Jean-Paul Colin Hebban Recensent

Athol Dickson is een voormalig bokser en drugsverslaafde. Niet bepaald wat je verwacht van iemand die romans schrijft waarin godsdienst wordt belijd. Dickson heeft zijn leven dan ook drastisch veranderd en is nu een Bijbelexpert die voor meerdere van zijn spannende boeken een Christie Award heeft gewonnen, zo ook voor zijn nieuwste roman De catastrofe. Het is een van de tien christelijke boeken uit de voordeelactie 'Hoogspanning', verschenen in de 'Maand van het Spannende Boek'.
 
De catastrofe  begint in het jaar 1767. De franciscaner monnik Alejandro en twee Spaanse collega-monniken gaan op zendingsreis om de heidenen in Nieuw-Spanje te bekeren. Met de hulp van bekeerde indianen richten ze een missiepost op in de Sonorawoestijn, op de grens van Mexico en Californië. Alejandro moet lijdzaam toezien hoe de Spanjaarden de indianen op brute wijze onderdrukken. Maar het wordt nog erger als een vreemde ziekte het ene na het andere slachtoffer eist. Alejandro werkt ondanks alles verbeten door aan zijn persoonlijke meesterwerk: een drieluik.
Twee eeuwen later duikt het drieluik weer op. Een priester schenkt het aan de zeer gelovige zendelinge Lupe. Ze wil de Amerikanen leren over de Verlosser en maakt net als Alejandro in zijn tijd deed een uitputtende trektocht door de Sonorawoestijn. Als ze bijna van uitdroging bezwijkt, wordt ze gevonden door een pas afgestudeerde predikant. Zodra Lupe is hersteld helpt ze hem een missiepost op te richten. Ze verlaat hem pas als ze merkt dat ze ongewild verliefde gevoelens voor hem krijgt. Niet veel later ontmoet ze de zeer gelovige en steenrijke Delano Wright en zijn 15-jarige dochter. Delano neemt Lupe als huishoudster in dienst. De samenwerking verloopt prima. Totdat ze vijf jaar later kennismaakt met de nieuwe vriend van Delano'’s dochter en het noodlot keihard toeslaat.

Het is even wennen: de twee verhaallijnen die elkaar zo abrupt afwisselen. Het begin van elk hoofdstuk wordt verteld vanuit het perspectief van Alejandro. Vrij plotseling wisselt het vertelperspectief naar Lupe en schiet je twee eeuwen vooruit in de tijd. Het scenario dat zich in de 18e eeuw voltrok, voltrekt zich vervolgens in de 20e eeuw op soortgelijke wijze. Eentonig wordt het daardoor niet. Dickson laat ons kennismaken met de kracht van delen, geven en vergeven. Alejandro en Lupe zijn een personificatie van het meest goede in de mens. Als twee Moeder Teresa'’s strijden ze voor rechtvaardigheid en zijn ze bereid hiervoor hun eigen leven op te offeren. De manier waarop ze daarbij hun mannetje staan ontroert.

'Hoogspanning' is een ietwat misleidende benaming. Dickson is geen spektakelschrijver. Daar laat hij ook met De catastrofe  geen misverstand over bestaan. De roman staat volledig in het teken van religie en is aangevuld met magisch-realistische elementen. Toch zal zelfs de meest verwoede atheïst zijn weg vinden door het verhaal. Zeker, het gedachtegoed van de Bijbel is prominent aanwezig, maar de prachtige moraal overheerst.

Reacties op: Een prachtige moraal