Advertentie

Hebban vandaag

Dossier /

De Vlaamse Misdaad

DISSECTIE VAN DE THRILLER (deel 2 van 4)

Toen Edgar Allan Poe in 1841 Murders in The Rue Morgue publiceerde, hadden we in Vlaanderen nog maar net De Leeuw van Vlaanderen achter de rug. Terwijl de Angelsaksische wereld zich met literaire spielereien kon bezig houden, wurmde Vlaanderen zich nog uit zijn klei. Ten tijde van Conan Doyle dweepten we hier volop met de industriële revolutie en wanneer Agatha Christie haar Hercule Poirot in 1937 naar de Nijl stuurde waren we inmiddels toe aan vendelzwaaien. Om maar te zeggen dat Vlaamse misdaadverhalen begonnen met een indrukwekkende achterstand.

Bovendien was het wachten op dat éne literaire genie, de eminente pionier, die het genre op de tafel zou prikken. De grote verdienste van Conan Doyle of Agatha Christie ligt niet uitsluitend in de kwaliteit van hun werken, maar vooral in het lanceren van een tijdsgeest waarin tal van epigonen zich kunnen koesteren. Zo krijg je een gedreven literaire stroming.

Vallen en opstaan

O ja, er waren voorzichtige pogingen hier te lande. Jean Ray/John Flanders werd dank zij Malpertuis wel eens vernoemd als de Vlaamse Poe, maar neem dat gerust met een korrel zout. Theo Huet werd geïnspireerd door Sherlock Holmes, terwijl Albrecht Ram zeven miljonairs op een luxecruise liet uitmaken wie de anderen moest vermoorden. Toen bleven er dus nog zes. Gentenaar Roger d’Exsteyl (Martens) schreef De Dames Verbrugge, wat aanzien wordt als de eerste roman noir van Vlaanderen. Aster Berkhof bracht het detectiveverhaal op een badinerende manier bij het Vlaamse publiek. Dan zitten we al in de jaren vijftig, zestig van vorige eeuw.

Wallonië stond op dat vlak een stuk verder. Ten eerste hadden zij de taal mee, ten tweede hadden zij wél dat bevlogen genie. Georges Simenon creëerde met Commissaris Maigret immers een uitmuntende politieserie. Vlaanderen bleef zo decennia lang een slachtveld van vallen en opstaan. Diverse eendagsvliegen zagen het licht, ik bespaar u de namendropping. We kunnen de hele periode voor 1978 liefdevol toedekken met de spreekwoordelijke mantel. Het ontbrak Vlaanderen aan een boegbeeld, een serieheld en ook wel aan … misdaad.

Jef Geeraerts

Tot Jef Geeraerts in 1979 een strike gooide. Geraerts was een controversieel maar bekroonde schrijver die plots het misdaadgenre serieus nam. Kort na elkaar publiceerde hij Kodiak .58, De Coltmoorden, Diamant, Drugs en De Trap. Voor De zaak Alzheimer kreeg hij in 1986 de eerste Gouden Strop. Plots was de Grote Roerganger opgestaan. Vincke & Verstuyft hadden de eer de prototypes te zijn voor een vloed gekloonde speurders: Van In & Versavel, Reutti & Lebrun, Coppens & Degraef, Carpentier & Dewit, Bosmans & Deleu…

 Bedenkelijker is dat haast niemand de starre, clichématige verhaallijn wenste te doorbreken. Misdaadromans begonnen zonder onderscheid met een epiloog, meestal geschreven vanuit het standpunt van de nog anonieme dader. Vervolgens heb je een lijk, waar het inspecterende duo naar toe moet, dat onveranderlijk wordt gevonden door de man met de hond/jogger in de vroege ochtend/huishoudster.

Het lijk vertoont een respectabel aantal kogelgaten/ stiletto door het hart/ staaldraad rond de nek. Vervolgens is er de vergadering rond de tafel van de patholoog-anatoom, steevast een hautain type dat, terwijl hij met zijn handen in de maag van de dode graait en er allerlei lekkers uit haalt, Nietzsche citeert/gastronomie bespreekt/moppen tapt.

Vervolgens doen de speurders een buurtonderzoek/getuigenverhoor/persconferentie waarna ze het kleine politiegrut aan het werk zetten. Hier is even een ogenblik om te pauzeren/een Duvel te drinken/een flirt te beginnen en wordt duidelijk waarom de inspecteur in feite een alcoholist/zwartkijker/psychopaat is. Valt beter te begrijpen na het plichtmatige gesprek met de commissaris die er overmatig aan herinnert dat de speurder vorige keer in de fout ging/er geen geld is/ nog heel wat meer zaken wachten.

Naargelang de ernst van het verhaal vallen er dan nog drie/vier/vijf doden waarbij de dader uiteindelijk een fataal foutje maakt. Net voor het einde wordt de dochter/vrouw/echtgenote van de speurder uitverkoren als het laatste slachtoffer. Net op het moment dat de vrouw in kwestie wordt gevierendeeld/uiteengereten/gaargekookt stormt de politie binnen.

Aan het slot valt iedereen in elkaars armen en herneemt de speurder een nieuwe poging om zijn leven weer in het gareel te krijgen/zijn lief te huwelijk te vragen/zijn dochter te vergeven.

Cynisch? Niet als je veel thrillers hebt gelezen. Het betere werk onderscheidt zich vaak door de nuance. Vrouwelijke inspecteurs bijvoorbeeld. Of de substituut van de koning die mee speurt op hoge hakken.

Pieter Aspe en Bob Mendes

Waarmee we in het vaarwater van Pieter Aspe komen. Wie één - kom, twéé - Aspe’s heeft gelezen, heeft ze allemaal gelezen. Dat is wat vele mensen trouwens écht willen. Aspe sprong in het kielzog van Geeraerts, zoals Deflo dat deed bij Aspe. Zo kwam er continuïteit, niet noodzakelijk wat kwaliteit betreft. Maar Aspe voldeed aan een noodzaak. Zijn naam werd een merk, zijn boeken een afzetproduct dat in vele huiskamers de plaats inneemt van Readers Digest van de eeuw daarvoor.

Nog één naam moeten we vermelden in het rijtje pioniers: Bob Mendes. Deze brave man begon met schrijven toen hij met brugpensioen ging. Wat velen beloven, maakte hij waar: een serie boeken die kwaliteit in Vlaanderen brachten. Zijn eerste boeken doen nog wat houterig aan, maar eens Mendes zich zijn faction-techniek eigen maakte, zeker toen hij zich outte als Joods en dat vervolgens als achtergrond zou gebruiken, produceerde hij enkele goede boeken zoals Bloedrecht en De smaak van vrijheid.

Na Geeraerts, Aspe en Mendes was de kurk uit de fles.

Volgende week het derde deel in de serie Dissectie van de thriller door Raymond Rombout.



Over de auteur

Raymond Rombout

75 volgers
17 boeken
0 favorieten
Auteur


Reacties op: De Vlaamse Misdaad

 

Over

Pieter Aspe

Pieter Aspe

Pieter Aspe (1953), pseudoniem van Pierre Aspeslag, was tijdens de woelige jaren zestig actief in de jeugdbeweging en de schoolraad. Hij studeerde Latijn-Wetenschappen aan het Sint-Leocollege in Brug...

Georges Simenon

Georges Simenon

Georges Joseph Christian Simenon (Luik, 1903 - Lausanne, 1989) was een Belgische (Franstalige) schrijver. Hij schreef aanvankelijk ook onder de pseudoniemen Georges Sim, Christian Brull...

Bob Mendes

Bob Mendes

Bob Mendes (1928) is een Vlaamse schrijver van tientallen romans, thrillers, gedichten, verhalen en verhalenbundels. Hij was accountant en gradueerde in de boekhoudkunde. Ook was hij ere-accountant Li...

Jef Geeraerts

Jef Geeraerts

Jef Geeraerts (1930-2015) bracht als eerste de Vlaamse misdaadroman op een internationaal niveau. Hij mag met recht en reden beschouwd worden als dé pionier van de Vlaamse misdaadliteratuu...