Lezersrecensie
De geest van de grens
Met ‘Het laatste vaderland’ zet de Italiaanse auteur Matteo Righetto zijn eerste schreden op Nederlandse bodem. Het boek bevat de drie korte romans ‘Over de grens’, vertaald door Pietha de Voogd, ‘Het laatste vaderland’, eveneens vertaald door Pietha de Voogd, en ‘Het beloofde land’, vertaald door Pieter van der Drift en Manon Smits.
Jole de Boer is de oudste dochter van tabaksteler en -smokkelaar Augusto. Als Jole vijftien jaar is, neemt haar vader haar voor het eerst mee op zijn smokkeltocht, die de twee vanuit Noord-Italië naar Oostenrijk brengt. Het smokkelen is pure noodzaak voor Augusto en veel andere boeren in het arme Italië aan het eind van de negentiende eeuw.
In het filmisch beschreven boek volg je vijf jaar van de levensreis van Jole, een voor die tijd geëmancipeerde en zelfstandige jonge vrouw, die weet wat ze wil. ‘Over de grens’ is het sterkste deel van de drie. De karakters van Jole en de andere personages worden consequent doorgevoerd, er zit spanning en verwachting in en het kent een aantal mooie metaforen.
“Ik voel me als een dennennaald in een mierenhoop.”
De thema’s in deel twee en drie zijn mooi: vergelding en emigratie. De manier waarop Righetto de verhaallijnen oprekt, voelt gedwongen aan, waardoor het tempo wegvalt en het enigszins saai wordt. De karakters worden in deze delen minder consequent neergezet en dat geeft de personages daardoor iets wispelturigs.
Mooi in alle delen is hoe ‘de geest van de grens’ terugkeert. Een grens in diverse betekenissen van het woord: natuurlijke, kunstmatige, economische, fysieke en emotionele.
- ‘Het laatste vaderland’ van Matteo Righetto is een recensieboek voor De Club van Echte Lezers