Advertentie

Hebban vandaag

Interview /

Interview Ian Rankin

De Schotse misdaadauteur Ian Rankin staat centraal in juni, de Maand van het Spannende Boek 2006. Rankin schreef dit jaar het boekje dat dan gratis is voor kopers van een Nederlandstalig boek. Van de bundel korte verhalen met de titel Schuld & Boete zijn bijna 500.000 exemplaren gedrukt.
Tegelijk heeft uitgever Luitingh het nieuwste boek van Ian Rankin in vertaling uitgebracht. Rankin, geboren vlak buiten Edinburgh, is vooral bekend om zijn serie over de politie in zijn stad. Hoofdpersoon is John Rebus, een korzelige, eenzame rechercheur die weliswaar de zaken oplost, maar die niet geliefd is bij zijn meerderen. Hij trekt zich weinig van regels en procedures aan, houdt er van om in zijn stamkroeg flink door te halen en het anti-rookbeleid lijkt geen vat op hem te krijgen.
In het nieuwste boek, De rechtelozen, staat de moord op een illegale vreemdeling centraal. “Ik las een berichtje in de krant over een dergelijke moord in Glasgow,” vertelt Rankin. “Daarna heb ik het verplaatst naar Edinburgh om het door John Rebus op te laten lossen.”
Ian Rankin is een van de meest succesvolle Engelse auteurs van dit moment. Vanaf 1987 heeft hij 19 boeken geschreven over Rebus. Hij kreeg daarvoor een reeks prijzen. “Zelfs de Cartier Diamond Dagger voor mijn hele oeuvre. Daar werd ik wel depressief van. Ik keek op de lijst van winnaars en die zijn allemaal een stuk ouder. Het is alsof ze zeggen: zo is het wel genoeg geweest. Je hebt je prijs en houdt nu maar op.”
Naast het gratis boekje en de nieuwe thriller heeft Ian Rankin ook nog meegewerkt aan een fotoboek. Twee vaste fotografen uit Edinburgh trekken voor de covers van de Rebus-boeken door de stad voor een sfeervolle plaat. Zij maken honderden foto’s voor één boekcover. Op hun verzoek heeft Rankin de tekst geschreven voor een boek waar een selectie van de overige foto’s in zijn opgenomen. In Ian Rankin, A personal journey vertelt de schrijver over zijn achtergronden, herinneringen en het leven van John Rebus. Voor de echte fan van de schrijver een must.


De vele fans van Ian Rankin kunnen gerust zijn: de inbreker die onlangs zijn autosleutels, zijn I-pod en nog wat losse spullen pikte, heeft de laptop van de schrijver laten staan. “Nou, dat was maar goed ook,” vertelt de schrijver. “Daar stond mijn hele boek op. Nee, ik heb geen digitale kopie. Alleen op papier. Dan had ik alles opnieuw in moeten tikken. Het boek was nooit op tijd uitgekomen. De nieuwste komt in Engeland in oktober uit.”
Rankin (46 jaar, getrouwd, twee kinderen) kan er achteraf nog wel grapjes over maken, maar echt leuk vindt hij het natuurlijk niet. “We hebben een groot huis en slapen boven. Maar mijn gehandicapte zoon ligt beneden. Hij is gelukkig niet wakker geworden. We hebben er niets van gemerkt. We ontdekten het pas toen er ’s morgens iemand aanbelde, omdat hij op straat spullen had gevonden.”
De beroemde schrijver zit in hartje Edinburgh in zijn stamkroeg, The Oxford Bar. In zijn boeken heeft hij deze bar ook als vaste pleisterplaats genomen voor zijn hoofdrolspeler, politie-inspecteur John Rebus. Het is een attractie voor de Rankin-fans, maar eigenlijk stelt de Schotse ‘pub’ niet veel voor. Een enkel tafeltje, kale lampen aan het plafond, ouderwetse stoelen. Die nadelen vallen echter niet meer op als Rankin binnen komt en met een pint van zijn geliefde IPA-bier bij de groep journalisten aanschuift.
“Nee, die inbreker was niet op zoek naar het huis van Rankin. Dat kan niet. Ik sta niet in het telefoonboek. Er staan twee Rankins in het boek met dezelfde initiaal. Ik heb er eens een gebeld. Dat was een verzekeringsagent. Die vond het absoluut niet erg om te worden gebeld door mijn fans. Ja met Rankin spreekt u. Heeft u een auto? Bent u goed verzekerd? Ik kan me dat wel voorstellen. Maar ik woon wel in een goede buurt met grote huizen. Daar kwam hij vast op af. Twee huizen verderop woont ook een misdaadauteur, Alexander McCall Smith. Ik woon dus in een ‘writersblock’”, zegt Rankin lachend.
Rankin heeft niets van een beroemdheid. Donkere, plukkerige, haren, zwarte spijkerbroek, zwart overhemd, goedlachs, vriendelijk en geduldig. In The Ox, zoals de kroeg wordt genoemd, laat iedereen hem met rust, maar hij is wel de man die de pub op de kaart houdt. Tijdens het jaarlijkse boekenfestival sleept hij zijn beroemde collega’s mee naar deze plek om even een pint te pakken, zoals Michael Connelly, Patricia Cornwell en James Ellroy. Nee, niet zijn buurman. “Die is hoogleraar. Veel te deftig voor een kroeg als dit.”
In deze kroeg geen televisie om voetbal te kijken, er klinkt zelfs geen achtergrondmuziek. En dat terwijl Ian Rankin dol is op muziek. In zijn Rebus-boeken wemelt het van de verwijzingen naar de lievelingsmuziek van Rankin. “In het begin luisterde Rebus naar jazz. Ik dacht dat zoiets paste bij een ouder wordende, eenzame politieagent. Maar ik ben over gestapt op rock. Dat is de muziek waar ik zelf ook naar luister.”
Hij onderbreekt zichzelf om een slok bier te nemen en vervolgt: “Ik koop platen om ze in mijn boeken te gebruiken. Na een lange discussie met de belastinginspecteur kan ik die kosten nu van de belastingen aftrekken.”
Afgelopen maart presenteerde Rankin voor de BBC radio een driedelig programma over muziek en thrillers, genaamd ‘Music to die for’. “Sorry, maar die titel heb ik niet verzonnen”, zegt Rankin. Waarom hij zo veel aandacht besteedt aan muziek? “Ach wij schrijvers zijn toch allemaal gefrustreerde rocksterren? Ik heb zes maanden in een punkband gespeeld, maar dat werd helemaal niks.”
Na zijn studie Engelse literatuur – en een mislukte poging om te promoveren op de romans van Muriel Spark – trok de jonge Rankin naar Londen. Dat was geen succes. “Ik haatte die stad.” Hij had al een eerste boek over John Rebus geschreven. Het boek was niet bedoeld als de start van een serie. Sterker nog, in de eerste versie van het boek stierf John Rebus in een tunnel in Edinburgh. Pas in het voor de derde keer herschreven boek, overleefde Rebus de strijd. “Toen ik in Londen zat, dacht ik: als ik Rebus nu eens naar Londen haal om de stad te haten in plaats van dat ik dat doe. Na drie Rebus-boeken, was ik verslaafd. Ik hield van John Rebus.”
Die liefde is niet wederzijds, denkt Rankin. “Hij vindt mij maar niks. Ik ben zo’n linkse liberaal, verwend door de Staat die nog nooit een dag gewoon heeft gewerkt. Daar moet Rebus niets van hebben. Hij is een nog ergere rechtsextremist als ik socialist ben. Zo iemand die van een dode asielzoeker zegt dat het z’n eigen schuld is. En die U2-zander Bono en zijn pleidooien voor een betere wereld af doet met ‘die doet het gewoon voor het geld’. Ja, dat is inderdaad ook weer een verwijzing naar de muziek. Een plaat van Frank Zappa. What’s the ugliest part of your body. I think it’s your mind.”
Bij de fans is die voorliefde voor muziek niet onopgemerkt gebleven. Een van hen heeft alle nummers die in de Rebus-serie voorkomen in een database gezet. Een andere fan is nog verder gegaan. Die heeft alle personages uit de boeken op een rijtje gezet. “Dat is een man uit de computerwereld. Hij heeft er blijkbaar tijd voor. Het staat op internet en ik gebruik het zelf ook. Een auteur leest zijn boeken niet meer als het manuscript naar de uitgever is. Ik vergeet wat er precies in welk boek staat. Als ik iemand wil herintroduceren, kijk ik op die website met alle personages. Handig.”
Rankin moest aan wel meer dingen wennen. Zo bevatte zijn tweede boek met John Rebus veel geweld en seks. “De uitgever schreef mij terug dat hij vond dat ik dat moest schrappen. Nu heb ik niets met al dat geweld. De seriemoordenaar die zijn slachtoffers martelt en dan aan een deur spijkert. Dat is niets voor mij. Ik dacht echter dat die bloederige details in een misdaadroman hoorde. Net als seks. Pas nadat de uitgever had gevraagd of ik dat wilde schrappen, begreep ik dat het niet nodig is. Je kunt zonder die dingen ook een thriller schrijven. Het gevolg is wel dat John Rebus nooit seks heeft. De stakker. Ik moet hem in het laatste boek toch eens een vrouw laten vinden.”
Daarmee kondigt Rankin het einde aan van de serie. Want aan alles komt een eind, zelfs aan een romanfiguur als John Rebus. Hij is nu bijna 60 en dan moeten Schotse agenten met pensioen. “Er zijn in het Schotse parlement vragen gesteld over de mogelijkheid de wet te veranderen zodat oudere agenten kunnen blijven om hun ervaring over te dragen op de jongeren. Dat is speciaal gedaan omdat Rebus dreigt te verdwijnen. In het begin was de politiek niet zo blij met mijn boeken. Ze vonden dat ik Edinburgh zwart maakte door over achterbuurten en moorden te schrijven. Pas toen ik succes kreeg met mijn boeken, veranderde dat. Nu zijn ze trots op mijn boeken en op John Rebus. Er is zelfs een John Rebus-tour door de stad.”
Maar ook al is het dan wettelijk mogelijk, Ian Rankin vindt dat de dagen van de agent zijn geteld. “De bazen van Rebus op het hoofdkantoor zitten niet te wachten op de ervaring van deze man. Hij is blijven steken in de jaren zeventig, tachtig. Hij werkt niet met computers, niet in een team, hij is een ‘loner’. Bijna de enige van de politie die niet van de universiteit is gekomen. Hij ziet allemaal jongere mensen om zich heen, die alles volgens de regels doen. Hij werkt nog met informanten. Rebus staat psychologisch eigenlijk dichter bij de grote boef van Edinburgh. Ze worden ouder, trager. Rebus is een dinosaurus uit het verleden en daar is hij nog trots op ook. Nee, nog twee boeken en dan is het met hem gedaan.”





Over de auteur

Gijs Korevaar

1 volger
0 boeken
0 favorieten
Specialist


Reacties op: Interview Ian Rankin

 

Gerelateerd

Over

Ian Rankin

Ian Rankin

De Schotse schrijver Ian Rankin (Fife, Cardenden, 1960) wordt beschouwd als de g...