Lezersrecensie

Een prachtige historische thriller en speelse schelmenroman tegelijk


Kees de Bree Kees de Bree
15 mrt 2014

De Franse schrijver Arnaud Delalande oogstte met zijn debuutroman Notre Dame sous la terre (2000) meteen veel waardering, evenals met zijn twee opvolgers. Maar met zijn vierde historische thriller, Dante’s val, is het grote succes pas echt gekomen. Dante’s val is inmiddels aan 15 landen verkocht. Delalande’s slimme manier van verhalen vertellen wordt vergeleken met Umberto Eco en zijn manier om de geschiedenis bruisend tot leven te wekken met die van Monaldi & Sorti. Terecht, want Dante’s val is oprecht onweerstaanbaar.

Dante’s val speelt zich af in 1756 in de republiek Venetië, tegen het decor van het meest fascinerende en decadente spektakel dat de dogenstad te bieden heeft, het carnaval. Het is een feest waar rangen en standen versmelten: de adel, de courtisanes, de gondeliers, de ambachtslieden. Het is tevens een feest dat zich uitstekend leent voor overspel, jaloezie, vetes, moord en duistere intriges. Tijdens de feestelijkheden wordt in het theater San Luca de populaire acteur en dubbelagent Marcello Torretone vermoord. Hij wordt gekruisigd, met een doornenkroon getooid, er zijn inscripties in zijn lijf gekerfd en zijn ogen zijn uitgestoken. Vlak bij zijn lijk wordt de broche gevonden van een rijke courtisane die een verhouding heeft met een van de machtigste senatoren van de republiek. De moord is duidelijk in scène gezet en heeft alle kenmerken van een politieke moord. De machthebbers zijn bang dat het een complot is tegen de republiek. Daarom wordt de voormalig geheim agent, de charmeur en schelm Pietro Viravolta, bijgenaamde de Zwarte Orchidee, uit de gevangenis gehaald om de moord op te lossen en de bestaande status van de republiek te beschermen. Er volgen meer wrede moorden. Pietro ontdekt dat er een verband is met De goddelijke komedie van Dante.
Velen denken dat de Duivel in Venetië is neergestreken. Een tegenstander die een maatje te groot lijkt voor de Zwarte Orchidee.

Hoofdpersoon in Dante’s val is de verrukkelijke boef Pietro. Hij is een vrijgevochten levensgenieter en rokkenjager, geheel in de Frans - Italiaanse traditie van schelmen als Cartouche, Fanfan la Tulipe en Casanova. Hij is slim, onweerstaanbaar voor vrouwen en kan vechten als de besten. Als hij aangevallen wordt door vier mannen, tekent hij achteloos met zijn degen een ster op het hoofd van zijn belager.
Pietro’s onderzoekmethoden zijn traditioneel. Hij ondervraagt de theaterdirecteuren, de sensuele en wellustige courtisane Luciana, de homofiele priester Caffelli en vele anderen. Langzaam sprokkelt hij informatie bij elkaar, af en toe geholpen door geheimzinnige briefjes die onder zijn deur door worden geschoven. Pietro wordt geconfronteerd met geheime intriges, geloof in de Duivel en de straffen van de negen hellekringen. Daarbij delft de charmante schelm wel eens het onderspit, maar uiteraard nooit definitief.

Arnaud Delalande is een meesterlijk schrijver. Op meeslepende wijze en in bloemrijke taal beschrijft hij de decadentie en de pompeuze pracht en praal van het 18e eeuwse Venetië.
Delalande is in staat om niet alleen door middel van de beschreven gebeurtenissen, maar ook door middel van zijn imposante taalgebruik spanning op te wekken. Zijn bewoordingen zijn dermate beeldend en Romaans dat hij vaak schilderijen van woorden creëert. Vol van kleur en sfeer. Hij weet de euforische sfeer van arrogantie, de maskerade van wellust, ledigheid en luxe perfect te treffen. Hij doorspekt zijn verhaal met tal van geschiedkundige en kunsthistorische verwijzingen en brengt Venetië op intelligente wijze tot leven.

Dante’s val is een prachtige historische thriller en speelse schelmenroman tegelijk. Intrigerend en vrolijk. Het wachten is alleen nog op de verfilming die ongetwijfeld snel zal komen.

Reacties

Meer recensies van Kees de Bree

Boeken van dezelfde auteur