Advertentie

“Een Winter Aan Zee” van Adriaan Roland Holst uit 1937 is nog altijd één van de best verkochte Nederlandstalige poëziebundels (bloemlezingen niet meegerekend) aller tijden. De bundel was erg populair tussen 1945 en 1965 met een oplage van 4000 bij de 6e herdruk in 1945, 3000 bij de 7e in 1951 en 15.000 bij de 9e in 1961 (er is geen 8e herdruk geweest, administratieve slordigheid). Tot 1981 zijn er nog een paar herdrukken geweest. Daarna is het wat betreft herdrukken zo goed als stil geworden rond “Een Winter Aan Zee”. Ook de laatste heruitgave van zijn verzamelde gedichten onder de titel “Gedichten 1911 – 1976” begin deze eeuw, eindigde in de ramsj.
Zowel de enorme populariteit en het tegenwoordige “bijna vergeten” zijn, zijn opvallend. De populariteit, omdat het allesbehalve “gemakkelijke” poëzie is, het “bijna vergeten” zijn, omdat het nog steeds zeer goede poëzie is. Dat het geen gemakkelijk toegankelijke poëzie is wordt al duidelijk bij het begin van de bundel, die opent met:

Eens liep zij hoog te spreken
langs de Noordzee; een dag
kermde er om aan te breken –
zij overstemde hem,
sprekend nog met de nacht.
Sinds haar de stad doorzwijmelt
klimt op de kou om mijn stem
een meeuw, en kermt en tuimelt.

De hele bundel bestaat uit 63 achtregelige gedichten met rijmschema a-b-a-c-b-d-c-d , zoals het bovenstaande, onderverdeeld in tien afdelingen. De eindrijm is niet overal even stringent doorgevoerd, halfrijm en onzuivere ruim komen ook voor. Ook wijkt Roland Holst her en der af van het gehanteerde drievoetige jambe. De afdelingen heeft Roland Holst ingedeeld op basis van drie motieven. De drie motieven zijn, zoals Roland Holst die zelf aangeeft in “Rekenschap” een toelichting opgenomen in latere edities van “Een Winter Aan Zee”, een vrouw die hem verlaten heeft, Helena van Troje die de vrouw en de huidige wereld overbrugt én de huidige wereld. De titel “Een Winter Aan Zee” geeft al aan dat de meeste gedichten zich afspelen in een winters duinenlandschap. Niet zo heel vreemd want Roland Holst woonde in die tijd in de duinen bij Bergen (Noord Holland). Een ander terugkerend element in de poëzie van Roland Holst is zijn voorliefde voor de Keltische mythologie. Hij zocht in die mythische wereld een soort van ‘veilige thuishaven’, maar beseft in “Een Winter Aan Zee” meer en meer dat het onmogelijk is om die ‘veilige thuishaven’ te bereiken rekening houdend met wat er in de dagelijkse wereld gebeurt. Wat er overblijft is een weemoedig verlangen naar die niet (meer) te bereiken wereld en zorgen, grote zorgen, over de wereld van alle dag midden in de jaren dertig van de vorige eeuw.

Ingekeerden voorzagen
de onheilen: toen geen volk
meer van God bleef gewagen,
dwong oorlog, geest na geest,
de zienden onderwolks
af in der steden kolken,
waar enkel heimwee leest
wat noodlot zal vertolken.

Geen opgewekte en vrolijk makende poëzie bij Roland Holst in “Een Winter Aan Zee”, maar wel een (bijna) niet uitgesproken brandend verlangen naar betere tijden. En dan zijn er nog de vorm en de taal van de gedichten.

Hierboven heb ik al aangegeven dat alle 63 gedichten achtregelig zijn en hetzelfde rijmschema hebben (a-b-a-c-b-d-c-d), waarbij de rijm niet altijd even sterk is. Dit gecombineerd met een gelijkaardige souplesse bij het hanteren van het drievoetige jambe zorgt er voor dat de gedichten wanneer je er een aantal achter elkaar leest een zekere ‘funky swing’ krijgen, net ‘off the beat’, daardoor alleen maar beter. Het ritme en rijm blijven zo boeiend juist omdat het niet schoolboek perfect is. De taal ontleent Roland Holst voor een groot deel aan een duinlandschap in de winter. Storm, oases van windstilte in een duinpan, opvliegende meeuwen, sneeuw, zandbanken voor de kust, regen die tegen de ramen slaat, en ga zo maar verder, die meer dan eens als metafoor worden gebruikt (zie de meeuw in het eerste gedicht hierboven) en een enkele keer wordt gepersonifieerd (voorbeeld: wind als oude marskramer die langs de deur gaat). De wijze waarop Roland Holst met deze ‘natuurelementen’ omgaat is verbluffend. Een winterwandeling door de duinen en langs het strand zal nooit meer hetzelfde zijn.
Hoe vaker ik gedichten uit “Een Winter Aan Zee” herlees des te beter worden ze. Ik snap nu waarom het ooit zo populair was, maar begrijp er niets meer van waarom het tegenwoordig (bijna) niet meer gelezen wordt.

Reacties op: Niet zo maar een strandwandeling

3
Winter aan zee - A. Roland Holst
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie E-book prijsvergelijker