Advertentie

Waarom sciencefiction op je boekenplank hoort

op 18 mei 2017 door

Het ziet er oneerlijk uit, een halve plank sciencefiction in de boekhandel naast twee kasten vol fantasy. De Gouden Tijd van Sciencefiction heeft niet eerder zo ver weg geleken. Het waren dan ook de jaren veertig van de vorige eeuw waarin “De Grote Drie” (Isaac Asimov, Robert A. Heinlein en Arthur C. Clarke) regeerde en een hele meute schrijvers inspireerde. Tegenwoordig verschijnen er in Nederland maar weinig boeken in dit genre, terwijl we het vroeger verslonden. Waarom lezen we zo weinig scifi en wat loop je mis als je het niet leest?

Vraag en aanbod

De Facebookcommunity Fantasyschrijvers houdt zich veel bezig met vraagstukken rondom fantasy- en sciencefictionverhalen. Tijdens een rondvraag naar mogelijke redenen waarom er zo weinig sciencefiction gelezen wordt ontstond er een kip-of-het-ei-discussie over vraag en aanbod in sciencefictionland. ‘Als het er niet is, kun je het niet kopen,’ tegenover: ‘(…) het aantal SF-verhalen dat wordt gepubliceerd is al groter dan de vraag. Het gaat natuurlijk nooit lukken die vraag te vergroten door het aanbod nóg verder te oververzadigen.’ Maarten Basjes van uitgeverij Luitingh-Sijthoff stelt dat de verkoop van sciencefiction met name door het aanbod achterloopt. ‘Sciencefiction is al minstens 20 tot 30 jaar een kleiner genre dan fantasy, ook in het buitenland, dus het aanbod is in verhouding al langer een stuk kleiner.’

In de community wordt ook rondgesnuffeld in het buitenlandse aanbod. Daar valt meer te halen dan in de Nederlandse boekhandel. Volgens Basjes is dat een andere reden voor de tegenvallende verkoop in eigen land. ‘Omdat het aanbod uit Engeland en Amerika zo veel malen groter is, dat lezers makkelijker hun weg vinden naar Engelstalige boeken. Sciencefiction is, met al haar Engelse terminologie, een genre dat zich daar natuurlijk uitstekend voor leent.’

Dat de terminologie kan afschrikken is volgens een van de fantasyschrijvers een mogelijke oorzaak voor de slechte toegankelijkheid van scifi. ‘(…)"vanwege het technische geneuzel". En dan omdat ze de technische termen "moeilijke woorden" vinden, of ze begrijpen het wel en weten dat het gebakken lucht is die nergens op slaat.’ Voor sommigen is zelfs de flaptekst al genoeg om een boek terug in de schappen te leggen. Als gevolg kan bij het grote publiek het beeld ontstaan dat: ‘sciencefiction technisch is en technisch is "ingewikkeld".’
Bij sommige fantasyschrijvers heerst de angst dat het genre afgezwakt moet worden om het nieuw leven in te blazen. De populariteit zou echter ook toe kunnen nemen als het imago van sciencefiction verbetert.

Over grenzen

In tegenstelling tot in boeken, doet sciencefiction het erg goed op het scherm. Zo goed, dat lichtzwaarden en opgeplakte puntoortjes inmiddels iconen zijn geworden van het genre. Iconen die een verwachting over het genre scheppen, ook als je helemaal niet zit te wachten op lasers die pieuw, pieuw, piew doen. Toch kan sciencefiction je besluipen in parels als Her, Ex Machina en Arrival. Films die je diep raken. Films die doen wat sciencefiction als geen ander kan: ethische en filosofische vraagstukken voorschotelen. Verdienen robots dezelfde rechten als mensen? Zou je je jeugd veranderen als je kon tijdreizen?

Wat voor films en series geldt, geldt ook voor sciencefictionboeken. Niet alles doet pieuw. Maarten Basjes: ‘Er is nog genoeg ruimte voor de echte denkers. Niet voor niets is sf zo nauw verbonden met de wetenschap.’ Dat wetenschap soms de boeken inhaalt is volgens sommige lezers een reden om sciencefiction links te laten liggen. De klassiekers uit de Gouden Tijd van Sciencefiction zijn volgens een lid van de community ‘gezien de huidige stand van techniek ongeloofwaardig, ondanks de sterke verhalen. De sterke drive van een positieve toekomstvisie komt niet meer vanuit de maatschappij, er is geen "space race" meer.’ Basjes zegt hierover: ‘Dat we nu al praten over reisjes naar Mars neemt misschien een deel van de charme weg van het geheel, zeker als je het hebt over oude klassiekers. Dat sciencefiction het beter doet in de bioscoop, in games en tv-series, heeft, hoe ironisch ook, te maken met onze technologische vooruitgang. Buitenaardse werelden en kolossale ruimteschepen komen daarin voor je ogen tot leven als nooit te voren. Of we sciencefiction tegenwoordig echt minder waardevol vinden kun je pas zeggen als we over honderd jaar nog steeds zo praten over al die films en tv-series, zoals dat we nu nog doen over bijvoorbeeld het werk van Edgar Rice Burroughs.’

Wetenschap inspireert scifiverhalen en deze verhalen inspireren generaties wetenschappers. Het wetenschappelijke karakter van sciencefiction kan van het lezen een ongemakkelijke ervaring maken. Lezers hebben niet altijd zin in het ontnuchterende karakter van wetenschap. Wetenschap komt dichterbij dan magie. ‘Interessanter, indrukwekkender, confronterender,’ wordt bij de rondvraag gezegd. Boeken hoeven niet persé makkelijk te zijn. Ze mogen wringen en je dwingen een blik in jezelf te werpen. Dat is wat goede sciencefiction doet. Sciencefiction gestoeld op wetenschap laat zien wat er allemaal binnen het menselijke kunnen ligt. De begrenzingen van scifi, zijn onze eigen grenzen als mens. Goede sciencefiction toont je geen glazen bol, maar een spiegel.

De planken op

Welke sciencefiction op je boekenplank hoort is natuurlijk een kwestie van smaak, maar over de klassiekers valt niet te twisten. Als je een lezer bent die bij het begin wil beginnen en niet afschrikt van de opinie dat boeken uit de tijd kunnen raken, start dan met Jules Vernes Reis naar de Maan en De Tijdmachine van H.G. Wells. Vervolgens maken we een sprong naar De Gouden Tijd. De verhalenbundel Ik, Robot is een toegankelijk werk van Isaac Asimov, een van de grote drie. Van de overige twee schrijvers behoren 2001, Een ruimte odyssee van Arthur C. Clarke en Maan in Opstand van Robert Heinlein, tot hun beste werken. Hopelijk laten deze klassiekers zien dat sciencefiction niet eng, saai en ingewikkeld is en maken ze je hongerig naar meer. Technologisch gezien hebben we deze verhalen op meerdere fronten ingehaald, maar dat maakt ze niet minder waardevol. We klagen immers ook niet dat Romeo en Julia veel beter was geweest als ze elkaar zouden Whatsappen.

Dat scifi zich ontwikkeld heeft zie je aan Tijdmeters van David Mitchell, waar we het leven van Holly Sykes volgen van 1984 tot 2048. Als lezer start je in een tijd die je kent en beetje bij beetje word je meegenomen naar de nabije toekomst. Hou je eerder van verhalen waar intriges en gekonkel de drijvende kracht zijn en kijk je graag naar Game of Thrones? Dan is Duin van Frank Herbert helemaal voor jou. Lees je liever recenter werk, probeer dan De Mars Trilogie van Pierce Brown. Een van de beste werken die de laatste jaren verschenen is. Maarten Basjes kan deze van harte aanbevelen, omdat: ‘De sciencefictionelementen in het eerste deel, Rood slechts een rol op de achtergrond spelen. Zo kun je langzaam wennen aan het idee dat je sciencefiction leest tot het spektakel losbarst in deel twee Gouden Zoon.’ Je hebt nog maar even om deze boeken te verslinden, want in augustus verschijnt het laatste deel Morgenster.

Als je als lezer aan het denken gezet wil worden proef dan eens van Galatea 2.2  van Richard Powers. Een verhaal dat autobiografisch begint en dat doorloopt naar fictie. Na het beëindigen van zijn relatie loopt hij tegen een writer’s block aan. Op zijn werk wordt hem gevraagd mee te werken aan een experiment met kunstmatige intelligentie. Er groeit een band tussen Richard en het programma tot hij het verschil niet meer weet tussen kunstmatige intelligentie en bewustzijn. Een mix tussen filosofie en actie is De Elektrische Nachtmerrie van Philip K. Dick. Dit boek vormde de basis voor de film Blade Runner waarvan 5 oktober het vervolg in de bioscoop verschijnt, Blade Runner 2049. Ook spannend en actievol is Ready Player One van Ernest Cline, dat speelt in een wereld waar de mensen vluchten in een online game. Heb je liever wat luchtigers? Veel sciencefictionschrijvers gebruiken een gezonde portie humor, waarvan het bekendste voorbeeld Het Transgalactisch Liftershandboek van Douglas Adams.

De lijst gaat maar door. Onze geliefde films en series lopen over in boeken waarvan we onze liefde vergeten waren. Hopelijk helpt dit artikel je op weg om het sciencefictiongenre te herontdekken. Laat je niet afschrikken door het geklaag over stereotypes en technisch gebabbel, maar stap in een wereld vol verhalen die je tot nu toe naast je liet liggen, of waarvan je misschien vergeten was hoe mooi ze kunnen zijn. Ook voor jou is er een sciencefictionboek dat bij je smaak past. Vraag ernaar bij je plaatselijke boekhandel. Zo krijg je niet alleen je eigen boekenplank vol, maar help je mee om van dat halfvolle plankje in de winkel een hele kast te maken.

Welk sciencefictionboek zou jij het liefst op je plank zetten? Zet het in de reacties hieronder.

Twitter/Instagram: @toonvanmiert / @TvMiert



Reacties op: Waarom sciencefiction op je boekenplank hoort

Meer informatie

Gerelateerd

Over

Pierce Brown

Pierce Brown

Pierce Brown verkocht na zijn studie politicologie en economie in 2012 de rech...

Jules Verne

Jules Verne

De Franse schrijver Jules Verne (1828-1905) was een pionier in het sciencefictio...

Arthur C. Clarke

Arthur C. Clarke

Sir Arthur Charles Clarke (Minehead, 16 december 1917 – Colombo, 19 maart 200...

Frank Herbert

Frank Herbert

De Amerikaanse auteur Frank Herbert (1920-1986) was oesterduiker, fotograaf, tv-...

Robert Heinlein

Robert Heinlein

Robert Anson Heinlein is een van de belangrijkste sciencefictionschrijvers van d...