Advertentie
    Sarah de Waard Hebban Recensent

In 2009 wordt in Californië een man opgepakt die beweert een duivel te zijn. Als een arts hem (via een tolk) ondervraagt, doet deze duivel (Maradique) een intrigerende mededeling: de hel is opgeheven.  

Maradique weigert vragen te beantwoorden, maar begint te vertellen over het leven in een vergeten vallei die in het Europa van rond het jaar 1000 lijkt te liggen. Twee engelen vechten, en een van hen stort naar de aarde in de vorm van een sterfelijke man. Een jonge dichter/gigolo verdwaalt in de wouden rond zijn dorp. Hij vindt de engel, en terwijl ze op zoek gaan naar de bewoonde wereld, beginnen ze een relatie. Een jong meisje, eveneens verdwaald, wordt vastgehouden en verkracht door een kluizenaar. In het dorp gaan de vrouwen in seksstaking tot ze hun dichter terugkrijgen, en als de mannen daarop wegtrekken, roepen de vrouwen hun eigen staat uit en beginnen een oorlog tegen ‘de mannen’. Een andere vrouw, uitgestoten uit dat dorp, leert zichzelf heksen nadat haar man haar zwanger achterlaat omdat hij op avontuur wil. En dat is nog maar een fractie van de karakters en verhaallijnen in De harpij.  

A.N. Ryst is een pseudoniem van Daan Remmerts de Vries, een kinderboekenschrijver wiens werk onder andere bekroond is met een zilveren en twee gouden griffels. De harpij, een boek waar hij 23 jaar aan gewerkt heeft, is bedoeld voor volwassenen en is een omvangrijk en ambitieus werk. De Vries wil niet alleen een interessant verhaal vertellen, maar ook filosofische en maatschappijkritische vragen over religie, mannen en vrouwen, en de moderne maatschappij stellen.  

De Vries vertrouwt heel sterk op humor en satire om zijn verhaal interessant te houden, en dat is een zwak punt. Het duurt lang voordat er een centrale verhaallijn zichtbaar wordt, en de karakters zijn eerder archetypen dan genuanceerde persoonlijkheden. De Vries heeft geprobeerd de tekst zoveel mogelijk als een echte monoloog te laten klinken, maar Maradique is een omslachtige spreker. Hij speelt zelf geen actieve rol in de gebeurtenissen en spreekt met een mengeling van minachting en spot over de karakters. Hij vervalt in herhaling, vat samen, springt schijnbaar willekeurig heen en weer (er duikt zelfs even een vliegende schotel op) en onderbreekt zijn verhaal voortdurend om zijn toehoorders te vertellen wat ze moeten denken en voelen. Als je net zo hard gnuift, schatert en giert om de gebeurtenissen als Maradique zelf (ja, het boek heeft een laugh track) dan is dat waarschijnlijk geen probleem. Maar als je het minder grappig vindt, is de terugkerende geruststelling ‘nog even geduld, doktertje’ niet genoeg om je aandacht vast te houden. 

Daarnaast verandert Maradique naarmate het verhaal vordert steeds meer in de spreekbuis van de auteur, en wordt zijn toon steeds neerbuigender en prekeriger. Het verhaal is opgebouwd rond en bedoeld als illustratie van een aantal simpele principes: continuïteit is goed, verandering is verkeerd, en alle problemen in het leven worden veroorzaakt door te grote nieuwsgierigheid, te veel ondernemingszin/avontuurlijkheid, en vrouwen die hun plaats niet kennen. En Maradique staat niet toe dat de lezer zijn eigen conclusies trekt.  

De Vries probeert een contrast te scheppen tussen zijn middeleeuwse samenleving en de moderne maatschappij. Alleen speelt het verhaal zich slechts een fractie van de tijd in de moderne wereld af, en dan nog voornamelijk in het kamertje waar Maradique ondervraagd wordt. De ‘maatschappijkritiek’ bestaat uit paginalange opsommingen van wat er allemaal fout is aan de moderne maatschappij (het internet, ondernemers, te veel keuzevrijheid en nieuwe technologie staan hoog op de lijst). Geen van de vele kritiekpunten is verder uitgediept of genuanceerd – het lijkt op een wereld die uit krantenkoppen en shockdocs is samengesteld.  

De vallei die voor het positieve contrast moet zorgen is geïnspireerd op de vroege middeleeuwen, maar vertoont weinig overeenkomsten met de historische realiteit. Het leven erin is niet helemaal geïdealiseerd – er zijn luizen en kiespijn – maar zaken als horigheid, lijfeigenschap en adel bestaan niet, en de kerk speelt geen rol van betekenis. Alle boeren bezitten grond en een veestapel, en een jaar niet zaaien en het vee zo slordig slachten dat de helft weggegooid kan worden zorgt alleen voor tijdelijk ongemak. Schaapherder is het beroep van een luiaard. Iedereen kan lezen en schrijven, en zaken als boeken, perkament (dat brandt alsof het papier is) en vensterglas zijn beschikbaar en betaalbaar voor gewone mensen. Ze kennen syfilis en tomaten (beide geïmporteerd uit de Nieuwe Wereld). In het heksenhuis ligt een thermometer (een zeventiende-eeuwse uitvinding). Dorpsbakkers delen speculaas uit (specerijen waren kostbaarder dan goud). Enzovoort. Het leven is er harder dan in de moderne (westerse) wereld, maar veel comfortabeler dan het voor een middeleeuwse boer geweest zou zijn.  

In De harpij zijn alle problemen direct te herleiden tot de drie boemannen: nieuwsgierigheid, ondernemingszin en vrouwen. Verwondering is goed, maar willen weten hoe iets werkt is fout. Geneeskrachtige recepten kopiëren uit een boek is goed. Maar zelf experimenteren en nieuwe recepten creëren is fout. Thermometers zijn goed, microscopen fout. Keus is goed, maar teveel keuzevrijheid zorgt maar voor onrust. De Vries negeert het feit dat menselijke vindingrijkheid en vernieuwing de ideale manier van leven zijn de vallei mogelijk hebben gemaakt (bijvoorbeeld door de ontwikkeling van landbouw, veeteelt, bouwkunst, spinnen en weven, koken op vuur, het schrift etc.). Zijn vallei is direct na de zondeval ontstaan. Alle geschiedenis die eraan voorafging heeft nooit plaatsgevonden, en de wereld ligt zo dicht bij het paradijs als we tijdens het leven kunnen komen.  

Die zondeval is, uiteraard, veroorzaakt door een vrouw. En de ‘vrouwelijke aard’ komt er niet goed vanaf in De harpij. De meest harmonieuze relatie is die tussen twee mannen, direct gevolgd door die tussen een vrouw en haar verkrachter. De kluizenaar die een bang, verdwaald en uitgehongerd meisje zijn hut binnensleept, verkracht haar maandenlang twee of drie keer per nacht, en als zij haar verzet eenmaal opgeeft, beseft ze dat ze het eigenlijk best fijn vindt. Hij geeft haar tenslotte te eten, en na een tijdje doet het geen pijn meer. En ze leefden nog lang en gelukkig.

Verkrachting is in deze wereld niets anders dan een beetje ruwe seks, het gevolg van opgekropte lust, en verliefd worden op een verkrachter wordt omschreven als ‘een overwinning van de tederheid’. Vrouwen zijn gelukkiger naarmate ze hun wensen meer ondergeschikt maken aan die van een man. En de vertegenwoordigster van het feminisme, de leidster van het vrouwendorp, wordt neergezet als een machtswellustige, krankzinnige, godsdienstwaanzinnige tiran die profetieën probeert te ontlenen aan achtergebleven spotgedichtjes van de dichter. Omdat ze geen man wil en omdat verkrachting haar kwaad maakt in plaats van onderdanig wordt ze regelmatig omschreven als ‘tegennatuurlijk’. De boodschap aan vrouwen komt neer op: ‘Bek dicht en benen open. Het is je rol, en je gaat het vanzelf lekker vinden.’

Reacties op: De wereld na de zondeval – of, hoe alle ellende veroorzaakt wordt door vrouwen

Steun je favoriete boekhandel

Bestel je boeken op Hebban bij Libris of Blz. en steun een boekhandel bij jou in de buurt. Vanaf €15,- gratis bezorgd.

Bestel het boek bij Libris vanaf 24,50 Bestel het ebook bij Libris voor 19,99
Bestel het boek bij Blz. vanaf 24,50 Bestel het ebook bij Blz. voor 19,99
bestellen
bestellen
bestellen
bestellen
Proxisbestellen
Boeken.combestellen

  Klik hier voor een overzicht van alle aanbieders