Jack Schlimazlnik Auteur

Blogpost: Jack Schlimazlnik

Vragen, vragen, vragen... over boeken!

De aanleiding van dit blog: https://www.hebban.nl/blogs/oproep-aan-alle-bloggers

Ben ik een boekblogger? Als ik blog, dan gaat het meestal over lezen en schrijven. Ik doe dat niet op Hebban, maar op mijn eigen blog of eigenlijk journal: https://schlimazlnik.livejournal.com/. Waarom niet op Hebban? Ik ben al begonnen met bloggen voor Hebban er was. Hebban is niet altijd het ideale kanaal, want ik wil vrij zijn in wat ik schrijf over boeken (met de lay-out mogelijkheden die ik wil). Natuurlijk kan ik e.e.a. kopiëren en aanpassen naar de richtlijnen van Hebban, maar dat is erg dubbelop. Om twee kanalen te onderhouden is gewoon lastig en wordt door professionals afgeraden.

Ik vond de interessante vragenlijst en wilde die beantwoorden, want het zet aan tot denken

1. Het eerste boek dat ik helemaal zelf las was:

Dat weet ik niet. Ik leerde al vrij jong lezen, mijn moeder stimuleerde dat. In de eerste klas van de lagere school moest ik steeds de gang op, daar zat ik met een andere vroege lezer en twee zittenblijvers dan te lezen terwijl de rest van de klas dat nog moest leren. Wat we lazen, weet ik ook niet meer. Ik herinner me nog wel een boekje over kinderen die naar de stad gaan, echt een leesboek voor jonge lezers met al-le woor-den in let-ter-gre-pen en de letter e als in de klein geschreven om aan te geven dat het een ù klank is.

2. Als ik voor een maand naar een onbewoond eiland zou gaan en ik mocht maar één boek meenemen, dan nam ik dit boek mee:

Het kaartenhuis van Mark Z. Danielewski. Het is niet per se mijn lievelingsboek, maar er zit zoveel in, met zoveel verhaallijnen en ideeën dat je je er zéker een maand mee kunt vermaken. Waarschijnlijk wil ik dan een maand langer blijven om verder te lezen.

3. Naar dit boek kijk ik enorm uit:

Deze vraag is altijd tijdgebonden. Immers, zodra het boek in de winkel ligt en/of is gelezen, kun je er niet meer naar uitkijken. En dan is er een volgend boek waar je naar uitkijkt. Momenteel is het Engelenlust van Kevin "K.R." Valgaeren, 14 oktober 2019 in de winkels.

Ik ben niet echt iemand die naar boeken uitkijkt, ik laat me graag verrassen door de boekenmensen, en dan vooral de aanbiedingen.

4. Het slechtste boek dat ik ooit las is:

De val van Hymir van Owan Drake. Ik heb als jurylid heel veel verhalen gelezen van beginnende schrijvers. Daar zie je gewoon dat ze wel enthousiast zijn, maar dat de schrijftechniek nog niet voldoende is geoefend. De meeste schrijvers beseffen dat zelf ook, zeker als je wat voorbeelden geeft van waar het nog hapert.  Bij korte verhalen is diepgaande feedback geven op schrijftechniek een stuk minder tijdrovend dan voor een roman, daarom loont het zeker aan schrijfwedstrijden mee te doen waar je zulke feedback ontvangt van de jury. Je ziet schrijvers dan groeien, hun volgende korte verhaal is beter, en soms zie je hoe ze hun oorspronkelijke verhaal grondig hebben herschreven en dat het echt veel beter is geworden.

Er zijn echter schrijvers die gelijk, zonder oefenen, een roman gaan schrijven (vaak meerdere delen (fantasy) of een reeks (thriller) ) èn die zo snel mogelijk willen publiceren. Omdat ze ongeoefend zijn, worden ze bij de reguliere uitgeverijen geweigerd (99% van de manuscripten van de "slushpile" (ongevraagd ingezonden manuscripten) wordt geweigerd, waarvan ca. 75% wegens onvoldoende technische kwaliteit, dus iets waar je op kunt oefenen: zie hier onder punt 3 een lijst met percentages http://nielsenhayden.com/makinglight/archives/004641.html).

Er zijn uitgevers die deze schrijvers tegen betaling een uitgave bieden, de bonafide uitgeverijen geven dat geld uit aan redactie, de malafide doen geen redactie. Er zijn er ook die je boek gewoon (bijna) gratis uitgeven (zoals Schrijvershuis, de opvolger van Free Musketeers/Lecturium, maar die doen alleen redactie als je daar extra voor betaalt en de beginnende schrijvers hebben doorgaans geen benul van hoe goed hun verhaal kan worden door een goede redactie, en ze zien hun eigen fouten niet en/of beseffen niet dat ze die maken (onbewust onbekwaam: https://volwassenenleren.nl/maslow-onbewust-onbekwaam/). Bovendien is een goede redactie prijzig (reken op minimaal 2000 euro voor een roman van enige omvang, en een veelvoud daarvan als je echt het allerbeste op wilt leveren dat binnen je geestelijke vermogens ligt). Dus er is vrij veel werk op de markt dat nooit een goede redacteur heeft gezien, en De val van Hymir (uitgegeven door Brave New Books, die doen of ze regulier zijn in plaats van Publish on Demand) is daar een goed voorbeeld van, want dat faalde in de versie die ik las op alle punten. 

Het is een drama dat veel schrijvers denken dat als hun boek slecht beoordeeld is, ze een slechte schrijver zijn, maar dat hoeft niet zo te zijn. Je bent in eerste instantie vaak een ongeoefend schrijver, iemand zonder ervaring, iemand die de techniek nog niet onder de knie heeft. Dat kun je dus oefenen, door zelf kritisch op je werk te zijn (bewust onbekwaam), of door schrijfles te nemen, of een schrijfcoach in de arm te nemen (maar dan liever niet een van van vele beunhazen die het wereldje rijk is).

Recent las ik nog twee erg slechte boeken: Vonk van Anita Terpstra en Cody van Bernice Berkleef:
https://www.hebban.nl/recensie/jack-schlimazlnik-over-cody
https://www.hebban.nl/recensie/jack-schlimazlnik-over-vonk
Het zijn beide boeken die schrijftechnisch matig zijn, maar veel lezers vinden het prachtig omdat het ontroerend is, er wordt puur op de emotie geschreven, en dat is belangrijker dan goed of mooi proza. Dat zijn steevast lezers die herkenbaarheid als deugd van een goed boek noemen en schelden op de "mooischrijverij" of het "bloemrijk proza van meer erkende literatuur, en "moeilijke woorden" durven te noemen als een negatieve eigenschap van een tekst.

Ook vond ik een reactie op een van mijn recensies, waarbij een lezer vond dat ik een boek niet slecht mocht noemen, omdat de auteur zelf een autistische broer heeft (https://www.hebban.nl/recensie/jack-schlimazlnik-over-broertje). Dat is iets dat me zorgen baart, dat we de auteur gaan beoordelen en niet het boek, en dat we bovendien censuur toepassen als de auteur mogelijk gekwetst wordt wegens zijn (aangrijpende) achtergrond.Er valt hier nog veel meer over te zeggen, maar de bottom line is dat er veel meer slechte boeken worden uitgegeven dan goede. En daarom ben ik spaarzaam met drie- vier- en zeker vijfsterrenrecensies. Dit wordt voor de goede verstaander geillusteerd in het boek Zes sterren van Joost Zwagerman (https://schlimazlnik.livejournal.com/?skip=56&tag=schli%20leest...#asset-schlimazlnik-86537).

5. Ik hecht totaal geen waarde aan dit boek:

Wat is waarde hechten aan iets? De meeste dingen hebben wel enige waarde, bij boeken is dat vaak verstrooiingswaarde: je bent even afgeleid van de gewone gang van zaken, want je zit je tijd te verdoen met een boek. Zelfs als je je ergert aan het boek heb je verstrooiing. Pas als je het niet leest, heeft het die waarde niet.

Als het gaat om geld is het een ander verhaal. Ik hecht geen geldelijke waarde aan boeken die mensen promoten als hun "schrijfsels" of andere denigrerende benamingen van de schrijvers zelf, die dan in interviews ook nog zeggen dat ze eigenlijk geen schrijver zijn, maar schrijvende moeder of iets dergelijks. Als de schrijver het boek zelf al niet serieus neemt, waarom zou ik het dan moeten doen, waarom zou ik voor hun hobbymatig gefrustel moeten betalen, of hun psychische therapie?

Ik vind wel we boeken meer waarde moeten toekennen. Als "het boekenvak" met alle betrokkenen er niet voor kunnen zorgen dat goede auteurs een redelijke verdienste hebben (denk aan minimumloon), en de uitgevers vaak ook niet, dan moet er iets gebeuren. Misschien minder boeken op de markt brengen, of de prijzen omhoog schroeven.

Veel lezers hebben geen idee van de waarde van een boek, er wordt veel geleend en geruild, en er is een enorme markt aan illegale e-boeken. Dat wordt in de hand gewerkt door auteurs die hun eigen boek promoten, maar doorgaans verzuimen de prijs erbij te zetten. Eerst wordt je lekker gemaakt voor het boek, je gaat je erop verheugen, en na een paar maanden blijkt dat het 27 euro kost of zo - nou, lekker dan! Als er alternatieve manieren zijn, gaan mensen die gebruiken, en velen hebben niet door dat het verspreiden van e-boeken illegaal is. De vele win-acties (een gratis boek krijgen via een soort loterij meestal) laten ook de waarde van een boek niet zien, net zo min als de vele recensie-exemplaren die naar boekbloggers worden gestuurd. Als een boek een oplage heeft van enkele duizenden exemplaren en is uitgegeven door een grote uitgever met een flinke pot geld voor promotie dan kan een buzzboek wat geld opleveren, maar als je met moeite 200 exemplaren verkoopt dan is het gratis weggeven aan Jan-en-alleman niet handig. Ja, je zolder wordt leger door al die auteursexemplaren die je zo kunt kwijtraken, want niemand wil die kopen.

6. Voor mij is het beste boek allertijden:

Sowieso heb ik niet alle boeken van alle tijden gelezen. Maar zelfs bij de boeken die ik heb gelezen, kan ik geen keuze maken. Wat is het "beste boek"? Waar wordt het op beoordeeld? Sommige boeken hebben een groot nut, om te leren lezen, om kennis op te doen, als naslagwerk. Een goed griezelverhaal is vooral griezelig, een goed liefdesverhaal is vooral romantisch, maar het is moeilijk te vergelijken. Moet het boek indruk hebben gemaakt, moet het vaak herlezen zijn? 
Ik denk dat het voldoende is om naar mijn vijf-sterren-beoordelingen op Hebban te kijken om een indruk te krijgen van het type boeken dat goed scoort op "beste boek".

En nog een pluspunt voor het boek (iets met streekverhalen in de streektaal) dat zo perfect onder mijn wankele bank paste dat ik er weer gewoon op kon zitten zonder scheef te zakken.

7. Dit boek geef ik vaak cadeau:

Ik hoop vaak dat ik het boek later een keer mag lenen, dus ik geef steeds een ander boek cadeau, anders ken ik het al. Ik hoop niet dat ik ooit in de positie kom om mijn eigen boek aan iedereen cadeau te geven omdat anders de stapels op zolder niet slinken. 

Ik vind het ook mooi om een boek te zoeken dat echt bij iemand past, dat het op het lijf geschreven is. Dan kunnen mensen daar heel blij van worden, dat je kennelijk echt moeite hebt gedaan om speciaal voor hen iets uit te zoeken.

8. Dit boek verdient echt een Nederlandse vertaling:

Er zijn zoveel boeken die een vertaling verdienen. Het merkwaardige aan de Nederlandse boekenmarkt is, dat er heel veel vertalingen vanuit het Engels zijn, terwijl het Engels de taal is die veel mensen zeggen goed te beheersen. Dus waarom zijn die vele vertalingen uit het Engels nodig?

In de hele wereld wordt literatuur geschreven en gepubliceerd, het zou daarom voor de hand liggen om boeken te vertalen uit talen die niet iedereen kent. Het zou het begrip voor mensen uit andere culturen kunnen vergroten. Als je zoekt, kom je bijvoorbeeld sciencefiction uit Afrika tegen. Dat zou ik best willen lezen.

Een nadeel is dat Engels vaak als tussentaal wordt gebruikt. Een boek wordt dan eerst naar het Engels vertaald, en vanuit het Engels naar andere talen. Daarbij gaan allerlei nuances verloren, want het Engels is een stugge taal als het om syntax gaat. Neem bijvoorbeeld Russisch, dat heeft een vrijere syntax die makkelijk naar het Nederlands vertaald kan worden, zodat iets van het oorspronkelijke ritme bewaard kan blijven. Door de tussenstap naar het Engels wordt het vaak slecht proza. Waar mogelijk lees ik dan liever een vertaling direct in het Duits, in Duitsland heeft men wat meer oog voor vertalingen uit het Russisch en heeft ook een vrijere syntax.

Bij talen die ik niet ken, is het natuurlijk moeilijk te zien hoe de oorspronkelijke taal weerspiegeld wordt in de vertaling, al dan niet via het Engels.

Over vertalingen: die deugen lang niet altijd. Het is zó jammer dat Tad Williams geen goede Nederlandse vertaler meer heeft. Van meeslepend, bijna poëtisch proza is het verworden tot een sfeerloze tekst in de Nederlandse vertaling. Zijn eerste trilogie-in-vier-banden werd gelukkig wel door een goede vertaler (Max Schuchart) naar het Nederlands vertaald.

9. Dit boek zouden ze echt moeten verfilmen:

Ik ben geen voorstander van boekverfilmingen. Boeken zijn goed genoeg in hun eigen recht (en andersom: het boek van de film is meestal ook niks). Ik vind het geen compliment voor een boek als mensen roepen dat het verfilmd moet worden, dan hebben ze blijkbaar iets gemist in het boek.

Natuurlijk zijn er ook boeken die met een verfilming in het achterhoofd zijn geschreven, maar dat vind ik lezersbedrog: schrijf dan gelijk een filmscript.

Ik denk echter wel dat Karel ende Elegast een goede film zou kunnen zijn, beetje Game of Thrones-achtig. Het is een boek dat in Nederland meer aandacht verdient, het is een goed verhaal, fantasy ook, want er zit magie in, en het is heel spannend mits goed verfilmd.

10. Mijn boekenkast is ingedeeld op:

Willekeur. Ik heb niet eens een echte boekenkast, boeken liggen/staan overal. De boeken die ik vaak gebruik, de echte naslagwerken, liggen het dichtst bij mijn werkplek en de boeken die ik niet meer nodig heb maar geen afscheid van wil nemen liggen ergens op zolder in een doos.

11. Mijn eerste baan in het boekenvak was: 

Ik heb helaas nooit in het boekenvak mogen werken, in elk geval niet zo om het een baan te noemen. Of ik dat wil is een andere vraag: ik ben geen verkoper, dus in de winkel boeken verkopen is niets voor mij. Ik zou meer in de richting redactie of vertalingen willen doen, maar daar is nauwelijks brood mee te verdienen tegenwoordig.

12. Ik zou de volgende auteur weleens willen ontmoeten:

Mijn favoriete auteurs hebben één ding gemeen: ze zijn reeds overleden. Ik heb daarom weinig zin in een ontmoeting. Er is één auteur die ik heel graag wil ontmoeten, maar om heel andere redenen dan boeken (we zijn verre familie en ik wil weten wat die auteur over zijn tak van de familie kan vertellen).

Ik zou bij auteurs ook niet weten wat je bij zo'n ontmoeting dan moet doen. Ik wil niet zo nodig dingen van een auteur weten en om die nu zwijgend aan te staren is ook niets.

13. Zo ziet mijn ideale leesdag eruit:

Lezen tijdens het ontbijt en daarna tot een uur of 10 - vroeger las ik dan altijd de krant, maar dat is tegenwoordig niet zo fijn meer. Daarna schrijven en boodschappen doen. Lezen tijdens de lunch, daarna een tukje doen en dan wandelen of fietsen. Lezen tussen 15:00 en 17:00 tijdens de thee. Daarna schrijven en het avondeten gereed maken. Lezen terwijl het avondeten warm wordt. Lezen tijdens het avondeten. Dan weer schrijven. Lezen voor het slapengaan. 's nachts wakker worden, een stuk schrijven met een midnight snack en weer lezen tot ik in slaap val.

14. Zo zorg ik ervoor dat lezen leuk blijft:

Afwisseling. Van alles lezen. Niet blijven hangen in een genre. Ook eens ronduit slechte boeken lezen, of iets voor een andere doelgroep. Af en toe een goed boek herlezen. Na een x-aantal vlot leesbare thrillers ben ik echt wel weer eens toe aan een serieuzer verhaal waar je je aandacht bij moet houden en wat fraaie zinnen bevat. En andersom, gewoon ontspannen met een lekker weglezertje of een stripboek.

15. Deze overeenkomst heb ik met mijn favoriete boekpersonage:

Rood haar. Er is heel veel gaande over diversiteit en inclusiviteit, over minderheden die ook een stem moeten krijgen via de literatuur. Maar in de literatuur is het nog steeds schering en inslag dat mannen met rood haar de (heel gemene) bad guy zijn, en als het vrouwen zijn, zijn het heksen of hoeren. Het is slechts heel zelden dat de held(in) rood haar heeft. Voorbeelden zijn Frans van der Steg (uit De Zevensprong van Tonke Dragt) en Simon uit De Drakentroon (Osten Ard reeks) van Tad Williams. Zoiets schept een band en dan is het niet moeilijk daar een favoriet personage van te maken.

Ik hoor dat soort dingen overigens ook van andere roodharigen: steeds weer die vooroordelen (kleur haar gekoppeld aan een bepaald karakter) die auteurs in hun boeken verwerken alsof het normaal is. In het Engels heet dat Colour Coding, waar Diana Wynne Jones over schreef in The Tough Guide to Fantasyland: aan de hand van kleur haar en kleur ogen kun je in clichématige fantasy al weten of iemand een good guy of een bad guy is, of die magische krachten bezit, of een vriendelijke, opgeruimde persoonlijkheid is. Als in een boek voorkomt dat een zwarte lui en dom is, is de wereld te klein (en terecht), maar dit soort discriminatie wordt nog teveel gedaan.

Lees verder op mijn site

Reacties op: Vragen, vragen, vragen... over boeken!