe toe dat bij debuterende vrouwelijke auteurs vaker gekozen wordt voor een mannelijk of androgyn pseudoniem.


 

Tekortschieten

Ook in Nederland duiken regelmatig opiniestukken op waarin een discussie gevoerd wordt over het ontbreken van vrouwelijke auteurs op shortlists voor literaire prijzen - en daardoor opvallend weinig in de prijzen vallen -, de overvloed aan mannelijke recensenten en gerecenseerde mannelijke schrijvers, de Boekenweekgeschenken die voornamelijk door mannen geschreven worden… Vraag blijft of het gebrek aan vrouwelijke namen inderdaad een gevolg is van discriminatie of simpelweg van een kleiner aanbod aan vrouwelijke publicaties. En is dit laatste dan weer een gevolg van de keuze van de uitgever of een te gering aantal goede manuscripten?

Volgens Marc van Gisbergen, uitgever van Marmer, wordt bij het selecteren van nieuwe manuscripten voor de aanbieding geen rekening gehouden met de balans tussen mannelijke en vrouwelijk auteurs in de bestaande fondslijst. Marmer geeft zelfs iets meer vrouwelijke schrijvers dan mannen uit, maar kiest nooit bewust voor een vrouwelijk of mannelijk auteur, verklaart Van Gisbergen tegenover Hebban.

 

Who runs the world?


Op het gebied van thrillers lijkt de situatie in Nederland echter het spiegelbeeld te vormen van die in Groot-Brittannië. Vrouwelijke thrillerschrijver verkopen goed, erg goed zelfs. Namen als Saskia Noort, Esther Verhoef, Simone van der Vlugt en Marion Pauw kunnen sinds een aantal jaren steevast in de bestsellerlijsten terug gevonden worden. Dat weten uitgevers en auteurs ook en dus zijn er steeds meer mannelijke schrijvers die voor een vrouwelijk nom de plume kiezen. Denk aan Suzanne Vermeer (ps. van Paul Goeken), Tess Franke (ps. van Gert Jan de Vries) en Linda van Rijn.

Het idee voor het pseudoniem van Vermeer ontstond toen Goeken een thriller wilde schrijven dat volgens zijn uitgever Steven Maat van AW Bruna geen typisch Paul Goeken-boek was. “Het verhaal was gewoon te goed om te laten liggen, we wisten zeker dat het veel lezers zou aanspreken, maar het was een heel ander verhaal dan Pauls eerdere thrillers. Het boek onder zijn eigen naam uitgeven was daarom eigenlijk geen optie. En Paul zei vaak dat je als man alleen nog maar kans maakt op een plek in de bestsellerlijst als je onder een vrouwennaam schrijft. Die gedachte hebben we samen verder uitgewerkt,” aldus de uitgever in 2011, het jaar dat Goeken overleed en zijn identiteit bekend werd gemaakt.

Het is nog bijzonder riskant om een auteur zomaar onder pseudoniem uit geven. Promotie van de boeken is uiteraard lastig bij afwezigheid van de auteur; televisieoptredens en interviews zijn niet mogelijk. Toch lijkt het mysterie rond een schrijver juist de perfecte marketingtool te kunnen zijn. Vermeer heeft in dat opzicht de deuren geopend voor andere schrijvers die incognito willen blijven.

 

It’s alive!

Wie er achter het pseudoniem van Linda van Rijn schuilgaat (die als Sandrine Jolie ook erotisch getinte thrillers schrijft), is nog altijd gissen. Haar eerste boek verscheen in 2011, en daarmee lijkt ze het mysterieuze stokje van Goeken te hebben overgenomen. De redenen om voor een pseudoniem te kiezen zijn nogal verschillend, zegt haar uitgever Marc van Gisbergen: “In het geval van Linda van Rijn en Sandrine Jolie wilde de auteur absoluut niet dat zijn echte naam zou worden onthuld. Linda van Rijn is bedacht als ‘collega’ van Suzanne Vermeer. Zij is een concept dat we samen met de auteur op basis van zijn ideeën en plots hebben uitgewerkt. En Linda leeft inmiddels. En is een veel gelezen schrijfster, die boeken schrijft waar veel mensen plezier aan hebben.”

Op de vraag wanneer er voor een vrouwelijk pseudoniem voor een mannelijk auteur gekozen wordt, antwoordt de uitgever van Marmer: “Die keuze is soms ingegeven als een mannelijke schrijver boeken schrijft die naar verwachting voor 95% door vrouwen zouden kunnen worden gekocht en gelezen. Bij het pseudoniem Clarice Janzen is dat bijvoorbeeld het geval.” Die afweging wordt echter in eerste instantie niet door de uitgeverij gemaakt, maar door de auteur zelf, legt Van Gisbergen uit: “Wij lezen de manuscripten en in overleg stellen we vast wat mogelijke doelgroepen zijn. Daar maken we dan omslagen voor. De auteur beslist zelf of hij/zij dan onder pseudoniem wil publiceren, dat doen wij niet.” Heeft die afweging ook te maken met een verwachte betere verkoop? “Nee,” zegt Van Gisbergen, “wel met het vinden, bereiken en interesseren van de juiste lezers(groepen).”

 

Vrouwelijke mindset

Niet alleen in de thrillerhoek wordt in Nederland regelmatig gekozen voor een vrouwelijk pseudoniem. Zo werd onlangs pas algemeen bekend dat Mattie Scherstra-Lindeboom in werkelijkheid Martin Scherstra heet. De auteur is bekend van streekgebonden familieromans, een genre waarin vrouwelijke schrijvers de overhand hebben, maar schreef ook boeken onder zijn eigen naam. “De mensen van de marketing moesten iedere keer weer aan de boekhandels uitleggen dat Mattie Scherstra-Lindeboom en Martin Scherstra een en dezelfde persoon zijn,” zegt de auteur in een interview met Hebban.

Ook René Brouwer haalde eenzelfde trucje uit met zijn erotische trilogie over Floor, die hij onder de naam Renée van Amstel publiceerde. Onder zijn eigen naam schreef Brouwer de literaire thriller De vrouw van de ambassadeur. “Ik vond het wel spannend, te doen alsof ik de 30-jarige leuke en humoristische Floor was,” schrijft hij in een column voor Hebban. “Echt serieus had ik er niet over nagedacht, het leek gewoon zo logisch als wat: als ik een erotische roman schrijf, dan maar als vrouw. […] Maar nu ik er even bij stilsta: het leek me vast commercieel ook beter. Dat vrouwen - de belangrijkste doelgroep immers - liever een erotische roman lezen die geschreven is door een soortgenoot dan door mij, een man op leeftijd.” 

 

Mode

Daarmee zou je kunnen zeggen dat de keus voor een naam of pseudoniem, en dus ook de sekse, de laatste jaren in Nederland onderhevig is aan trends. Het is niet altijd meer een kwestie van anoniem willen blijven vanwege verlegenheid of vrees voor kritiek. Een pseudoniem kan tegenwoordig zelfs als marketingtool dienen. Zelfs Esther Verhoef besefte dat, en schrijft nu ook succesvol onder de naam Marique Maas. Niet alleen een optie dus voor alle masculiene auteurs out there!


Bronnen: The Guardian, Wall Street Journal, The Independent




Over de auteur

Lindy de Jong

650 volgers
303 boeken
6 favoriet
Hebban Crew


Reacties op: Pseudoniem of pseudoniet?

 

Over

Suzanne Vermeer

Suzanne Vermeer

Suzanne Vermeer is het pseudoniem van de op 48-jarige leeftijd aan kanker overleden auteur Paul Goeken (1962-2011). In 2002 debuteerde hij onder zijn eigen naam met zijn eerste thriller: Hammerhead. N...

Linda van Rijn

Linda van Rijn

Linda van Rijn (Harmelen, 1974) is een Nederlandse auteur van succesvolle, spannende vakantiethrillers. Ze studeerde literatuurwetenschappen en ging vervolgens in de reisbranche werken, eers...

Martin Scherstra

Martin Scherstra

De Friese auteur Martin Scherstra schreef een aantal kinderboeken onder de naam Martin Shane en publiceerde jarenlang romans onder het vrouwelijke pseudoniem Mattie Scherstra-Lindeboom. Inmiddels schr...

Renee van Amstel

Renee van Amstel

Renee van Amstel is auteur van de erotische Floor-trilogie: De overgave van Floor (2012), Het spel van Floor (2013) en De extase van Floor (2013). Renee van Amstel is een pseudoniem van René Br...