Literair én thriller, filosofisch én spannend - Het zevende kind van Erik Valeur

op 12 augustus 2017 door

In 1961 komen er zeven kinderen ongeveer tegelijk terecht in het Kongslund-kindertehuis in Skodsborg, die voor adoptie worden afgestaan nadat ze in het Rigshospital in Kopenhagen ter wereld zijn gebracht.  Binnen bepaalde tijd krijgen ze allemaal nieuwe ouders en een nieuwe toekomst. Inger Marie, met de roepnaam Marie, die als vondelingetje terechtkomt in Kongslund krijgt de directrice van het kindertehuis, Magna, zelf als pleegmoeder en blijft haar hele leven in Kongslund, een villa aan de Sont met zicht op zee, wonen.  Magna beschouwt haar namelijk als te zwak om meegenomen te worden naar een ander thuis, om beschermd te worden tegen de buitenwereld, ook omdat het meisje misvormd ter wereld is gekomen. En één van de zeven kinderen draagt een geheim met zich mee. ..

Als in 2008 het kindertehuis haar zestigjarig jubileum viert, krijgen de geadopteerde kinderen net als journalist, Knud Tåsing, allemaal een vreemde brief in de bus met enkele mysterieuze attributen erbij: een naamfiche met de naam John Bergstrand en een klein babysokje. Er is aan het begin van hun leven als ze samen lagen in de ‘olifantjeskamer’ iets belangrijks gebeurd dat nu enkele belangrijke Deense politici heel zenuwachtig maakt en hen terugvoert naar hun jeugd en hun biologische ouders. Zo worden oude wonden opengereten en oude fragiele gezinsrelaties stuk gemaakt. Marie en haar nieuw gevonden vrienden komen tegenover oud hoofdcommissaris Carl Malle en de Minister van Nationale Zaken Ole te staan, die heel wat meer middelen ter beschikking hebben uiteraard.

De belangrijkste vertelster van dit boek is eigenlijk Marie die in haar jeugd steeds opnieuw moest afscheid nemen van andere kinderen waarbij ze zelf achter bleef. Haar geheime missie in haar kindertijd bestond erin de levens van de andere kinderen te leren kennen en te gaan bespioneren omdat ze zich zelf voornamelijk moest bezig houden. Ze kreeg dan ook nog thuisonderricht waardoor ze uit pedagogisch oogpunt waarschijnlijk te weinig op een gezonde manier met leeftijdsgenootjes in contact kwam. De hardheid van de thematiek ‘adoptie’ wordt dan ook niet uit de weg gegaan: het gevoel van gemis, eenzaamheid, adoptiekinderen die hun identiteit zoeken, nature vs nurture, zijn dan ook belangrijke thema’s in dit boek. Niet in het minst waarschijnlijk omdat de schrijver en journalist van dit verhaal, Valeur, zelf in dergelijk tehuis heeft doorgebracht. Marie wordt verder ook door de ‘neutrale’ verteller van dit boek aangevuld daar waar ze het verhaal zelf niet gecontroleerd of in de hand heeft.

Wat Marie allemaal tegenkomt, is eigenlijk allemaal verschrikkelijk, en tegelijkertijd ook zeer gevoelig beschreven met de juiste nuances en zeggingskracht in prachtige zinnen.

“Voor een keer liet ik het Lot openlijk ontevreden over zijn hemelrand heen hangen, van waaruit het woedend op ons neerkeek – de levenden en de doden, de nieuwkomers, de verstotenen, de gebrekkig gerepareerden, de scheven, de zielenpieten en de bijna onbeweeglijken – zonder deemoedig op te springen en om toestemming te vragen om dekking te zoeken. Het was een zeldzaam moment in mijn leven. En het was natuurlijk ook een provocatie die – zelfs in dromen – het risico liep gestraft te worden.”

Ze wilt de geheimen ontrafelen die volgens haar aan haar neus voorbijkomen, en verdenkt het tehuis ervan een toevluchtsoord te zijn van ongewenste kinderen van welgestelde mannen die een hoge machtspositie hebben bereikt. Is het daarom dat de afkomst van de kinderen die bij haar op de ‘olifantjeskamer’ lagen niet bekend mocht zijn? 

Terwijl we met de moeilijke levens van de verschillende kinderen kennis maken, die het voor het merendeel allemaal zwaar hadden in hun groei naar volwassenheid, leren we tegelijkertijd het ontstellende dramatische leven van Marie ook beter kennen door de subtiele, magistrale manier waarop de auteur haar neer zet. En de geheimen maken het tegelijkertijd een mysterieus en spannend verhaal waardoor het tevens thrillerelementen in zich heeft. Voor echte thriller-fans zal dit boek waarschijnlijk wat te traag en te filosofisch zijn, en voor literaire genieters wordt er dan misschien weer net wat te veel nadruk op de plot gelegd. De psychologische kant krijgt heel veel plaats in het verhaal uiteraard.

Het is toch echt wel een genre-verleggend boek dat van beide aspecten heel wat in zich heeft. Het verhaal is echter zo meeslepend dat het mij tot het einde in zijn greep hield in ieder geval. Heeft het volgende boek van deze auteur, Schipbreuk van een leven, dat ik samen met Greet zal lezen, dit ook in zich? Wait and see!  

“Dat was een gave die bepaald word door absolute duisternis, zei ze tegen mij: ‘ De verlatenheid was het eerste gevoel dat jullie deelden – en de informatie over die toestand werd moeiteloos tussen jullie doorgegeven van bed tot bed."



Reacties op: Literair én thriller, filosofisch én spannend - Het zevende kind van Erik Valeur

Meer informatie

Gerelateerd

Over

Erik Valeur

Erik Valeur

Erik Valeur (1955) is een Deense auteur en journalist. In 1995 werd hij voor zijn werk onderscheiden met de Cavling-prijs, een prestigieuze Deense journalistenprijs. Het zevende kind (2...