Dit tweede deel van de reeks over Cel 5 gaat verder waar Weerloos stopte. Het is dan de lezer dan ook ten zeerste aan te raden om eerst het eerste deel Weerloos te lezen en dan pas Ademloos. Gelukkig begint het boek met een hoofdstukje “Wat voorafging” waarin het geheugen van de lezer kort en bondig wordt opgefrist aangaande de voornaamste gebeurtenissen en personages uit Weerloos. Ondertussen is het derde – en voorlopig laatste – deel ook al verschenen, onder de titel Spoorloos.
Afgaande op de wat bedrieglijke achterflaptekst gebeurt er heel wat in het boek, maar tot mijn grote verbazing blijkt dat het begin van het boek pas overeenstemt met de voorlaatste alinea van deze korte inhoud: commissaris Fernand De Decker, die de dagelijkse leiding heeft van Cel 5, komt tot de conclusie dat Hubert Devroe niet van plan is zijn opdrachtgevers te verraden, ondanks de belofte om een leugenachtig verhaal naar de pers te laten lekken. Meer om dit artikel gepubliceerd te krijgen, moet De Decker zelf uit het gezichtsveld van zijn bazen verdwijnen. Ondertussen probeert de Staatsveiligheid achter de schermen de volledige controle over het lopende onderzoek naar zich toe te trekken. Hiervoor worden alle registers opengetrokken: het creëren van valse sporen, het uiten van valse beschuldigingen aan het adres van de leden van Cel 5 en zelfs het uit de weg ruimen van getuigen. Ondertussen probeert De Decker zijn team toch te laten functioneren, om zo het ontbrekende stuk van de puzzel te vinden: aan wie werden de ontvoerde meisje geleverd, en waarom?
Het grote voordeel van een reeks is dat de auteur, na het eerste deel weinig of geen inkt meer hoeft te verspillen aan de voorstelling van de personages, en dus direct met de deur in huis kan vallen. Hierdoor krijgt het verhaal veel meer vaart en als we daar de vrij directe vertelstijl van Deflo aan toevoegen, gaat het zeer snel, soms zelfs wat te snel, met als gevolg dat sommige scenes nogal rommelig en verward overkomen.
Qua corruptie, machtsspelletjes, met de wind meedraaiende politici, kindermisbruik en de onderlinge concurrentiestrijd tussen staatsinstellingen, heeft België al het een en ander meegemaakt, maar wat Deflo in dit werk beschrijft, is toch een beetje veel van het goede. Daardoor krijgt de geloofwaardigheid halverwege het boek een serieuze knauw. Ongeveer op dat zelfde moment evolueert het boek, dat als een echt politieverhaal begint, naar een donkere actieroman, met alle bijhorende clichés, waarin er geen plaats is voor wetten of regels en waarin maar één zaak telt: overleven.
Opmerkelijk zijn de naamkeuzes van sommige randpersonages: detective Simon de Waal (naar de Nederlandse auteur), De Leenheer en Bosmans (die we nog kennen uit Deflo’s boeken met Dirk Deleu) en de beste van allemaal: Comite P lid Luc Felix Deflo!
Al bij al geen slecht boek, maar in het verleden heeft Deflo al bewezen dat hij veel beter kan.

Reacties op: België ten voeten uit