Advertentie

L’ETRANGER - ALBERT CAMUS

Met deze zin refereer ik aan de samenvattende zin die Camus zelf gaf over zijn boek L’Étranger en die zo treffend van eenvoud is.
“Dans notre société tout homme qui ne pleure pas à l'enterrement de sa mère risque d'être condamné à mort.”

SCHRIJFSTIJL en filosofie van Camus
" Aujourd'hui, Maman est morte. Ou peut-être hier, je ne sais pas. Jai reçu un télégramme de l’asile: “Mère décedée. Enterrement demain. Sentiments distingués" “Cela ne veut rien dire. C’était peut-être hier. “
Hier gaat het al meteen mis met de Nederlandse vertaling. Let op de vertaling van Maman en Mère. Het Nederlands is kennelijk niet geschikt voor deze fijne nuance. De komma ontbreekt in het eerste zinnetje. En de omkering in het laatste zinnetje geeft een andere betekenis, al is deze subtiel.
“Vandaag is moeder gestorven. Of misschien gisteren, ik weet het niet. Ik kreeg een telegram van het tehuis: “Moeder overleden. Morgen begrafenis. Hoogachtend.” Dat zegt niets. Misschien was het gisteren. “
De eerste zinnen van deze bijzondere roman vormen dan ook een perfecte inleiding op de absurdistische levenswijsheid van onze hoofdpersoon, onze “held”, zoals dat in de literatuur heet. De held is tevens de verteller en zijn naam is Meursault. Hij heeft alleen maar een achternaam en over de betekenis van deze samengestelde naam zijn al veel wijsheden bedacht. Zee en zon is wel de meest voor de hand liggende en bruikbare.

Meursault is anders dan anders, zeer zeker ook als personage in de literatuur. Moeilijk hem te typeren. Hij is een eenvoudige man, maar toch ook gecompliceerd. Niet goed en niet slecht maar vooral ontbreekt het hem aan morele empathie voor de mensen om hem heen. Hij laat zich gemakkelijk meevoeren, misschien wel gebruiken; hij zegt weinig en nooit zegt hij iets zomaar om maar iets te zeggen. Zijn woorden hebben altijd betekenis, voor hemzelf zeker. Anderen hebben daar moeite mee of begrijpen hem niet. Opvallend is zijn fysieke overgevoeligheid voor bv de zon, de warmte en oververmoeidheid waardoor hij niet meer in staat is adequaat te denken. En dan gaat het fout zoals bleek.

Omdat hij de ik-persoon, de verteller is, weet de lezer ook precies hoe zijn gedachten zijn. Wij zitten a.h.w. in zijn hoofd en zien de wereld zoals hij het ziet. Maar hij ziet ook zichzelf, zijn eigen leven. Alles heel minutieus, bijna sec beschreven! Vooral aan het einde van het boek. Heel knap van Camus! Dat maakt dit boek tot een klassieker.

OPBOUW

Er zijn twee delen.
Het eerste deel met het overlijden van de moeder van Meursault. Het waken bij haar stoffelijk overschot, de begrafenis en het valt de aanwezigen op dat M. geen enkele emotie of droefheid toont, althans zo interpreteren zij zijn gedrag. Camus beschrijft op onnavolgbare wijze de aanwezigen in het tehuis van Marengo waar zijn moeder verbleef. En vooral haar verloofde Thomas Pérez.
Uit mijn middelbare schooltijd toen wij L‘Etranger in de klas lazen herinner ik me nog steeds de beschrijving van de rimpels in zijn gezicht.
“De grosses larmes d’énervement et de peine ruisselaient sur ses joues. Mais à cause des rides, elles n’s’écoulaient pas. Elles s’étalaient, se rejoignaient et formaient un vernis d’eau sur ce visage détruit.” Mijn leraar Frans in die tijd vertaalde het ongeveer als volgt “de rimpels vormden een doolhof waarin de tranen geen kant meer uit konden en zo, als het ware een vernislaag vormden op zijn oude, door de jaren verwoeste gezicht… “ Zo mooi, je ziet het voor je! Altijd onthouden.
Na de begrafenis hervat Meursault zijn leventje, zijn gewoontes en maken we kennis met Marie, zijn vriendin voor wie hij vooral fysieke belangstelling heeft, zijn buren in het appartementengebouw. Een van hen zorgt voor het kantelpunt in de het vreedzame wereldje van Meursault. Deze Raymond (souteneur, hij geeft op magazijnknecht te zijn) betrekt hem in een ruzie met een groep Arabieren en vooral met de broer van zijn maîtresse heeft hij een “appeltje” te schillen. Raymond wil haar even duidelijk laten voelen wie de baas is en dat zij niet moet rotzooien.
Op het gloeiend hete strand wanneer de zon op zijn hoogst staat, komt Meursault toevallig deze Arabier weer tegen en wanneer deze een mes trekt, doodt Meursault hem met in totaal vijf kogels. Weer een prachtige zin aan het eind van deel I. “J'ai secoué la sueur et le soleil. J'ai compris que j'avais détruit l'équilibre du jour, le silence exceptionnel d'une plage où j'avais été heureux.” “Toen heb ik nog vier keer geschoten op een roerloos lichaam waar de kogels in verdwenen zonder dat je het zag. En het was of ik vier keer kort aanklopte op de deur van het ongeluk.”

Deze Arabier heeft geen naam en krijgt ook geen naam, ook niet in het proces dat in deel II volgt. Kamel Daoud heeft jaren later (in 2013) deze Arabier wél een naam gegeven met zijn boek: Meursault, contre-enquête, vertaald in het Nederlands met Moussa of de dood van een Arabier (Prix Goncourt du premier roman 2015).

Het tweede deel beschrijft het proces van 11 maanden van Meursault. Hij komt erachter dat hij meer kansen heeft om uit de gevangenis te komen als hij het spel meespeelt. Zijn advocaat zegt hem dat, de rechter-commissaris, zijn aalmoezenier. Meursault blijft trouw aan zichzelf, liegen behoort niet tot zijn manier van leven. Eigenlijk is dat de sleutel van deze bijzondere roman. Hij heeft geen spijt van zijn daad, hij neemt alle verantwoordelijkheid; hij houdt niet van Marie maar als zij dat wil, wil hij best met haar trouwen. Het maakt hem niets uit. En hij gelooft zeker niet in God! De rechter begrijpt dit en zegt na een verhoor terwijl hij Meursault hartelijk op de schouder slaat: “C’est fini pour aujourd’hui, Monsieur l’Antéchrist”.
Meursault grijpt de aalmoezenier bij de kraag van zijn soutane wanneer deze hem alsnog wil bekeren en hem dwingen zich wel te interesseren voor het geloof zoals andere veroordeelden dat wél hadden gedaan. … “Le temps me manquait pour m'intéresser à ce qui ne m'intéressait pas.” Daar had Meursault geen tijd meer voor.

Meursault zet zichzelf buiten de maatschappij die hem veroordeelt omdat hij geen gevoel heeft en dus gevaarlijk is. Hij is een vreemdeling, een buitenstaander, hij is niet geïntegreerd in de maatschappij. Tijdens de zitting, in de beklaagdenbank, kijkt Meursault naar zichzelf als toeschouwer (“L'impression bizarre d'être regardé par moi-même”) en vindt hij het interessant wat anderen over hem zeggen. “Même sur un banc d'accusé, il est toujours intéressant d'entendre parler de soi.”
De getuigenis van Céleste doet hem toch wel wat… Maar hij zegt niets, laat het niet blijken… Eigenlijk zou dat de eerste keer zijn dat hij een man wilde omhelzen…
“Moi, je n'ai rien dit, je n'ai fait aucun geste, mais c'est la première fois de ma vie que j'ai eu envie d'embrasser un homme.”

Meursault wordt ter dood veroordeeld om voornoemde redenen, niet omdat hij een Arabier heeft gedood. Hij wenst dat er veel publiek zal zijn op de dag van zijn executie en dat ze hem zullen begroeten met kreten van haat.
En hoe zit het met de lezer? Vinden wij Meursault sympathiek? Welke gevoelens roept hij bij ons op?

DE TIJDSGEEST en de betekenis van dit werk
Het is 1942, ten tijde van de Franse overheersing in Algerije.
Het is niet alleen een aanklacht tegen het kolonialisme, maar ook zeker een pleidooi tegen de doodstraf.
Het hele proces, de rechtszitting is in handen van de République Française in Algerije. En dat betekent NIETS. De Fransen die in Algerije woonden in die tijd hebben een andere mentaliteit, zien de dingen op een heel andere manier dan de Algerijnen (de Arabieren) zelf. Het is immers minder erg een Arabier te doden dan een Fransman… Het is oorlog.
Meursault is ook Fransman in een land dat niet ZIJN land is… Voelt hij zich daarom vreemdeling?
De voornoemde roman van Kamel Daoud geeft hier ook meer uitleg bij.

Wanneer Meursault het met Marie over Frankrijk, Parijs heeft, zegt hij:
Je lui ai parlé alors de la proposition du patron et Marie m’a dit qu’elle aimerait connaitre Paris. Je lui ai appris que j’y avais vécu dans un temps et elle m’a demandé comment c’était. Je lui ai dit : « C’est sale. Il y a des pigeons et des cours noires. Les gens ont la peau blanche. » Let vooral op de laatste zin: De mensen hebben een witte huid….

CONCLUSIE
Niet voor niets kreeg LÉtranger de Prix Nobel Littérature in 1957.
Ik lees en herlees deze roman heel vaak. Ook ik, heb dit boek samen met mijn VWO-5 klassen gelezen en becommentarieerd. Waarom zult u denken? Ik ken immers het boek van A tot Z. Ik weet hoe het afloopt, hoe het geschreven is. Het antwoord is heel simpel. Ik wil graag mijn leesplezier delen met anderen …. Maar ik heb nog een vraag voor u als lezer:
“Heeft Meursault het geluk uiteindelijk weer gevonden?”

Nog een paar mooie citaten:

• Als Salamano praat over het verlies van zijn schurftige hond die steeds meer op zijn baasje was gaan lijken, zegt hij heel wijsgerig dat zijn echte ziekte de ouderdoom is en die geneest niet. “Mais selon lui, sa vraie maladie, c'était la vieillesse, et la vieillesse ne se guérit pas.”

• Zijn stoïcijnse berusting volgens zijn absurdistische filosofie, ventileert hij als volgt: "Eh bien, je mourrai donc." Plus tôt que d'autres, c'était évident. Mais tout le monde sait que la vie ne vaut pas la peine d'être vécue. (Het leven is niet waard geleefd te worden.)

• Over de aalmoezenier en zijn goddelijke zekerheden, zegt hij: “Aucune de ses certitudes ne valait un cheveu de femme. (nog geen vrouwenhaar waard)

• En de laatste over het krantenbericht dat Meursault in zijn cel vond. Hij heeft het duizenden keren herlezen en zijn conclusie was, weer geheel volgens de filosofie: de Slowaak had het min of meer verdiend, je moet niet spelen met je lot …” J’ai dû lire cette histoire des milliers de fois. D’un côté, elle était invraisemblable. D’un autre, elle était naturelle. De toute facon, je trouvais que le voyageur l’avait un peu mérité et qu íl ne faut jamais jouer.


VIJF STERREN 

Reacties op: Het risico van het niet huilen op de begrafenis van je moeder…

249
De vreemdeling - Albert Camus
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners