Advertentie
    Nathalie B1 Hebban Team

De beloning is een roman van de Belgische auteur Fikry El Azzouzi (1978) van 2019, voorliggend exemplaar werd gesigneerd voor ondertekende door de auteur in februari dit jaar toen hij mijn plaatselijke bibliotheek bezocht, wat op dit moment eeuwen geleden lijkt te zijn. Hij had er nochtans een memorabel gesprek met Don Vitalski herinner ik me bij het neerschrijven van deze zin. Daarnaast las de schrijver ook enkele scènes uit het boek voor die me deden afvragen waarom ik het boek nog altijd niet had gelezen. Dankzij die eeuwen die er nu tussen zijn gekomen, is dat nu dus gelukt. En vraag ik me nog meer af waarom ik dat boek zo lang heb laten liggen.

Het leven van de jongen Zakaria, het hoofdpersonage van het verhaal, is er namelijk een dat je voor ontelbare verrassingen zet. Net als in zijn vorige boeken rond Ayoub zijn absurditeiten schering en inslag. De satirische boventoon maakt het boek hilarisch en wrang tegelijkertijd. En het magisch realisme dat al naar voren kwam in zijn romandebuut Het schapenfeest keert ook terug in dit boek. En dat terwijl het vertrekpunt nog wel ‘de man met het hoedje’ is, een man die na de aanslagen op de luchthaven en een metrostation in Brussel in 2016 enkele weken heel België in de ban hield omdat hij met een koffer vol bommen over het vliegveld had gelopen en die uiteindelijk niet tot ontploffing had gebracht. In dit boek verzint de schrijver een heel verhaal rond een jongen en hoe die kan uitgroeien tot een man met een hoedje die tot zulke acties in staat kan zijn. Hiermee is El Azzouzi zowat de eerste auteur die in zijn heel eigen stijl een aspect van die aanslagen met behulp van satirische humor benadert.

Het resultaat is op z’n minst verbluffend te noemen. De jonge Zakaria leidt een eerder normaal leventje, weliswaar teruggetrokken in zijn eigen wereld, totdat zijn vader aan een longziekte sterft en zijn moeder daardoor psychotisch wordt. Bij dat normaal leventje komen overigens wel kanttekeningen te staan eens je het boek volledig hebt uitgelezen. Het is niet toevallig dat Zakaria steeds het gevoel heeft gehad nergens bij te horen, en dat hij hierdoor een bijna ziekelijke drang naar (zelf))bevestiging heeft ontwikkeld en aan een voortdurende identiteitscrisis lijdt . Die bevestiging zoekt hij achtereenvolgens in een altijd oplopend ritme bij een ‘Reusachtige Verpleegster’, ‘meneer Patron’, een nieuwe Marokkaanse vriend die zich laat vernoemen naar rapper Tupac Shakur en iedereen met ‘bitch’ aanspreekt, de Arische figuur Greg die dan weer aan de extreemrechtse beweging doet denken waarna hij dan finaal in de armen loopt van een fundamentalistische Abu X die hem uiteindelijk op het ‘rechte moslim-pad’ brengt.

De scènes met de reusachtige verpleegster zijn vooral grappig en erg plastisch te noemen. Als Zakaria op de meest absurde wijze op een veiling wordt verkocht aan meneer Patron net als zijn zus en zijn jongere broertje aan andere eigenaren nadat zijn moeder naar een opvangtehuis is gestuurd, gaat het leven helemaal met hem aan de haal en haalt hij zich probleem na probleem op de hals, hij zakt steeds verder weg in de criminaliteit en illegaliteit.

Zijn grootste betrachting doorheen het boek is nog wel om als een volle Belg beschouwd te worden, die toevallig Marokkaanse ouders heeft. Als hij samen met ‘Tupac Shakur’ naar Marokko vlucht, en in tegenstelling tot Tupac die het Marokkaanse volkslied ten beste brengt, toch maar een middelmatig liedje volgens hem, heft hij met volle bravoure het Belgische volkslied aan, wat uiteraard niet goed valt bij de controlerende agenten. En zo gaat het maar verder. Na hun geluk in Marokko beproeft te hebben, proberen ze via een smokkelroute die normaal gezien door vluchtelingen gebruikt wordt, terug naar België te komen. Alle chauffeurs die hen daarbij helpen en door een oom van de tot Abdelhawid omgedoopte Tupac zijn aangezocht, hebben zich een bijnaam van een Belgische voetbalinternational aangemeten. Als Zakaria dan weer bij de extreemrechtse Greg en zijn maten in de smaak wil vallen, laat hij zich een tattoo aanmeten met als motto ‘Made in Belgium’.

Zakaria meet zich bij gebrek aan een echte identificatie verschillende identiteiten aan: ‘Remspoor’, ‘Abu Batman’, ‘Jihaad’ , ‘Lief klein konijntje’ - de bijnaam die zijn moeder hem gaf en hij het liefst wil vergeten - , ‘Wacko Jacko’ en ‘The-Texas-Chainsaw-Massacre-part-two’ als hij denkt in een film mee te spelen. Als hij uiteindelijk toevallig opnieuw zijn broer en zus tegen het lijf loopt, is het zijn zus die hem met die verschillende identiteiten wil verzoenen. Het is niet toevallig dat zij haar beide broers aanbiedt lasagne bij haar te komen eten: een lasagne-identiteit is een begrip dat verwijst naar verschillende lagen, identiteiten die samenvloeien en die niet strikt gescheiden zijn.

Wie de diepere gronden en de meerdere lagen wil ontrafelen uit heel dit boek, heeft er zeker een kluif aan. (Pun intended: Zakaria meet zich zelfs een tijdje het gedrag van een hond aan.) Daarnaast zijn de dialogen weer super vlot geschreven in de taal die jonge “gangsta’s” eigen zijn, en raast het boek voort in een weer onnavolgbare schrijfstijl. Terwijl de satire op de Belgische maatschappij en de djinns of de stemmen in het hoofd van Zakaria – in de vorm van een sprekende slang, rat of sprinkhaan – van de bladzijden afspatten. Die spatten en spetters moeten we tegenwoordig vermijden, maar in de figuurlijke betekenis mag je ze gelukkig nog wel tegenkomen. Dit boek is gewoon weer super genieten: een boek met een hoek af, zoals ik ze graag heb!

Reacties op: Een boek met een hoek af, een geweldige satire!

5
De beloning - Fikry El Azzouzi
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners