Advertentie
    Geertje Otten Hebban Recensent

Met Tot waar we kijken kunnen snijdt Inge van der Krabben een moeilijk onderwerp aan: wanneer laat je als moeder je kinderen los en wanneer maak je je los van je moeder? De soms complexe relatie tussen moeder en dochter stond al veel vaker centraal in romans, waardoor het onderwerp zelf niet getuigt van originaliteit. Dan is het aan de auteur om een verrassende invalshoek aan te geven en zich op die manier te onderscheiden van de andere moeder-dochterromans. Van der Krabben lijkt zich daar wel van bewust, maar heeft simpelweg te weinig bagage om dat ook uit de verf te laten komen.

Het taalgebruik is te eenvoudig; de verhaallijnen zijn vergezocht, gekunsteld en daardoor ongeloofwaardig. Het is simpelweg niet voor te stellen dat een doodzieke, volwassen vrouw zich aanmeldt voor een talentenjacht om Nederland te laten genieten van de kunsten van haar konijn. Een lezer moet zich kunnen verbinden met een verhaal, erin geloven, er iets van herkennen. Juist op deze punten gaat het mis.
De personages helpen ook al niet mee: ze krijgen te weinig inhoud, blijven vlak en maken geen indruk; de speaking name van verpleegkundige Angelo Zorgdrager doet ronduit amateuristisch aan en de therapeut die in buitenaardse wezens gelooft komt ook niet bepaald realistisch over.

In haar drang om een overbekend onderwerp een verrassende draai te geven, slaat Van der Krabben de plank behoorlijk mis.

Reacties op: Weinig verrassend, niet onderscheidend

79
Tot waar we kijken kunnen - Inge van der Krabben
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners