Advertentie

Als je Dan Brown een ding moet nageven, dan is het wel hoe hij het voor elkaar krijgt om een slecht boek toch leesbaar te maken. Misschien is slecht in deze iets te hard, maar na het lezen van zijn zesde boek en vierde deel met Robert Langdon in de hoofdrol, mag ik die conclusie wel trekken. Je zou oneerbiedig bijna kunnen zeggen dat het copy-paste werk is, want zijn boeken kennen bijna allemaal dezelfde structuur en opbouw. Inferno niet uitgezonderd. Het begint met een proloog, dan een eerste hoofdstuk waarin Langdon wakker wordt (waarom toch?) en dan begint het verhaal.

Natuurlijk ontmoet hij een beeldschone en briljante jonge vrouw (hoe doet hij het toch?), en natuurlijk wordt er halverwege een personage opgevoerd die slecht is. De voorspelbaarheid is bijna grotesk. En toch. Toch blijf ik wel lezen, toch ga ik vroeger naar bed omdat ik nieuwsgierig ben. Want dat hij spanning en vaart in zijn verhaal weet te stoppen is absoluut waar. In dat opzicht beheerst hij het thrillergenre tot in de puntjes.

En verdomd, hij weet het iedere keer voor elkaar te krijgen om bijzonderheden en leuke feiten van bekende schilderen of gebouwen boven tafel te krijgen. Al strooit Langdon de wetenswaardigheden soms op de meest hachelijke momenten.Ik heb het gelezen, ik heb het gekocht, maar de vraag is hoe vaak nog. Mijn verwachting is dat zijn lezerspubliek toch echt zal afnemen.

Reacties op: Ouderwets lekkere pageturner