Advertentie

Met in je achterhoofd de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog en het leed dat we kennen van wat mensen is aangedaan, denk je dat dit het zoveelste boek zal zijn over de oorlog. Eén als zovelen. Er is immers al veel over geschreven. Maar niets is minder waar. Pieter van Os, in het dagelijks leven journalist voor NRC, schreef dit boek op bijna journalistieke wijze, het laat zich lezen als een documentaire. Het gaat over het leven van Mala Rivka Kizel, tegenwoordig Marilka Shlafer geheten. Het boek is echter niet alleen het verhaal van Mala, maar ook van vele andere Joden. Uit het beeld wat de auteur schetst van de Joodse gemeenschap voor, tijdens en na de oorlog, blijkt dat er terdege research is geweest. Ook de historische feiten uit de geschiedenis van Polen en Duitsland die hij veelvuldig aanhaalt en uitgebreid beschrijft zijn een waardevolle aanvulling.

De rode draad die ons door het boek voert is het leven van Holocaust overlevende Mala Rivka Kizel, een orthodoxe, chassidische Joodse vrouw, geboren in Polen. Hoe zij tijdens de oorlog haar jeugd verloor.

Mala is nog kind als de oorlog uitbreekt en het gevaar aan alle kanten uitbreekt voor de Joodse bevolking, maar heeft ‘het geluk’ te overleven. Dankzij haar blonde haren, die zorgen dat ze er totaal niet Joods uit zag, en ook door de verschillende identiteiten die ze gedurende de oorlog aanneemt. Ze accepteert als Joodse zelfs een doopcertificaat van de Katholieke kerk. Alles om te overleven. Ook niet zelden legt zij haar leven in de waagschaal en neemt onvoorstelbare risico’s om zelf in leven te blijven, maar daarbij nooit haar medemens uit het oog verliezend. Een leven in barre oorlogsjaren doorspekt met verdriet, maar ook vol moed. Met gevaar voor eigen leven liep Mala als kind tientallen malen de smokkelroute vanuit het getto in Warschau om anderen te helpen. Haar angst bepaalde een groot deel van haar handelen tijdens de oorlog. Later ontsnapte ze en dook op verschillende plekken onder. Mala’s afkomst zou onherroepelijk haar dood betekenen als ze verraden zou worden in het door Nazi’s bezette Polen. Echter haar niet geringe kennis van de Poolse en Duitse taal, welke ze deels zonder toestemming had geleerd en accentloos sprak, hielp haar daarbij en vormde uiteindelijk haar redding. Ze nam de naam Anni Gmitruk aan, en hield iedereen voor dat ze een Volks Deutsche was. Ze werd opgenomen in een fanatiek Nazi gezin die haar opvoedden als eigen kind en nooit hebben geweten dat ze een orthodoxe Joodse achtergrond had. Ze had daardoor ‘naar oorlogse begrippen’ een redelijk goed leven. Na de bevrijding huwt ze Nathan Shlafer, die ze aan het einde van de oorlog heeft leren kennen en vertrekt Mala met haar man naar Israël. Ze mag eindelijk weer Joods zijn. Mala heeft door haar onderkomen in het gezin van de Duitsers tijdens de oorlog echter niet veel mee gekregen van wat er in de achterliggende jaren allemaal in Auschwitz en andere kampen gebeurd. In Israël ontmoet ze mensen die de verschrikkingen van de oorlog in de concentratiekampen overleeft hebben, maar kan door haar eigen ‘veilige’ leven dan maar moeilijk geloven wat er daar is gebeurd. Uiteindelijk komt ze tot het besef dat er wel degelijk twee werkelijkheden naast elkaar bestonden en deelt vanaf dat moment haar eigen verhaal met niemand meer.

Citaat uit het boek:
In het archief van Yad Vashem blijkt hoe Mala worstelde met haar verhaal en de schroom die ze voelde tegenover haar nieuwe landgenoten. Bij de organisatie in Jeruzalem komen de overlevenden ‘getuigen’ van de moord op familieleden tijdens de bezetting. Mala kwam er voor het eerst in 1955, twee jaar na de oprichting van Yad Vashem, om de dood van haar ouders te melden, van haar zussen en broertje Meir. Daarvoor diende ze een formulier in te vullen, waarop ook enkele vragen aan haar werden gesteld, als getuige. Of ze zelf een overlevende was en zo ja, hoe ze de massamoord had overleefd. Er viel te kiezen uit 5 mogelijkheden:

Eén: in de kampen, Twee: in het bos, Drie: in een getto, Vier: Ondergedoken bij niet-joden, Vijf: met een valse identiteit.

Mala heeft het hokje ‘valse identiteit’ nooit aangekruist. Ze is tot op heden nog altijd trots op haar Joodse afkomst.

Het boek draagt de titel Liever dier dan mens, wat geheel bij het verhaal past. Mala heeft eens gezegd: ‘Dieren stoppen met doden als ze genoeg hebben om te eten……’ En daarmee begrijp ik de titel ook. Een dier is niet bezig met rassenreinheid en het uitsluiten van schepsels. Basisbehoefte is voedsel en het lot van de sterkste. Als een dier niet doodt om te eten dan doet hij dat om zijn leven te redden. Wat Hitler deed is een volk uitsluiten en uitroeien. Er is niets wat je kan zeggen wat dat goedpraat of verklaard. In die context zou ik ook liever een dier zijn. Een dier zal nooit zo beestachtig denken zoals de mens kan.

Tijdens de oorlog zijn er 3 miljoen Poolse Joden gedood. Liever dier dan mens is een boek wat je absoluut nog lang bij zal blijven.

Pieter van Os is journalist voor NRC Handelsblad en De Groene Amsterdammer. Daarnaast is hij auteur en schreef o.a. Nederland op Scherp, Vader en zoon krijgen de geest, en Wij begrijpen elkaar uitstekend.

Liever dier dan mens is uitgegeven bij uitgeverij Promotheus.

Reacties op: Levenslang

4
Liever dier dan mens - Pieter van Os
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners
E-book prijsvergelijker