Advertentie

Kijk, wie wonen daar in Londen?
Hij is antropoloog. Zijn naam is Charlie.
Zij is historica. Haar naam is Miranda.
Ze houden van elkaar, hoewel houden van zo ongeveer alles kan betekenen.
Hun ‘kind’ is een robot.
De robot heet Adam, en hij is een kunstmatige mens.
Charlie en Miranda hebben hem naar believen zijn eigenschappen kunnen geven.
Hij is behulpzaam en in zijn spreken en handelen perfect bedachtzaam. Hij weet maar al te goed wat hij moet zeggen of niet, en wat hij doet. Zijn brein kiest uit alle opties altijd de beste, de meest gunstige voor iedereen. Hij is de volmaakte mens, hoewel niet van vlees en bloed.

Charlie en Miranda bouwen aan hun toekomst, samen met de o zo dichterlijke Adam, en hun relatie is een liefdevolle driehoeksrelatie – vanzelfsprekend met alle hoogte- en dieptepunten. Maar zodra een écht kind, Mark, hun pad kruist ontstaan pas echt de problemen.

Het is 1982, het jaar van de Falklandoorlog.
Alan Turing is al lang dood, maar niet voor Charlie, en niet voor Engeland, of waar Britain rules the waves. ‘Er moeten Turing-algoritmen verborgen hebben gezeten in de software van de Exocet 8-raketten die het Franse bedrijf MBDA aan de Argentijnse overheid had verkocht.’
Ja technologie, antropologie en politicologie sloten een hecht verbond. ‘Elektronica en antropologie – een verre neef en nicht die de late moderniteit samengebracht en in de echt verbonden heeft. Het kind van die verbintenis was Adam.’ Maar ook hier een driehoeksrelatie dus. En ook deze is er een met de nodige hoogte- en dieptepunten.

Ooit schoof de joodse geleerde Franz Rosenzweig (niet dat hij in de roman met naam en toenaam genoemd wordt) de genoemde driehoeken in elkaar tot een ‘ster van verlossing’, in zijn boek met gelijknamige titel – het is volgens cultuurfilosoof George Steiner ‘een van de belangrijkste boeken van de eerste helft van de 20e eeuw’, de helft van Turing zeg maar.
Rosenzweig ziet de altijddurende voorwereld samen gaan met de altijd vernieuwende wereld en samengevoegd worden tot een ‘eeuwige bovenwereld’. Niet vreemd dat McEwans roman inzet met deze zin: ‘Het was een religieus verlangen dat mocht hopen, het was de heilige graal van de wetenschap.’ De auteur nodigt zijn lezers uit zijn boek te lezen op metaniveau (of anders liever ongelezen te laten, Adam is te duur gekocht om speelgoed te kunnen zijn).

Miranda blijkt een geheim te hebben. Haar geheim is het geheim van Mariam, haar vriendin die zoals Turing dood is – maar niet voor haar, niet voor Miranda. Zij delen het geheim, dood of levend.
Adam houdt van Miranda en hij veroordeelt haar. Zij verdient straf vindt hij, zoals alleen hij kan vinden. Zij koos voor risico. En wie riskeert, wint niet altijd. En soms kan alleen uit verlies winst geboren worden.
Miranda houdt van Adam en staat zijn ondergang toe. Zoals een onschuldige in Misdaad en straf van Dostojevski wordt geveld, zo ook Adam.
Charlie bladert met Mark 10 hoofdstukken lang door deze geschiedenis (‘Nummer acht. Jij gaat nu hierheen en je verroert je niet… negen… jij blijft hier… tien…’) en beiden weten dat de toekomst er een zal zijn van mensen, kunstmatig of niet.

Bestsellerauteur Ian McEwan heeft zichzelf toch maar weer overtroffen, hij schreef met dit boek de ware sciencefictionroman, op het hoogste literaire niveau. Hij biedt tegelijk uiterst intelligent onbetaalbare anti-sciencefiction.
In de toekomst, ook na zijn dood, zal McEwan misschien de enige zijn die de nieuwe Adams en Eva’s kan troosten.

Reacties op: Daar is hij dan: de ware sciencefictionroman

24
Machines zoals ik - Ian McEwan
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Bestel dit boek bij Libris.nl Bestel het boek vanaf € 24,90
E-book prijsvergelijker