Advertentie

Soms gebeurt dit: je krijgt een boek in handen dat je niet bij voorbaat bijzonder aantrekt, je begint te lezen, en dan blijkt het boek je te passen als een handschoen. Wauw. Daar word je echt gelukkig van.
Ik had dit met het wonderschone, fascinerende 'Waagstukken' van Charlotte van den Broeck, een jonge Vlaamse dichteres die met dit boek haar prozadebuut maakte.
'Waagstukken' geeft in dertien hoofdstukken leven, werk en dood van een aantal bouwmeesters weer, die met hun werk gefaald hebben of dat op z'n minst hebben ervaren. Elk hoofdstuk geeft de tragiek weer van bouwwerken die niet zijn zoals de architect bedoeld had, niet pasten in de tijd en dus niet gewaardeerd werden, of gewoon niet goed in elkaar zaten. Met persoonlijke gevolgen voor de beschreven hoofdpersonen: zij pleegden allemaal zelfmoord op of in een door hen ontworpen gebouw. Nou ja, eigenlijk deden ze dat niet allemaal, sommigen gingen gewoon dood, maar ach: 'Een kunstenaar die in zijn slaap sterft, wordt door niemand herinnerd', zoals de laatste zin in dit boek luidt. Nu zou deze opzet van het boek al snel tot larmoyante, sterk op elkaar lijkende verhalen hebben kunnen leiden, maar in die val loopt Charlotte van den Broeck allerminst. Niet alleen zijn de beschreven architecten ieder uniek in hun kunst en lijden, maar de schrijfster weet bovendien van elk verhaal ook haar persoonlijk verhaal over kunst, dichten, scheppen te maken. Overtuigend en terloops weet ze duidelijk te maken hoe veel het vraagt om kunstenaar (of dat nu dichter, schrijver of architect is) te zijn. Ondertussen leer je in dit boek ook nog van alles over soms bekende, maar vaak ook vergeten 'of verguisde architecten en hun bouwwerken. Het eerste verhaal, over het Stedelijk zwembad in Turnhout -architect onbekend -, een zwembad dat meer dicht dan open was door technische gebreken en langzaam in de drassige Turnhoutgrond zakte - geeft een prachtige, persoonlijke opmaat tot de verdere verhalen. Of neem het verhaal over Eduard van der Nüll en August Sicard, architecten van de Wiener Staatsoper; een bouwwerk dat nu weliswaar als een monument wordt beschouwd, maar in de tijd dat het ontworpen en gebouwd werd vooral aanleiding was voor hevige kritiek en veel spot. Over de inmiddels vergeten Lamont Young, die in het Napels van begin vorige eeuw Villa Ebe bouwde, een prachtig huis dat na zijn dood meer en meer werd ingesloten door bebouwing en in 2000 grotendeels verwoest werd door een brand. Of over de prachtige ijzersculpturen van Starr Kempf, die tot ergernis van de buren midden in de woonwijk stonden, en zo weinig geld opleverden dat na zijn dood de dochter des huizes uit man en macht moest proberen de deurwaarders weg te krijgen.
De mooie terloopse schrijfstijl van de schrijfster, en de manier waarop ze heel natuurlijk haar eigen bespiegelingen, gedachten en daden in de verhalen verweeft maken ook dat dit boek me zo aanspreekt: ze kan wél schrijven, zeg.
En de laatste plus: de omslag van het boek. Het mooie zeezicht van de Engelse schilder Lowry op voor- en achterkant, en dan de rug: niet afgewerkt, of zo lijkt het. Een mooi symbool van alles wat in dit boek staat: niets is helemaal af, maar de draden houden het geheel bijeen.


Reacties op: De ziel van het bouwen

24
Waagstukken - Charlotte Van den Broeck
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners
E-book prijsvergelijker