Lezersrecensie
Niet opzichzelfstaande, rommelige verzetsroman
In wezen is Kan ik je vertrouwen geschreven door Hanni Münzer inderdaad zoals op de omslag omschreven staat, een “meeslepend verhaal over liefde en verraad in oorlogstijd”. Het was alleen handiger geweest, als er (ook) had gestaan dat de roman een vervolg is op In naam van mijn moeder, eerder verschenen bij Xander Uitgevers (2015). Kan ik je vertrouwen is het vervolgverhaal van één van de bijfiguren uit het eerdere boek. Marlene, een jonge, onverschrokken Duitse verzetsstrijdster die in de Tweede Wereldoorlog voortdurend in de meest precaire situaties belandt. Ze probeert er overal het beste van te maken en komt er -vaak dankzij haar vrouwelijke charmes- wonder boven wonder steeds levend, zij het niet ongeschonden, uit.
Het boek begint dan ook na een lange herstelperiode, nadat zij in het eerdere deel ernstig gewond raakte bij een bomaanslag. Marlene vertrekt naar Polen, waar zij de resterende opstandelingen van de mislukte Warschau-opstand moet overhalen zich aan te sluiten bij het Duitse Verzet. Eer zij daar aankomt, stuit ze op vele hindernissen en moet uiterst kwade kopstukken het hoofd bieden. Ten slotte komt ze in een van de ergst denkbare plekken ter wereld terecht en is volledig uitgeschakeld, aangewezen op het enige dat ze nog overheeft, haar uithoudingsvermogen en vechtlust. En de liefde, die ze verassend genoeg vindt bij een charismatische, mysterieuze arts die voor de Nazi’s werkt.
Kan ik je vertrouwen is een eindeloze aaneenschakeling van wervelende actie en hartbrekende emoties. Precies hier zit helaas het een en ander niet helemaal lekker bij dit boek. Het probleem zit hem onder andere in het woordje ‘eindeloos’. Dat Marlene onvoorstelbaar veel en vreselijke dingen meemaakt, is tot daar aan toe: de vergelijking met de Spaanse verzetsstrijdster uit het vuistdikke Zeg me wie ik ben van Julia Navarro dringt zich hier op. In tegenstelling tot Navarro’s boek, is het bij deze roman op een gegeven moment genoeg. Zeker wanneer de oorlog na 340 pagina’s eenmaal afgelopen is en de rest van Marlenes leven weliswaar in vogelvlucht maar toch evengoed nog 140 bladzijden lang besproken wordt. Die gebeurtenissen zijn op zich wel interessant genoeg, met alle losse eindjes die (al dan niet naar bevrediging) afgeknoopt worden, maar stijl- en inhoudsomslag hebben toch een beetje het effect van een kater. Münzer doet hierbij haar uiterste best Marlenes leven zo realistisch mogelijk neer te zetten en dat doet ze zeer overtuigend. Net als je je voorneemt om na afloop een en ander uit te gaan pluizen op Wikipedia, meldt Münzer tot slot in haar dankwoord, dat “haar personages en gebeurtenissen aan haar fantasie zijn ontsproten.”(máár: “Alles wat niet verzonnen is, is waar.”)
Kan ik je vertrouwen zal vooral de lezers van In naam van mijn moeder aanspreken. Er wordt hier dermate veel verwezen naar het eerdere deel, dat het vermoeiend is en het gevoel dat je dingen hebt gemist steeds groter wordt. En na enige research blijkt dat dat ook werkelijk het geval ís. Hier voorbeelden geven is niet handig, gezien het risico te veel van het verhaal weg te geven. Hoe dan ook: die research is absoluut nodig om een ontzettend belangrijk kwartje te laten vallen, dat vele gebeurtenissen in een heel nieuw daglicht zet en feitelijk de kroon is op de doorlopende verhaallijn van beide romans. Zonde, ook omdat het afbreuk doet aan de dringende en zo actuele boodschap van de schrijfster; geef rechtse populisten niet opnieuw een kans.
Eerlijk gezegd maakt deze roman aan alle kanten een wat rommelige, ongestructureerde indruk. Wellicht valt dat mede te wijten aan het feit, dat Hanni Münzer haar boeken aanvankelijk in eigen beheer als e-book aanbood en deze pas ná enthousiaste ontvangst en indrukwekkende verkoopcijfers in boekvorm zijn uitgegeven. Iets meer redactionele sturing was deze roman beslist ten goede gekomen. Waarom op Kan ik je vertrouwen niet vermeld staat dat het om een tweede deel gaat, is natuurlijk wel weer een ander verhaal. Gouden tip dus: lees éérst In naam van mijn moeder!