Lezersrecensie
Té veel passages doen er niet toe
Het zal je maar overkomen: vermoord worden omdat je iemand op het verkeerde moment in de ogen kijkt. Toch is dat het lot van drie willekeurige Britse burgers, ze hadden simpelweg de pech dat ze het pad kruisten van Robert Naysmith op het moment dat hij weer behoefte had aan een uitdaging. En dat betekent steevast hetzelfde: de eerste passant die oogcontact met hem maakt, gaat eraan. Het slachtoffer in kwestie krijgt nog vierentwintig uur de tijd om te ontkomen, maar lukt dat niet, dan volgt onherroepelijk een zorgvuldig voorbereide moordpartij. Waarna hij er weer even tegen kan.
Robert Naysmith is een van de hoofdpersonen in de thriller Oogcontact, het debuut van de Britse schrijver Fergus McNeill. De andere is een politieman, inspecteur Graham Harland om precies te zijn. En die heeft het er maar moeilijk mee: drie misdrijven waarvoor geen enkel motief te verzinnen valt maar die toch op de een of andere manier met elkaar verbonden lijken te zijn. Want bij ieder nieuw slachtoffer vinden ze een voorwerp dat aan het vorige toebehoorde: een sleutel, een lidmaatschapskaart van een videotheek, een gsm. Verder ontbreekt echter iedere aanwijzing, ieder spoor. Als het in alle gevallen om dezelfde moordenaar zou gaan, zouden ze met een verdraaid intelligent iemand te maken hebben. En intelligent is Naysmith. Daardoor lukt het hem al jaren uit handen van de politie te blijven. Toch begaat ook hij uiteindelijk een fout en die zorgt ervoor dat hij op een dag oog in oog met Harland komt te staan. Het spel is dan uit, maar dat betekent niet dat Groot-Brittannië voortaan weer rustig kan slapen...
Oogcontact is blijkens McNeills dankwoord het product van een cursus creatief schrijven. Daar leer je onder meer hoe je dialogen schrijft, personages maakt en een verhaal opbouwt. Erg technisch allemaal en als je niet oppast, levert dat uiteindelijk ook een verhaal op dat meer op techniek drijft dan op inspiratie. Aan dat gevaar is McNeill niet helemaal ontsnapt. Het verhaalgegeven van zijn roman is weinig verrassend, het gekozen format idem dito. Met name zijn keus voor een gekwelde speurder, die ook nog eens wordt tegengewerkt door zijn superieuren, mag best gemakkelijk genoemd worden: daarmee scoor je altijd wel. Gek genoeg levert deze verhaallijn wel de beste passages op. Graham Harlands vrouw is enige tijd geleden bij een auto-ongeluk om het leven gekomen en dat verlies heeft hij nog lang niet verwerkt. Hij bezoekt weliswaar regelmatig een psychotherapeut, maar die praatsessies helpen amper; verwerken doe je uiteindelijk toch zelf. Even lijkt het erop dat de moord op een jonge officemanager, de eerste keer dat Naysmith van zich doet spreken in Harlands district, hem weer nieuwe energie geeft, maar die mogelijkheid wordt hem al snel ontnomen. Hoofdinspecteur Blake blijkt allergisch voor mogelijke mislukkingen – slecht voor zijn carrière – en daarop lijkt deze moordzaak toch wel uit te draaien. Daarom wordt de zaak uiteindelijk overgedragen aan het naastgelegen politiedistrict. Om er zeker van te zijn dat Harland het speurwerk niet op eigen houtje voortzet, stuurt Blake hem een tijdje met verlof.
McNeill heeft van de verhaallijn over het rouwproces van Harland en de functioneringsproblemen die dat oplevert, een overtuigende case history gemaakt. Dat kan helaas niet gezegd worden van die over Robert Naysmith en zijn verknipte geest. Natuurlijk wortelt zijn hang naar uitdagingen in zijn jeugd – de psychopathische persoonlijkheid kent voor de meeste thrillerfans al lang geen geheimen meer – maar over dit soort problemen kun je bij andere schrijvers veel boeiender verhalen lezen.
Ik vind het te ver gaan Oogcontact een veelbelovend debuut te noemen. Schrijven is schrappen en die kunst verstaat McNeill nog onvoldoende; te veel passages doen er simpelweg niet toe. Anderzijds kan ik me wel voorstellen dat hij ooit een blijvertje zal zijn. Hij zou best een schrijver van het kaliber Peter Robinson of Ann Cleeves kunnen worden: geen Triple A maar wel een auteur met een vaste schare bewonderaars en verkoopresultaten die hem interessant genoeg maken voor een uitgeverij. Daartoe moet hij dan wel eerst een eigen, authentieke verhaalwerkelijkheid creëren. Dat leer je niet tijdens een masterclass creatief schrijven, daar heb je schrijfcoaches voor. Zo iemand gun ik Fergus McNeill van harte.