Lezersrecensie
Boeken zijn er om te fantaseren
Evi verveelt zich. We zien haar op de eerste plaat van dit prentenboek wat droedelen met een kleurpotlood, maar veel animo is er duidelijk niet. Dan hoort ze een stemmetje dat haar aanspoort een boek te lezen én haar fantasie te gebruiken: om een gezicht bij die stem te bedenken én om het boek in de boeken die ze allemaal al gelezen heeft te ontdekken. ‘Zelfs wanneer je een boek nog een keer leest en zelfs wanneer je aan dat boek denkt, gaat je fantasie werken. En dan bedenk je een nieuw verhaal. Wat je maar wilt…’
Boeken zijn er niet alleen om gelezen te worden, maar ook om je verbeelding aan het werk te zetten. Dat is wat de Oostenrijks-Amerikaanse auteur Kate Westerlund en de Australische illustrator Robert Ingpen aan hun 4- à 7-jarige lezertjes willen meegeven. Wanneer Evi bedenkt dat er bij zo’n stemmetje wel een boskabouter past, staat er tussen de bomen een kabouter op haar te wachten om haar aan het verzinnen te zetten. Evi denkt aan een draaimolen, waarop die klaarstaat om haar, samen met andere kinderen die hun fantasie gebruiken, op een fantastische reis te sturen. Op een vliegend carrouselpaard zweeft Evi door haar verbeelding.
Op de twee volgende dubbele platen, die op elkaar aansluiten, vliegt ze door een Bruegeliaans dorp. Ouders die mee- of voorlezen ontdekken hier fragmenten uit bekende werken van Pieter Bruegel de Oude: op de eerste plaat enkele spelende kinderen uit de ‘Kinderspelen’ en feestvierders uit ‘De Boerenbruiloft’. Toeval of niet, maar beide schilderijen hangen in het Kunsthistorisch Museum in Wenen, niet zo gek ver van Westerlunds woonplaats Salzburg.
Op de tweede plaat nog meer gespeel en gefeest, maar van warme gele, bruine en rode tinten verbleekt deze plaat met witte daken en wegen naar een Bruegels ‘Winterlandschap’. Daarna leidt Evi’s fantasie zich als een Erik in Bomans’ Klein Insectenboek tussen reusachtige vruchten, bloemen, vlinders en lieveheersbeestjes. Ook deze dubbele plaat gaat naadloos over in de volgende, waarin Evi er nog wat elfjes bij bedenkt. En als ze dan toch haar ‘fantasy’ gebruikt, kunnen er in het volgende panorama wel enkele draken bij. Omdat ze vindt dat het boek dat ze las wat draken kon gebruiken. Evi en haar paard keren terug naar de draaimolen en op de laatste plaat zien we Evi dromerig haar boeken koesteren, want ‘in deze boeken zitten nog meer boeken’.
De lezer die verhalen uit dit specifieke boek wil halen, kan gebruik maken van de Bruegeliaanse taferelen die hij/zij opmerkt, van de details uit de insectenpagina’s of uit de drakenpagina: wat doet die draak in zijn aparte, ronde toren buiten het waterslot? Wie komt er met dat schip aan? Wie zijn die mensen op het strand? Zijn die draken op de daken er thuis of vallen ze aan? Vliegt die zwerm draken weg of komt ze dichterbij? Er zijn nogal wat verhalen te halen uit een enkele plaat. Het is niet moeilijk een nieuw boek te puren uit één tekening in dit boek. De boodschap van de makers komt dus wel aan. Al kunnen jongere kinderen hierbij wat begeleiding gebruiken.
Veel is hierbij te danken aan de dromerige tekeningen van voormalig HC Andersen-Prijswinnaar Ingpen, die erin slaagt met vage penseelstreken veel detail en beweging op te roepen. Ook in de close-ups, van bijvoorbeeld Evi op het carrouselpaard of van de boskabouter (die iets Rien Poortvliet-achtigs heeft), houdt Ingpen het sferisch en schimmig (tussen de bomen) of zelfs op een lege achtergrond. De lezer/kijker wordt ook hier uitgenodigd een en ander zelf aan te vullen. Al met al een warm prentenboek met het hart op de juiste plaats.