Advertentie

Hebban vandaag

Interview /

Interview Roel Janssen

Het is precies tien jaar geleden dat Roel Janssen zijn eerste financiële thriller De struisvogelcode het licht deed zien. Nu, een aantal financieel economische boeken en vijf thrillers later, is hij op het punt aanbeland dat hij beter schrijft dan ooit. Hij heeft geleerd van zijn vorige boeken, heeft geleerd om informatie en spanning te doseren, heeft zijn bevlogenheid in soepelheid weten om te buigen. Het resultaat is De tiende vrouw, een actuele roman over witwaspraktijken, zwendel, chantage, afpersing en liquidaties. Kortom, zware criminaliteit. Een betere Roel Janssen bestaat er niet.


Afspraak aan de Amstel
De afspraak is studentikoos. Roel Janssen en de interviewer mailen elkaar de attributen die hun herkenbaarheid moeten vergroten: Roel een bolhoed en de Weekend onder zijn arm, de verslaggever een witte anjer in het knoopsgat en een Financial Times. Een rollenspel, een afspraak die geen afspraak is. Ook niet nodig. Op het zonovergoten terras van café Dantzig, op de hoek van het Amsterdamse Waterlooplein en het Stoperagebouw, is Roel vanaf verre te herkennen. Een lange sportief geklede man, een baken in zee. Terwijl de eerste lentetoeristen in wankele bootjes voorzichtig hun weg zoeken op de Amstel, spreken wij over Roel’s nieuwste boek en over zijn voorzitterschap van het G(enootschap) van N(ederlandse) M(isdaadauteurs). Een hobby en drang tegelijk.

Zuid Amerika
Roel Janssen werd geboren in Enschede (1947). Hij studeerde sociologie in Amsterdam en Leiden. Daarna trok hij voor wetenschappelijk onderzoek naar Zuid Amerika. Hij kon zijn verblijf bekostigen door af en toe voor de Haagse Post te schrijven. “Ik was bezig met onderzoek. En dat duurde lang. Ik dacht laat ik eens wat anders doen dat sneller gaat. Vanuit Zuid Amerika stukjes gaan schrijven. Ik kreeg in die tijd fl. 100 voor een stukje. Dan was ik weer een stuk verder.” Roel woonde twee jaar in Colombia waar hij onderzoek deed in de volksbuurten van Bogota. Een studie waarop hij promoveerde. Hij verhuisde naar Brazilië en later naar Bolivia. “In die tijd was ik correspondent voor de NOS, de HP en het NRC Handelsblad. In 1983 kreeg ik kans om als economisch redacteur op de redactie van de NRC te gaan werken. Dat heb ik gedaan. Zuid Amerika missen? Ach, ik heb een fantastische tijd gehad. Dat neemt niemand me af.”

Financieel specialist
Vanaf 1992 is Roel Janssen ook commentator bij het NRC Handelsblad. Zijn voornaamste taak is het hoofdartikelen te schrijven over financieel-economische onderwerpen. In de werkelijkheid schrijft hij over alles wat hem interesseert. Naast zijn werk als journalist wierp hij zich op als auteur van enkele non-fictie boeken: De vampier economie, Erger dan liefde en Grenzeloze economie. Stuk voor stuk boeken over internationale economische onderwerpen. Toen Roel besloot zijn eerste thriller, De struisvogelcode, te gaan schrijven was dat dan ook uiteraard een financiële thriller. ‘Ik schrijf over onderwerpen die me interesseren en waar ik verstand van heb. Dat was het geval bij de euro in De struisvogelcode en Het Mercatorcomplot en bij het biotechbedrijf dat naar de beurs gaat in De kloonbaby en ook in Karktermoord. Internationale handel is een onderwerp waarover ik als journalist heel veel heb geschreven.Ik vind het een uitdaging om dan zo’n thema in een spannend verhaal te gieten.”

Criminele actualiteit
In alle boeken laat Roel Janssen zich inspireren door de actualiteit. Zo was het in Karaktermoord de onstuitbare opkomst van de Chinese economie. “Het is bloedspannend wat daar gebeurt en we hebben er in Europa direct mee te maken. Internationale handel, banenverlies en verzet tegen de globalisering zijn actuele onderwerpen. Voor dat boek was Crichton mijn inspiratiebron. Dat vind ik een vreselijk goede schrijver. Hij heeft laten zien hoe enorm groot de invloed van Japan is op de wereldmarkt. Mijn achtergrond is economie. Ik had met mijn boek karaktermoord niet de bedoeling Crichton eens dunnetjes over te doen. Maar door hem kreeg ik de inspiratie om te schrijven over de toenemende invloed van China op de wereldmarkt.”
Ook Janssens nieuwste boek De tiende vrouw is ingegeven door de actualiteit. “Mijn inspiratiebron voor De tiende vrouw is de alledaagse criminaliteit in Amsterdam. Ik dacht, als je dan toch misdaadauteur bent, dan moet je je daar maar eens op storten. Dit keer geen micro zoals de meeste auteurs meestal doen, maar groter. Dit is macro, zware criminaliteit op economisch gebied. Ik liep met een vriend rond in Amsterdam en die wees me een paar panden aan die allemaal van criminelen zijn. Op het Damrak bijvoorbeeld. Ik had daar geen idee van. Toen dacht ik, dat moet ik maar eens goed doen. Dat gebeurt vaak voordat je een boek gaat schrijven. Die innerlijke drive die je aanzet ergens je tanden in te zetten. De tiende vrouw is voor een deel een financiële thriller. Het gaat over het verschijnsel witwassen. En dat gebeurt op veel grotere schaal dan je denkt. En dan heb je het niet alleen over de criminaliteit. Alle grote internationale bedrijven hebben specialisten in dienst die zoeken naar methodes om met geld te schuiven, want het kan natuurlijk ook legaal zijn.”

Motto
Roel begint De tiende vrouw met drie motto’s. Een van die motto’s is van Remco Campert: “Zou schrijven het witwassen van de werkelijkheid zijn?” “Ja, dat vond ik een prachtige uitspraak. Die heb ik uit een van zijn stukjes die hij onder de naam Camus in de Volkskrant schrijft. Nu is witwassen een groot woord. Maar voor mij is schrijven het verwerken van de werkelijkheid. Ik doe verslag van de manier waarop ik de werkelijkheid interpreteer. Een ander motto dat ik heb gekozen komt van Bram Moskowicz, die zegt: “U kent de materie. Althans, sommigen van u denken de materie te kennen.” Dat is naar aanleiding van de persconferentie die hij gaf om aan te kondigen dat hij terugtrad als advocaat van Willem Holleeder. Ik heb aan de buis gekluisterd gezeten. Prachtig.”

Misdadigers en romanpersonen
In De tiende vrouw komen tal van gebeurtenissen en personages voor die rechtstreeks ontleend lijken te zijn aan de werkelijkheid van alledag. Vastgoedhandelaren fungeren als de bankiers van de onderwereld, advocaten worden bedreigd en vermoord en afpersingen en liquidaties zijn aan de orde van de dag. De oppervlakkige lezer ziet ogenblikkelijk criminelen als Willem Holleeder, John Mieremet, Willem
Endstra aan zijn geestesoog voorbijtrekken. In zijn nawoord waarschuwt Roel Janssen ervoor dat dit boek fictie is en dat de romanpersonages niet echt bestaan. Ook tijdens het interview benadrukt hij dat ten overvloede. “ Mijn hoofdpersoon Eric Pincoff is verzonnen. Hij heeft een eigen karakter, dat los staat van de mensen op wie hij eventueel geïnspireerd zou zijn. Ik heb wel elementen van bepaalde personages aan hem toegekend. Zo is hij eigenaar van de jachthaven Marina in IJmuiden. Dat was Endstra ook. Hij zat er in ieder geval met veel geld in. Ik heb in Eric Pincoff een combinatie van allerlei louche elementen samengebracht. Hij is de verbinding tussen de onderwereld en de bovenwereld. Zijn maatje en bodyguard Roberto Menendez is natuurlijk wel gebaseerd op Charlie de Silva, de Chileense bodyguard van Bruinsma. Maar de avontuurlijke journaliste Tessa die met Eric Pincoff meereist aan boord van zijn schip Joyeuse is beslist geen Mabel. Zelfs geen parodie op Mabel. Daar is ze gewoonweg te saai voor. Veel te saai om als inspiratiebron te fungeren voor een avontuurlijk meisje in criminele kringen.
De eurocommissaris Feldpath, die een verhouding heeft met Eric en die hem ruimhartig een garantstelling geeft voor ruim 183 miljoen, daar zou je inderdaad Neelie Smit Kroes in kunnen zien. De vrouw die in een pand kantoor hield met de beruchte Paarlberg. Maar De tiende vrouw is geen sleutelroman. Je kunt nergens zeggen het is die of die. Maar zoals gezegd, er zijn wel elementen die je kunt herleiden.”

Holleeder als slapstickfiguur
Fictieve figuren zijn uiteraard ook de beroepscriminelen Willem Lodderer en Sjon Muizenman, die in het boek proberen de hoofdpersoon Eric te chanteren en af te persen. Willem is daarbij uiterst rechtlijnig en gewelddadig terwijl Sjon wordt afgebeeld als een man die allerlei zaakjes in Thailand heeft en die uitsluitend seksistische grappen maakt. Het is moeilijk om aan andere mensen te denken dan aan Willem Holleeder en John Mieremet.
“Ik heb ze als slapstickfiguren opgevoerd, maar in werkelijkheid waren ze natuurlijk minder lachwekkend. Gewetenloos zelfs. In mijn boek zijn ze simpel van geest, maar wel doeltreffend. Het was leuk om ze een crimineel slapstick karakter mee te geven. Ik heb niet het idee dat ik door het op humoristische wijze neerzetten van hun karakter afbreuk doet aan de rest van het boek, waarin ik wel degelijk actuele problematiek behandel. Ik hoop dat de lezer het ook niet als een bezwaar ziet. In Hamlet van Shakespeare heb je twee doodgravers. Mannen die het verhaal breken maar die intussen keihard aan het afpersen zijn. Die functie hebben Willem en Sjon in mijn boek. Ik vind hen erg om te lachen. Het is gewoon spielerei.”

Vliegveld in zee
Hoofdpersoon Eric is een meesteroplichter die een constructie in het leven roept die het mogelijk moet maken om een vliegveld in zee te bouwen. Een plan dat minimaal 70 miljard
moet gaan kosten. “Eric is een extreem personage. Daarom heb ik gezocht naar het meest extreme plan dat bij hem paste. Mijn idee was het Eric zo iets gigantisch te laten doen dat het door de overdrijving en de omvang duidelijk zou worden dat het om bedrog zou gaan. Een brug en een tunnel bouwen waren te eenvoudig. Daarom maar een vliegveld in zee. Als je op grote schaal wilt oplichten, moet je zoiets groots doen.”

Rotterdam
Eric Pincoff weet op slimme wijze van de eurocommissaris Lena Feldpath, zijn maitresse, een Europese garantstelling van 183 miljoen Euro los te krijgen. Een financiële constructie die als twee druppels water lijkt op de constructie die het Havenbedrijf Rotterdam ooit bijna fataal werd. Oorzaak destijds was een garantstelling voor het noodlijdende defensiebedrijf RDM van bijna 100 miljoen gulden. De verantwoordelijke directeur Willem Scholten had, buiten medeweten van alle instanties om, het Havenbedrijf in 2002 garant laten staan ter bescherming van havenbelangen in verband met duikbootorders uit Taiwan.
Roel Janssen moet er nog om lachen als hij eraan terugdenkt. ”Eerlijk gezegd was die Rotterdam-constructie waarbij de directeur van het havenbedrijf zich garant stelde voor zo’n 100 miljoen het startpunt voor mijn boek. Dat was het begin. Overigens is die directeur, die toen aangeklaagd werd, letterlijk met een zeilboot vertrokken, toen de grond hem te heet werd onder de voeten. Net als mijn hoofdpersoon Eric. Nu was die man geen crimineel, maar hij heeft wel dingen gedaan die niet mochten. Die man is overigens weer terug. Hij had naar de Kaaimaneilanden moeten gaan, dan hadden ze hem nooit gepakt. Maar ja, met Rotterdam is het begonnen.”

Extremen
Naast alle witwasaffaires en oplichtingpraktijken om, speelt een tweede verhaal waarin Eric Pincoff een Karolingische beweging heeft opgericht. Hij wil eerherstel voor het gedachtegoed van Karel de Grote die in de 8e eeuw de moslimdreiging buiten Europa wist te houden. Vanwaar dit uitstapje? “Omdat Eric Pincoff een man is van extremen wilde ik hem laten leunen op een geschiedkundige grootheid van weleer. Stapsgewijze kwam ik bij Karel de Grote terecht. Ik had de keuze uit de Romeinen, Napoleon, Hitler of Karel de Grote. Als je eer een mag kiezen, dan Karel maar. Karel past wel een beetje in de huidige revival van het Christendom. Al kan ik je met de hand op het hart bezweren dat ik tijdens het schrijven niet wist dat de Christen Unie in de regering zou komen te zitten. Maar verder had Karel tien vrouwen. Van wie negen namen bekend zijn en een niet, en dat gegeven kon ik goed gebruiken. Het verhaal van Karel de grote is een afleidingsmanoeuvre van Eric om de mensen met wie hij zaken doet op het verkeerde been te zetten.”

Informatie
In de vorige boeken van Roel Janssen kwam altijd een royale dosis informatie op de lezer af.
Soms teveel volgens vermoeide critici, die de complexiteit van zijn boeken hekelden. Roel Janssen kan zich daar bijzonder kwaad om maken. “Als schrijver moet je niet bang zijn om ingewikkelde dingen aan te pakken. Mijn vorige boek Karaktermoord was volgens VN te ingewikkeld. Dat is kwetsend. Een auteur mag inhoudelijk toch best wat dieper gaan. Crichton schreef over nanotechnologie en het boek werd een succes. Waarom zijn wij in Nederland toch altijd bang voor een beetje inhoud? Daar moet je niet te kinderachtig in zijn. Ditmaal heb ik me naar mijn smaak ingehouden. Dat kon omdat dit boek zich ervoor leende. Witwassen is een alledaagse financiële transactie, waarvan ik de mechanismen uitleg, maar dat hoeft niet in honderd ingewikkelde pagina’s. Maar ik snap die selectieve kritiek niet.
Crichton heeft een boek geschreven met voetnoten. Tientallen verwijzingen. Met alle respectt voor Dan Brown, die geeft enorm veel informatie over de Maria cultus. Dat vinden we.allemaal schitterend. Dat is informatie op het obsessieve af, maar ja je moet het doseren. Datzelfde geldt ook voor spanning. In mijn eerste boek viel een dode op pagina 90 of 120. Iemand zei tegen me dat moet op pagina 20. En dat is natuurlijk ook zo. Een verhaal moet vaart hebben, dus je moet spanning en informatie doseren zodat het effectief wordt.”

Leerproces
“Schrijven is in eerste instantie een kwestie van discipline. Computer aan, gaan zitten en schrijven,. Maar het is ook een ambachtelijk iets. Ik heb van mijn vorige boeken veel geleerd.
Enorm veel. Ik heb er beter van leren schrijven. Hoe meer je het doet, hoe beter je leert schrijven. Je leert van je eigen fouten, je leert van kritiek en je leert soepeler met de materie omgaan. Je routine wordt groter, je kunt gemakkelijker plotelementen verzinnen. In principe zou het dus gemakkelijker moeten gaan. Het tegendeel is waar. Het wordt steeds moeilijker.
In mijn eerste boek weet je vanaf het begin wie de goede is en wie de kwade. Tenminste wat betreft de personages die essentieel zijn voor het plot. Maar het wordt steeds leuker. Ik heb steeds meer plezier tijdens het schrijven. Vaak weet ikzelf niet hoe het eruit gaat zien als ik begin met schrijven en vaak ben ik zelf aangenaam verrast door wat er op papier komt.”

Boodschap?
Ooit zei Roel Janssen in een interview dat elke journalist toch altijd een schoolmeester blijft, die een boodschap wil overbrengen. “Dit keer niet, nee,” zegt Roel. “Misschien wil ik de lezer alleen duidelijk maken dat de onderwereld en bovenwereld op een huiveringwekkende wijze met elkaar verstrengeld zijn. Maar verder heb ik ditmaal geen boodschap over wat dan ook.”

Lezen
Wat vindt Roel leuk om te lezen en wat haat hij. Een vraag stellen is hem beantwoorden. Janssen is gek op Crichton. “De manier waarop Crichton economische actualiteit en high tech verweeft in zijn boeken is ongelooflijk knap. En aan welke boeken ik een hekel heb? Dat zijn boeken die ik meteen terzijde zou leggen als ik op dingen stuit die niet kloppen. Dat is ergerlijk. Maar ook als een boek me niet vanaf het eerste moment boeit, houd ik ermee op. Je moet een boek ingesleurd worden. Ik leg een boek ook weg wanneer het erbarmelijk slecht geschreven is. Dat gebeurt niet vaak, want de betere thrillerschrijvers in Nederland, dat zijn er pakweg zo’n 20, kunnen gelukkig echt goed schrijven.”

Genootschap
Dat brengt ons op de vraag of Janssen nog wel tijd heeft om voorzitter te zijn van het Genootschap van Nederlandse Misdaadauteurs, naast zijn drukke schrijfwerk en zijn baan bij de krant. “Nauwelijks, nauwelijks. Maar het is wel belangrijk dat de misdaadroman en de Nederlandse misdaadauteurs erkenning krijgen. Dat is op dit moment niet het geval. Voor de overheid bestaat er literatuur waar rekening mee gehouden wordt en zijn er andere boeken waar men niet naar omkijkt. Het is een verkeerde insteek. Er zijn boeken in allerlei genres en binnen die genres heb je goede en slechte boeken. Die goede boeken kunnen literaire waarde hebben en als zodanig moeten ze beoordeeld worden. Ook de boeken van misdaadauteurs. Het is onrechtvaardig dat nog geen enkele misdaadroman ooit een stipendium heeft gekregen. Al zouden ze een auteur die kwaliteit aflevert maar eens een paar duizend euro geven zodat hij in het buitenland research kan plegen. Tot op heden, helemaal niets. Maar goed, binnenkort gaan we daar weer over praten. Het is een lange weg.”



Over de auteur

Kees de Bree

99 volgers
13 boeken
0 favorieten
Auteur


Reacties op: Interview Roel Janssen

 

Gerelateerd

Over

Roel Janssen

Roel Janssen

Roel Janssen (Enschede, 1947) is een financieel-economisch journalist en sc...