Advertentie

(Deze bespreking verscheen eerder in Fantastische Vertellingen 50, juni 2019)

Dit zesde deel in de Snuffel-reeks, die mooie hardcover pockets van de Stichting Fantastische Vertellingen, die beogen “de principes van klassieke detectives te transformeren naar nieuwe (fantastische) omstandigheden”, waarin eerder Jaap Boekestein & Tais Teng en Oxana Langbeen verschenen, heeft volgens de inleiding niets te maken met de fantastische literatuur; “het kan met goed fatsoen zelfs geen fantastiek [] genoemd worden”. En: “Dat impliceert dat zich hiermee bijna een trendbreuk voltrekt, omdat de Stichting Fantastische Vertellingen, zoals de naam van dat instituut al enigszins prijsgeeft, zich inzet voor het propageren van oorspronkelijk Nederlandstalige fantastische literatuur en kunst.” Waarna uitgever Remco Meisner zich in alle bochten schrijft om de uitgave van De Zaak van de Massamoordenaar te rechtvaardigen. Van fantastische geschreven, tijdgeest in het algemeen, de plaats die Julien Raasveld in de Nederlandstalige fantastische literatuur in de jaren zeventig en begin jaren tachtig innam als schrijver, tot de persoonlijke vriendschap tussen de in 2013 overleden schrijver en de nog altijd zeer actieve uitgever.
Allemaal uitstekende redenen.

Laat ik proberen een stap terug te doen en deze uitgave met enige objectiviteit te beoordelen. Het eerste dat dan in mij opkomt, is dat er helemaal geen excuses nodig zijn. Sterker: Remco Meisner had alleen maar excuses moeten maken wanneer hij De Zaak van de Massamoordenaar niet had uitgegeven. Want als enige uitgever heeft de Stichting Fantastische Vertellingen, al dan niet bedoeld, de afgelopen decennia ook een rol op zich genomen van het bewaren van het historisch erfgoed van de Nederlandstalige fantastische genres, zodanig dat er al lang subsidie vanuit een of ander cultuurhistorische fonds had moeten zijn. Als ondersteuning van die stelling hoef ik alleen maar te verwijzen naar de website van de stichting, waar nog altijd fantastisch werk van Paul Harland, Vincent van der Linden, Jaap Verduijn, Cor Snijders en ook Julien Raasveld verkrijgbaar is. Deze literair-historische rol zou de Stichting wellicht verder kunnen onderbouwen met een degelijke naslagwerk, maar vooralsnog is het zeer prijzenswaardig dat boeken die van historisch belang zijn, worden gepubliceerd, zoals De Zaak van de Massamoordenaar van Julien C. Raasveld.

De Zaak van de Massamoordenaar is een vlot leesbare, onderhoudende thriller, met een misschien nog altijd gewaagde ontknoping, zeker voor België, die heel herkenbaar is voor iedereen die de jaren zeventig/tachtig van de vorige eeuw heeft meegemaakt en daardoor ook niet echt gedateerd aanvoelt, althans niet op de eerste plaats. Dat zal voor de jongere lezer anders zijn, maar ook zij zullen er van kunnen genieten. Het heeft iets van detectiveseries als Frost, In the Line of Duty en Prime Supspect, waarin voortdurend overal gerookt wordt en de maatschappelijke interactie net iets trager of omslachtiger is. Deze series worden nog altijd uitgezonden op diverse zenders, dus zó gedateerd is het allemaal niet.
Wat in die tijd ook volop speelde, waren de gebeurtenissen in Zuid en Midden-Amerika, die zich in de slagschaduw van de Koude Oorlog afspeelden: de linkse revoluties in Cuba en Nicaragua, de machtsovername van Pinochet in Chili, het regiem in Argentinië. Elke geëngageerde auteur in die tijd hield zich daar mee bezig en je zou kunnen stellen dat in de roman van Julien Raasveld Zuid-Amerika één van de hoofdpersonen is, net zoals dat het geval is in De Stenen Wachter van Bob van Laerhoven (1990, in 2013 opnieuw uitgebracht als Alejandro’s Leugen).
En daarmee hebben we meteen een raakpunt met de Nederlandstalige fantastische literatuur. Niet omdat beide auteurs een verzonnen land in Zuid-Amerika gebruiken, Bob van Laerhoven het niet bestaande Pais en Julien Raasveld het evenmin bestaande Santa Inés. Dat is te weinig om het fantastische literatuur te maken. Wel omdat beide auteurs in die tijd nadrukkelijk aanwezig waren in het genre en ze daarvan beiden in de jaren tachtig wegvluchtten, net als Felix Thijsen en John Vermeulen (beide thrillers), Tais Teng en Eddy Bertin (beide jeugdboeken) dat deden.
Het historisch relevante thema is: waarom verlieten in die tijd al die auteurs het zinkende schip van de fantastische genres en slaagden zij er met al hun talent niet in om het genre succesvol te maken?
De uitgave geeft geen informatie over wanneer De Zaak van de Massamoordenaar is geschreven en waarom het niet eerder is verschenen. Geloofde Julien Raasveld er niet meer in? Werd het afgewezen? Waarom? Was de ontknoping te gewaagd? (En dat ga ik niet uitleggen, want dan zou ik teveel verklappen.)

Waar het verhaal over gaat en hoe het zich ontwikkelt? Wel, het speelt zich af in België, gaat over de moord op de Zuid-Amerikaanse dictator Santos, die door Patrick Wiener, assistent-hoofdinspecteur van de afdeling Zware Delicten, moet worden opgelost.

Uitgeven is misschien altijd wel een kwestie van vriendschap. Er moet, in meer of mindere mate, een klik zijn tussen uitgever en auteur. Daarom volgde Jeroen Brouwers Emile Brugmans van De Arbeiderspers naar Atlas, ging Robin Hobb met Jacques Post mee van Meulenhoff naar Luitingh-Sijthoff. In dit geval is het maar goed dat er vriendschap tussen Remco Meisner en Julien Raasveld was, want anders zou De Zaak van de Massamoordenaar aan mij voorbij zijn gegaan, en dat zou ik jammer hebben gevonden.
Wat we verder met deze uitgave moeten?
Ik stel voor dat iedereen die de topperiode van de fantastische genres in die tijd heeft meegemaakt – ook de tijd van het magisch realisme – dit boek koopt en leest, evenals alle liefhebbers van thrillers en alle jongeren met enige belangstelling voor het verleden. Want hoe je het ook wendt of keert, deze uitgave is nu en in de toekomst van historisch belang.

Reacties op: Van historisch belang

1
De zaak van de massamoordenaar - Julien C. Raasveld
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners
E-book prijsvergelijker