Eeke Hebban Recensent

Met het boek Drie sterke vrouwen (2009) won de Franse Marie NDiaye, die al op 16-jarige leeftijd debuteerde met De jonge Z., de Prix Concourt en de Europese Literatuurprijs. In 2013 kwam haar boek Ladivine in het Frans uit en deze roman is onlangs naar het Nederlands vertaald.

In deze dochter-moederroman lezen we het verhaal van Clarisse, die een groot geheim met zich meedraagt. Eigenlijk heet ze geen Clarisse maar Malinka, en ze bezoekt al jaren in het geheim haar moeder Ladivine, een zeer arme, negroïde schoonmaakster, terwijl Clarisse zelf vanwege haar Franse vader voor een ‘blanke’ kan doorgaan. Clarisse voelt zowel een intense liefde als ook een diepe schaamte voor haar moeder. Dit is waarschijnlijk ook de reden dat ze haar geheim niet met haar man en dochter durft te delen. Op een gegeven moment wordt ze verlaten door haar man omdat hij het gevoel heeft haar nooit te hebben leren kennen, vanwege haar geheimzinnige gedoe. Clarisse’s dochter, net als haar oma Ladivine geheten, kiest vervolgens de kant van haar vader.

Direct aan het begin van het boek valt het taalgebruik, helaas in negatieve zin, op. Of het nu aan een slechte vertaling ligt of aan het originele taalgebruik, de zinnen lopen helemaal niet. Men moet zich echt door de zinnen heen worstelen. Meteen al de tweede alinea van de eerste bladzijde bevat een zin van ruim tien regels, waar niet doorheen te komen is. Dit zorgt er niet voor dat je meteen lekker in het boek komt. Ook erg storend is het wollige en omslachtige taalgebruik, zoals: “ze hernam haar gezicht zoals je jezelf kunt hernemen” en “Het idee dat ze geslaagd was, werd echter ondermijnd door de steeds hinderlijker gedachte dat ze, door zichzelf doelbewust en voortdurend te vergeten, rondom haar persoon een dunne wand van ijs had opgetrokken en dat zowel haar dochter als haar man zich soms verbaasde, zonder het te zeggen en misschien zonder het echt te weten, over het feit dat ze niet konden doordringen tot de kern van haar gevoelens.” NDiaye gebruikt ontzettend veel woorden voor iets wat met veel minder woorden gezegd kan worden. Wellicht heeft ze hiermee geprobeerd een verfraaiing van de taal te creëren, maar het zorgt alleen maar voor irritatie. Continu lezen we uitroepen waardoor de lezer zou moeten worden aangesproken, zoals: “O, dat haar moeder zich stilzwijgend onderwierp aan iets waar ze diep verontwaardigd over had moeten worden” en “Wat was ze ’s ochtends ingenomen met haar gepoederde, ernstige, levenloze gezicht”, maar ook hierdoor wordt de lezer niet aangesproken.

Verder zit er weinig actie in de roman en dialogen komen er nauwelijks in voor. Wel zijn er extreem lange beschrijvingen van de gedachten en gevoelens van Clarisse, die continu gebukt gaat onder een enorm schuldgevoel ten aanzien van het tegenover anderen negeren van het bestaan van haar moeder. 

De inhoud van Ladivine raakt door dit storende taalgebruik naar de achtergrond, en het verhaal komt hierdoor ook niet goed uit de verf. Halverwege het boek wordt de dochter van Clarisse, Ladivine, ineens het hoofdpersonage. Het boek verandert hierdoor, vooral qua taalgebruik. Het wordt minder omslachtig en de zinnen zijn korter, minder vol details over gemoedstoestanden en gedachten, waardoor het een compleet andere roman wordt. Er komt meer actie in. Het kwaad is dan echter al geschied. Jammer dat het eerste stuk zo verschilt van de tweede helft, het lijkt wel alsof de schrijfster eerst heel lang nodig had om op gang te komen. Was het boek vanaf het begin zoals het tweede gedeelte geweest, dan zullen vermoedelijk een stuk minder lezers afhaken. 

Reacties op: Te omslachtig en langdradig taalgebruik

2
Ladivine - Marie Ndiaye
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners
Gesponsorde boeken