Advertentie

‘Hoe komt wie vliegt ooit tot bedaren, en wie niet vliegt ooit van zijn plaats?’ Met deze dichtregel van Jan Emmens vangt Stephan Steinmetz zijn biografie van luchthaven Schiphol aan, en deze zelfde vraag loopt, als metafoor voor de paradoxale verhouding van Nederland met het eigen nationale vliegveld, als een rode draad door het boek. Voor het schrijven van het boek dook Steinmetz niet alleen in de archieven, maar sprak hij ook met betrokkenen. Op deze manier weet hij een interessante en veelzijdige geschiedenis te schetsen van de luchthaven, die tegelijk onmiskenbaar actueel blijkt.
Steinmetz laat zien dat Schiphol al sinds de oprichting in de eerste wereldoorlog in meerdere opzichten een strijdperk is geweest, maar dat de rollen in de tussentijd veelvuldig zijn gewisseld. Waar Schiphol en de niet-direct-van-de-grond-gekomen luchtvaartsector zich in de wieg moesten weren tegen de grote Nationale en Rotterdamse belangen enerzijds en bombardementen in de oorlog anderzijds, treedt zij na de jaren zestig steeds vaker zelf naast het nationale bestuur als grote boeman op. Daarbij treedt de luchthaven afwisselend op als attractiepark, nationale trots en vehikel van een ‘luchtvaart-industrieel complex’. Het ene moment verschijnt zij als hét symbool van de Nederlandse ondernemersgeest, het andere moment moet een weerloos dorp wijken voor de uitbreiding. ‘Dat dit kán, zal worden uiteengezet. Dat dit móét, is een heilige overtuiging’ vat de geestelijk vader van Schiphol, Dellaert, samen. Het consequent falen van zowel luchtvaartsector als overheid in het adequaat anticiperen op de ontwikkelingen leveren zonder meer de interessantste passages van het boek op. Niet altijd even sterk zijn de interviews met dorpelingen in de buurt: het anekdotische karakter van deze gesprekken, in combinatie met de soms wat wispelturige schrijfstijl van Steinmetz, zal deze niet altijd even aansprekend maken voor lezers die zich minder voor de lokale geschiedenis en meer voor de politieke kwesties interesseren.
Het boek geeft overigens geen eenduidige antwoorden op grote politieke vraagstukken: zowel voor- en tegenstanders komen bij iedere nieuwe crisis aan bod, en alleen de goedkope prijsvechters krijgen uiteindelijk een onvoorwaardelijke veroordeling op hun dak. Tegelijk maakt juist dit het boek bij uitstek geschikt voor mensen die een neutrale geschiedenis van Schiphol zoeken. Juist in een periode waarin discussies over de toekomst van Schiphol (en de luchtvaart) niet weg lijken te slaan uit het nieuws en gedomineerd worden door ideologische stemmen, biedt het boek het broodnodige perspectief.

Reacties op: ‘Hoe komt wie vliegt ooit tot bedaren, en wie niet vliegt ooit van zijn plaats?’

15
Schiphol - Stephan Steinmetz
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners
E-book prijsvergelijker