Lezersrecensie
Bombay in kleuren en geuren
Dagboek uit Bombay vertelt het verhaal van Felicity en Isabel: grootmoeder en kleindochter. We leren Felicity kennen via haar dagboek waarin ze schrijft over de dramatische gebeurtenissen die plaats vonden tijdens haar leven in de periode 1937 - 1945. Jaren later, in 2019, vindt Isabel het dagboek van haar grootmoeder op haar zolder, leest het en neemt al snel het besluit, impulsief als ze is, te vertrekken naar Mumbai, zoals Bombay tegenwoordig heet, en op zoek te gaan naar familieleden van haar tot dan toe onbekende Indiase grootvader Arshan.
De schrijfster geeft een mooien levendig beeld van de stad Bombay, met alle kleuren en geuren die daarbij horen. Maar waar Felicity geniet van ‘de felle kleuren van de sari's, bloemenkransen, tempels en beelden van Bombay’, en ‘de prikkelende geuren van de bloesems en parfums’ de reden dat ze zo veel van de stad houdt, ervaart Isabel Bombay op een geheel andere manier. Zij noemt Mumbai ‘een massa-aanval op haar zicht, gehoor en reuk.’ Bij Isabel komen meer negatieve aspecten aan de orde. Zo noemt ze vaak ‘de geur van riolering’ die ze ruikt en als ze na een hoosbui in een taxi door de stad rijdt taxi lezen we ‘de straten staan blank, de taxi ploegde zich stapvoets door de bruingroene, naar riool stinkende troebele soep. Er zwemmen twee ratten langs de taxi.’
Felicity heeft veel interesse in de culturele aspecten van India. Zo beschrijft ze uitgebreid in haar dagboek over hetgeen Arshan haar vertelt over de luchtbegrafenis van de Parsi. Volgens de Parsi mogen aarde, vuur, lucht en water niet bezoedeld worden door het onreine. Verbranding of begraving van het lichaam is daarom niet ttoegestaan. De priesters leggen de lichamen van de doden op stenen platforms van de torens der stilte, waar ze de prooi worden voor gieren.
Felicity is begaan met het lot van de inheemse bevolking. Zo zorgt zij ervoor dat de laatste wens van Devi, een kasteloze hindoe die haar hele leven in dienst is geweest van de familie, in vervulling gaat: sterven in Benares, waar haar lichaam verbrand wordt op een brandstapel, aan de oever van de Ganges.
Isabel, daarentegen, heeft veel minder interesse in de culturele aspecten van India, deze komen in het tweede deel van het boek dan ook veel minder aan bod, wat maakt dat dit deel tegenviel. De nadruk ligt hier op de kennismaking van Isabel met Nora en haar broer Dennis en de ontluikende liefde tussen Isabel en Dennis, de gesprekken die zij voeren, die ik niet bijster interessant vond, irritant zelfs af en toe, en ook de flauwe grapjes van Dennis konden mij ook niet bekoren.
Ik heb boek wel met veel plezier gelezen, het is geschreven in een prettige en toegankelijke stijl waarin de perspectieven van Felicity en Isabel elkaar steeds afwisselen waardoor je als lezer niets anders wil dan doorlezen.
Na de eerder verschenen Zonnemeisjes (2019) en Eindejaarsman (2021) is deze derde roman van Hedwig Meesters een echt ‘feelgood’ boek, een genre waar je van moet houden.