Lezersrecensie
Boselfjes
Vanwege de mooie editie van Quicksilver besloot ik dit eerste deel van de serie Fae en Alchemie te lezen. Mijn eerste kennismaking met de 42-jarige Engelse auteur Callie Hart. Het boek werd in eerste instantie aangeprezen als dark fantasy maar later ook als dark romance en zelfs enemies-to-loversromantasy. Aan nieuwe genres geen gebrek binnen de hedendaagse fantasy, waarbij ieder boek een eigen hokje schijnt te krijgen.
Het is het verhaal van Saeris Fane die per ongeluk een poort opent tussen haar rijk en de mythische wereld van de Fae. Ze wordt van de dood gered door de Fae-krijger Kingfisher en ontdekt dat ze restjes alchemistenmagie bezit om zijn volk te beschermen in de oorlog tegen oorlogvoerende vampiers, welke uiteindelijk ook een bedreiging vormt voor haar eigen wereld.
Een mooi gegeven om een prachtig verhaal van te maken en het boek begint dan ook meer dan uitstekend. Al snel blijkt echter dat mensenkind Saeris Fane het hele boek door alleen maar boos is. Woedend. Op werkelijk iedereen. Op de onsterfelijke koningin Madra, op de wachters die haar bevelen uitvoeren, op haar broertje die nooit wil luisteren naar vooral op de Fae krijger Kingfisher. Na honderd pagina’s wist ik het wel en begon het mij mateloos te irriteren. Haar woede droop van de pagina’s en begon het verhaal te overheersen.
Het tweede probleem voor mij was het genre, waarvoor ze uiteindelijk de naam romantasy hebben bedacht, een vermenging van fantasy en romantiek. Ik heb geen idee waarom ze het zo noemen, want bijna ieder (fantasy) boek heeft wel één of meerdere verhaallijnen waarin relaties een rol spelen. Niets nieuws onder de zon, alleen is het binnen dit relatief nieuwe genre een excuus om – jongere – lezers te lokken met pagina’s vol stomende seks.
Quicksilver was wat mij betreft de eerste kennismaking met ‘porntasy’, wat een betere benaming zou zijn geweest. Het verhaal is soms best intrigerend en veelbelovend, maar na een aantal pagina’s met actie komt er plotseling – en totaal onnodig – steeds weer een deel waarin Saeris Fane gaat fantaseren over Kingfisher. Al haar gedachten worden beeldend beschreven en hebben weinig met het verhaal te maken. Het is ook niet echt romantisch te noemen dat één van de hoofdpersonen vol glorie vertelt dat hij zich in bad heeft laten aftrekken door twee – waarschijnlijk eeuwenoude – boselfjes.
Huh?
Het is toch een fantasyverhaal? Soms heb je het idee dat je een hitsig meisjestijdschrift aan het lezen bent. Geldt voor auteur Callie Hart de aloude spreuk ‘waar het hart vol van is’ of is het de bedoeling om een jong publiek met rode wangetjes aan je serie te binden. Een manier om op zo opwindend mogelijke wijze te verbergen dat je verhaal op een aantal punten behoorlijk aan het rammelen is. Door alle seksscènes hoopt ze misschien dat haar lezers dat niet ontdekken. Of het zich niet meer interesseren, omdat ze hopeloos verliefd zijn geworden op de mannelijke hoofdpersoon.
Misschien is het wel simpeler dan dat en is de fantasy gewoon een middel om een boek vol seks en lust in te verstoppen. Dat is jammer, aangezien het verhaal in de basis best wel goed is bedacht. Natuurlijk besef ik heel goed dat ik de doelgroep niet ben, een fantasyliefhebber op leeftijd die is opgegroeid met de boeken van Tolkien, Terry Brooks, David Eddings, David Gemmell, George R.R. Martin en Robin Hobb. Om er slechts een paar te noemen. Waarbij bijvoorbeeld De Zeven Wateren Trilogie van Juliet Marillier gezien kan worden als romantische – en vooral uitstekende – fantasy.
Maar zonder vrijgevochten en opgewonden boselfjes.
Callie Hart kan goed schrijven maar vergeet tussen alle expliciete seks dat ze ook een wereld moet opbouwen die overtuigend als basis hoort te dienen voor het gehele verhaal. Dat ze personages moet uitwerken die je voor altijd bijblijven. Die basis vergeet ze mijns inziens te leggen en het maakt dit verhaal vrij wankel en onevenwichtig. Gezien alle lovende recensies maakt dat de meeste lezers misschien niet uit. Dat is jammer en mijns inziens ook onnodig.
Een gemiste kans om een echt legendarisch en episch verhaal te schrijven dat nu een beetje met het badwater in een afvoerputje dreigt te verdwijnen.
Het is het verhaal van Saeris Fane die per ongeluk een poort opent tussen haar rijk en de mythische wereld van de Fae. Ze wordt van de dood gered door de Fae-krijger Kingfisher en ontdekt dat ze restjes alchemistenmagie bezit om zijn volk te beschermen in de oorlog tegen oorlogvoerende vampiers, welke uiteindelijk ook een bedreiging vormt voor haar eigen wereld.
Een mooi gegeven om een prachtig verhaal van te maken en het boek begint dan ook meer dan uitstekend. Al snel blijkt echter dat mensenkind Saeris Fane het hele boek door alleen maar boos is. Woedend. Op werkelijk iedereen. Op de onsterfelijke koningin Madra, op de wachters die haar bevelen uitvoeren, op haar broertje die nooit wil luisteren naar vooral op de Fae krijger Kingfisher. Na honderd pagina’s wist ik het wel en begon het mij mateloos te irriteren. Haar woede droop van de pagina’s en begon het verhaal te overheersen.
Het tweede probleem voor mij was het genre, waarvoor ze uiteindelijk de naam romantasy hebben bedacht, een vermenging van fantasy en romantiek. Ik heb geen idee waarom ze het zo noemen, want bijna ieder (fantasy) boek heeft wel één of meerdere verhaallijnen waarin relaties een rol spelen. Niets nieuws onder de zon, alleen is het binnen dit relatief nieuwe genre een excuus om – jongere – lezers te lokken met pagina’s vol stomende seks.
Quicksilver was wat mij betreft de eerste kennismaking met ‘porntasy’, wat een betere benaming zou zijn geweest. Het verhaal is soms best intrigerend en veelbelovend, maar na een aantal pagina’s met actie komt er plotseling – en totaal onnodig – steeds weer een deel waarin Saeris Fane gaat fantaseren over Kingfisher. Al haar gedachten worden beeldend beschreven en hebben weinig met het verhaal te maken. Het is ook niet echt romantisch te noemen dat één van de hoofdpersonen vol glorie vertelt dat hij zich in bad heeft laten aftrekken door twee – waarschijnlijk eeuwenoude – boselfjes.
Huh?
Het is toch een fantasyverhaal? Soms heb je het idee dat je een hitsig meisjestijdschrift aan het lezen bent. Geldt voor auteur Callie Hart de aloude spreuk ‘waar het hart vol van is’ of is het de bedoeling om een jong publiek met rode wangetjes aan je serie te binden. Een manier om op zo opwindend mogelijke wijze te verbergen dat je verhaal op een aantal punten behoorlijk aan het rammelen is. Door alle seksscènes hoopt ze misschien dat haar lezers dat niet ontdekken. Of het zich niet meer interesseren, omdat ze hopeloos verliefd zijn geworden op de mannelijke hoofdpersoon.
Misschien is het wel simpeler dan dat en is de fantasy gewoon een middel om een boek vol seks en lust in te verstoppen. Dat is jammer, aangezien het verhaal in de basis best wel goed is bedacht. Natuurlijk besef ik heel goed dat ik de doelgroep niet ben, een fantasyliefhebber op leeftijd die is opgegroeid met de boeken van Tolkien, Terry Brooks, David Eddings, David Gemmell, George R.R. Martin en Robin Hobb. Om er slechts een paar te noemen. Waarbij bijvoorbeeld De Zeven Wateren Trilogie van Juliet Marillier gezien kan worden als romantische – en vooral uitstekende – fantasy.
Maar zonder vrijgevochten en opgewonden boselfjes.
Callie Hart kan goed schrijven maar vergeet tussen alle expliciete seks dat ze ook een wereld moet opbouwen die overtuigend als basis hoort te dienen voor het gehele verhaal. Dat ze personages moet uitwerken die je voor altijd bijblijven. Die basis vergeet ze mijns inziens te leggen en het maakt dit verhaal vrij wankel en onevenwichtig. Gezien alle lovende recensies maakt dat de meeste lezers misschien niet uit. Dat is jammer en mijns inziens ook onnodig.
Een gemiste kans om een echt legendarisch en episch verhaal te schrijven dat nu een beetje met het badwater in een afvoerputje dreigt te verdwijnen.
2
Reageer op deze recensie
