Lezersrecensie
Zwaarmoedig, grimmig, grauw en inktzwart
De in Nashville, Tennessee geboren Lee Clay Johnson wordt gezien als een groot talent. Hij groeide op in een blue-grass-muzikantengezin, speelt basgitaar en schrijft zijn eigen liedjes. Schrijven doet hij ook voor diverse literaire tijdschriften, wat hem zodanig beviel dat hij besloot een roman te publiceren. Nitro Mountain is zijn debuut, waarin muziek uiteraard een belangrijke component is.
In het eerste deel van Nitro Mountain volgen we de sporen van Leon, een bassist met een weinig betekenisvolle carrière. Hij is een nietsnut, heeft geen baan en slijt zijn dagen met zoveel mogelijk nietsdoen. Wanneer hij wordt gedumpt door zijn grote liefde Jennifer, houdt hij stilaan hoop op een tweede kans. In een poging haar beslissing om te praten, raakt hij betrokken bij een auto-ongeluk. Het gevolg is een gebroken arm en een nachtje brommen in de cel. Hij trekt weer bij zijn ouders in; een hardwerkende moeder en een bedlegerige vader, en zet het op een zuipen.
In het tweede deel maken we kennis met Arnett Atkins, een psychopathische crimineel die hardhandig zijn nieuwe vriendin onderhoudt: Jennifer. Hij woont in een verlaten hotel op de bergmijn Nitro Mountain, gelegen ten noorden van de mijnwerkersstad Bordon. Daar doet hij zich tegoed aan alles wat God verboden heeft; gevaarlijke wapens, eigengestookte drank, methamfetamine en het terroriseren van de stadbewoners. Voormalig agent Turner is vastbesloten zich te bewijzen door Arnett op te pakken.
In het laatste deel leren we Jennifer beter kennen. Zij probeert dan een nieuw leven op te bouwen en ontwijkt daarbij zoveel mogelijk haar verleden. Het is moeilijk sympathie te voelen voor haar, want het is een slinkse dame die houdt van foute mannen, maar vervolgens schijnheilig de boel tegen elkaar opzet. Het valt dan ook niet te begrijpen waarom alle mannen haar zo adoreren.
“Ik maakte me zorgen dat mijn leven afgelopen was, en daarna dat dat niet zo zou zijn.”
Deze zin is tekenend voor de personen die een rol spelen in het verhaal. Het is treurnis troef in Nitro Mountain. Drank (vaak eigengestookte), drugs, onvriendelijke seks en brute afranselingen; het zijn de veelvuldig aanwezige ingrediënten die het verhaal niet vrolijk maken. Voor de personages zijn het echter de bestandsdelen die ze nodig hebben. ‘Muziek kan je leven redden’ staat er op de achterkant van het boek, maar hoewel er genoeg muziek wordt gespeeld en er daar ook genoeg inspiratiebronnen voor zijn; levens redden doet het niet. Het is een uitlaatklep voor de personages, voor wie tegenslag en teleurstelling tot de orde van de dag horen, maar voor de lezers is er geen vrolijke noot mee te beleven. Het is droevig, depressief en kil.
Het verhaal springt van de hak op de tak, zonder duidelijke plotlijn, waardoor een lichtpuntje in dit donkere verhaal lastig te ontdekken is. Al gloort er eventjes hoop, halverwege het boek, maar die wordt door een plotse, grove wending al snel weer de kiem in gesmoord. Deze kenteringen zijn niet zozeer te wijten aan de schrijfstijl van Johnson, die filmisch en origineel is, maar heeft meer te maken met de instabiele personages, die onder invloed vreemde keuzes maken en zich puur laten leiden door hun markante ingevingen. Nitro Mountain wordt aangeduid als ‘Appalachian noir’, waartoe duistere, troosteloze verhalen behoren met vaak aan lagerwal geraakte personages in een verwarde hoofdrol. Schrijvers als David Vann, Ron Rash en Cormac McCarthy kunnen daartoe gerekend worden. Hoewel Lee Clay Johnson een realistisch beeld schetst van het leven in een mijnbouwstad, waar het nu eenmaal niet zo pais en vree is, weet hij zijn verhaal niet overtuigend over te brengen. Het talent is er zeker, maar de ruwe diamant die hij is, moet zeker nog geslepen worden.
Zwaarmoedig, grimmig, grauw en inktzwart, dat is wat Nitro Mountain is.