Advertentie

“Bernlefs allerlaatste roman is een parel in zijn omvangrijke oeuvre”, zegt de uitgever op de achterflap van Een onschuldig meisje. Dat is helaas nogal overdreven, want de in 2012 overleden Bernlef heeft heel veel beters geschreven. Deze korte roman is een onbevredigend slotakkoord.

In Een onschuldig meisje staan de dertienjarige Lucille Dubois en de jonge onderwijzer Jos Swinkels centraal. Lucille is de oudste leerling in groep acht. Zij krijgt te weinig aandacht van haar moeder, die vooral bezig is met haar schilderijen en haar vriendinnen en Lucilles vader is er met zijn secretaresse vandoor. Jos Swinkels is door zijn vriendin in de steek gelaten en heeft zich daarom terugtrokken uit de grote stad. In het dorpje Sanddam gaat hij les geven aan groep zeven en acht van de plaatselijke basisschool en dus ook aan Lucille.

Aanvankelijk probeert Lucille, samen met het groepje vriendinnen waarover zij de baas speelt, de nieuwe onderwijzer weg te pesten. Dat is met zijn voorgangster immers ook gelukt. Maar Jos reageert anders dan verwacht. Hij mag Lucille wel, besteedt aandacht aan haar en maakt af en toe een complimentje. Dat maakt veel indruk op het verwaarloosde meisje. Ze wordt verliefd op haar onderwijzer en fantaseert over een seksuele relatie. Haar beste vriendin vertelt zij deze fantasie alsof die werkelijk gebeurd is. Al snel zingt dan het verhaal rond in het dorp, met alle gevolgen van dien.

Een verhaal met veel mogelijkheden, zou je denken. Maar dan valt het resultaat nogal tegen. Bernlef stuurde het manuscript van Een onschuldig meisje twee weken voor zijn dood naar de uitgever. Het lijkt erop dat hij een onvoltooid werk nog haastig heeft afgemaakt. Dat zou een verklaring kunnen zijn voor de onevenwichtige opbouw en voor een aantal slordigheden.

Zo bestelt Jos op de ene pagina een pilsje en rekent hij op de volgende zijn kopje koffie af, heet Staatsbosbeheer hier consequent Rijksbosbeheer en heeft Lucille het over het tijdschrift Verstandig Ouderschap, een blad van de NVSH dat in 1967 al een andere naam kreeg. Knap van zo’n dertienjarige. Bernlef laat haar ook nog eens spreken en schrijven als een goed ontwikkelde volwassene.

Storender nog is de onevenwichtige opbouw. Als de vermeende relatie tussen Jos en Lucille gaat rondzingen in het dorp, is het boek al op ruim twee derde van de omvang. Bernlef heeft dan veel pagina’s besteed aan de geschiedenis van Sanddam, aan de Tweede Wereldoorlog en aan de geestelijk gehandicapten uit het tehuis in het stadje. Lang niet van al deze passages is de functie duidelijk. Als het verhaal eindelijk echt op gang komt, vult de schrijver maar pakweg vijftig pagina’s met het verdere verloop.

Waar Sanddam ligt, wordt niet helemaal duidelijk. Het plaatsje kreeg te maken met de Watersnoodramp, dus in Zeeland zou je denken. Maar als een politieman zich meldt, blijkt hij van Recherche Noordlanden te zijn. Wanneer het verhaal speelt, is duidelijker aangegeven. De oorlog is 55 jaar geleden, dus dat moet in 2000 zijn. Dat verklaart meteen de afwezigheid van mobiele telefoons en computers.

Al met al is Een onschuldig meisje geen meesterwerk. Maar toch. Toch is het een echte Bernlef, geschreven in diens kenmerkende, heldere stijl. Als totaal mislukt, maar dankzij mooie passages voor de Bernlef-liefhebber toch een aanwinst.

Reacties op: Onbevredigend slotakkoord van Bernlef