Advertentie
    Anne Oerlemans Hebban Recensent

Samanta Schweblin (1978) heeft een klein oeuvre maar stond al driemaal op de long- en shortlists voor de International Man Booker Prize en won in de Spaanstalige wereld al verschillende prijzen, waaronder recent de Mandarache-prijs. Haar roman Gif (2016) wordt door Netflix verfilmd en in oktober 2020 verscheen de Nederlandse vertaling van haar meest recente roman: Duizend ogen. De vertaling uit het Spaans is van de hand van Eugenie Schoolderman en Arie van der Wal.

Een nieuwe rage trekt de wereld over: kentuki’s. Panda’s, konijnen en draakjes die je in huis neemt als een surrogaathuisdier. Elke kentuki heeft een camera en is via software op afstand bestuurbaar door degene die jouw kentuki is. Elke knuffel heeft één uniek leven en een geprogrammeerde levensduur, het verbreken van de verbinding betekent het einde van dat leven. Maar is er nog een ontsnapping mogelijk als je eenmaal een vreemdeling in huis hebt gehaald?

Schweblin wordt in de Spaanstalige wereld geprezen als een meesterlijke korte-verhalenschrijver. Dat ze die kunst inderdaad verstaat is in het Nederlands te lezen in de verhalenbundel Een mond vol vogels, maar ook in deze nieuwe roman zijn de fragmenten en spanningsbogen kort en zeer krachtig. De korte hoofdstukken vormen samen een verhaal over de wereld in de ban van de kentuki’s, maar zijn stuk voor stuk ook verhalen op zich.

In Duizend ogen maken we dan ook kennis met veel verschillende personages die zich over de hele wereld bevinden. De gepensioneerde Emilia krijgt de besturing van een kentuki cadeau van haar zoon, Alina bezit een kentuki als troost na een mislukte relatie en Enzo koopt een kentuki voor zijn zoontje maar ontwikkelt er langzaam zelf een band mee. Communiceren met degene die ‘achter’ de kentuki zit is lastig, andersom kan diegene wel alles horen wat de kentuki hoort.

‘Uiteindelijk zou de kentuki altijd meer over haar weten dan zij over hem, dat was nu eenmaal zo, maar zij was zijn ‘baasje’, en ze zou niet toestaan dat de knuffel meer werd dan een huisdier. Tenslotte was een huisdier alles wat ze nodig had. Ze zou hem geen vragen stellen, en zonder haar vragen zou de kentuki alleen afhankelijk zijn van haar bewegingen, zou hij niet in staat zijn met haar van gedachten te wisselen. Dat was wreed maar noodzakelijk.’

Dat laatste roept meteen verschrikkelijk veel interessante vragen op, wie heeft de macht? De kijker of degene die bekeken wordt? Het delen van het privéleven lijkt met de komst van de kentuki’s nieuwe vormen aan te nemen, maar is dat wel zo? We leven in tijden waarin iedereen alles deelt via sociale media en dag en nacht een smartphone met camera op zak heeft, maar toch voelt het nieuwe concept in Schweblins roman ongemakkelijk.

Hoewel je als lezer of mens wellicht geneigd bent enkel de nadelen van de gemodificeerde knuffelbeesten te zien, – afpersing, doodsbedreigingen – weet Schweblin al haar personages en situaties levensecht en geloofwaardig te maken. Kwetsbaar en tegelijk steeds op zoek naar die ‘ander’, bijna iedereen probeert uiteindelijk toch contact te maken met de anonieme kijker aan de andere kant of juist met de persoon waarnaar ze al die uren zitten te kijken.

‘Hoewel het nooit helemaal duidelijk was wat men nu precies als voordeel zag bij het kiezen voor een van beide mogelijkheden. Weinig mensen waren bereid hun privéleven open te stellen voor een onbekende, terwijl iedereen van kijken hield.’

En natuurlijk is het niet allemaal alleen maar gezellig en mensen met goede bedoelingen, voyeurisme is van alle tijden en zeker van onze tijd, maar krijgt een geheel nieuw aspect in de roman. De situaties waarin de personages door hun eigen naïviteit, onoplettendheid of door willekeur terechtkomen zijn confronterend en ongemakkelijk. Soms neigt een fragment naar thriller of horror en doet daarmee denken aan Black Mirror. Schweblin kan een huiveringwekkend verhaal vertellen in slechts twee pagina’s en het gemak waarmee haar dat stilistisch af lijkt te gaan is indrukwekkend.

De nabijheid van de door de auteur geschetste wereld is griezelig en tussen de regels door lijkt Schweblin ons ervan te willen doordringen waar het allemaal toe zou kunnen leiden. De controle hebben we niet geheel in handen en daarnaast rijst de vraag; is er eigenlijk nog wel een ontsnapping uit deze openbare digitale wereld mogelijk, zelfs als je de verbinding met de ander op enig moment verbreekt?

Reacties op: Kijken of bekeken worden?

6
Duizend ogen - Samanta Schweblin
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners