Advertentie

Hebban vandaag

Interview /

Interview Marion Pauw

Eerst was er het veelbelovende debuut Villa Serena (2005). Toen kwam het geslaagde Drift (2006). En nu is er de absolute topthriller Daglicht (2008). Het is snel gegaan met Marion Pauw die zich in drie jaar tijd naar de hoogste regionen van de kwaliteitsthriller schreef. Een gedreven en leergierige auteur die het niet schuwt zichzelf emotioneel bloot te geven in haar boeken. We ontmoeten elkaar op een warme nazomermiddag op het terras van een trendy coffeeshop in Amsterdam-Zuid. Zon, stof, trage wandelaars en heetgebakerde automobilisten vormen het onbestendige decor voor een gesprek dat zal gaan over moederschap, autisme, leergierigheid, emotionele onmacht en hardcore porno.
Marion Pauw, lange blonde haren, grote zonnebril, sportief gekleed in t-shirt, jeans en all stars is een prettige vertelster met een aanstekelijke lach. Een mooie jonge vrouw, liefhebbend moeder en een onbetwiste vakvrouw die humor paart aan uitgesproken meningen.


Emoties & Daglicht
In Marions nieuwste boek Daglicht maken we kennis met de jonge succesvolle advocate Iris die wanhopig probeert haar carrière te combineren met de zorg voor haar aandacht vragende zoontje Aron. Haar leven krijgt een andere wending als zij kennis maakt met Ray, een autistische man die in een tbs-kliniek verblijft vanwege de moord op zijn buurvrouw Rosita en haar dochtertje Anne. Vanwege het feit dat zowel Ray als het driejarige zoontje Aron autistisch zijn en Marion Pauw een zoontje heeft dat de ziekte van Asperger heeft, lijkt Daglicht haar meest persoonlijke boek. Een conclusie die volgens Marion Pauw enige toelichting behoeft.
“Nou, weet je, de vorige twee boeken waren ook persoonlijk hoor. Drift bijvoorbeeld gaat over eenzaamheid en over vervreemding. Geen aansluiting kunnen vinden bij mensen om je heen. Dat is ook een heel persoonlijk thema. Eenzaamheid zit ook in Daglicht, maar meer nog het niet vinden van aansluiting. Machteloosheid, dat is het ook. Ik denk dat boeken sowieso persoonlijk moeten zijn. Je moet schrijven over dingen die jou als schrijver raken. Dat is het meest geloofwaardig. Als je emotie wil overbrengen moet je schrijven over emoties die dicht bij jezelf liggen. Ik vind het niet moeilijk om me in dat opzicht te laten gaan. Ik hoef er geen research voor te doen. Hoe voelt het als je voor de zoveelste keer machteloos bent omdat je kind uit zijn dak gaat op de crèche? Ik heb er ook geen moeite mee dat andere mensen lezen hoe ik me voel. Ik ben er wel heel kritisch op geweest dat ik de grens van sentimentaliteit niet overschrijd. Ik wilde ook niet dat mijn hoofdpersoon, een alleenstaande moeder met een moeilijk kind, zo’n zeurpiet zou worden. Maar ik heb in eerste instantie wel dingen geschreven dat ik zelf dacht gadver…! Die moeder heeft het af en toe zwaar met haar carrière en met haar kind. Maar ik heb er wel voor gewaakt dat het niet zo mutserig zou worden. Daar heb ik een hekel aan. Ik vind bijvoorbeeld dat Heleen van Royen dat erg goed deed in Godin van de jacht. Ze schrijft over haar kinderen zonder dat het flauw wordt. Echt goed.”


Moederschap
Marion Pauw beschrijft heel gevoelig de tweespalt van een moeder die haar buiten zinnen geraakte kind niet kan kalmeren, haar onmacht, boosheid, behoefte om hem door elkaar te rammelen. Maar als hij dan stil, opgerold in zijn kamertje ligt, bloedt het moederhart, gaat ze achter hem liggen en denkt “Ach mannetje”. Het zijn realistische beschrijvingen. Het zoontje van Marion heeft een vorm van autisme, Asperger, en kan dus heel druk zijn. “Ja, het is uit het leven gegrepen. Als je kind bij vlagen heel erg moeilijk doet, dan zijn er momenten dat je hem bij wijze van spreken uit het raam zou willen gooien. Maar het moment daarna kan je weer zo intens van hem houden. Binnen een uur heb je gevoelsmatig die hele cirkel doorlopen en dat is zo heftig. En daar wilde ik wel iets mee doen. Ja. Het is eigenlijk een soort Stockholmsyndroom. Het is bijna een soort verslaving. Mijn kinderen zijn nu tien dagen bij hun vader geweest en ik vond het vreselijk dat ze weg waren. Ik vind het allemaal erg ingewikkeld. Het is niet simpel hoor, die moedergevoelens, hahaha.
Mijn dochter is tien en die begint nu echt een tiener te worden. Dus over die periode heb ik van alles gelezen om te zien hoe dat in die leeftijd werkt. Queen bees and wannabe’s van Rosalind Wiseman bijvoorbeeld. Welke positie je als moeder hebt en hoe je er met je dochter over moet praten. Je ziet, ik neem het heel serieus. Marion Pauw lacht opnieuw haar aanstekelijke lach. “En dan de jongetjes om mijn dochter heen. Nee dat begint niet later zoals jij denkt, dat begint nu al. Dan loopt ze over dat vakantieterrein en dan zie je al die jongetjes naar haar kijken met gedraaide nek. Marion trekt het gezicht van de zorgzame moeder die zij ook in werkelijkheid is en roept: “Trek iets aaaaan. Hahaha. Je hebt mijn dochter misschien wel gezien tijdens het feestje waar mijn boek gepresenteerd werd, met haar hoge hakken. Het is me een type hoor.”

Autisme
Door haar confrontatie met autisme is Marion Pauw zich in het verschijnsel gaan verdiepen.
“Ja, ik heb er veel met allerlei artsen en met therapeuten over gesproken en ik heb er ook veel over gelezen. Dat heb ik niet eens voor dit boek gedaan, maar dat heb ik gedaan om mezelf te bekwamen in manieren waarop ik met mijn zoontje kan omgaan. Ik heb natuurlijk nooit een opleiding in die richting gehad, maar ik moest hem wel in goede banen leiden. Dan kan ik er maar beter zo veel mogelijk vanaf weten.
Er is natuurlijk niet één vorm van autisme. Je hebt een heel spectrum. Om het hardcore autisme zit een hele rand van andere vormen ADHD, Asperger, etc. Je hebt van allerlei soorten. De mate waarin je het hebt, wordt vastgesteld aan de hand van een checklijstje. Daarmee wordt vastgesteld in welk hokje jouw kind valt. Voor mijn romanpersonage Ray heb ik ook een lijstje opgesteld. Ik vertel de lezer welke dingen kan hij allemaal wel kan en welke dingen niet. Zo is hij niet in staat om andermans emoties in te schatten. Hij kan ook niet met zijn eigen emoties omgaan, hij heeft een monotone interesse en hij kan ook niet in metaforen praten. Hij kan wel zeggen ik ben boos ofzo, want hij is niet volkomen geschift, maar veel verder dan dat komt hij niet. Hij heeft wel de basics geleerd, maar of iemand blij is of verdrietig kan hij niet zien, dat moet hij vragen. De verfijningen, de nuances, kent hij niet.”
Bij het grote publiek is Rainman gespeeld door Dustin Hoffman degene die het autisme onder de aandacht heeft gebracht. “Ja,” zegt Marion, “die heeft een hele zware vorm van autisme. Die was ook niet in staat om thuis te wonen en noem maar op. Hij is meer een klassieke hoogbegaafde autist. Wat wel overeenkomt is dat de meeste autisten monotone interesses hebben. Zo is Ray op een obsessieve manier bezig met de tropische vissen in zijn zoutwateraquarium. En op een gegeven moment is hij op obsessieve wijze bezig met zijn buurvrouw Rosita. Het is en soort extreme rechtlijnigheid.”


Het begin
Dat Marion Pauw ooit schrijfster zou worden, lag lange tijd niet in de lijn van de verwachtingen, ook al hield ze van verhalen. Ze bracht haar eerste zes levensjaren door op het eiland Tasmanië. Een afgelegen plek op aarde die weinig kunstenaars heeft voortgebracht. “Ik ben in Tasmanië geboren omdat mijn vader daar werkte als chemisch analist bij een bierbrouwerij. De gemeenschap is er klein. Ik ben er 3 jaar geleden teruggeweest en het viel me toen op hoe beklemmend de samenleving daar is. Het is een hele christelijke maatschappij. Aan de ene kant heel vriendelijk en behulpzaam. Maar aan de andere kant veel sociale controle en heftige normen en waarden. Als je jong bent, ben je je er niet zo van bewust, maar je pikt het natuurlijk wel op. Dus ik denk wel dat als ik daar was blijven wonen, ik op mijn 18e gillend was weggelopen. Dat neemt niet weg dat Tasmanië een prachtig eiland is. Ik heb later ook nog op Curaçao en Aruba gewoond. Dat zijn ook relatief kleine eilanden met veel sociale controle. Het is natuurlijk niet alleen negatief. Het heeft als voordeel dat je je snel thuis voelt.”

Reclame
De volgende stap in Marions leven was terug naar Nederland, een studie communicatie en vervolgens een baan als receptioniste bij een reclamebureau. “Zij huurden veel freelance tekstschrijvers in en toen ik zag wat zij schreven dacht ik, ja wacht even, die teksten kan ik ook schrijven. Daar hoef je niemand voor in te huren. Laat mij dat maar doen en zo ben ik copywriter geworden. Ik was binnen de bureauwereld natuurlijk wel een van de mindere goden. Ik deed arbeidsmarkt-communicatie en direct marketing. Maar ik heb een blauwe maandag wel bij zo’n top tien bureau gezeten en dat vond ik echt vreselijk. Dat was zo’n slangennest, dat was zo politiek. Ik kon daar niet functioneren. Ik had het wel gewild, maar ik kon het niet. Ik was en ben daar veel te direct voor.” Het is een uitspraak van Marion die de vraag doet rijzen of zij dan zo extrovert is. “Ik ben eigenlijk zowel introvert als extrovert. Het ligt eraan wie er tegenover me zit, en het ligt ook aan de situatie. Zo kan ik maandenlang zitten schrijven en dan heb ik helemaal geen zin om met andere mensen uitgebreid te praten. In dat soort periodes ben ik heel erg introvert. Dan wil ik met rust gelaten worden. Dan wil ik die concentratie gewoon niet loslaten. Dan heb ik geen zin in dingen die voor mij op dat moment niet relevant zijn. Maar als ik klaar ben kan ik in gezelschap of op een feestje heel extravert zijn, hoor.”


Terug naar Drift
Drie boeken in drie jaar waarvan de kwaliteit steeds hoger is geworden. Een hele prestatie. Wat vindt Marion Pauw in retrospectief van haar vorige thriller Drift die losjes gebaseerd is op de verdwijning van Natalee Holloway op Aruba, het eiland waar Marion ook een tijd gewoond heeft?
“Ik vind dat erin ieder geval hele goede elementen inzaten. Ik vind dat er originaliteit inzit en humor en een bepaalde vaart, de personages zitten er aardig in. Ik had bij Villa Serena en Drift ook ideeën over karakterontwikkeling, gelaagdheid. Alleen had ik toen nog niet de vaardigheid om dat wat ik in mijn hoofd had over te brengen op papier. Ik denk dat ik dat nu met Daglicht wel beheers, dat ik nu weet hoe ik het om moet zetten. Ik hoop dat de lezer dat eruit haalt. In Drift zaten ook grapjes en een bepaalde thematiek, maar die hebben de mensen er lang niet altijd uit kunnen pikken en dat is jammer. Dat is bij Daglicht wel het geval. Wat ik erin heb gestopt komt er ook uit. Ik heb van mijn eerste twee boeken veel geleerd. Ik ben ook iemand die graag leert. Van Daglicht heb ik ook weer heel veel geleerd en van mijn volgende boek zal ik ongetwijfeld ook weer veel leren.”

Structuur
Met name de structuur in Daglicht staat als een huis. Hoe bewust is die? “Nou ja, ik had die twee hoofdpersonen Ray, die in een tbs-kliniek zit, en de advocate Iris die nader wil onderzoeken of Ray wel schuldig is aan de moord op zijn buurvrouw. En ik wist van tevoren ook in welke relatie Ray en Iris tot elkaar stonden. En dat was eigenlijk het enige wat ik had bedacht. Dus twee personen en twee verhaallijnen. Ik schrijf de hoofdstukken van mijn boek altijd omstebeurt. Eén hoofdstuk vanuit het gezichtspunt van Ray en daarna weer een hoofdstuk vanuit Iris. Maar ja, er zijn wel eens momenten dat het niet zo goed lukt met het ene hoofdstuk, of dat ik er geen zin meer in heb, en dan ga ik gewoon verder met het andere hoofdstuk. Ik had tijdens het schrijven wel eens het gevoel dat ik niet meer wist wat ik met Ray aan moest, maar dan had ik altijd Iris nog. Het is bij een dergelijke opzet wel handig dat je de mogelijkheid hebt om je op een ander te focussen als je daar behoefte aan hebt.”
Ook zijn er in het boek een flink aantal parallellen waarneembaar die meehelpen aan de grondige structuur. Hoofdpersoon Ray is dol op tropische vissen, maar ook de kleine Aron. Verder is de andere hoofdpersoon Iris een ongetrouwde moeder, maar ook Rosita, de buurvrouw op wie Ray verliefd wordt. En dan is er nog een parallel tussen de moederliefde van Iris en haar zoontje Aron en de moeder van Ray en Ray.
“De helft ervan doe ik bewust, maar de andere helft ontstaat tijdens het schrijven. Dat gebeurt gewoon. Dan heb je een ruwe versie geschreven en dan denk je: Hee, verrek, dit zijn parallellen en dat zijn thema’s en dan ga je met het herschrijven focussen en die accenten erin leggen. Maar in een ruwe versie zitten niet allemaal rationele elementen. Tijdens het schrijven gebeuren er dingen. Het is echt bijna een magisch proces en pas bij het herschrijven ga je kijken wat er allemaal gebeurd is, waar je op moet letten, wat mist en wat overbodig is. Wat moet ik versterken, wat moet ik afzwakken?"

Seks met Rosita
In Daglicht voelt Ray zich, op zijn eigen manier, verongelijkt omdat zijn buurvrouw Rosita regelmatig seks heeft met een getrouwde man die haar, naar de mening van Ray, niet het respect geeft dat ze verdient. Ook is Ray van mening dat Rosita’s minnaar niet zo goed voor haar zorgt als hijzelf. Ray koopt immers spullen voor haar huis en geeft haar kleren. Op een gegeven moment maakt hij op zijn eigen onbeholpen wijze kenbaar dat hem dat dwars zit. Rosita die op dat moment verdrietig is en boos op haar minnaar, vraagt ruw aan Ray of hij dan ook seks wil, of hij net zo is als andere mannen. Ze neemt hem mee naar boven en laat Ray allerlei seksuele handelingen verrichten. Het is een beladen en uiterst ongemakkelijke scène waarin echte hartstocht volledig ontbreekt.
“Hij werd bijna verkracht zou je kunnen zeggen, ook al was dat technisch natuurlijk onmogelijk. Maar psychologisch gezien werd hij op dat moment tot een object gemaakt, ja.
Ik vond die intense scène overigens best moeilijk om te schrijven. Rosita is eigenlijk mijn favoriete personage Enerzijds is het een geraffineerd kreng dat haar buurman helemaal uitkleedt, maar aan de andere kant is zij wel iemand die de geïsoleerde Ray aandacht geeft. Ze luistert naar hem en ze geeft hem het gevoel dat hij iets waard is. In het begin is het gewoon uit aardigheid. Ze kent Ray niet, maar toch zwaait ze naar hem en nodigt hem uit op de koffie. Pas langzamerhand begint ze gebruik van hem te maken. Die situatie ontwikkelt zich. Zo zou het in het dagelijks leven ook kunnen gaan.”


Hardcore porno
Een ander personage dat in de zijlijn een belangrijke rol speelt om het karakter van advocate Iris te verduidelijken is Peter van Benschop, een belangrijke klant en tevens afgeschilderd als een verwerpelijk iemand. Benschop, een pornoproducent die verdacht wordt van kinderprostitutie en die de aller-smerigste pornofilms maakt en distribueert. Niet bepaald een voor de hand liggende personage in een stijlvol boek als Daglicht.
“Laat ik eerst zeggen dat ik hardcore porno wel zoiets verschrikkelijks vind. Ik had een documentaire gezien van een beetje naïef Engels wijf dat naar Amerika ging en daar ging meespelen in pornofilms van Hardcore Max, een verschrikkelijke man. Ik werd gewoon fysiek onwel toen ik die documentaire zag, die was echt zo naar, dus ik dacht: “daar wil ik iets mee doen.” Maar tegelijkertijd wilde ik er ook niet belerend in zijn. Dus ik heb daar een soort tussenweg in moeten behandelen. Ik ben echt geen heilige maagd Mario ofzo, maar ik vond dit zoiets verschrikkelijks, het maakte me zo boos. Ik krijg helemaal pijn in maag als ik eraan terugdenk. Vanwege haar baan als advocate moet Iris de zaak van de man wel behandelen. Ze is professioneel. Maar ze voelt voornamelijk weerzin tegen de man en toch moet ze hem zo goed mogelijk verdedigen. Een dilemma waar wel meer advocaten mee te maken krijgen. Maar het grappige is dat ik heel veel research heb moeten doen wat betreft de juridische aspecten van seks met minderjarigen en het al dan niet onder dwang optreden in pornofilms. Ik heb juristen geraadpleegd, maar niemand was eenduidig en had een sluitend antwoord op de vraag of je zo’n man kon aanklagen die met een meisje in een film optrad dat hem papieren had laten zien waarop stond dat ze achttien was en dat tijdens haar acteerprestatie wordt vernederd en seksueel op zodanige manier werd bejegend dat ze bijna knock out ging. De vraag was of je mishandeling kon bewijzen. Dat was erg moeilijk, mede doordat zij schijnbaar uit eigen vrije wil bij de producent was gekomen. Maar door deze walgelijke producent op te voeren met zijn minderwaardige moraal, kon ik mooi de gemoedsgesteldheid en de opvattingen van Iris laten zien, die tegen haar geweten in professioneel met de man moest omgaan.”


Thematiek
In Daglicht spelen meerdere thema’s en motieven een rol. “Daglicht gaat over moederliefde, maar ook over het feit dat iedereen op zoek is om een soort veiligheid voor zichzelf te creëren, hetzij in de liefde hetzij financieel. Iedereen zoekt veiligheid en geborgenheid. Niemand heeft dat in het boek. Het gaat erg over autisme en de machteloosheid van Ray en over de machteloosheid van Iris in haar pogingen om zowel een goede advocate als een goede moeder te zijn. Het ergste is het gesteld met Ray. Alles wat hem lief is wordt afgenomen: zijn vissen, zijn bakkerij, zijn moeder en Rosita, de vrouw op wie hij verliefd is. Hij wordt aan alle kanten gemangeld en dat komt mede door zijn persoonlijkheid. Het is natuurlijk mis gegaan in zijn jeugd nadat hij is opgepakt door de politie toen hij opgejut door zijn schoolvriendjes een steen naar een hond gooide. Ray had geen idee wat hem overkwam toen hij werd opgepakt. Zijn veiligheid zoekt hij daarna in het aquarium met tropische vissen."

Stokpaardje
Marion Pauw bekent tijdens het gesprek een arsenaal aan stokpaardjes te hebben. “Waar ik me tijdens het schrijven van Daglicht eigenlijk voor het eerst heel bewust van was, dat ik het zo irritant vind als karakters zo eendimensionaal zijn. In bepaalde thrillers worden de personages hinderlijk stereotiep neergezet. Zo van: dat is de goeie pastoor en dat is de hardwerkende zwoeger en dat is de foute klootzak …Grrrrrrrrrrr. Iedereen heeft een stempel op zich gekregen en dat vind ik vervelend want in het echte leven is ook niemand alleen maar goed of slecht. Iedereen bestaat uit verschillende lagen. Dus dat vind ik zelf héééél belangrijk bij dit boek. Niet dat is de seksbom, dat is de klootzak, enzovoorts.”

Muziek
Sommige schrijvers zweren bij achtergrondmuziek tijdens het schrijven. Michael Conelly zweert bij cool jazz, Donna Leon bij operamuziek. Bij Marion ligt dat anders. “Nee, ik kan daar helemaal niet tegen. Ik moet doodse stilte om me heen hebben. Alles leidt me af tijdens het schrijven, Ik wil rust en stilte. Ik heb helaas niet zo’n groot huis dat ik een eigen werkkamer heb, maar het liefst zou ik een lichte werkkamer willen hebben met alleen een bureau en een computer en verder rust en stilte. Een soort cel waarin ik kan schrijven.
Heerlijk. Ik ben nu overigens nog absoluut niet in staat om een nieuw boek te schrijven. Ik wil in september weer echt gaan beginnen. Maar het is zomer, de kinderen hebben vrij en dan wil ik leuke dingen met ze doen.” De mobiele telefoon van Marion maakt haar aanwezigheid kenbaar. Marion: “Ja, ik ben bijna klaar. Kunnen jullie een half uurtje later komen? Nou ja, we kunnen ook bij de Italiaan eten. Okee, doen we dat. Tot zo.” Moederschap en een schrijverscarrière, bij Marion werkt het uitstekend.



Over de auteur

Kees de Bree

87 volgers
13 boeken
0 favorieten
Auteur


Reacties op: Interview Marion Pauw

 

Gerelateerd

Over

Marion Pauw

Marion Pauw

Marion Pauw (1973) is auteur, freelance publicist en copywriter. Ze werd geboren op een klein eilandje onder Australië, Tasmanië, en emigreerde op haar zesde naar Nederland. Ze stu...